Marc Seijlhouwer 07 september 2021, 17:03

Je huis duurzamer maken loont niet. Hoe veranderen we dat?

De investeringsgroep Invest-NL (die publiek geld gebruikt om innovatie aan te jagen) heeft een plan om te zorgen dat duurzaam wonen loont. Dat is nu meestal niet het geval. Met een oproep aan de politiek en de huizenmarkt hoopt Invest-NL verduurzaming op gang te brengen.

Duurzaam huis ruiten hout adobe stock change inc Duurzame renovatie - bijvoorbeeld door dubbel glas te installeren - loont, maar het duurt soms wel even | Credits: Adobe Stock

Het betoog, dat Invest-NL vandaag presenteerde tijdens Recharge Earth, is een reactie op een rapport dat vorig jaar verscheen. Daaruit bleek dat nog maar weinig mensen hun huis verduurzamen. Dat had verschillende redenen: men had geen geld, de investering leverde niet genoeg geld op, of men wachtte tot de overheid met duidelijkheid kwam over eventuele duurzaamheidssubsidies. Invest-NL denkt dat al die zorgen weggenomen kunnen worden, maar dan moet er wel iets veranderen.

Om te beginnen berekende de maatschappij of duurzame investeringen nou wel of niet lonen. Dat is vaak lastig van te voren te zeggen, omdat het van een heleboel factoren afhangt. Maar in algemene termen kwam uit de berekeningen een gunstig beeld: zo is een sprong van energielabel E naar C zeer voordelig, en levert het bijna vijf keer zoveel op als de kosten. Die verhoudingen zijn bij andere sprongen minder gunstig, maar komen bijna altijd goed uit, aldus Invest-NL.

Langetermijndenken is lastig

Het grote probleem: die baten betalen zich over een lange periode uit. Je moet immers duizenden euro’s investeren om een paar tientjes te besparen op de energierekening. En als je je huis verkoopt, telt het betere energielabel niet altijd mee in de prijs. Dit kan problemen opleveren, en zorgt er dus voor dat huiseigenaren huiverig zijn voor investeringen.

Om dat te veranderen vraagt Invest-NL om drie dingen: taxateurs die duurzaamheid zwaarder laten tellen, banken die hypotheekvoordeel geven voor duurzame huizen, en andere hypotheeknormen voor duurzame investeringen. Dat betekent dus dat iemand die een duurzaam huis koopt, of duurzaam investeert, meer kan lenen dan iemand die dat niet doet.

Benieuwd welke hypotheken duurzaam zijn, en wat een duurzame hypotheek precies is? Lees het hier

De groene ruimte

Met deze drie ingrepen zou de ‘groene ruimte’, zoals Invest-NL het noemt, eindelijk benut kunnen worden. Want hoewel deze ruimte in theorie al bestaat, omdat onderzoeken laten zien dat investeren in lagere energierekeningen loont, is de praktijk weerbarstig. Het doorbreken van deze mismatch is een belangrijke stap naar de verduurzaming van de huizenmarkt. Vooral onder koopwoningen is dat een probleem, omdat er geen centrale regie is en elk individu overgehaald moet worden om duurzamer te worden. Met betere regelingen wordt dat makkelijker en kan iedereen straks duurzamer wonen, hoopt Invest-NL.

Bouwer van zware voertuigen gaat batterijversie van mijntruck bouwen

De aankondiging kan veel veranderen in de mijnindustrie. Deze is nu een van de vervuilendste op aarde, en dat komt voor een belangrijk deel door de zware apparatuur die nodig is bij een mijn. Deze apparaten lopen op diesel, en de elektrische apparaten die er draaien halen hun stroom vaak van een dieselaggregaat, omdat een stroomverbinding bij afgelegen mijnen niet beschikbaar is. Maar nu Caterpillar hun mijnvoertuigen, die een belangrijke rol spelen in het afvoeren van grondstoffen en afval, op batterijen laat rijden, wordt elektrificatie van mijnbouw makkelijker. Niet alleen omdat het meer loont om een stroomverbinding te hebben (je bespaart immers relatief dure fossiele brandstof), maar ook omdat het dan praktischer is om meer dingen elektrisch te doen. 250 ton en 1.450 paardenkrachten Zo ver is het nu niet. Eerst moet Caterpillar een manier vinden om de gigantische mijntrucks op stroom te laten rijden. De lichtste van deze machines weegt 250.000 kilo en heeft 1.450 paardenkrachten. Ter vergelijking: een Tesla Model S weegt 2.000 kilo - meer dan duizend keer minder, en heeft ‘slechts’ 500 paardenkrachten. Hoe Caterpillar dat vermogen wil leveren is voorlopig nog ongewis. Theoretisch kan het echter wel; mijntrucks rijden relatief korte afstanden, waardoor het geen probleem is als de range niet zo groot is. Dat is hét probleem dat elektrisch vrachtvervoer op dit moment in de weg zit. Wel moet de truckbouwer kijken naar de batterijsoort, want deze moet in korte tijd heel veel vermogen kunnen leveren; een volgeladen truck moet bergop de mijn uit kunnen. Mijnindustrie in 2050 Genoeg uitdagingen dus. Maar aangezien Caterpillar een van de grootste bouwers van zware wagens ter wereld is, kunnen ze veel impact maken met hun uitvinding. Ze moeten wel, want ook de mijnindustrie moet in 2050 emissievrij zijn. Door daar nu aan te beginnen zijn er tegen die tijd hopelijk genoeg (betaalbare) manieren om emissievrij ertsen en edelstenen te vervoeren.