Rianne Lachmeijer 31 december 2021, 15:00

Groeiende bouwmaterialen in plaats van grazende koeien op landbouwgrond

Om minder CO2 uit te stoten kan de bouw staal, beton en plastic isolatiemateriaal verruilen voor hout, olifantsgras en lisdodde. En de boeren kunnen bouwgewassen kweken in plaats van varkens en koeien houden. Dat voorkomt CO2- en stikstofuitstoot. Is biobased bouwen de oplossing voor een duurzame bouw én de landbouw in Nederland?

Adobe Stock koeien in sneeuw Houden boeren in de toekomst nog koeien of telen zij in plaats daarvan een bouwgewas als lisdodde? | Credits: Adobe Stock

De productie van beton en staal zorgt voor veel CO2-uitstoot, terwijl natuurlijke alternatieven als bomen juist CO2 opslaan terwijl ze groeien. Zolang het houten gebouw blijft staan blijft de CO2 erin opgeslagen. Een win-win dus. Voor veel traditionele bouwmaterialen is er al een natuurlijk alternatief, weet Patrick Schreven. Hij maakte als bouwer in 2013 de switch naar hernieuwbare materialen. In het duurzame dorp waar Schreven aan meebouwt, schat hij dat de woningen voor ongeveer 90 procent uit ‘hergroeibare’ materialen bestaan.

Lees ook: Hout is de klimaatvriendelijke oplossing voor de woningbouwopgave, waarom bouwen we daar niet mee?

Niet alleen hout

Er zijn heel veel soorten biobased materialen, legt Schreven uit. Hout kent iedereen, maar er is veel meer mogelijk. “Het is nu nog een beetje not done, maar je kunt isolatiemateriaal maken van grasvezels, van hennepvezels, schapenwol… Je kunt kurk gebruiken. Er zijn zoveel producten beschikbaar die in heel veel gevallen als afval worden gezien en daarom weggegooid of verbrand worden, terwijl je die prima als bouwmateriaal kan gebruiken.”

Materialen als hennep en schapenwol zijn “direct” te gebruiken. Daarnaast is het mogelijk om in fabrieken een stap verder te gaan. Bijvoorbeeld door lignine uit hout te winnen als natuurlijk lijmmiddel. Of wat dacht je van melkzuur uit planten voor piepschuim? Kortom, voor veel producten is het mogelijk om een plantaardig alternatief te vinden. Dat ziet Christiaan Bolck, programmamanager hernieuwbare materialen aan Wageningen University en Research ook. “De grote delen van een gebouw kun je nu al vervangen.”

De uitdaging zit vooral in het opleiden van vakmensen, een aanpassing van de petrochemie en het optuigen van ketens. Als voorbeeld geeft hij de hoge houtprijzen. Dat komt niet doordat er te weinig bomen zijn voor de vraag. “Het aanbod was er wel aan het begin van de keten, maar houtverwerkingsfabrieken zijn er nog niet voldoende. Daardoor ging de prijs van houten producten door het dak. Zo’n groeistuip heb je natuurlijk nodig om zo’n keten überhaupt op te zetten. Want een ondernemer gaat pas een houtverwerkingsbedrijf beginnen als er voldoende vraag is.”

Kans voor de landbouw

Wat geldt voor de houtverwerkers, geldt ook voor boeren die overwegen om over te stappen op de teelt van gewassen geschikt voor biobased bouwmaterialen, zoals riet dat als isolatiemateriaal.

Er zijn echter ook technische uitdagingen rond de productie en de verwerking van dit soort gewassen én is er nog te weinig vraag naar. “De huidige prijs – en verwachte toekomstige prijs – kan bij lange na niet concurreren met de melkkoe”, reageert Bouwe Bakker, landbouwadviseur veenweide bij LTO schriftelijk.

Toch kan de biobased bouwtransitie een kans zijn voor de Nederlandse landbouw, omdat die sector ook CO2 en stikstof moet reduceren. Er komt bijvoorbeeld CO2 vrij in veengebieden die kunstmatig droog worden gehouden zodat koeien erop kunnen grazen. Als deze gebieden natter worden, kunnen er geen koeien meer grazen. Maar andere landbouw is wel mogelijk. Zo is recent een Noord-Hollandse polder onder water gezet voor de verbouwing van lisdodde. Deze rietachtige plant vormt een grondstof voor isolatiemateriaal.

Boeren die bouwmateriaal telen

“Voorlopig is natte teelt een alternatief voor wat voortkomt uit afgedwongen peilverhoging. Dat zorgt dat er geen melkkoeien meer gehouden kunnen worden”, verwacht Bakker. Een gedwongen keus dus. In de toekomst is dat misschien anders als boeren zich gaan specialiseren, uitdagingen rondom de teelt en verwerking zijn opgelost én er een markt voor is.

Schreven verwacht dat die vraag zeker komt. “De technologische kringloop stoot CO2 uit, terwijl de biologische kringloop CO2 opslaat. Dat besef daalt nu in. Als we in 2050 CO2-neutraal en circulair willen zijn, dan moeten we wel meer biobased producten gaan gebruiken.” Ook boeren moet daar volgens hem in mee. “Ik denk dat het noodzakelijk is als we de natuur willen behouden en meer zelfvoorzienend willen zijn.”

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Wordt 2022 het jaar van de grote doorbraak van vleesvervangers?

In de afgelopen drie jaar is de plantaardige consumptie in heel Europa met 49 procent toegenomen, blijkt uit onderzoek in opdracht van ProVeg. In totaal onderzocht het de supermarktverkopen in elf Europese landen. In alle landen werd een toename van plantaardige consumptie gemeten. En Nederland voert de ranglijst aan: we eten de meeste vleesvervangers per hoofd van de bevolking én geven er het meeste geld aan uit. Een enorme toename van de consumptie van vleesvervangers dus. Maar als je het met vleesconsumptie vergelijkt blijft het nog achter. De gemiddelde Nederlander eet jaarlijks 870 gram aan vleesvervangers. Dat zijn zo’n acht a tien vegaburgers. Terwijl we 75,9 kilo aan vlees aten in 2020, blijkt uit cijfers van de Wageningen Universiteit en Research. Plantaardige vleesvervangers hebben een marktaandeel van slechts 4 procent in retail ten opzichte van echt vlees. Toch is daar ook goed nieuws voor het klimaat. Want in 2020 daalde de vleesconsumptie in vergelijking met 2019 met 1,9 kilo per persoon. Dat is de grootste daling sinds 2005. Lees ook: Wat als de Nederlandse landbouw duurzaam wordt? Meer vleesvervangers naar Nederland Ondertussen komen er steeds meer vleesvervangerproducenten naar Nederland. Afgelopen jaar streek Next Gen Foods, een Singaporese start-up die een plantaardige kippendij maakt, hier neer. Net als Livekindly van oud Unilevertopman Kees Kruythoff, Meatless Farm en Beyond Meat. Deze merken groeien snel, en ontwikkelen ook steeds betere vleesimitaties die steeds moeilijker van echt te onderscheiden zijn. Pionier is Beyond Meat met zijn 'hamburger'. Die heeft hetzelfde vlezige mondgevoel als een echte hamburger, maar is 100 procent plantaardig. Wel lagen de vleesvervangers lang onder vuur omdat ze veel minder voedingswaarden bevatten dan echt vlees. Minder eiwit en ijzer, en een stuk meer vet. Maar ook dat tij keert door innovatie. De meeste vleesvervangers op basis van soja zijn een goed alternatief voor vlees, schrijft de consumentenbond. Lees ook: Alles wat je moet weten over kweekvlees Klimaatprobleem urgenter dan ooit Tegelijkertijd realiseren steeds meer mensen dat voeding een grote impact heeft op het klimaat. Het laatste IPCC-rapport wees dat weer eens uit, waardoor de verwachtingen van de klimaattop in Glasgow hooggespannen waren. Daar tekende Nederland onder meer het ontbossingsakkoord, wat ervoor moet zorgen dat het regenwoud niet wordt gekapt voor het aanplanten van soja. Nederland is namelijk, volgens onderzoek van het Wereld Natuur Fonds, verantwoordelijk voor het kappen van 30.000 hectare oerwoud voor de verbouwing van palmolie en soja. Die soja wordt vervolgens voor een groot deel gebruikt als veevoer bestemd voor Europa. Hoewel het lastig is om voorspellingen te doen zonder glazen bol lijken vleesvervangers ook komend jaar de wind in de zeilen te hebben. Als ze op grote schaal geproduceerd worden, zijn ze straks misschien zelfs goedkoper dan vlees. En dan kan het hard gaan. Zoals Livekindly-topman Kees Kruythoff in een recent interview met het FD zegt: ‘Iedereen kan begrijpen dat de markt voor vlees- en zuivelvervangers nu nog relatief klein is, maar groot kan worden. Niemand twijfelt eraan dat in de energiesector, het transport en de voedingsmiddelenindustrie grote transformaties nodig zijn. Maar de belangrijkste vragen van dit moment zijn: hoe moeten we dat doen, en hoe snel? Mijn antwoorden: op grote schaal, en nu. Anders halen we de klimaatdoelen niet op tijd.' Lees ook: 'De grootste voedselverspilling zit niet in het weggooien van eten, maar het in stand houden van een dierlijke voedselketen'Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.