Teun Schröder
08 april 2022, 11:00

Dingena Verkerk van Arcadis: "We moeten simpelweg opnieuw ervaring opdoen met hout"

Dingena Verkerk is adviseur circulair bouwen bij ingenieurs- en adviesbureau Arcadis. En tussen de bedrijven door zette ze ook nog haar eigen onderneming op. “Typische ingenieurs laten graag het eindresultaat zien. Terwijl het minstens zo belangrijk is om open te zijn over de worstelingen en vraagtekens die daaraan vooraf gingen.”

Dji 0025 Dingena Verkerk, adviseur circulair bouwen bij Arcadis, is een Changemaker in de bouw

Als adviseur bij Arcadis zet Verkerk zich in voor duurzame bouw. Ze ziet dat de Nederlandse bouwsector de potentie heeft om de meest duurzame van de wereld te worden. “We kunnen een internationaal voorbeeld zijn.” Zelf pleit ze voor meer openheid tussen bedrijven en sectoren. Want kennis delen is voor echte verduurzaming een vereiste.

Hoe zorg je voor snelle verduurzaming?

“Wat mij betreft gaat verduurzaming vooral om dingen doen en daarvan leren. Het is belangrijk om actie te ondernemen en niet te lang te blijven hangen in het tot in detail uitdenken. Ook als je niet zeker weet of het eindresultaat helemaal perfect is. In mijn werk als duurzaamheidsadviseur kom ik dat bijvoorbeeld tegen bij houtbouw. Hoewel hout een eeuwenoud bouwmateriaal is, zijn we het nu aan het herontdekken voor moderne bouwwensen. Moet je dan nog een kern van beton gebruiken om te voldoen aan de huidige eisen? Vanuit ideaal duurzaamheidsoogpunt niet, maar is dat een reden om niet door te gaan met het project? We moeten simpelweg opnieuw ervaring opdoen met hout. Laten we die kennis weer inzetten voor volgend projecten.”

Dingena Verkerk is adviseur bij ingenieurs- en adviesbureau Arcadis

Welk type leider is daarvoor nodig?

“Ik denk dat we in verduurzaming veel verschillende leiders nodig hebben. Een grote groep mensen moet de noodzaak van duurzame ontwikkeling inzien. Maar wat de ene persoon raakt, kan bij een ander leiden tot weerstand. Daarom heb je een verscheidenheid aan leiders nodig om verschillende mensen aan te spreken.

Daarnaast is er behoefte aan leiders met lef die hun twijfels durven uit te spreken. Dat klinkt makkelijker dan het is. Je stelt je namelijk kwetsbaar op door je hardop af te vragen of de status quo nog wel klopt. Je loopt het risico op je bek te gaan. Als ingenieur wil je altijd alles heel goed begrijpen. De keerzijde is dat je ook heel goed weet wat je niet begrijpt. Weet ik wel genoeg? Ben ik de juiste persoon hiervoor? Een leider die lef toont, laat ook zien welke onzekerheid daarachter schuilgaat.”

Welk doel heb je voor ogen?

“Ik wil impact maken door het goede voorbeeld te geven en zo veel mogelijk te delen. Voor verduurzaming is het delen van kennis cruciaal. Dit gaat in tegen traditionele vormen van bedrijfsvoering. Iedereen kent het begrip ‘bedrijfsgeheim’. Wat mij betreft is dat achterhaald. Onlangs zijn we als Arcadis het gesprek aangegaan met slopers. Niet direct een partij waar je als ingenieursorganisatie mee te maken hebt. Maar zo’n ontmoeting is hartstikke waardevol. Die sloper heeft weer grondstoffen tot zijn beschikking die wij kunnen gebruiken. Daar zie ik een rol voor mezelf: om dit soort verbindingen te creëren.

Daarnaast heb ik sinds een jaar ook mijn eigen onderneming. Samen met een vriendin zetten we duurzaam wasmiddel in de vorm van dunne papierachtige strips op de markt. Deze strips zijn een stuk lichter dan traditionele tabletten die voor een groot deel uit water bestaan. Wat transportuitstoot betreft scheelt dit dus een hoop CO2. Bovendien leveren we in papieren enveloppen en niet in plastic. De sprong naar ondernemerschap is spannend, maar het is ontzettend leuk om te doen.”

Waar ben je het meest mee geholpen?

Het contact leggen met mensen die willen samenwerken en kennis delen. Vanuit een gedeelde erkenning dat niemand de perfecte oplossing weet. Ingenieurs laten graag het eindresultaat zien: ‘een geweldig project van hout en andere biobased materialen’. Soms ga je dan voorbij aan de worsteling en vraagtekens die vooraf gingen aan het eindresultaat. Laten we samen een veilige omgeving creëren waarin we onze bevindingen, zorgen, vraagtekens en twijfels kunnen delen om zo tot het beste eindresultaat te komen.

Waar heb je spijt van?

Spijt heb ik niet echt. Dat heeft volgens mij ook niet zo veel zin. Van alle dingen die je doet, of ze nou goed uitpakken of iets minder, leer je. Al die ervaringen neem je mee. En dat zorgt ervoor dat ik nu kan doen wat ik kan.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Professor Wim Sinke: 'Tien keer zoveel zonne-energie is mogelijk'

Op 12, 13 en 14 april vindt in de Expo Haarlemmermeer Solar Solutions International plaats, de grootste zonnevakbeurs van Noordwest-Europa. De beurs belooft de presentatie van meer dan 500 innovaties. “Dat is een rekbaar aantal, maar je krijgt wel een heel goede doorsnede te zien van wat er op het gebied van zonne-energie gedaan wordt en te koop is”, zegt Wim Sinke, die er dan ook zeker bij zal zijn. De Nederlandse topexpert op het gebied van zonne-energie voelt zich daar toch een beetje als een kind in de snoepwinkel. Opnieuw forse groei zonne-energie In aanloop naar de beurs publiceerde Dutch New Energy Research (DNE) zijn Solar Trendrapport 2022. Daaruit blijkt dat er in 2021 in Nederland 3,6 gigawatt aan zonnestroomvermogen bijkwam. In totaal werden er 9,8 miljoen nieuwe zonnepanelen op daken, weilanden en andere oppervlakten gelegd. Het aantal huishoudens met zonnepanelen passeerde in 2021 de 1,5 miljoen. Daarmee is Nederland koploper in Europa. Al die panelen kunnen inmiddels 14,3 gigawatt elektriciteit produceren, genoeg stroom voor ruim 14 miljoen huishoudens. In de praktijk was zonne-energie vorig jaar goed voor 9,6 procent van alle geleverde elektriciteit in ons land. Lees hier meer over Nederland als koploper in zonne-energie Laaghangend fruit is geplukt Nederland doet het ook in de ogen van professor Sinke goed. “We komen van ver, maar hebben onze achterstand op andere landen ingelopen”, zegt hij. Toch zijn we er nog lang niet. Om de klimaatdoelstellingen te halen wil TNO het mogelijk maken om in 2030 al een vermogen te hebben van 50 gigawatt en in 2050 zelfs 200 gigawatt. "Die eerste 15 gigawatt waar we nu bijna aanzitten is de moeilijkste niet. Dat lijkt misschien veel, maar het is minder dan 10 procent van wat we op de langere termijn nodig hebben. Eigenlijk is het laaghangend fruit nu geplukt”, aldus Sinke. “Zonne-energie met een factor tien laten groeien wordt technisch en maatschappelijk gezien uitdagend. Maar gezien de stijgende energieprijzen, de drang naar meer energie-onafhankelijkheid en het alarmerende IPCC-rapport, hebben we snel veel zonne-energie nodig. Daarom denk ik dat er heel wat gaat veranderen en dat de knop voor zonne-energie helemaal om gaat.”Wim SinkeMoeilijke plekken voor zonnepanelen benutten Volgens de professor is een vertienvoudiging in 2050 haalbaar. Dat kan door innovaties die het rendement van zonnepanelen drastisch verhogen, door zonnefolies en zonneramen te ontwikkelen en door nieuwe, vooral geïntegreerde toepassingen. Bij dat alles speelt het materiaal perovskiet een belangrijke rol. Gestapeld op silicium zonnecellen of als nieuw materiaal voor flexibele of licht doorlatende dunne-film zonecellen. Maar vooral door op veel meer plekken zonnepanelen te leggen. Op water en op land, op bestaand oppervlak als daken, gevels, ramen, wegdek, geluidsschermen langs weg en spoor, auto’s, dijken, binnenwater en zee. Omdat we zo min mogelijk weilanden en akkers in Nederland vol zonneparken willen leggen, kijkt Sinke nadrukkelijk naar de gebouwde omgeving in steden en dorpen. “Als we echt willen doorgroeien moet je ook de moeilijke locaties gaan gebruiken”, zegt hij. Hij doelt op plekken die deels in de schaduw liggen, slechts een deel van de dag in de zon, waar obstakels in de weg staan of die te klein lijken. Sinke: “Ik zeg altijd: er zijn eigenlijk geen ongeschikte plekken. Ik heb zelf ook zonnepanelen op de west-noordwestzijde van mijn dak liggen en daar heb ik geen spijt van. De opbrengst aan stroom is voldoende om daarvoor te kiezen. Als je ook de moeilijke plekken benut kan een groot deel van de zonne-energie in de gebouwde omgeving opgewekt worden. Dat is wat iedereen wil.” Proeffabriek in Eindhoven Een andere ontwikkeling van TNO is zonne-energie op maat. Een belangrijk thema, volgens Sinke. Daarbij worden zonnecellen bijvoorbeeld ingebouwd in prefab bouwelementen als gevels, daken en op termijn ramen. Het kennisinstituut start hiervoor met steun van de overheid een onderzoek- en proeffabricagelijn op de Brainport Industries Campus in Eindhoven, waar bedrijven samen met TNO nieuwe toepassingen kunnen ontwikkelen en testen. “Zo kunnen ze de eerste stap zetten en de kinderziektes eruit halen. Als het daar werkt kunnen ze het op grotere, commerciële schaal gaan produceren en toepassen”, legt Sinke uit. De nieuwe proeflijn wordt een blauwdruk voor een nieuwe generatie fabrieken die op maat gemaakte halffabricaten van zonnecellen in grote aantallen, in elke gewenste vorm, tegen lage kosten en met hoge snelheid gaan produceren. Dunne-film zonnecellen overal toepasbaar TNO wil in de toekomst naar zonne-elementen toe die niet meer gebonden zijn aan een vast formaat of uitvoering zoals een paneel. Dan kunnen ze op veel meer plekken gebruikt worden. Van auto’s tot geluidsschermen. Als dunne-film zonnecellen lichtdoorlatend gemaakt worden kunnen ramen van huizen en gebouwen in de toekomst zonnestroom opwekken. Dat is al op kleine schaal gedemonstreerd, maar er is nog veel verdere ontwikkeling nodig. De focus van TNO ligt op massa-maatwerk, waarbij halffabricaten worden gemaakt die in allerlei eindproducten geïntegreerd kunnen worden. Daarbij kunnen flexibele dunne-film zonnecellen worden gebruikt, maar ook silicium zonnecellen en stapelingen van een dunne film en silicium. Veel enthousiasme over perovskiet Daarom wordt er in de wereld al ruim tien jaar gekeken naar het materiaal perovskiet. Ook door TNO. Dat kan het rendement op termijn namelijk drastisch verhogen. Van de huidige 24 procent van silicium cellen naar wel 30 procent. Perovskiet is een mineraal dat voorkomt in bepaalde gesteentes, maar dat kunstmatig gemaakt in een andere samenstelling als halfgeleider in zonnecellen wordt gebruikt. Het voordeel is dat de grondstoffen goedkoop zijn, dat het eenvoudig en goedkoop aangebracht kan worden en dat er maar een heel dun laagje van nodig is. In het laboratorium en op kleine oppervlakken haalt perovskiet nu al net zoveel rendement als andere technologieën. “Maar het grote voordeel is dat je perovskiet kunt stapelen op andere zonnecellen. Zo kun je het rendement verhogen naar die 30 procent. Daarom is er zoveel enthousiasme. Er zijn geen andere materialen binnen handbereik die dit goedkoop kunnen”, legt Sinke uit. Innovaties gaan steeds sneller TNO is samen met partners bezig om de technologie voor het gebruik van perovskiet te verbeteren. Daarvoor is nog veel onderzoek nodig. Een nadeel van het materiaal is bijvoorbeeld dat het slecht tegen vocht kan en dus heel goed moet worden ingepakt. TNO zegt goede resultaten te hebben behaald met een nieuwe beschermlaag op de zonnecellen, gemaakt met zogeheten Atomic Layer Deposition (ALD). In 2020 toonde het instituut al aan dat perovskiet stress-testen kan doorstaan die ook worden gebruikt om commerciële panelen te testen. Perovskiet op plastic- of metaalfolie dat voldoende rendement haalt zou een doorbraak zijn, omdat er dan heel veel plekken voor zonne-energie bij komen. TNO is ook pionier in de ontwikkeling van tweezijdige zonnepanelen, die aan twee kanten zonlicht opvangen. Die worden inmiddels op grote schaal toegepast en leveren 10 tot 20 procent meer stroom op. Sinke ziet dat soort innovaties steeds sneller gaan. “Vroeger duurde het twintig tot dertig jaar voordat een nieuwe technologie op de markt kwam. We zijn nu tien jaar bezig met perovskiet en over een paar jaar komen de eerste zonnepanelen waarschijnlijk al op de markt. Dat is relatief snel”, zegt hij. Lees hier hoe onderzoekers van de universiteit van LA perovskiet met een nieuwe coating willen beschermen Land- en tuinbouw tussen de zonnepanelen Technologie is niet de enige route naar een vertienvoudiging van zonne-energie. Combinaties en slimme nieuwe toepassingen zijn dat ook. Sinke ziet bijvoorbeeld voordelen in de combinatie tussen land- of tuinbouw en zonne-energie. Zonnepanelen staan dan verticaal, verder uit elkaar of hoger, zodat er tussen of eronder gewassen geteeld kunnen worden. Zeker in warmere landen bieden de panelen dan juist bescherming tegen de brandende zon en krijgen de gewassen toch genoeg licht om te groeien. Op zee is een combinatie met offshore windparken misschien een goed idee, al moeten de panelen dan wel tegen soms tien meter hoge golven kunnen. TNO en andere partners testen momenteel op een proeflocatie op het Oostvoornse Meer diverse drijvende systemen. “Daar zit een systeem bij met een soort kussens met dunne film. Je moet iets ontwikkelen dat extreme omstandigheden kan doorstaan en op zee die ene storm in de drie jaar kan overleven. Dat zijn enorme technische uitdagingen waar wij ervaring mee op willen doen”, aldus Sinke. Zon op water moet namelijk een belangrijke bijdrage leveren aan de energietransitie. Van de benodigde 200 gigawatt aan vermogen in 2050 zou 25 gigawatt opgewekt kunnen worden via drijvende zonnepanelen op binnenwateren en 45 gigawatt via panelen op zee.Een combinatie van land- en tuinbouw met zonnepanelen levert veel voordelen opAfvalberg van zonnepanelen voorkomen Sinke ziet dat er ook steeds meer aandacht komt voor de recycling van afgedankte zonnepanelen. Door de enorme groei van het aantal panelen dreigt op den duur een enorme afvalberg te ontstaan. De oplossing is volgens hem om panelen zo te ontwerpen dat ze makkelijk hergebruikt kunnen worden. “In dat circulair ontwerpen zie ik dat er enorme sprongen worden gemaakt. Dat is een voorwaarde om snel te kunnen groeien. Aan de ene kant raken de grondstoffen op en aan de andere kant wil je niet dat er een afvalprobleem ontstaat”, zegt hij. Luister hier naar de oplossingen voor de recycling van zonnepanelen