Eva Segaar 01 april 2022, 12:17

Banaan, vanille of avocado uit Nederland? Deze changemakers maken het mogelijk

“Ik kan behoorlijk met planten praten, maar van deze snapte ik geen moer”, vertelt Rob Baan van Koppert Cress. Dus was hij ontzettend blij toen het wel lukte: vanille uit de kas. Pieter Vink haalde de banaan naar Nederland en Filip van Noort lukte het om avocado in de kas te telen. Lees hier over de changemakers van week 14: exotisch product, lokaal geteeld.

Collage Changemakers week14

Filip van Noort is gewasspecialist bij de Wageningen Universiteit

Van Noort doet in opdracht van klanten in de glastuinbouw onderzoek naar het telen in kassen, zodat zij ermee aan de slag kunnen. Zo heeft hij al succesvol vanille, papaja en avocado kunnen telen. Gewassen die normaal honderden kilometers moeten reizen voordat ze hier in de supermarkt liggen, komen dan opeens van dichtbij.

Pieter Vink teelt bananen in Ede

De bananen die Vink kweekt zijn beter resistent tegen schimmels. Die komen in het buitenland veel voor en zorgen ervoor dat de bananenplant geen vruchten meer geeft. Door bananen in zijn kas niet in de volle grond te telen maar in potten, krijgt de schimmel geen kans. Het telen gebeurt op substraat van kokosvezels.

De kennis die Vink opdoet geeft hij weer door aan boeren in tropische gebieden. En de bananen die hij in de kas teelt worden gebruikt voor gebakjes en verwerkt in bier. Van de schillen worden vleesvervangers gemaakt, en van de bladeren en stammen lingerie en pallets.

Rob Baan van Koppert Cress haalde vanille naar Nederland

Baan begon als tuinbouw-allrounder en werkte over de hele wereld. Die kennis nam hij mee toen hij in 2002 zijn eigen bedrijf begon genaamd Koppert Cress. Baan begon met het telen van kressen, denk aan tuinkers en andere kiemgroente.

Inmiddels teelt Rob Baan allerlei gewassen in zijn kas in het Westland. Neem bijvoorbeeld vanille. Door het in zijn kas te verbouwen hoeft het van minder ver te komen. Een van zijn kassen is zelfs al klimaatneutraal. Daar maakt hij gebruikt van warmte in plaats van aardgas.

Op vrijdag 8 april verschijnt de podcast met Rob Baan.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Albron stapt volledig over op biologische zuivel

Aan de rand van nationaal park Weerribben-Wieden, in de buurt van Meppel, runt melkveehouder Klaas de Lange al veertig jaar zijn biologische melkveehouderij. Natuurgebied de Weerribben is kwetsbaar, en valt daarom ook onder Natura 2000 gebied. In de buurt van deze gebieden moet de biodiversiteit worden beschermd, waardoor er extra eisen gelden voor de uitstoot in de omgeving. Stikstof is bijvoorbeeld een grote boosdoener, omdat het ervoor zorgt dat bepaalde planten (gras, brandnetels) beter groeien dan andere (heide maar ook meer zeldzame planten). Die zeldzamere planten worden daardoor overwoekerd, wat ten koste gaat van de biodiversiteit. Lees ook: 'CO2 in voedsel moet ook een prijs krijgen' Kwetsbaar natuurgebied “Het is een zeer kwetsbaar natuurgebied”, zegt melkveehouder De Lange. “En dat heeft een andere manier van boeren nodig. We hebben hier op de boerderij niet alleen de melkproductie hoog in het vaandel staan, maar willen ook de natuur in stand houden.” Dus boert De Lange biologisch, want dat zorgt voor de helft minder stikstofuitstoot dan traditionele landbouw. Vooral omdat er geen kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen worden gebruikt. Na zijn opleiding aan de Wageningen Universiteit nam De Lange het bedrijf van zijn vader over. Hij besefte dat hij extra zorg voor de natuur moet dragen als hij wilde blijven boeren in de Weerribben. “Veel gangbare boeren hier in de buurt zijn daarom geëmigreerd naar Canada en Denemarken”, zegt De Lange. “Ik heb hun grond overgenomen, zodat ik juist kon extensiveren. Dan geef je meer ruimte aan het dier.” De Lange heeft in totaal 500 koeien, en per koe heeft hij één hectare beschikbaar.Albron op bezoek in de stal van melkveehouder Klaas de Lange.Verse melk in het schap Omdat De Lange het zonde vond dat zijn melk anoniem naar de fabriek ging en onder een ander merk verkocht werd, begon hij in 1992 Weerribben Zuivel. De zuivel die hij produceert is biologisch en volgens De Lange ook nog eens heel vers. “Wat ik vandaag melk, ligt morgenvroeg bij Albron in het schap.” Want de 2,5 miljoen liter zuivel die Albron jaarlijks aan haar gasten serveert, komt vanaf vandaag uit de Weerribben. Door de tussenstap in de zuivelcoöperaties over te slaan, wordt de keten korter. Dat scheelt transportkilometers en CO2-uitstoot. En de keten is transparanter, want Albron weet precies van welke boerderij de zuivel komt. De gasten moeten daar waarschijnlijk wel iets meer voor betalen. Biologisch boeren kost de boer immers meer inspanning en landgebruik. Ook komt de melk in de bedrijfsrestaurants voortaan in een kleinere portie: 200 in plaats van 250 milliliter. Dat levert op meerdere vlakken een besparing op. Het drukt de kosten en vermindert het gebruik van plastic. Lees ook: Hoe een flexibel bedrijfsrestaurant zorgt voor een duurzaam voedselsysteem Kleinere portie is minder milieu-impact Albron doet het ook omdat het hiermee inzet op de eiwittransitie, door minder dierlijke eiwitten aan te bieden. Op grote schaal verlagen de kleinere porties de impact op het milieu. Kleinere portie of niet, melkveehouder De Lange is blij met de samenwerking. “Ik vind het bijzonder dat Albron een stap vooruit zet, terwijl ze in een zeer concurrerende markt zitten. Zo vertellen we samen een mooi verhaal.”Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.