Eva Segaar 11 oktober 2021, 09:00

Waarom heeft makreel al sinds 2019 geen MSC-keurmerk meer?

De komende maanden spreken wij directeuren en andere beslissers over de kansen en uitdagingen van de toekomsteconomie. Dit keer: Hidde van Kersen, programmadirecteur Benelux van MSC. “De consument heeft een belangrijke rol. Hun vraag naar duurzame vis maakt voor ons het verschil in het verduurzamen van de sector.”

Hidde van Kersen MSC Romy de Weert

Wat doet MSC om de visserij te verduurzamen?

“MSC richt zich op de Sustainable Development Goals. Ons programma is bijvoorbeeld erkend voor het behalen van SDG 14, leven in het water. Maar ons werk is ook belangrijk voor de wereldvoedselvoorziening, die steeds meer onder druk staat. Klimaatverandering zorgt bijvoorbeeld voor moeilijke oogsten op het land, maar ook op zee. Visbestanden staan onder druk doordat de temperatuur van het water stijgt. En daarnaast zijn er steeds meer mensen, en mensen eten steeds meer vis. Want in de zoektocht naar een low carbon-menu kom je al snel uit bij vis, schaal- en schelpdieren. Die hebben een lagere CO2-voetafdruk dan vlees en soja.

Daarom is het belangrijk om te zorgen dat we de visbestanden die we hebben goed beheren. De FAO (de voedselorganisatie van de Verenigde Naties) laat zien dat er nog steeds een groeiend aandeel van de visbestanden overbevist wordt: nu is dat één derde, en dat percentage groeit ieder jaar. Overbevissing is per definitie onduurzaam, want dan wordt er meer weggevist dan er terug groeit. Dan krijg je een steeds kleinere populatie, die uiteindelijk instort. Alle reden dus om de visbestanden goed te beheren. En MSC is een keurmerk dat met behulp van het marktmechanisme de visserij verleidt om dat te doen.”

Liever luisteren? Hidde van Kersen was onlangs te gast in onze podcast Change Short Stories.

Hoe gaat het keurmerk MSC de komende jaren bijdragen aan de toekomsteconomie?

“Ons eerste doel was om 20 procent van de wereldvisconsumptie tegen 2020 gecertificeerd te krijgen. Dat is gelukt. Nu werken we aan 30 procent tegen 2030. In supermarkten is volop MSC-gecertificeerde vis beschikbaar, maar bij viskramen en restaurants nog niet. Mede daarom doen we een beroep op de consument: vraag naar duurzame vis, want dat versnelt het proces enorm.

Het is ook een appèl aan de visserijsector en aan overheden. Die zijn namelijk belast met het beheer van visbestanden, en maken afspraken over de quota van bepaalde vissoorten. Maar dat doen ze niet altijd even goed. Haring en makreel bijvoorbeeld, daar wordt nog te veel op gevist. Overheden rond de Noordzee slagen er niet in om onderling afspraken te maken over de verdeling van quota. Zonder goede afspraken is overbevissing niet uitgesloten, en dan verliezen visserijen ons keurmerk. Makreel heeft bijvoorbeeld ons keurmerk al sinds 2019 niet meer. Zo werkt de druk van het keurmerk. Het is een beloning voor wat goed gaat. Maar als een visserij niet langer aan de criteria voldoet, dan raakt het ons keurmerk weer kwijt.”

Wat zijn de grootste uitdagingen de komende jaren?

“Uit een recent onderzoek van o.a. Stanford University blijkt dat de visconsumptie nog kan verdubbelen tot 2050. Dat is voor een low carbon-dieet alleen maar goed. Maar dan moet de consument bij de viswinkel wel meer vragen naar duurzame vis. Daarnaast dragen we overheden op om betere afspraken te maken over beheer van visbestanden. Daar zetten wij druk op.

We gaan de consument ook beter informeren en helpen onderscheid te maken. De Bewuste Visweek is daar een voorbeeld van. En als je naar duurzame vis vraagt, laat je dan niet afschepen door een marktkoopman die zegt dat het ‘een familiebedrijf is, dus dat het wel goed zit’. Wees daar kritisch in. Het keurmerk groeit, en steeds meer visserijen, bedrijven en partners zien het belang ervan in. Het is een beweging die we met alle marktpartijen inzetten, en die alleen maar blijft groeien.

Er zijn dus enorm veel kansen voor de visserij. We moeten kortom meer eten uit de zee halen. Niet alleen maar vis, schaal- en schelpdieren, maar ook andere producten, zoals zeewier. Zeventig procent van onze planeet bestaat uit zee, maar slechts vijf procent van ons voedsel komt daar vandaan.”

Dit artikel is onderdeel van een reeks interviews met directeuren en andere beslissers over hun impact op de toekomsteconomie. Eerder spraken wij Wieger Droogh van PreZero, Coen de Ruiter van Greenchoice, Arthur van Schayk naar Remeha en Piet Jan Heijboer van Croonwolter&dros. Benieuwd naar hun verhalen? Lees ze hier.

Waarom productie van zonnepanelen in Europa een goed idee is

China kampt met hoge energieprijzen door energiebesparingsmaatregelen van de regering Xi jinping. Dat drijft de prijs voor zonnepanelen omhoog. Want fabricage van zonnepanelen kost veel energie en Chinese producenten van grondstoffen en onderdelen hebben een maximum aan te gebruiken energie opgelegd gekregen. Dit zorgt acuut voor tekorten aan panelen en bijkomende hogere prijzen. Te weinig panelen Maar het probleem is breder dan dat, vindt Roland Pechtold, CEO van zonne-energieontwikkelaar GroenLeven. “De hele wereld heeft panelen nodig en die komen allemaal uit China. Dat hebben we met z’n allen laten gebeuren omdat we zo nodig wilden offshoren naar China. En nu de fabrieken daar op 70 procent draaien, krijgen wij minder panelen terwijl we juist ontzettend hard aan de bak moeten om die energietransitie voor elkaar te krijgen. Ook wordt duurzame energie duurder, wat we nou net niet willen hebben.” Zo bepaalt Xi Jinping in feite het tempo en de prijs van de energietransitie. “De echte vraag is of wij geopolitiek zo afhankelijk willen zijn van China. Tijdens de oliecrisis in 1973 draaiden de Arabieren de oliekraan dicht, met een grote economische crisis als gevolg. Als alle panelen uit één land komen, dan lopen we een vergelijkbaar risico. Ik ben directeur van een bedrijf dat die panelen legt, ik vind dat knap eng.” Oeigoeren Ook de ondoorzichtigheid van de productieomstandigheden is een terugkerend probleem. Want sinds de onthulling dat daarbij sprake kan zijn van dwangarbeid door Oeigoeren blijft het onduidelijk hoe de grondstoffen voor zonnepanelen gewonnen worden. “Ik wil dat die kwestie hoog op de agenda blijft staan want ik wil deze discussie blijven voeren. Daar is GroenLeven marktleider voor. We hebben ons gecommitteerd aan 17 sustainable development goals (SDG’s), niet alleen aan duurzame energie. Dus ook mensenrechten.” Daar komt bij dat al die panelen de hele wereld over moeten in schepen. “Daar zijn ook risico’s aan verbonden zoals we gezien hebben met het Taiwaneese containerschip Ever Given dat wekenlang dwars in het Suez kanaal lag en daardoor de aanvoer van goederen naar Europa blokkeerde. Dat schip was onderweg van China naar Rotterdam. Bovendien kun je je afvragen hoe duurzaam het is om al die panelen over de wereld te slepen. Want zeescheepvaart is heel vervuilend.” Productie in Europa Het zijn allemaal factoren waar je geen last van hebt als de zonnepanelen dichterbij maakt. “We moeten de fabricage van zonnepanelen terughalen naar Europa”, zegt Pechtold. “De Europese commissie, Samsom en Timmermans moeten dit aanzwengelen.” Natuurlijk is dat makkelijker gezegd dan gedaan. Want je moet wel de kennis hebben en de mensen die het kunnen maken. Ook zijn eerdere initiatieven om zonnepanelen te produceren in Europa steeds op niets uitgelopen. Toch zijn de afgelopen jaren ook studies gedaan waaruit blijkt dat het wel degelijk mogelijk is. Vijf fabrieken Zo berekende het Duitse Fraunhofer Instituut in 2019 dat de productie van zonnepanelen zelfs zonder subsidie mogelijk is. Ook volgens een onderzoek van Cap Gemini van november vorig jaar zijn er goede mogelijkheden voor het terughalen van de productie van zonnepanelen naar Europa. Het onderzoeksbureau schat dat de EU binnen tien jaar tijd vijf of zes fabrieken gereed kan hebben die jaarlijks 19 gigawattpiek aan zonnepanelen van de nieuwste generatie kunnen maken. Dat is vergelijkbaar met het vermogen aan zonnepanelen dat tussen 2019 en 2020 in heel Europa werd geïnstalleerd. “We moeten zeer serieus kijken of we een zonnepanelenfabriek kunnen neerzetten in Europa”, zegt Pechtold. “Als ze afnemers zoeken om de fabriek te kunnen bouwen, dan sta ik vooraan met de pen zonder dopje in de hand om te tekenen.” Recycling van zonnepanelen Daarnaast moet volgens Pechtold ingezet worden op recycling van zonnepanelen. Want vrijwel alles wat er aan energie en grondstoffen ingaat kan er ook weer uitgehaald worden. “Alles wat we doen als mensheid moeten we circulair doen, dus ook zonnepanelen. Er zit geen slijtage aan zo’n paneel. Het aluminium frame, het silicium, de glasplaat, het koper; het is allemaal terug te winnen.” Bovendien zijn de fabrieken voor demontage er al, zegt Pechtold. “Wij verzamelen en repareren daar ook al onze panelen, hoewel dat nog maar een klein gedeelte is. De grote meerderheid wordt nieuw gelegd.” CO2-heffing aan de grens Europa moet zowel achter de productie als de recycling gaan staan, vindt Pechtold. “Laten we heel serieus ons best doen om dat van de grond te krijgen. Het bedrijfsleven zorgt wel voor de vraag, als de EU actief ondersteunt met behulp van subsidie en misschien een CO2-heffing aan de grens op Chinese panelen. Dat moet echt vanuit Europa komen en we moeten opschieten. “We zijn degene die begonnen zijn met vervuilen, laten we dan ook de eersten zijn om het op te lossen.”