Romy de Weert 06 juli 2021, 16:38

Is grondgebonden boeren een oplossing voor het stikstofprobleem?

Als Nederland de aangescherpte klimaat- en natuurdoelen van de Europese Unie wil halen, betekent dat een forse krimp van de veehouderij. Het advies van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) zorgt voor heel wat opschudding bij boeren die woensdag demonstreren in Den Haag. Maar het kan ook anders, vindt varkensboerin Esther Maarleveld. ‘Niet schaalvergroting, maar grondgebonden boeren is een uitkomst. Wat de grond je niet levert, kun je ook niet weghalen.’

Adobestock 110062713 Zoveel mogelijk monden voeden met zo min mogelijk input van gronden en grondstoffen’, is het uitgangspunt van Caring Farmers. Beeld: Adobe Stock

De aangescherpte klimaat- en natuurdoelen van de Europese Unie zullen een ongekende verandering van het landelijke gebied in Nederland betekenen. Dat schrijft het PBL in een rapport voor het kabinet. In stikstofgevoelige regio’s zal er bijna geen ruimte zijn voor open vormen van veehouderij en akkerbouw, zelfs wanneer ze biologisch of extensief zijn of gebruik maken van innovatieve technologieën, staat in het rapport. Als de huidige plannen van de Europese Unie in wetgeving worden omgezet, moet een groot deel van de landbouw – en voornamelijk de veehouderij verdwijnen.

Inkrimpen veestapel

De zoveelste alarmerende uitspraak van het PBL over de stikstofuitstoot stuit boeren tegen de borst. In een eerder rapport schreef het PBL ook al dat de veestapel moet inkrimpen om de stikstofuitstoot naar beneden te krijgen. Morgen trekken veel van hen – met en zonder trekker naar Den Haag om te demonstreren tegen het landbouwbeleid.

Maar niet alle boeren zien een demonstratie als de manier om boosheid te uiten. Boerenbelangenhartiger Caring Farmers is er voor alle boeren die op weg zijn naar een natuurinclusieve kringlooplandbouw. Zij vinden dat de voedselvoorziening sociaal en ecologisch zo efficiënt mogelijk moet zijn. ‘Zoveel mogelijk monden voeden met zo min mogelijk input van gronden en grondstoffen’, is het uitgangspunt van Caring Farmers. Liever zien ze geen input van buitenaf en geen negatieve impact op biodiversiteit, natuur, klimaat en het dier. Een hele waslijst, maar door op die manier te boeren kan het stikstofprobleem worden opgelost, denkt varkensboerin Esther Maarleveld.

Maarleveld is varkenshouder bij Poldervarken. Het liefst ziet ze dat mensen minder vlees eten, maar als het dan toch moet, schaart ze zich achter de idealen van Caring Farmers. “We zijn en paar jaar geleden een bepaalde weg ingeslagen door het anders te doen. Niet door schaalvergroting, maar door grondgebonden boeren.” Ze doelt daarmee op het breed gedragen idee achter Caring Farmers. “Wat de grond je niet levert, kun je ook niet weghalen”, legt Maarleveld uit.

Kringlooplandbouw

De varkenshouderij van Maarleveld is volledig circulair. Haar varkens krijgen reststromen van bakkers, groenteboeren en de lokale bierbrouwer. Eten wat anders weggegooid zou worden. Het drinkwater voor de dieren is opgevangen regenwater. De varkens worden ingezet op stukken grond van overheidsinstanties en particulieren waar het onkruid de overhand heeft. Varkens eten alles op, graven de wortels uit en bemesten de grond. Op die manier is de grond klaar om opnieuw ingezaaid te worden. “Wij vinden dat een varken lekker in het bos moet kunnen wandelen, iets wat bij gangbare boeren die inzetten op schaalvergroting niet aan de orde is. Daar draait het op meer en meer productie.”

Dat begon volgens Maarleveld allemaal na de Tweede Wereldoorlog, toen volop werd ingezet op grote hoeveelheden voedsel produceren. “Iedereen richtte zich daarom op schaalvergroting en daar komen we nu van terug.” En dat is volgens Maarleveld goed voor de natuur, maar ook voor de portemonnee. Want met haar circulaire varkensboerderij verdient ze prima. “We doen alles zelf en krijgen zo’n 15 euro voor 1 kilo vlees. In een grootschalige varkenshouderij is dat maar 1 euro en veertig cent. Dit kan natuurlijk niet uit, tenzij de boer alles zo goedkoop mogelijk doet.”

De vraag is of deze manier van boeren de oplossing is om de aangescherpte natuur en milieunormen van de Europese Unie te halen. Als we kringloop- en grondgebonden boertechnieken gebruiken wel, denkt kringloopboer Maurits Tepper en vertelt hij in een eerder interview. 

Zijn melkveehouderij Eytemaheert in Noord-Drenthe heeft een volledig gesloten kringloop: koeien eten alleen gras van het eigen land, er is geen externe input zoals kunstmest, krachtvoer of stro van andere boeren nodig. Om dat goed te laten groeien wordt een aanliggend natuurgebied een paar keer per jaar gemaaid. De maaisels worden gefermenteerd met micro-organismen tot een natuurlijke kunstmest. “Een gesloten en natuurlijk systeem. En ik maak met mijn 150 koeien gewoon winst. De koeien zijn gezond, het bedrijf loopt goed.”

Radicaal veranderen 

Volgens Tepper is Radicaal veranderen de oplossing. “Je kan beter 20 procent van de boeren grote veranderingen laten doormaken, dan alle boeren 3 procent laten inleveren op hun bedrijfsvoering. Want dan verlies je ook die hyperefficiënte boeren die juist wel (relatief) duurzaam produceren.”

Meer kringloop – en grondgebonden landbouw zal veel boeren, de natuur, dieren en het milieu goed doen, denken Tepper en Maarleveld. En die kringloop hoeft heus niet binnen het eigen bedrijf gesloten te worden, zoals Tepper doet. “Ik zit aan het eind van het spectrum, dat is niet overal en voor iedereen haalbaar. Maar als je kringlopen op landelijk of zelfs Europees niveau kan sluiten, dan ben je al een heel eind.”

SeaQurrent bouwt bij Ameland aan een testlocatie voor het winnen van duurzame energie met behulp van een onderwatervlieger

Natuurverschijnselen zoals zon en wind herbergen veel energie die we oogsten met zonnepanelen en windmolens. Ook de zee heeft energie in de aanbieding en wel in de vorm van stroming die ontstaat uit het verschil tussen eb en vloed. Het Nederlandse bedrijf SeaQurrent gaat deze energie onderwater opvangen met behulp van een vlieger. Afgelopen week is het gestart met het gereedmaken van de testlocatie waar de vlieger uiteindelijk moet komen.De Tidalkite zoals de getijdevlieger heet, zit vast aan een paal in de zeebodem en vliegert onder water dwars op de stroming. “Het is vergelijkbaar met vliegeren op het strand”, legt Maurits Alberda van SeaQurrent uit. “Net als een gewone vlieger beweegt de Tidalkite door de stroming van links naar rechts.” De kite bestaat uit meerdere vleugels en door de trekkracht wordt een hydromotor aangedreven die op zijn beurt weer een generator aanzwengelt en zo wordt de groene stroom opgewekt. Een elektriciteitskabel brengt de stroom aan land. Omdat de vlieger drie meter onder het wateroppervlak zweeft is hij voor het oog onzichtbaar en kan hij vrij dicht op de kust geïnstalleerd worden.Mooie aanvullingDe hoeveelheid stroom die een Tidalkite kan opwekken is afhankelijk van de afmeting van de vlieger en de stroomsnelheid. De vlieger die nu gebouwd wordt is twaalf bij zeven meter en kan volgens Seacurrent voldoende stroom opwekken voor 700 huishoudens. Ter vergelijking, een flinke windmolen met een tiphoogte van 208 meter wekt 10 keer zoveel energie op. “Het zal nationaal op de energietransitie niet een hele grote impact hebben”, zegt Alberda. Maar het kan een mooie aanvulling zijn, zeker in het Waddengebied.Want deze vorm van energieopwekking heeft een aantal voordelen ten opzichte van de meer gangbare zonne- en windenergie. Anders dan bij wind en zon is getijdenenergie niet afhankelijk van het weer en dag en nacht beschikbaar. Bovendien is het op de minuut voorspelbaar. Daardoor kan getijdenenergie een belangrijke aanvulling zijn op zonne- en windenergie, kan het elektriciteitsnet op de Waddeneilanden optimaal benut worden en zijn er minder kabels nodig naar het vaste land. Bovendien is de vlieger onzichtbaar voor het oog, waardoor het unieke weidse landschap op de Wadden niet wordt aangetast.Bewoners op Ameland zien dagelijks dat water stromen en vragen zich af: 'Waarom doen we daar niks mee?'Seaqurrent ziet dan ook in eerste instantie veel mogelijkheden in het Waddengebied. Samen met de lokale energie coöperatie Amelander energie (AEC) zijn plannen voor de ontwikkeling van een getijdepark. “Bewoners van Ameland zien dagelijks dat water stromen en vragen zich af waarom doen we daar niks mee? We willen samen met hen een centrale ontwikkelen en de opbrengsten daarvan delen. Vergelijkbaar met een zonnepark maar dan voor getijdenenergie”, zegt Alberda.Ook het Waddenfonds, dat investeert in projecten die de ecologie en duurzame economische ontwikkeling van het waddengebied versterken, vindt de techniek veelbelovend. Het fonds investeerde tot nu toe 2,3 miljoen in de onderwatervlieger.ToekomstmuziekUiteindelijk denkt SeaQurrent dat het mogelijk is om in de geulen rond Ameland voor 10 MW aan vliegers te installeren. Voor het hele Waddengebied is maar liefst 40 MW mogelijk. Maar dat is voorlopig nog toekomstmuziek. Op dit moment wordt een eerste proefexemplaar op werkelijke grootte gebouwd. “Die gaan we eerst op binnenwater testen”, zegt Alberda. Als dat allemaal goed gaat zal begin volgend jaar de eerste Tidalkite daadwerkelijk in zee vliegeren en stroom leveren aan Ameland."