Sabine Sluijters 28 december 2021, 21:53

Van kolenstroom naar waterstofproductie

Nu de gasprijzen de pan uit rijzen draaien kolencentrales op volle toeren. Maar niet voor lang. Want de kolenstook is eindig. De Uniper centrale op de Maasvlakte gaat sluiten. Plantmanager Yolande Verbeek vertelt hoe zij haar bedrijf voorbereidt op een nieuwe toekomst. “Dat we moesten stoppen was eigenlijk een opluchting.”

Yolande Verbeek Uniper 021 ALLEEN GEBRUIKEN ICM PLANTMANAGER EN VERMELDING FOTOGRAAF Yolande Verbeek werd in 2021 uitgeroepen tot plantmanager van het jaar | Credits: Industrielinqs/Wim Raaijen

Uiterlijk 2030 sluiten alle vier de kolencentrales in Nederland de deuren. Hoe is het om in een sector te werken waarvan je weet dat het stopt? Hoe bereid je een bedrijf voor op een geheel nieuwe toekomst? Met deze vragen in mijn hoofd draai ik het terrein op van de Uniper centrale op de Maasvlakte, de uiterste punt van de Rotterdamse haven. Achter de twee kleinere schoorstenen van de oudere stilstaande centrales Maasvlakte 1 en 2, braakt de hoge witgrijze pijp van Maasvlakte 3 een constante stroom witte wolken uit.

Yolande Verbeek is plantmanager en statutair directeur van Uniper Benelux en ontvangt me voor het kantoorgebouw. Ze is gekleed in een overall met daarover een fluorescerende gele werkjas en aan haar voeten prijken veiligheidsschoenen. Ze leidt me rond over het terrein. Een helm op de bruine krullen, de oordoppen aan handige touwtjes om haar nek.

We rijden stapvoets naar de centrale die in 2016 na een bouwtijd van acht jaar á raison de ruim 1 miljard euro door E.ON in gebruik werd genomen. Toen Verbeek in 2018 aantrad als manager van de centrale had E.ON zijn fossiele centrales net afgesplitst in een aparte onderneming: Uniper.

Waarom wilde je bij een kolencentrale werken?

Hoe ver gaat die invloed?

“Ik kan niet eigenhandig beslissen hoe we omgaan met deze centrale. Wij zijn onderdeel van een groter geheel en staan niet op onszelf hier op de Maasvlakte. Maar ik kan wel een rol spelen in de nieuwe energieoplossing van de toekomst. Nadat E.ON Uniper is geworden heeft het bedrijf een nieuwe strategie omarmd. Die is na 2018 steeds concreter geworden en is helemaal in lijn met wat ik zelf ook nastreef: echt de goede dingen doen in de energietransitie. Daarom heb ik het aangedurfd. En ook een beetje vanuit de gedachte: it’s a dirty job, but somebody’s got to do it.

Hoe is het om in een sector te werken waarvan je weet dat die eindig is?

Uniper wil nu wel compensatie van de Nederlandse overheid

“Sluiting betekent dat je een heleboel geïnvesteerd kapitaal vernietigt. Als de overheid zo’n stap zet en kolenstook verbiedt, dan leidt dat onherroepelijk tot juridische positionering. Dat hoort erbij.”

We gaan de deur door en staan in het hart van de centrale. Het geraas van de verbranding is door de oordoppen heen te horen. Er is geen mens te bekennen. De reusachtige machine produceert volledig geautomatiseerd 7 procent van de stroomvraag in Nederland. Daarvoor gebruikt het kolenpoeder, biomassa en restproducten van de omliggende chemische en biochemische industrie. Pas als we weer in het trappenhuis staan en de deur achter ons sluiten, kunnen we elkaar weer verstaan.

Hebben jullie ook overwogen helemaal op biomassa over te gaan?

“Twee jaar geleden, in de toelichting bij de wet die kolen verbiedt na 2030, werd door de overheid gesteld dat kolencentrales na 2030 een tweede leven hebben door op biomassa te gaan stoken. Ook toen was al duidelijk dat het gezien moest worden als een transitiebrandstof. Niemand zag het als een blijvende oplossing. Andere centrales deden wel onderzoek naar biomassa en RWE besloot die route te kiezen. Wij doen dat niet omdat we geloven dat het niet lang standhoudt gezien de maatschappelijke weerstand. Met het nieuwe regeerakkoord is dat een goede keuze gebleken want ook biomassa gaat in de ban. Dit toont maar weer eens aan dat een langjarig en stabiel beleid nodig is.”

En nu zetten jullie in op waterstof?

“We zijn als energiebedrijf al lang geleden begonnen met waterstof. In Duitsland hebben we twee kleine waterstoffabrieken staan. Deze plek hier op de Maasvlakte is bij uitstek geschikt voor waterstofproductie. We hebben de ruimte.” Verbeek wijst naar een braakliggend stuk terrein naast de kolenbergen. “Daar moeten de elektrolysers komen die de waterstof gaan produceren. En we hebben hier de industrie in onze achtertuin die het wil afnemen. De stroom van de windmolenparken Hollandse Kust Zuid en IJmuiden Ver komt hier aan land. En de waterstofbackbone van Gasunie kan de waterstof vanaf vervoeren helemaal tot aan Chemelot of nog verder naar Nordrhein-Westfalen. Als het hier niet kan, dan kan het nergens.”

Hoe weet je of deze keuze wel toekomstbestendig is?

“Daarvoor hebben we betrouwbaar overheidsbeleid nodig dat dertig jaar vooruit kijkt. Je wil toch niet dat iemand over vijf jaar zegt: die elektriciteit van de windmolenparken mag niet naar waterstofproductie. Dat soort geluiden hoor je nu ook.

Bij ons staan alle seinen op groen. Maar dat betekent niet dat het makkelijk is. Niemand heeft nog op grote schaal waterstof gemaakt. We beginnen met 100 megawatt en willen stapsgewijs groeien naar 500 megawatt. Verbeek wijst naar de kolenhopen in de diepte. “Uiteindelijk hebben we plek voor 2 gigawatt waterstofproductie op deze site. De eerste 100 megawatt kost grofweg 200 miljoen. We verwachten daar eind 2022 begin 2023 een investeringsbeslissing over te nemen.”

We lopen naar de overzijde van het dak dat uitzicht biedt op de ingang van de haven en de pier van Hoek van Holland. Voor deze zijde van het terrein worden mogelijkheden onderzocht voor een bioraffinaderij voor de productie van bio-ethanol en andere biobased brandstoffen.

Hoe is dat voor jou? Je komt binnen als manager van een draaiende centrale. Maar nu moet je een heel nieuw bedrijf ontwerpen.

“Ik heb een achtergrond in de chemische technologie en vind dit proces ontzettend interessant. Het zou heel goed kunnen dat we afscheid nemen van energie in de vorm van elektronen en alleen nog energie gaan maken in de vorm van moleculen. We zijn ons bedrijf opnieuw aan het uitvinden. Ik denk dat in de energiesector nog niemand dat op deze schaal heeft gedaan. Maar we kunnen niet alles van het verleden opeens loslaten. We voelen ons ook verantwoordelijk voor de betrouwbaarheid van het netwerk en voor het verwerken van de restproducten van de omringende industrie. Dat zijn vitale processen die van ons afhankelijk zijn. Oud en nieuw moeten samengaan en in elkaar overlopen.”

De wet van oorzaak en gevolg

Ik heb een hond. Het is een lief beest maar ze heeft een irritante eigenschap: ze schooiert. Alles wat volgens haar eetbaar is weet ze op straat feilloos te vinden en vreet ze op. Hoe smeriger hoe beter, is daarbij het devies. Het gebeurt geregeld dat ze een paar uur na zo’n ongezonde straatmaaltijd ziek wordt. Soms zelfs zo hevig dat de dierenarts eraan te pas moet komen. Nou is het best een intelligent beest, voor zover je dat van een hond kunt zeggen. Toch is ze niet in staat om de oorzaak (het eten van afval) te verbinden aan het gevolg (ziek zijn). De twee gebeurtenissen liggen zowel in tijd als in plaats te ver uit elkaar waardoor ze het verband niet ziet. Ze leert daardoor niet haar schadelijke gedrag aan te passen. Wij mensen kunnen dat wel. Vanaf zesjarige leeftijd leren wij dat ons gedrag gevolgen heeft. Soms door schade en schande, vaak door verhalen. Dat wil niet zeggen dat het gemakkelijk is. Neem klimaatverandering. Hier is de oorzaak (CO2 uitstoot) zo vaag en onzichtbaar en het gevolg (opwarming van de aarde en stijging van de zeespiegel) zo groot, dat het bijna niet te bevatten is. Amazone Daardoor ontbreekt een dwingend gevoel van urgentie. We weten het wel maar leven het niet na. Want het verband tussen het boeken van een vliegreis en het afsterven van The Great Barrier Reef kunnen we maar lastig leggen, net als het eten van een biefstuk en het verdwijnen van het Amazonewoud. Een overstroming zoals in Limburg afgelopen zomer helpt even maar ebt al snel weer weg zodra het water gezakt is. Onterecht want het klimaatprobleem is heel urgent. Het is de grootste bedreiging voor het leven op aarde zoals we dat kennen. En alleen een snelle en radicale verandering van onze manier van leven kan het tij nog keren. Maar hoe dwingend en urgent ook, de boodschap dat onze ondergang aanstaande is, zet onvoldoende aan tot actie. Wel tot woede (van de jongeren tegen de oudere generaties, de ngo’s tegen de fossiele industrie) en frustratie over afgezwakte slotverklaringen en loze beloftes. En ik moet bekennen dat ook bij mij de moed soms in de schoenen zakt als het zoveelste rapport aantoont dat we het in dit tempo niet gaan redden. Onzeker Tegelijkertijd zie ik ook heel veel overheden, bedrijven en burgers stappen zetten. Soms groot en overtuigend, vaak aarzelend en onzeker. Want op weg naar klimaatneutraal zijn vele afslagen en niemand weet nog zeker welke het beste is om te nemen. En steeds vaker ontstaan daarbij bijzondere samenwerkingen. Zoals de suikerbietenboer die samenwerkt met de chemische industrie voor het maken van biobrandstoffen en bioplastics. Of de verzekeraar die samen met een energiebedrijf asbestdaken vervangt voor zonnepanelen. Verhalen motiveren, inspireren en geven betekenis aan ons leven. De geschiedenis leert dat we dankzij verhalen tot grote (en helaas ook gruwelijke) collectieve actie in staat zijn. Ik denk dan ook dat het tijd is voor een nieuw verhaal. Over het bouwen van een nieuwe duurzame samenleving. Over nieuwe wegen en onverwachte oplossingen. Over de doeners en de durvers. Een verhaal dat oorzaak en gevolg verbindt met een nieuw perspectief dat aanzet tot handelen. Want de opgave waar we voor staan is het creëren van een betere wereld. En wie wil daar nou niet aan meewerken?Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.