Romy de Weert 10 mei 2022, 11:12

Engie werkt samen met OCI en EEW aan groene waterstof voor e-methanol

Energiebedrijf Engie, methanolproducent OCI en afvalrecyclingbedrijf EEW werken samen aan een grootschalig waterstofproject in de Eemshaven in Groningen. Met groene waterstof willen de bedrijven e-methanol maken.

Adobe Stock 366215509 De elektrolyser wordt aangedreven door 200 megawatt aan offshore windturbines. | Credits: Adobe Stock

De bedrijven hopen met het project HyNetherlands (HyNL) in 2025 een 100 megawatt elektrolyser in gebruik te nemen.

E-methanol

Voor methanol zijn CO2 en waterstof (H2) nodig. Met deze moleculen zijn de bedrijven in staat om brandstof te maken die nagenoeg dezelfde eigenschappen heeft als fossiele brandstof.

Voor duurzame productie van methanol is het essentieel dat de gebruikte waterstof groen is. Dat betekent dat de elektrolysers die de waterstof maken gevoed worden met elektriciteit uit hernieuwbare bronnen. Engie levert de waterstof en afvalrecyclingbedrijf EEW levert de afgevangen CO2.

Groene waterstof

De waterstofproductielocatie van Engie komt te staan op het terrein van de Eemscentrale in de Eemshaven in Groningen. De eerste fase van het project bestaat uit de bouw van een nieuwe 100 megawatt elektrolysefaciliteit. In die fabriek zal groene waterstof gemaakt worden. De benodigde stroom komt van 200 megawatt aan offshore windturbines.

De installatie voor het vastleggen van CO2 van EEW wordt geïntegreerd met de bestaande installatie die staat in Farsum. Daar zal CO2 uit de verbrandingsgassen van de productielijn worden gehaald. De CO2, de logistiek en de infrastructuur worden geleverd door Groningen Seaports.

De fabriek voor het maken van methanol is van methanolproducent OCI en ligt in chemiepark Delfzijl in Farsum. In de fabriek wordt de afgevangen CO2 en de groene waterstof gemaakt tot e-methanol.

Waterstofnetwerk

Engie zorgt voor de productie van de e-methanol en OCI en BioMCN nemen de brandstof af. De Installatie wordt aangesloten op het waterstofnetwerk dat de Gasunie ontwikkelt door Nederland en Noord-Duitsland.

In 2025 hoopt HyNL een elektrolyse-installatie in gebruik te nemen van 100 megawatt. In 2030 streven de bedrijven naar 1,85 gigawatt.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Foto Credits: HyNL

'Het potentieel van CO2 compenseren is gigantisch'

“Onze producten zijn heel complementair”, zegt Bram Veenhof. Hij is verantwoordelijk voor Digital Climate Solutions bij South Pole. Het bedrijf helpt de grootste webwinkel in Zwitserland: Digitec Galaxus en grote Duitse webwinkels als eBay en Otto. “Daardoor benaderden allerlei kleine webwinkels ons met de vraag of wij ze kunnen helpen. Maar onze oplossing was daar eigenlijk niet voor geschikt. CO2ok ervoer precies hetzelfde, alleen dan andersom. Zij konden juist kleinere bedrijven bedienen. Samen kunnen we nu bijna al onze klanten bedienen. Ook kunnen we de CO2ok klanten een veel bredere keuze aan klimaatprojecten aanbieden.”Footprint lastig berekenen als start-up Milo de Vries kan het nog haast niet geloven dat zijn bedrijf is overgenomen. “Als start-up heb je beperkte middelen. Je kunt de footprint van de miljarden producten die er zijn nooit helemaal perfect berekenen. South Pole heeft daar veel data en expertise in. Dus daar kunnen we nu enorme stappen in maken. Zodat we klanten beter kunnen informeren over de voetafdruk van een product en nog beter weten dat de compensatie die we aanbieden klopt.”Het nut van compenseren Zowel De Vries als Veenhof zijn van mening dat niet consumeren beter is dan compenseren. Maar áls je toch nieuwe schoenen koopt, dan kun je ze beter compenseren, zegt De Vries. Veenhof vult aan: “Je compenseert de klimaatschade die je doet door de consumptie. Doordat je die investering doet kom je op een soort netto nul schade uit.” Met hun programma’s hopen De Vries en Veenhof de bewustwording onder consumenten te vergroten. Als consumenten vervolgens een duurzamere keuze maken stimuleert dat bedrijven om duurzamer te produceren. Zij vestigen hun hoop op consumenten en bedrijven, omdat ze de overheid te traag vinden.“Ik weet niet of je compenseren als aflaat moet zien of als je dure plicht. Het is een soort belasting die niet door de overheid geheven wordt, maar die we eigenlijk wel zouden moeten betalen. Het is de echte prijs van producten. Maar ik ben bang dat overheden niet de durf hebben om zoiets in te voeren. Daarom moet het van ondernemingen en consumenten komen”, legt Veenhof uit. CO2 compenseren wordt het nieuwe normaal, verwacht De Vries. “Aan het eind van dit decennia is het gemeengoed.” Lees ook: Klimaatschade van online shoppen compenseren? Deze start-up maakt het mogelijk Groeikansen De Vries en Veenhof zien veel kansen voor groei. “Op dit moment compenseert tussen de 10 à 25 procent van de klanten van aangesloten webwinkels hun emissies. Tegelijkertijd biedt minder dan 1 procent van de webwinkels deze dienst aan. Dus er is nog een ongelooflijke hoeveelheid winkels om aan te sluiten en vervolgens heel veel consumenten om te overtuigen. Ook willen we onze diensten op den duur uitbreiden naar andere sectoren. Je kan denken aan logistiek, vervoer en B2B-oplossingen. Dus we zijn nog wel even bezig”, aldus Veenhof. Later deze week is Milo de Vries te gast in onze Changemakerpodcast. Hij gaat dan uitgebreid in op de overname en de kansen die dit biedt.