Kaz Schonebeek 16 november 2022, 17:00

Insecten als veevoer? Zo zijn larven en wormen écht duurzaam

Insecten zijn prima verwerkers van biologisch afval. Zo kunnen ze een belangrijke bijdrage leveren aan het circulair maken het voedselsysteem. Wetenschappers doen zeven suggesties voor hoe dit zo duurzaam mogelijk kan.

Adobe Stock 488786950 De larven van de zwarte soldatenvlieg worden veel gebruikt als veevoer. | Credits: Adobe Stock

Insecten staan volop in de belangstelling als duurzame bron van eiwitten. Krekels, meelwormen en sprinkhanen vinden langzaam hun weg naar onze borden – en in grote delen van de wereld zijn insecten al lang een vast onderdeel van het dieet.

Maar insecten kunnen ook gebruikt worden als veevoer. De toepassingen hiervan zijn mogelijk nog groter dan voor menselijke consumptie. Insecten voor veevoer kunnen namelijk ook gekweekt worden met allerlei reststromen uit het voedelsysteem, zoals groenafval uit huishoudens of mest. Zo kunnen insecten een bijdrage leveren aan het circulair maken van voedselindustrie, en zijn ze een duurzaam alternatief voor soja of vismeel, waar veevoeders nu vol mee zitten.

Wat je precies met die insecten doet, en hoe je die insecten kweekt, maakt nogal uit voor de duurzaamheid ervan. Wetenschappers van Wageningen University (WUR) stellen in het vooraanstaande wetenschappelijk tijdschrift Nature Food zeven principes voor om op een verantwoordelijke manier insecten in veevoer te gebruiken.

Lees ook: Afval etende insecten geven Afrika veevoer, mest en banen

1. Geef prioriteit aan afvalreductie

Insecten zijn nuttig voor het verwerken van afvalstromen uit de landbouw, voedselverwerkende industrie en huishoudens tot nieuwe, bruikbare voedingsstoffen. Maar, benadrukken de wetenschappers, het is altijd beter om te voorkomen dat er überhaupt afval ontstaat. Het verminderen van voedselverspilling zou topprioriteit moeten hebben. Alleen voor afval dat écht onvermijdelijk is, zijn insecten een klimaatpositieve oplossing.

2. Vermijd concurrentie

In een circulaire economie kunnen voedselresten op allerlei manieren worden hergebruikt. Denk aan voedsel voor mensen, voedsel voor dieren, meststoffen en medicijnen. De wetenschappers pleiten ervoor voedselresten zo te verwerken dat ze de hoogste opbrengst aan voedingswaarde opleveren, met een zo klein mogelijke impact op het klimaat. In de praktijk betekent dit dat voedselstromen met zo min mogelijk tussenstappen weer op ons bordje belanden. Concurrentie tussen verschillende afvalverwerkers, draagt niet per se bij aan het zo efficiënt mogelijk verwerken van organisch afval.

3. Gekweekte insecten moeten veilig zijn

Gekweekte insecten leven op afvalstromen. En afvalstromen zijn -zoals het woord al doet vermoeden- niet altijd even schoon, gezond en veilig. Er kunnen onder andere zware metalen, pesticiden, ziekteverwekkers en medicijnresten inzitten. Het is belangrijk deze risico’s te onderzoeken en op basis daarvan te bepalen welke toepassing het meest geschikt is. Zo kan het zijn dat een bepaalde afvalstroom niet tot gezonde insectenproducten leidt, maar wel geschikt is om te gebruiken als biobased bouwmateriaal of als biobrandstof.

4. Pas regelgeving aan

Regelgeving zit het effectief gebruik van afvalstromen voor het kweken van insecten nu nog in de weg. De Europese Unie staat het in de meeste gevallen alleen toe om insecten te voeren met producten die ook voor vee veilig zijn bevonden. Dit zorgt ervoor dat er een concurrentiestrijd om veevoeders ontstaat tussen veehouders en insectenkwekers. Als aangetoond is dat het veilig is om groenafval te gebruiken als voeding voor insecten, moet regelgeving daarop worden aangepast. De wetenschappers roepen aan de andere kant ook op tot strengere wet- en regelgeving: de overheid moet regels opstellen zodat gekweekte insecten niet in ecosystemen terechtkomen waar ze ziektes op inheemse soorten overbrengen, of hen verdringen.

5. Zet in op de verwerking van laagwaardige stromen

Het is aanlokkelijk om insecten zo voedzaam mogelijk eten aan te bieden. Dit is een makkelijke route naar een zo hoog mogelijke opbrengst. Maar zo ontstaat er veel meer concurrentie met andere verwerkers van voedselresten, zoals de veehouderij. Daarom is het verstandig in te zetten op insecten die ook op een wat schraler dieet kunnen leven. Mogelijk kan dit via genetische modificatie, zodat insecten zich sneller voortplanten of efficiënter gebruik maken van voedingsstoffen. Zeker hiervoor geldt: zorg ervoor dat de wetgeving minstens net zo goed geregeld is als in de conventionele landbouw.

6. Anticipeer op compromissen

Insecten zijn niet alleen nuttig voor het verwerken van afvalstromen die anders op de grote hoop zouden belanden. Het voeren van insecten kan ook een positief effect hebben op de groei van vee en op het dierenwelzijn. Zo stimuleert het aanbieden van insecten natuurlijk gedrag bij kippen en varkens, die uitgedaagd worden in het rondpikken en wroeten door de grond. Maar de manier waarop je insecten in veevoer verwerkt, maakt uit voor het effect dat het heeft. Insecten vermalen voor meel zorgt doorgaans voor betere groei van het vee, terwijl hele insecten dan weer natuurlijk gedrag uitlokken. Daartussen moeten compromissen worden gemaakt, die telkens opnieuw onder de loep moeten worden genomen.

7. Hou rekening met het welzijn van de insecten

De wetenschap vindt steeds meer bewijs dat insecten allerlei cognitieve en emotionele capaciteiten hebben. Daarom moet het welzijn van de insecten worden meegenomen in het beoordelen van de duurzaamheid van de sector. Het welzijn van insecten kan in het gedrang komen door ze verkeerde voedingsstoffen te geven, of door ze levend te verwerken. De wetenschappers pleiten dan ook voor het meewegen van ethische perspectieven in de ontwikkeling van de insectenindustrie.

Lees ook: Innovatieve proeftuin kweekt voedsel op basis van insecten en reststromen

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

Veilig datahuis versnelt groene energietransitie in Rotterdamse haven

Dat is een zelfstandige en onafhankelijke stichting die is opgericht door het Havenbedrijf Rotterdam en Deltalinqs. De stichting verzamelt op een veilige en verantwoorde manier alle informatie over de duurzame plannen van de bedrijven in de haven en wisselt die uit met netbeheerders en overheidsorganisaties als het CBS, het PBL of het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Netbeheerders krijgen daardoor de informatie die ze nodig hebben om de congestie op het net op te lossen, de infrastructuur uit te breiden en vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen. De benodigde investeringen daarvoor kosten miljarden euro’s, dus is het zaak het geld doelmatig en efficiënt te besteden. Overheidsorganisaties krijgen een betrouwbaarder beeld van de stand van zaken in de energietransitie en het terugdringen van CO2-uitstoot. Dat maakt de prognoses van nationale planbureaus betrouwbaarder. Minder bureaucratie De bedrijven die willen vergroenen moeten tegelijkertijd wel zeker weten dat de stroom ook geleverd kan worden, voordat ze besluiten om over te stappen. Dat weten ze straks dankzij het Data Safe House. Een ander voordeel voor de bedrijven is dat ze al hun informatie straks kunnen delen met één in plaats van diverse loketten. Dat scheelt veel bureaucratische rompslomp. Inmiddels hebben zich al dertien partijen aangesloten bij de stichting en is de eerste informatie uitgewisseld. In principe worden geen namen bekendgemaakt, maar duidelijk is dat het behalve om netbeheerders Stedin (regionaal) en Tennet (landelijk hoogspanningsnet) om de grote bedrijven in de chemie en petrochemie gaat. Containerterminals stoten nu eenmaal relatief weinig CO2 uit. Lees hier meer over vergroening in de Rotterdamse haven Zorgen voor infrastructuur Volgens woordvoerder Sjaak Poppe van het Havenbedrijf Rotterdam is de informatie die het Data Safe House verzamelt van groot belang om de energietransitie in de haven te versnellen. Daarvoor zijn niet alleen windparken op zee, zonnepanelen of fabrieken voor groene waterstof nodig, maar ook kabels, stroomstations en andere infrastructuur. "Het aanbod van groene energie is niet het probleem. De netbeheerders moeten weten welke vraag er vanuit de industrie aan komt om te zorgen dat de benodigde infrastructuur er ook is”, zegt hij. 1 in plaats van 3 kabels Voor het bouwen van windparken op zee schrijven zich meestal diverse partijen in. "Als bijvoorbeeld drie partijen meedoen aan een tender dan dienen ze bij TenneT allemaal een aanvraag in voor een aansluiting naar land, ook al hebben ze nog niet gewonnen. TenneT moet dan weten dat het geen drie, maar uiteindelijk maar één aansluiting hoeft aan te leggen. Alleen voor de winnaar”, legt Poppe uit. Vervolgens kan TenneT zorgen dat er op tijd een aansluiting is als het windpark groene stroom aan de bedrijven in de haven gaat leveren. Overal toepasbaar De Rotterdamse opzet kan ook in andere industriële clusters worden toegepast. Net als in de haven gaan veel bedrijven de komende jaren meer groene stroom en waterstof gebruiken en minder olie, aardgas en kolen. Het stroomnet is in grote delen van het land overbelast. Zo kunnen in Limburg en Noord-Brabant al geen nieuwe bedrijven meer aangesloten worden op het hoogspanningsnet. Op sommige bedrijventerrein kunnen distributiecentra met zonnedaken hun groene stroom niet meer aan het net leveren. Lees hier meer over het grootste windpark op zee, Hollandse Kust ZuidSchrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.