Sabine Sluijters 18 november 2022, 09:41

Economieonderwijs is toe aan vernieuwing

Klimaatverandering en toenemende sociale ongelijkheid laten zien dat het huidige economische denken op de schop moet. Toch krijgen studenten op hogescholen en universiteiten nog voornamelijk zogenaamde ‘neo-klassieke’ theorieën aangeleerd waarin de markt gezien wordt als een mechanisme dat in principe altijd de beste uitkomsten geeft. Dat kan en moet anders. “We zijn nu op een manier bezig die we achteraf waanzinnig zullen vinden.”

Collegezaal Op scholen en universiteiten moeten andere economische vakken gegeven worden | Credits: Adobe Stock

“Het economisch onderwijs is aan vernieuwing toe”, zegt Govert Buijs, hoogleraar maatschappelijke en economische vernieuwing aan de Vrije Universiteit. “We worden als samenleving met heel nieuwe uitdagingen geconfronteerd. Met name de klimaatverandering en de oorzaken daarvan zijn fundamenteel. En de manier waarop de markt nu georganiseerd is, ligt daaraan ten grondslag.”

Neoklassieke theorieën

Toch krijgen de toekomstige ondernemers, managers en werknemers in hun studie voornamelijk de neoklassieke economische theorieën aangeleerd. En dat heeft grote invloed op de wereld van morgen. “Economen hebben invloed op het overheidsbeleid en bedrijfskundigen bepalen hoe bedrijven gerund worden. Vanwege hun cruciale maatschappelijke functie is een verrijking van het huidige curriculum noodzakelijk. Alleen op die manier creëren we in het economieonderwijs structureel aandacht voor essentiële thema’s als welzijn, gelijkheid en duurzaamheid,” zegt Buijs.

Die vernieuwing is overigens al volop van start gegaan. Op verschillende onderwijsinstellingen zijn al initiatieven om het economieonderwijs inclusiever, duurzamer en toekomstbestendiger te maken. Tijdens de week van het economieonderwijs kregen die de afgelopen dagen extra aandacht. Dat is hard nodig, vindt initiatiefnemer Buijs. “Er is nog volstrekt onvoldoende aandacht voor andere waarden dan het financiële in het economieonderwijs. Heel veel mensen denken nog steeds in economische groei. Want dan kunnen we ook verduurzaming betalen. Dat komt erop neer dat je meer moet vervuilen om vervolgens de vervuiling op te kunnen ruimen.”

Lees ook: Opmerkelijk: 10 vakantiebestemmingen om te vermijden in 2023

Armoede

De oorzaak daarvan zit volgens Buijs in de manier waarop de economische wetenschap zich de afgelopen eeuwen heeft ontwikkeld. “Het doel was om ons met behulp van materiële economische ontwikkeling aan de armoede te ontworstelen. Dat is in grote delen van de wereld niet meer ons grootste probleem. De welvaart moet weliswaar beter verdeeld worden, maar meer materiële groei kunnen we ons eenvoudigweg niet meer permitteren.”

De gedachte dat een economie alleen gezond is als hij groeit is volgens Buijs volkomen achterhaald. “Dat is een ‘idée fixe’. De Japanse economie bijvoorbeeld heeft na 1990 een heel lange periode gekend waarin die niet meer groeide. Daar valt veel over te zeggen maar viel men daar toen dood uit de boom? Nee!” Ook kun je vraagtekens zetten bij de winstgevendheid van bedrijven die grondstoffen aan de aarde onttrekken, vervuilen of onleefbaar loon betalen. Wat is dan werkelijk ‘winst’?

Lees ook: Wat zijn de belangrijkste ontwikkelingen op de COP27 tot nu toe?

Waanzinnig

“Als je op een andere manier kijkt zijn veel ondernemingen helemaal niet winstgevend. Neem de luchtvaart: de verhouding tussen opbrengsten en kosten als je de milieuschade meerekent. Hetzelfde geldt voor fossiele brandstoffen en de kosten die zich daarvoor op de langere termijn aandienen. Hoe langer, hoe meer duidelijk wordt dat we nu bezig zijn met wat we achteraf als een waanzinnig project zullen beschouwen.”

De verandering van economisch denken kan niet zonder vernieuwing van het economieonderwijs. Volgens Buijs moeten we leerlingen niet meer leren dat economie een op zichzelf staand systeem is waar de balans tussen vraag en aanbod altijd de juiste prijs oplevert. Maar veel meer dat wij mensen de economie zelf vormgeven en zelf bepalen vanuit welke uitgangspunten we dat doen en welke waarden we daarin meenemen. “Dan kan je denken aan de kwaliteit, de leefomgeving, het onderwijsniveau, vrije tijd, maar ook schone lucht, natuur of stilte. Ook daar zijn al volop voorbeelden van, zoals de ‘Better Life Index’ van de OECD.”

Lees ook: Hoe maak je een weg CO2-neutraal en circulair? Deze bedrijven laten het zien

Uitputting

Op scholen en universiteiten moeten dan ook andere economische vakken gegeven worden over onderwerpen zoals true price en ‘integrated reporting’ waarbij niet alleen financiële, maar ook ecologische en sociale resultaten worden gerapporteerd. Ook is meer aandacht voor de geschiedenis van het economisch denken belangrijk, vindt Buijs. “Er zit een wisselwerking tussen de ontwikkeling van een samenleving en wat we van de economie verwachten. Vroeger ging het om het bestrijden van armoede, nu is de uitputting van de aarde het grote probleem. Juist door het bestuderen van de geschiedenis zie je dat economie niet een vast gegeven is maar zich ook ontwikkelt en aanpast.”

Ook moeten we af van het idee dat de markt alles zelf oplost. Volgens Buijs heeft de markt altijd een kader nodig waarbinnen het goed kan functioneren. Dat kader maakt de overheid, bijvoorbeeld door het creëren van een ‘level playing field’ voor bedrijven die alle externe kosten meenemen in de prijs. “Die worden anders weggeconcurreerd.”

Lange adem

Het vernieuwen van economieonderwijs vereist een lange adem want onderwijscurricula en lesmateriaal hebben een lange looptijd. Gelukkig is er op scholen steeds meer aandacht voor dit soort thema’s. Ook is er steeds meer nieuw materiaal beschikbaar. “We zijn er nog lang niet, maar er wordt hard aan gewerkt.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

Opmerkelijk: 10 vakantiebestemmingen om te vermijden in 2023

Je verwacht het niet van een uitgever wiens verdienmodel volledig leunt op reizen en vakantiebestemmingen. Maar Fodor’s Travel publiceerde eerder deze maand een lijst van tien vakantiebestemmingen om in 2023 te vermijden. De uitgever verklaart: ‘Ongeveer 8 procent van de wereldwijde broeikasgasuitstoot is afkomstig van reizen en toerisme. En naar verwachting blijft dat percentage tot en met 2030 stijgen. Daarnaast heeft ‘overtoerisme’ allerlei gevolgen die niet kwantificeerbaar zijn, van stress op toeleveringsketens tot vernietiging van ecosystemen.’ Daarom publiceerde de uitgever een ‘No-list’ van 10 reisbestemmingen die je beter even kunt vermijden. Ze kunnen namelijk wel een adempauze gebruiken. Bijvoorbeeld om de natuur te laten herstellen of ‘overtoerisme’ een halt toe te roepen. We pikken de meest in het oog springende voorbeelden eruit. De complete lijst vind je hier. 1. De kustlijn van Frankrijk Kusterosie is een groot en reëel probleem in Frankrijk, stelt Fodor’s Travel. En toerisme is onderdeel van dat probleem. Het vele voetverkeer kan kliffen namelijk beschadigen, omdat het voor frequente aardverschuivingen zorgt. In het nationale park Calanques (nabij Marseille) zijn er daarom nog maar 400 bezoekers per dag welkom, om het gebied te beschermen. 2. Lake Tahoe in Californië Het verkeer rondom Lake Tahoe is sinds de pandemie enorm toegenomen. Volgens The League to Save Lake Tahoe heeft dat desastreuze gevolgen voor de fameuze helderheid van het meer. Zwaar verkeer zorgt namelijk voor meer fijnstof, zowel door de uitstoot van de voertuigen als het ‘fijnmalen’ van de ondergrond door autobanden. Als het fijnstof vervolgens in het meer belandt, vertroebelt dat het kobaltblauwe water. 3. Antarctica Het aantal toeristen op Antarctica is relatief klein en wordt via wetgeving ook bewust klein gehouden. Toch is het een probleem. Antarctica is weliswaar groot, maar de plek waar toeristen naartoe komen is klein, namelijk het Antarctische Schiereiland. En dat is nu precies de plek waar de temperaturen het snelst stijgen en de hoeveelheid wilde dieren razendsnel afneemt. Of dat door toeristen komt, is een tweede. Maar dat het gebied een pauze kan gebruiken, staat vast. Daarnaast is de reis naar Antarctica een bijzonder vervuilende, omdat je er uitsluitend via vliegtuig en/of schip kan komen. 4. Venetië Venetië ontvangt zo’n 80.000 toeristen per dag en dat is te veel. Er worden dan ook meerdere maatregelen getroffen om het tij te keren. Sinds de zomer van 2021 mogen cruiseschepen die meer wegen dan 25.000 ton bijvoorbeeld niet meer aanmeren in het historische centrum, om het fragiele lagune-ecosysteem aldaar te beschermen. En vanaf 2023 wordt er een toegangsprijs van 3 tot 10 euro gerekend voor toeristen, afhankelijk van hoe druk het die dag is. 5. Thailand Thailand ontvangt tientallen miljoenen toeristen per jaar en dat eist zijn tol op de talloze natuurgebieden in het land. Populaire bestemmingen zoals Maya Bay en Phi Phi Leh moesten eerder al op slot door de ecologische schade die toerisme daar teweeg bracht. Dat toerisme nadelige gevolgen heeft voor de natuur werd extra duidelijk tijdens de lockdowns. De afwezigheid van toeristen had namelijk bijzonder positieve effecten op de ecologie. Daarom besloot de Thaise overheid om elk natuurpark in het land ten minste één maand per jaar te sluiten.Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.