Marc Seijlhouwer 06 september 2021, 16:21

Binnenvaart is vanaf vandaag een stuk duurzamer met elektrisch schip

Vandaag voer het eerste schip op batterijen over de Nederlandse wateren. De Alphenaar, een verbouwd binnenvaartschip, vertrok vanuit Alphen aan den Rijn naar Moerdijk voor bierbrouwer Heineken.

Alphenaar 2 Elektrisch op weg Alphen aan de Riijn naar Moerdijk Ries van Wendel de Joode free of copyright met verwis De eerste elektrische vaart van de Alphenaar | Credits: Ries van Windel de Joode

Het project rond de Alphenaar begon vorig jaar. Grote bedrijven besloten een infrastructuur op te zetten om elektrische binnenvaart mogelijk te maken. Het schip heeft, net als een elektrische auto, een grote batterij aan boord die voor energie zorgt die naar een elektromotor gaat. Wat het project vernieuwend maakt, is de manier van opladen. Een schipper kan het niet veroorloven om lange tijd aan de kade op te laden. Dus zorgde Zero Emission Services (ZES), het bedrijf achter dit project, voor een alternatief.

Meer lezen over hoe het project ontstond? Kijk dan hier

Container vol batterijen

Dat alternatief zijn kant-en-klare, opgeladen batterijen die langs de kant van het water staan te wachten op het schip. De Alphenaar vaart zo in etappes tussen Alphen en Moerdijk. Het gaat spullen ophalen en leveren aan bierbrouwerij Heineken. De containers vol batterijen worden volgeladen met groene stroom, en als de Alphenaar van batterij wisselt hangt de schipper de lege batterijcontainer aan het stopcontact zodat hij bij een volgende trip weer vol is.

Zo moet de zero-emissie scheepvaart snel realiteit worden. De sector worstelt met verduurzaming, net als de vliegtuigwereld. Stookolie is goedkoop, een nieuw schip kopen is (te) duur en echt praktische alternatieven zijn niet beschikbaar. Het feit dat er stops nodig zijn om nieuwe batterijen in te laden, laat ook de uitdagingen van elektrische binnenvaart zien. Voor de oceaantankers die vaak dagen op zee zijn, is dit dan ook geen optie.

Hoe kan het dan wel? Met waterstof bijvoorbeeld!

30 routes in 2030

Maar ZES heeft goede hoop voor de binnenvaart. Na de lancering van het bedrijf, een jaar geleden, is het eerste praktijkvoorbeeld nu een feit. De komende jaren tot 2030 moeten er nog 30 vaarroutes bijkomen, zodat elektrisch varen steeds normaler wordt. Uiteindelijk kan de groeiende infrastructuur er ook toe leiden dat het aanschaffen van een elektrisch schip (voor zover de markt deze gaat ontwikkelen) een goede investering wordt voor binnenvaartrederijen.

OPINIE: “Nee, voedselreststromen zijn geen reden om vlees te eten”

In een recent artikel stelt Toine Timmermans van de Wageningen Universiteit dat helemaal stoppen met vlees niet het meest duurzaam is. De dieren die wij eten kunnen namelijk voedselreststromen verteren en omzetten in vlees, zuivel en ei. Als iedereen opeens stopt met vlees, zouden we een ‘opeenhoping van reststromen’ krijgen. We kunnen er vanuit gaan dat niet iedereen opeens stopt met vlees, net zoals niet iedereen opeens stopt met het rijden in een benzineauto. Maar het zou voor het klimaat natuurlijk wel het beste zijn. In een rapport van mei 2021 schrijft de VN dat methaanreductie het sterkste middel is om de opwarming van de aarde in de komende 25 jaar tegen te gaan. De veehouderij is de grootste menselijke bron van methaan, blijkt uit het rapport. In 2019 concludeerde het klimaatpanel van de VN al dat een eetpatroon zonder dierlijke producten het meest duurzaam is.Plantaardige melk Vormt de hypothetische opeenhoping van voedselresten echt een dreiging wanneer iedereen vegan wordt? Timmermans noemt de reststromen van bier en brood, wat wordt ingezet als veevoer. De grootste brouwerijketen ter wereld, ABinBev, maakt sinds kort echter van bierbostel (het restproduct van bier) eiwit voor plantaardige melk en graanproducten. Het ziet ernaar uit dat deze reststroom in de toekomst niet meer beschikbaar is voor de veesector. Iets dergelijks kan ook gaan gelden voor het restproduct van brood. Bij de overstap van witbrood naar volkorenbrood of andere minder bewerkte graanproducten zoals havermout, is er minder restproduct meer voor het vee. Overgebleven aardappeleiwit wordt ondertussen steeds vaker gebruikt als vervanger van weipoeder, gelatine en eigeel in plaats van als veevoer. Daarnaast kunnen suikers en eiwitten uit reststromen een voedingsbodem voor gecultiveerde voedselproductie. Denk bijvoorbeeld aan het kweken van vlees en zuivel in tanks en de productie van algenolie als alternatief voor vis en visolie. Reststromen kunnen ook worden ingezet voor non-foodproducten. Zo gebruikt H&M sinaasappelschillen en restproduct van wijn om kleding van te maken. In werkelijkheid gebeurt dus het tegenovergestelde van waar Timmermans voor waarschuwt: er komt een concurrentiestrijd om voedselreststromen tussen de veesector en andere sectoren. Een kilo planten voor een ons vlees Maar wat is duurzamer: bierbostel voeren aan varkens of er eiwitrijke plantaardige melk en graanproducten van maken? Van 1000 gram plantaardig eiwit die je voert aan een varken, hou je na de slacht slechts 100 gram varkensvlees-eiwit over. Die andere 900 gram plantaardig eiwit wordt via de spijsvertering van het varken vooral omgezet in ontlasting en broeikasgas. We weten allemaal dat juist de ‘opeenhoping’ van broeikasgas in de atmosfeer een groot probleem is. Als je daarentegen van bierbostel eiwit maakt voor plantaardige melk en graanproducten, heb je in principe geen of in ieder geval veel minder eiwitverlies. Er is energie nodig om het bierbostel te verwerken, maar dit kan CO2-vrij opgewekt worden. En je hebt dan geen ontlasting meer van de dieren met bijbehorende milieuproblemen (denk aan de stikstofcrisis). Een leuk detail is dat ABinBev aangeeft deze switch te maken vanwege duurzaamheid én de groeiende vegan trend. Door over te stappen op plantaardig voedsel, zorg je ervoor dat er minder dieren gefokt worden die broeikasgas en ontlasting produceren. Maar je zorgt er dus ook voor dat voedselreststromen efficiënter worden ingezet. Win-win. Kortom: stoppen met vlees en andere dierlijke producten is wél het meest duurzaam.