Romy de Weert 10 maart 2022, 10:49

In 4 stappen naar een duurzaam (kleding)bedrijf

Kledingbedrijven moeten verduurzamen. Maar waar begin je? Het Convenant Duurzame Kleding en Textiel heeft een document opgesteld dat bedrijven uit de sector helpt om stapsgewijs maatschappelijk verantwoord te ondernemen.

Adobe Stock 327691510 Het convenant moest zorgen voor betere werkomstandigheden en regels op het gebied van milieuvervuiling. | Credits: Adobe Stock

Ieder jaar worden er honderd miljard nieuwe kledingstukken gemaakt. Maar meer dan de helft van alle kleding wordt binnen een jaar na productie weggegooid. Het belandt dan in de verbrandingsoven of op stortplaatsen. Dat zorgt voor veel vervuiling. Niet alleen CO2-uitstoot; de industrie kent meer misstanden.

Watervervuiling door het kleuren van textiel is een groot probleem. Maar ook droogte is een gevolg van het extreme watergebruik voor de groei van gewassen als katoen. Daarnaast zijn de werkomstandigheden in de lagelonenlanden vaak slecht, omdat arbeiders worden uitgebuit en mensenrechten niet worden gewaarborgd.

Lees meer: Is een duurzame kledingindustrie mogelijk?

Juist daar is het Convenant Duurzame Kleding en Textiel voor in het leven geroepen. De Sociaal Economische Raad (SER) adviseerde het kabinet in 2016 om actie te ondernemen. Het convenant moest zorgen voor betere werkomstandigheden en regels op het gebied van milieuvervuiling. Grote merken als H&M en Zara ondertekenden het convenant niet en lieten het dus afweten.

H&M ondertekende het convenant niet. Toch scoorde het grote merk vorig jaar het beste in een onderzoek over leefbare lonen. Hoe zit dat?

Het Convenant Duurzame Kleding en Textiel

Het convenant is een samenwerking van bedrijven, brancheorganisaties, overheid, vakbonden en maatschappelijke organisaties. Het doel: misstanden zoals uitbuiting, dierenleed of milieuschade te voorkomen. Daarvoor vormen de OESO-richtlijnen, opgesteld door de Verenigde Naties, en due dilligence wetgeving de basis. Het convenant is opgesteld in 2016, na de rampzalige instorting van de fabriek Rana Plaza, in Bangladesh. In december 2021 liep het convenant ten einde. De afgelopen maanden discussieerden de partijen over de inhoud van een nieuwe vorm, maar kwamen niet tot een nieuw plan.

Stap 1: MVO-beleid opstellen

De eerste stap in het plan heeft als doel om maatschappelijk verantwoord ondernemen-beleid op te stellen. Daarbij wordt vooral gekeken naar het beleid van het bedrijf en in hoeverre het aansluit bij de uitgangspunten van het convenant. Door de vragen die worden gesteld, krijgt het bedrijf inzicht in de mate waarin het beleid is verankerd in interne systemen, processen, verantwoordelijkheden en inkoopbeleid.

Stap 2: Inzicht en overzicht

De volgende stap is het inzichtelijk maken van de keten. De gebruikte materialen en processen die worden toegepast moeten helder op papier staan. “Dit inzicht is belangrijk omdat een bedrijf anders niet in staat is een volledig overzicht te creëren van de diverse risico’s en impacts verbonden aan de producten”, staat in het rapport. Nadat de stappen inzichtelijk zijn gemaakt, moeten de risico’s bepaald en geprioriteerd worden.

Stap 3: Doelstellingen en acties

De derde stap in het proces is om doelstellingen en acties te bepalen voor de risico’s die zijn vastgesteld in stap twee. Dat kan bijvoorbeeld gaan over kinderarbeid. Een doel zou kunnen zijn om in 2025 alleen nog maar met spinners te werken die een beleid op kinderarbeid hebben.

Stap 4: Communicatie en evaluatie

In de laatste stap staat communicatie en evaluatie centraal. Volgens het rapport is het belangrijk om de stappen en resultaten te communiceren met belanghebbenden, zoals ngo’s, vakbonden of leveranciers en werknemers. “Het betrekken van stakeholders werkt twee kanten op. De betrokkenen moeten geïnformeerd worden op een toegankelijk manier.” Maar net zo belangrijk is de feedback die belanghebbenden teruggeven. Daarmee kan een bedrijf doelen en acties aanscherpen.

Na het contact met belanghebbenden, is het tijd om verantwoording af te leggen over hoe je werkt als bedrijf. En hoe je verantwoordelijkheid neemt in de kledingketen. “Van ondertekenaars van het Kledingconvenant wordt verwacht dat zij vanaf jaar drie een aantal aspecten verplicht communiceren”, staat in het rapport.

Ook profijt voor andere sectoren

Volgens het rapport is het stappenplan heel eenvoudig te gebruiken in andere sectoren die aan de slag willen gaan met maatschappelijk verantwoord ondernemen. Het document moet bedrijven helpen om zich voor te bereiden op komende MVO-wetgeving en is voor iedereen beschikbaar.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

'Europees wetsvoorstel ketenverantwoordelijkheid schiet tekort'

Tekst: Kirsten Kossen Na lang wachten was het vorige week dan eindelijk zo ver: de Europese Commissie publiceerde haar wetsvoorstel over de ketenverantwoordelijkheid van bedrijven. Helaas heeft alle extra tijd die de commissie voor het voorstel heeft genomen, niet geleid tot een erg hoog ambitieniveau. Er valt nogal wat af te dingen op het voorstel dat er nu ligt. Dit zijn de kanttekeningen. Het wetsvoorstel voor gepaste zorgvuldigheid (due diligence) verplicht bedrijven schadelijke effecten op mens en milieu in hun hele waardeketen te onderzoeken en te voorkomen. Daarbij creëert het voor bedrijven een gelijk speelveld. Het is een heel belangrijke mijlpaal, want de Europese Commissie erkent hiermee dat bedrijven meestal niet uit zichzelf met hun ketenverantwoordelijkheid aan de slag gaan. Te weinig bedrijven Het voorstel richt zich echter op een beperkt aantal bedrijven. De volledige verplichting zou moeten gaan gelden voor bedrijven met meer dan 500 medewerkers en een omzet van minstens 150 miljoen euro. Maar bijvoorbeeld in Nederland heeft slechts 0,4 procent van de bedrijven zoveel medewerkers. Er geldt een aangepaste verplichting voor bedrijven met meer dan 250 medewerkers en een omzet van minstens 40 miljoen euro, die actief zijn in sectoren met hoge risico’s op misstanden voor mens en milieu. Zij kunnen zich beperken tot de aanpak van erge (severe) risico’s. Het midden- en kleinbedrijf valt buiten het bereik van het wetsvoorstel. Een gemiste kans, want ook deze bedrijven zijn onderdeel van internationale waardeketens waar van alles misgaat. Perverse prikkels Om misstanden of de risico’s daarop in de internationale waardeketen aan te kunnen pakken, is het heel belangrijk dat een bedrijf zijn invloed aanwendt. Goede, langdurige relaties met leveranciers zijn belangrijk om verbeteringen te realiseren. Zo kunnen bedrijven samen werken aan de oplossing van problemen. Het wetsvoorstel focust juist op die established business relationships door aan te geven dat de regels gelden voor dit soort samenwerkingen. Maar zij gelden niet voor incidentele opdrachten aan leveranciers. Bedrijven die aan de regels willen ontkomen, hebben er dus voordeel bij om steeds van leverancier te wisselen en juist geen langdurige relaties aan te gaan. Bovendien kan een bedrijf een clausule in het contract met leveranciers opnemen waarin ze de verantwoordelijkheid voor het voorkomen van schadelijk effecten in de keten overdraagt. Het gevaar is dat de lasten zo weer vooral worden neergelegd bij de meest kwetsbare schakels in de keten. Dat is nu juist wat deze wet zou moeten voorkomen. Invloed financiële sector grotendeels onbenut Ook de financiële sector komt er veel te makkelijk vanaf, terwijl deze een grote invloed heeft in alle sectoren. Je zou verwachten dat de Europese Commissie de kans had aangegrepen om juist de invloed – en daarmee de verantwoordelijkheid – van deze sector te vergroten door specifieke verplichtingen in het wetsvoorstel te zetten. Zodat geldstromen worden ingezet om waardeketens in allerlei sectoren eerlijker en duurzamer te maken. Maar niets is minder waar. Voor de financiële sector gelden diverse uitzonderingen, waardoor ze er makkelijk vanaf komt. De due diligence-verplichting beperkt zich tot grote zakelijke klanten en hun dochterondernemingen. De rest van de waardeketen blijft buiten schot. Klanten in het midden- en kleinbedrijf vallen buiten de due diligence-verplichting. Bovendien is due diligence alleen verplicht bij de start van het contract. Dit staat haaks op hoe het zou moeten plaatsvinden, namelijk periodiek. Misstanden kunnen immers ook in de loop der tijd optreden. De precieze verplichtingen van beleggers in hun waardeketen blijven in het voorstel onduidelijk. Gemiste kans De Europese Commissie heeft hier een belangrijke kans gemist. Juist de financiële sector kan overal zijn invloed uitoefenen door heldere voorwaarden of criteria aan ketenverantwoordelijkheid te stellen. Bijvoorbeeld bij de beslissing om een bedrijf te financieren of erin te beleggen. Financiële instellingen kunnen daarbij met bedrijven in dialoog gaan over verbeteringen in hun ketenbeleid. ASN Bank en ASN Impact Investors doen dit bijvoorbeeld met de kledingbedrijven in hun beleggingsuniversum. Ons doel is hen ertoe te bewegen een leefbaar loon te betalen in de productieketen. Ruimte voor verbetering Kortom, er is volop ruimte voor verbetering. Hopelijk gaat Nederland zich hiervoor inzetten tijdens de onderhandelingen, zodat het voorstel effectiever wordt en echt iets kan uitrichten. Wij blijven onze invloed in de tussentijd natuurlijk gewoon uitoefenen om ons steentje bij te dragen aan eerlijkere internationale waardeketens. Om de verantwoordelijkheden van kledingbedrijven voor betaling van een leefbaar loon concreet uit te werken, heeft ASN Bank een burgerinitiatief opgericht. Dit initiatief gaat een voorstel indienen voor wetgeving die bedrijven verplicht een leefbaar loon te betalen aan de mensen die onze kleding maken. Kirsten Kossen, senior adviseur mensenrechten bij ASN BankHet Betoog Change.inc waardeert de betrokkenheid van lezers en toekomstmakers zeer. Ook een opinieartikel aanleveren voor de rubriek ‘Het betoog’? Stuur de bijdrage naar redactie@change.inc. Het artikel moet een wezenlijke bijdrage leveren aan het debat en iets toevoegen aan wat al eerder op Change.inc verschenen is. De redactie beslist over plaatsing.