Romy de Weert 27 mei 2021, 09:58

Europees Parlement trekt omstreden voorstel in voor strengere regels op plantaardige zuivelproducten

Havermelk, sojayoghurt en ‘alternatief voor kaas’ mogen gewoon gebruikt worden op plantaardige producten. Het Europees Parlement heeft een omstreden voorstel om strengere regels in te voeren voor plantaardige alternatieven voor zuivel ingetrokken voordat ze erover kon stemmen.

Adobestock 129269185 Eind vorig jaar nam het Europees Parlement een voorstel aan om namen op zuivelproducten uit te bannen. Beeld: Adobe Stock

Eind vorig jaar nam het Europees Parlement, met steun van onder andere het CDA, een voorstel aan om namen op plantaardige zuivelproducten uit te bannen. Maar er was veel weerstand tegen het plan. ProVeg startte een petitie om het voorstel tegen te gaan. Met succes. Meer dan 450.000 mensen waaronder milieuactiviste Greta Thunberg ondertekenden de petitie. Ook NGO’s als Greenpeace en bedrijven als Oatly en Alpro schaarden zich achter het verzoekschrift van ProVeg.

Verbod op verwijzing naar zuivel

Het voorstel om verwijzing naar zuivel op plantaardige producten te verbieden, amendement 171, werd in oktober door de Franse Europarlementariër Eric Andrieu ingediend. Met het amendement wilde hij verwarring tussen dierlijke en plantaardige zuivelproducten tegengaan. Verwijzingen naar zuivel bij plantaardige producten zouden volgens hem verboden moeten worden. In de strengste versie van het plan had dit kunnen leiden tot een verbod op het gebruik van verpakkingen die lijken op dierlijk zuivel. Zo zou plantaardige melk niet in dezelfde verpakking verkocht mogen worden als dierlijk melk.

Maar in de afgelopen maanden groeide de weerstand tegen het voorstel van Andrieu. Afgelopen oktober schreef de Europese consumentenorganisatie Bureau Européen des Unions de Consommateurs een brief aan de leden van het Europees Parlement waarin zij hen vraagt zich uit te spreken tegen het voorstel. Het leek te werken, want in maart spraken 24 Europarlementariërs hun zorgen uit over het amendement. Het zou gebaseerd zijn op een verkeerde interpretatie van consumentengedrag. 

Omstreden voorstel ingetrokken

Het verzet tegen het omstreden voorstel lijkt nu effect te hebben, want Europarlementariër Andrieu trok het amendement dinsdagavond in. ProVeg laat op Twitter weten: "HOERA! We kunnen bevestigen dat de EU-censuur op plantaardige zuivel (AM171) van tafel is. Een fantastische overwinning voor de planeet, plantaardig voedsel en het gezond verstand!"

Ook lobbygroepen streden tegen het verbod op zuivel-gerelateerde woorden voor nieuwe zuivelproducten. Wil je weten hoe dat werkt?  

“Alleen in samenwerking met de omgeving kunnen we de klimaatdoelen halen”

Sunrock is een van de snelst groeiende bedrijven in de Nederlandse energiesector. In drie jaar tijd groeide het bedrijf uit tot marktleider in de grootschalige zonne-installaties in Nederland. Oorspronkelijk ontwikkelde Sunrock alleen grootschalige zonneprojecten op daken, zoals op de distributiecentra van Coolblue en het logistieke vastgoed van DHG. Sinds een jaar komen daar meer grondgebonden en drijvende projecten bij, bij voorkeur op oude vuilstortplaatsen of zandwinplassen. “In elk geval niet op landbouwgrond en altijd in samenwerking met de omgeving”, zegt Maarten de Haas. “Want dat is de enige manier waarop we de klimaatdoelen kunnen halen.”Volwaardige partnerDe Haas is sinds een jaar ‘Director Large Projects’ bij Sunrock en verantwoordelijk voor ‘alles wat niet op daken gaat’. En dat vereist een speciale aanpak. “Wij zoeken heel proactief de samenwerking op met lokale belanghebbenden. We benaderen energie coöperaties en lokale werkgroepen om met hen samen een plan te maken.” En dat werkt. “Eigenlijk zijn ze altijd enthousiast. Dat komt omdat ze merken dat we ze als volwaardige partner beschouwen.”Het is een mes dat aan twee kanten snijdt vindt De Haas. “Lokale partijen weten veel beter wat er in de omgeving speelt. Maar zij hebben weer moeite hun project rond te rekenen. Of goedkoop financiering aan te trekken. Ik zou willen dat het voor iedereen duidelijk is dat wij, bijvoorbeeld door schaalvoordelen kunnen bijdragen om lokale initiatieven verder te helpen.” WantrouwenWant iedereen moet kunnen participeren, vindt De Haas. Toch is dat lang niet altijd gemakkelijk, weet hij uit ervaring. Want bij veel lokale partijen overheerst wantrouwen. “Eerdere spelers in de markt zijn cowboys geweest. Die hadden als doel een weiland zo vol mogelijk zetten zonder teveel landschappelijke inpassing, zonder lokaal eigenaarschap. Zonder rekening te houden met de belangen van de lokale omgeving.” En dat heeft de reputatie van de hele zonne-energiesector geschaad. “Zonne-energieontwikkelaars hebben daardoor soms nog een negatief imago. Daar wil ik echt vanaf.”MeedoenVolgens De Haas is dat imago ook de reden waarom Sunrock nog te weinig wordt benaderd door lokale partijen. “Mensen zijn argwanend of denken dat de winst naar buitenlandse investeerders gaan. Daardoor willen ze het liever zelf doen. Terwijl je juist als lokale omgeving meer winst kan halen door te werken met een partij die schaalvoordelen heeft.”De Haas gelooft meer in echt gezamenlijk ontwikkelen. Bijvoorbeeld doordat lokale partijen vanaf het begin risicodragend meedoen, maar dat hoeft niet. Want lang niet iedereen wil financieel participeren. “De behoefte van mensen om mee te doen neemt alleen maar toe. En de aanpak verschilt per project. Soms worden er ontwerpsessies gehouden, of een omgevingsfonds ingesteld.”Positief doorzettingsvermogenMaatwerk dus zoals dat zo mooi heet, en dat is lang niet altijd gemakkelijk, beaamt De Haas. “Daar is veel positief doorzettingsvermogen voor nodig. Want het betekent nog een extra stakeholder bovenop de gemeente, de ecoloog, de natuurorganisatie, het waterschap, en de provincie. Maar het helpt wel om lokaal draagvlak te creëren en een zo goed mogelijk resultaat te bereiken.”  De Haas wil dat wantrouwen wegnemen en het imago verbeteren. “Het is mijn persoonlijke drijfveer om lokale partijen mee te nemen in onze missie, om toe te werken naar een duurzame en slimme manier van omgaan met onze elektriciteitsvraag.” Dat doet hij samen met zijn team op informatieavonden en werkateliers in zaaltjes vol klapstoelen en een scherm met een beamer. “Ik hou oprecht van dat soort avonden. Want daar kan ik in gesprek met mensen om ze te bewegen mee te doen aan een project. Dat vind ik geweldig.”SnelheidOok al stuit hij daarbij op weerstand. “Vaak schrikken omwonenden van plannen voor een zonnepark in hun directe omgeving.” Daar heeft hij alle begrip voor. “Niet iedereen is blij met de energietransitie.” Volgens De Haas komt dat doordat we maar beperkt tijd hebben om de klimaatdoelen te halen. In 10 jaar tijd moeten we de uitstoot halveren die we in 200 jaar tijd hebben opgebouwd. “We hebben gewoon te lang gewacht. En daarom moet het nu zo snel. En die snelheid, dat is wat mensen tegenstaat.”Zelf denkt de Haas overigens dat de energietransitie veel te traag gaat. “De huidige ambities gaan lang niet ver genoeg. Daar zullen we over twee à drie jaar achter komen. Door de elektrificatie gaan we de komende jaren veel meer stroom verbruiken. De vraag is waar we dat vandaan halen zonder kolen of gas te verbranden. Ik denk dat die doelen over een paar jaar alweer achterhaald zijn.”MeebewegenVolgens De Haas bestaat de energietransitie uit twee elementen: het omschakelen naar duurzame energie en het slimmer omgaan met de elektriciteitsvraag. Voor beide is maatwerk en samenwerking met klanten en omgeving geboden. Daarbij zit de grootste uitdaging in het op tijd matchen van vraag en aanbod. “En dat heeft puur met de grilligheid van zon en wind te maken. Om dat zonder batterijopslag goed bij de consument te brengen.”De trend is dan ook dat steeds meer marktpartijen de hele keten van – opwek- aanbod-opslag-warmtetransitie-levering, beheersen. Bedrijven als het recent opgerichte Groendus maar ook gevestigde namen zoals Greenchoice bewegen in die richting. Ook Sunrock heeft dezelfde ambitie. “Er zullen energiemaatschappijen ontstaan die volledig gebaseerd zijn op een grote portfolio van duurzame projecten van zon en wind en op basis daarvan gaan meebewegen met de klanten. En één ding is zeker: daarvoor is altijd maatwerk en samenwerking nodig.”