Redactie Change Inc. 31 december 2021, 16:08

Martijn Hagens, CEO Vattenfall: “We hebben nog steeds geen echt crisisgevoel in Nederland"

Energiebedrijf Vattenfall kwam onlangs met een aantal goede voornemens. Zo moet de eigen uitstoot met 70 procent omlaag en in 2040 wil het bedrijf klimaatneutraal zijn. CEO Martijn Hagens van Vattenfall Nederland vertelt in onze podcast Change Short Stories hoe hij dit voor elkaar wil krijgen. Wat hem het meest stoort aan de energietransitie? “Dat we nog steeds geen echt crisisgevoel hebben in Nederland.”

Medium Screen 72 DPI Vattenfall Martijn Hagens 191008 03 | Credits: Vattenfall

Als we van fossiele brandstoffen af willen, dan hebben we ongelofelijk veel duurzame stroom nodig. Martijn Hagens, CEO van Vattenfall Nederland, verwacht dat de elektriciteitsvraag in 2050 vier keer zo groot is als nu. En van de stroom die we nu hebben, is nog maar een kwart groen. “Als je die opgave op je in laat werken, dan weet je dat we moeten stoppen met polarisatie over oplossingen. Want we kunnen niet meer kiezen, we moeten alles aangrijpen.” Luister de podcast.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Groeiende bouwmaterialen in plaats van grazende koeien op landbouwgrond

De productie van beton en staal zorgt voor veel CO2-uitstoot, terwijl natuurlijke alternatieven als bomen juist CO2 opslaan terwijl ze groeien. Zolang het houten gebouw blijft staan blijft de CO2 erin opgeslagen. Een win-win dus. Voor veel traditionele bouwmaterialen is er al een natuurlijk alternatief, weet Patrick Schreven. Hij maakte als bouwer in 2013 de switch naar hernieuwbare materialen. In het duurzame dorp waar Schreven aan meebouwt, schat hij dat de woningen voor ongeveer 90 procent uit ‘hergroeibare’ materialen bestaan. Lees ook: Hout is de klimaatvriendelijke oplossing voor de woningbouwopgave, waarom bouwen we daar niet mee? Niet alleen hout Er zijn heel veel soorten biobased materialen, legt Schreven uit. Hout kent iedereen, maar er is veel meer mogelijk. “Het is nu nog een beetje not done, maar je kunt isolatiemateriaal maken van grasvezels, van hennepvezels, schapenwol... Je kunt kurk gebruiken. Er zijn zoveel producten beschikbaar die in heel veel gevallen als afval worden gezien en daarom weggegooid of verbrand worden, terwijl je die prima als bouwmateriaal kan gebruiken.” Materialen als hennep en schapenwol zijn “direct” te gebruiken. Daarnaast is het mogelijk om in fabrieken een stap verder te gaan. Bijvoorbeeld door lignine uit hout te winnen als natuurlijk lijmmiddel. Of wat dacht je van melkzuur uit planten voor piepschuim? Kortom, voor veel producten is het mogelijk om een plantaardig alternatief te vinden. Dat ziet Christiaan Bolck, programmamanager hernieuwbare materialen aan Wageningen University en Research ook. “De grote delen van een gebouw kun je nu al vervangen.” De uitdaging zit vooral in het opleiden van vakmensen, een aanpassing van de petrochemie en het optuigen van ketens. Als voorbeeld geeft hij de hoge houtprijzen. Dat komt niet doordat er te weinig bomen zijn voor de vraag. “Het aanbod was er wel aan het begin van de keten, maar houtverwerkingsfabrieken zijn er nog niet voldoende. Daardoor ging de prijs van houten producten door het dak. Zo’n groeistuip heb je natuurlijk nodig om zo’n keten überhaupt op te zetten. Want een ondernemer gaat pas een houtverwerkingsbedrijf beginnen als er voldoende vraag is.” Kans voor de landbouw Wat geldt voor de houtverwerkers, geldt ook voor boeren die overwegen om over te stappen op de teelt van gewassen geschikt voor biobased bouwmaterialen, zoals riet dat als isolatiemateriaal. Er zijn echter ook technische uitdagingen rond de productie en de verwerking van dit soort gewassen én is er nog te weinig vraag naar. “De huidige prijs - en verwachte toekomstige prijs - kan bij lange na niet concurreren met de melkkoe", reageert Bouwe Bakker, landbouwadviseur veenweide bij LTO schriftelijk. Toch kan de biobased bouwtransitie een kans zijn voor de Nederlandse landbouw, omdat die sector ook CO2 en stikstof moet reduceren. Er komt bijvoorbeeld CO2 vrij in veengebieden die kunstmatig droog worden gehouden zodat koeien erop kunnen grazen. Als deze gebieden natter worden, kunnen er geen koeien meer grazen. Maar andere landbouw is wel mogelijk. Zo is recent een Noord-Hollandse polder onder water gezet voor de verbouwing van lisdodde. Deze rietachtige plant vormt een grondstof voor isolatiemateriaal. Boeren die bouwmateriaal telen “Voorlopig is natte teelt een alternatief voor wat voortkomt uit afgedwongen peilverhoging. Dat zorgt dat er geen melkkoeien meer gehouden kunnen worden”, verwacht Bakker. Een gedwongen keus dus. In de toekomst is dat misschien anders als boeren zich gaan specialiseren, uitdagingen rondom de teelt en verwerking zijn opgelost én er een markt voor is. Schreven verwacht dat die vraag zeker komt. “De technologische kringloop stoot CO2 uit, terwijl de biologische kringloop CO2 opslaat. Dat besef daalt nu in. Als we in 2050 CO2-neutraal en circulair willen zijn, dan moeten we wel meer biobased producten gaan gebruiken.” Ook boeren moet daar volgens hem in mee. “Ik denk dat het noodzakelijk is als we de natuur willen behouden en meer zelfvoorzienend willen zijn.”Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.