Marc Seijlhouwer 09 juni 2022, 15:57

Bliksem in je planten

Water dat door bliksem geraakt wordt heeft heel even een ontsmettende werking. Daarna zit het vol met voedingsstoffen waar planten gek op zijn. Voor het bedrijf VitalFluid en CEO Paul Leenders reden om een bedrijf te starten dat zulk ‘bliksemwater’ kan maken. Maar het blijkt lastig om zoiets echt toe te passen, door regels.

Paul | Credits: Paul Leenders/VitalFluid

VitalFluid, opgericht door Paul Leenders en Polo van Ooij in 2014, is ongewoon. Het komt niet voort als spin-off van universitair onderzoek. In plaats daarvan wist Leenders een subsidie aan te vragen voor een project, en raakten er vervolgens universiteiten bij betrokken. Dat project kwam voort uit Leenders interesse. Hij hoorde iets over plasmawater, en wat het kan betekenen voor de land- en tuinbouw. Hij besloot te onderzoeken hoe je plasmawater kunt maken en wat het doet voor planten. Dat begon simpel: studenten kochten bossen rozen en besprenkelden die met verschillende soorten water. “Die resultaten waren zo interessant dat ik dacht: laten we er een bedrijf mee oprichten.”

Dat bedrijf kwam er in 2014. In 2016 was het subsidieproject dat Leenders startte klaar en het jaar erna kwam het bedrijf echt van de grond. VitalFluid verhuisde, uiteindelijk naar de High Tech Campus, en kreeg verschillende subsidies. Inmiddels werken er 30 mensen.

Wat doe jij om de duurzaamheid te versnellen?

“Plasmawater kan veel betekenen, vooral in de biologische landbouw. Het heeft een ontsmettende werking én het geeft voedingsstoffen aan de planten die normaal uit kunstmest komen. Met ons water zou je minder kunstmest kunnen gebruiken. En dat is hard nodig, want mest is een van de meest vervuilende dingen op aarde. Het zorgt voor giantische hoeveelheden CO2 en andere soorten vervuiling.

Het is natuurlijk een hele nieuwe manier van dingen doen in de land- en tuinbouw. Dus we moeten mensen overtuigen. Maar de zaken lopen goed; in de VS zijn er inmiddels tien van onze apparaten verkocht en Europa volgt hopelijk snel.

Daarbij lopen we wel tegen een bottleneck aan: de regelgeving. Wij vinden dat plasmawater biologisch is; het bootst immers een proces na dat ook in de natuur voorkomt. Maar in de regels is men gewend aan zakken met korrels. Iets als ‘plasma-geactiveerd-water’ past niet in dat systeem, en dat maakt het soms wel lastig. De goedkeuringstrajecten zijn bovendien heel duur en kosten jaren. In de VS is dat makkelijker geregeld.

We hopen dat er wel schot in gaat komen, anders zouden we het bedrijf naar Amerika moeten verhuizen. Maar liever blijven we hier, om bij te dragen aan de BV Nederland.

Die regelgeving viel ons wel tegen. Men denkt: als je een goed product hebt verkoopt het zichzelf. Maar je moet altijd blijven ontwikkelen, betere businesscases maken voor klanten en dus zorgen dat je voldoet aan de wet- en regelgeving. Dat moet allemaal tegelijkertijd. En al die dingen zijn niet ingericht op vernieuwende dingen. Dat kan heel frustrerend zijn.”

Wat voor leider is er nodig voor zo’n bedrijf?

“Ik heb al zelfstandig ondernemer sinds 1986. En ik zat altijd in de high-tech, dus ik ken dit soort bedrijven. Hoe leid ik mijn bedrijf? Door goede mensen aan te nemen, mensen aan me binden die voor dezelfde zaak willen gaan. Wij streven duurzame landbouw na, een alternatief voor gewasbescherming en kunstmest. Dat spreekt veel mensen aan waardoor ze meewerken. Ook al zouden ze bij een bedrijf als ASML meer verdienen. Een jong innovatief bedrijf dat een verandering in een sector teweeg gaat brengen, dat trekt veel mensen aan.

Ik hoef als CEO niet overal grip op te hebben. Ik vertrouw de kennis en kunde van mijn mensen. En we hebben een heel goed management team dat elk aspect van de business in de vingers heeft. Dat helpt.

Als we groter groeien, dan hebben we daar plannen voor. Maar mijn ervaring is wel dat het nooit gaat zoals je verwacht. We lopen voorlopig op schema. En wat scheelt: wij zullen een R&D-bedrijf blijven. De daadwerkelijke machines worden door VDL gemaakt, en dat is een groot bedrijf dat relatief eenvoudig kan opschalen als de vraag toeneemt. Dat maakt groeien ook iets eenvoudiger, hoewel we natuurlijk wel getalenteerde mensen moeten vinden.”

Wat heb je nog nodig?

“Zoals gezegd: wet- en regelgeving die meebeweegt met innovatie zou helpen. Dat dat niet gebeurt is zonde; daardoor lopen veel ideeën die ons veel kunnen opleveren vast.

Nu gebruikt iedereen kunstmest en dat is heel inefficiënt; 70 procent van de korrel gaat in de bodem in plaats van in de plant. Men wil kunstmestproductie vergroenen met groene waterstof, maar dat zal pas rond 2050 het geval zijn. Terwijl wij nu al een groen alternatief hebben dat alleen maar water, elektriciteit en lucht gebruikt. Ik hoop dat men inziet hoe waardevol dat kan zijn.”

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Een batterij en waterstoffabriek in één

We hebben in Nederland de kans om een speler van betekenis te worden in de groene waterstofeconomie. Er is veel offshore wind potentie, gas-infrastructuur die kan worden benut voor transport en enorme potentiële vraag van de industrie die moet en wil verduurzamen. Het is zaak dat de regering inzet op de bouw van nationale kampioenen over de hele waardeketen. Dat gebeurt nu nog onvoldoende en zorgt ervoor dat met onze investeringen, banen en verdere kennisopbouw weglekken naar andere landen. Het gaat goed met Battolyser Systems. Sinds Mattijs Slee vorig jaar als CEO begon is het bedrijf gegroeid van 1 naar 40 medewerkers, zijn er plannen voor verschillende grote (demonstratie)fabrieken en groeit de interesse voor wat het bedrijf doet. Dat lijkt ook logisch: een batterij en waterstofproductie in een, dat doet niemand anders. Het lost een paar problemen op waar de energietransitie nu mee kampt: netcongestie, te veel groene stroom als de vraag laag is, enzovoort. Door de batterij te gebruiken om korte termijn vraag en aanbod verschillen in het elektriciteitsnetwerk op te vangen, kan de waterstof een stuk goedkoper geproduceerd worden. Hoe zorg je voor snelle verduurzaming? "Snelle verduurzaming vereist heldere doelen, wetgeving en middelen om deze doelen kracht bij te zetten. In Nederland en in Europa hebben we flinke stappen gezet de afgelopen jaren met het terecht vergroten van onze ambities. Deze ambities zijn onder andere ondersteund met herstelfondsen na corona die groots inzetten op groen herstel. De laatste maanden zijn er enorme geopolitieke veranderingen: de oorlog in Oekraïne, daaraan gerelateerde hoge gasprijzen en hoge inflatie. Aan de ene kant draagt dit bij aan een verdere versnelling. Zo maken hoge gasprijzen blauwe waterstof, gemaakt van gas en afvangen van CO2, geen economisch alternatief in Europa en dit zorgt dus voor een snellere transitie naar groene waterstof. Aan de andere kant hebben deze veranderingen ook een remmende werking door een onzekerder investeringsklimaat en verstopte supply-chains. We moeten ervoor zorgen dat we - ook in economisch meer uitdagende tijden - blijven kiezen voor duurzaam groen herstel. Maar het gaat in deze transitie niet alleen om snelheid op de korte termijn maar ook om de economische groei en betaalbaarheid op de langere termijn. Neem bijvoorbeeld de productie van elektrolyzers. Er zijn al andere partijen, die volgens ons minder goede technologie hebben maar wel voorlopen qua schaal en ontwikkeling. Als wij niet snel genoeg zijn, zullen projectontwikkelaars straks moeten kiezen voor een inferieure technologie voor duurzaamheidsplannen. Dat willen wij niet. Zoiets gebeurde ook met offshore wind. Er zat veel kennis en ontwikkeling in ons land. Maar doordat de overheid deze sector tijdens de financiële crisis niet heeft gesteund en later alleen de projectontwikkelaars die de goedkoopst beschikbare technologie gekozen lukte het niet om Nederlandse turbine technologie te commercialiseren. Dat is een gemiste kans." Wat heb je dan nodig? "We zien in Nederland dat innovatie en ontwikkeling steun ontvangt. En op projectniveau heb je subsidies zoals de SDE en straks het opschalingsinstrument waterstof om duurzame projecten mogelijk te maken. Maar het deel daartussen, waarin je een technologie commercieel moet ontwikkelen, daar ontbreekt het aan steun. Terwijl juist hier veel waarde ligt voor de Nederlandse economie met de opbouw van essentiële kennis en veel werkgelegenheid. Ik vind dat de Nederlandse regering de energietransitie meer als kans moet zien en moet investeren in de nieuwe maakindustrie. Als we dat doen dan plukken we hier op langer termijn ook de vruchten van, vergelijkbaar met de offshore-industrie die het resultaat was van de investeringen en lokale kennisopbouw van de Deltawerken. Andere landen doen dit wel: Duitsland, Frankrijk en het VK steunen lokale bedrijven die aan waterstoftechniek werken om productiecapaciteit te bouwen. Dit levert lokale banen en toeleveranciers op, en uiteindelijk een exportindustrie. Nederland moet niet alleen gericht zijn op korte termijn winst door de laagste kosten maar ook kijken naar de lange termijn waarde van lokale bedrijven." Betekent dat dan dat jullie ontwikkeling stilstaat? "Zeker niet. We zijn nu bezig met een nieuwe financieringsronde, terwijl we aan de tweede generatie Battolyser werken. Van die tweede generatie hebben we er al een verkocht aan een groot energiebedrijf en zijn we in gesprek met andere grote partijen. De derde generatie moet seriematig gemaakt worden in een nieuw te bouwen fabriek en hier hebben de financiële hulp voor nodig. Met elke generatie dalen de kosten en wordt het apparaat steeds beter." Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.