Rianne Lachmeijer 23 februari 2021, 12:17

Verzekeraars en KNMI bundelen krachten om klimaatschade tegen te gaan

Door klimaatverandering nemen extreem weer, zoals pittige hagelbuien en stormen in hevigheid toe. De schadekosten lopen de komende jaren naar verwachting op. Om dit soort klimaatschade tegen te gaan bundelen het Verbond van Verzekeraars en het KNMI hun krachten.

Adobestock 217486018 klimaatschade storm verzekeraars Adobe Stock

Door de data van het KNMI te combineren met de landelijke risico- en schadecijfers van het Verbond van Verzekeraars willen de partijen zich beter voorbereiden op weersextremen en zogenoemde klimaatschade tegengaan.

De verzekeraars hopen met de weer- en klimaatgegevens van het KNMI meer aan preventie te kunnen doen en op termijn betere verzekeringsproducten te ontwerpen. Voor KNMI zit de meerwaarde onder andere in de feedback die de samenwerking oplevert met betrekking tot waarschuwingen. Leidde een waarschuwing voor extreme hagelbuien bijvoorbeeld tot minder schade aan auto's en kassen?

Lees ook het interview met Detlef van Vuuren: 'We falen als mensheid als we het klimaatprobleem niet oplossen'

Klimaatschade voorkomen

Verzekeraars kunnen klanten op basis van de weersverwachting waarschuwen. Dan kan een glastuinbouwer bijvoorbeeld een hagelnet over zijn kassen spannen of voertuigen binnen zetten. “Uiteindelijk voorkomt dit soort preventie ook een heleboel schade”, zegt Barbara van der Rest, woordvoerder bij het Verbond. Ook kunnen verzekeraars op basis van de weersverwachting hun schadeafhandeling op tijd opschalen.

Nu al weten verzekeraars vanuit hun schadecijfers dat Midden-Nederland vooral last heeft van extreme regenbuien, terwijl er bijvoorbeeld in Limburg en Noord-Brabant meer sprake is van schade door zware hagelbuien. “Die kennis kunnen we fijnmaziger maken door de uitwisseling met het KNMI. En met die gegevens kunnen we dan bijvoorbeeld gemeenten en waterschappen adviseren bij de aanleg van nieuwe wijken, over extra opvang van water”, zegt Richard Weurding, directeur van het Verbond in NRC.

De koppeling van de data van het KNMI en die van de verzekeraars maakt ook de impact van weersextremen inzichtelijk. Zo weet het Verbond op basis van ingediende claims, bijvoorbeeld na een storm, al na een aantal maanden hoeveel schade deze veroorzaakte. Op basis van die cijfers stelt Weurding dat de schade door storm Ciara eind vorig jaar een stuk lager uitviel door tijdige waarschuwingen.

Betere verzekeringsproducten

Het gaat de verzekeraars niet om  zo min mogelijk schade verzekeren, benadrukt woordvoerder Van der Rest. “We zijn er juist mee bezig om te voorkomen dat het onverzekerbaar wordt.” De data die de samenwerking oplevert, helpt de verzekeraars om beleid te ontwikkelen en op den duur producten aan te bieden die aansluiten bij de behoeften van klanten. Een specifieke hagelschadeverzekering in gebieden die daar gevoelig voor zijn, bijvoorbeeld. Ook ziet Van der Rest een rol weggelegd voor verzekeraars als adviseurs van klanten die grote investeringsbeslissingen nemen. Bijvoorbeeld of een kas in Noord-Holland een beter idee is dan in Limburg.

Meer aandacht voor klimaatverandering onder verzekeraars

De aandacht onder verzekeraars voor klimaatverandering neemt al jaren toe. Wat dat betreft past deze samenwerking in een bredere trend van kennisvergaring en meten. Binnenkort lanceert het Verbond in samenwerking met het KNMI, Climate Adaptation Services en Wageningen University een klimaatmonitor. Daarin bundelen de samenwerkingspartijen gegevens over droogte, hitte, natuurbranden en extreme neerslag met schadedata van de Nederlandse verzekeraars. “Hierdoor krijgen we inzicht in de impact van verschillende weersgebeurtenissen op de schade in Nederland”, aldus Weurding in NRC.

Lees ook: Poll: klimaatverandering nog steeds grootste bedreiging voor Europeanen

Waarom is rechts Nederland sinds kort zo verliefd op kernenergie?

Het is verkiezingstijd, en daarom zien we alle stokpaardjes weer langskomen. Een van de opvallendste vind ik de kerncentrales van de VVD. Iets waar men een paar jaar geleden nog nauwelijks over sprak, is plotseling een punt dat de liberalen bij elk verkiezingsdebat over duurzaamheid willen aankaarten.Dat gebeurt niet zomaar. Na het proefballonnetje van Klaas Dijkhoff in 2018 verscheen er een ‘onafhankelijk’ rapport van kernenergie-consultant ENCO. Niet alleen bleek één van de opstellers van dit rapport (Mario van der Borst) oud-directeur van de kerncentrale bij Borssele, ook rammelde het rapport aan alle kanten.Toch was het genoeg om de VVD te overtuigen: zonder kerncentrales geen geslaagde energietransitie. En nu eerder deze week bleek dat duurzame projecten voor de industrie een aanlooptijd van acht tot tien jaar hebben, valt een van de belangrijke argumenten tégen kernenergie - namelijk dat de bouw van een centrale te lang duurt om de doelen te halen - deels weg. Zou het dan toch een goed idee zijn?Lees ook: Kernenergie, goed idee of onnodig risico?Van 70 naar 100 procent groene stroomEind vorig jaar besprak de Tweede Kamer in een rondetafelbijeenkomst de mogelijkheden van kernenergie. De vereniging van energieleveranciers gaf daar inbreng. Hun idee: de elektriciteitsvraag verdubbelt waarschijnlijk tussen 2030 en 2050. En hoewel in 2030 dankzij grote investeringen 70 procent van de elektriciteit duurzaam is, blijft de vraag hoe we in de jaren erna naar 100 procent groene stroom komen. Kernenergie moet daarbij serieus worden overwogen, vindt Energie Nederland.Nadelen van kernenergieToch zijn er grote problemen. Belangrijkste: de kosten. Kernenergie is duurder dan duurzame stroom, ook als zon en wind geen subsidie krijgen. En waar je zon en wind in kleine installaties met beperkte investeringskosten kunt bouwen, vraagt een kerncentrale aan het begin meteen tientallen miljarden euro’s. In het Verenigd Koninkrijk, waar de regering wel kiest voor kerncentrales, moet de regering een nieuwe centrale meer subsidiëren dan zon en wind. Dit nadat een Japanse ontwikkelaar zich eerder terugtrok uit een Britse kerncentrale, nadat het bedrijf al miljarden investeerde. Ook de bouwtijden van kerncentrales in het Westen blijken keer op keer langer dan aanvankelijk gedacht. Vergunningen duren langer door gesteggel, maar er is ook een tekort aan kundige bouwers en personeel. Zo ging de geschatte bouwtijd van een centrale in Frankrijk van 13 naar minstens 17 jaar.En dan is er nog de veiligheid. Iedereen schrok na de kernramp van Fukushima in Japan. Het bewoog Duitsland om te stoppen met kernenergie. En een studie liet zien dat de kans op een grote kernramp groter is dan bedrijven en overheden tot nu toe aannamen. En zelfs als het niet misgaat, is er het risico dat kernafval oplevert; afval dat tienduizenden jaren gevaarlijk blijft en zich maar moeilijk voor langere tijd veilig laat opslaan.Voordelen van kernenergieNatuurlijk zijn er ook voordelen: gegarandeerde stroom, ook als het niet waait en de zon niet schijnt. Kerncentrales leveren veel vermogen op elk gewenst moment. Stroom kan gebruikt worden om ‘paarse’ waterstof te maken, die de industrie vervolgens weer kan gebruiken om groen te worden. Kerncentrales kun je bouwen waar je wilt, ook op plekken waar al een goede netaansluiting is. Dat voorkomt kostbare en tijdrovende netverzwaringen die onmisbaar zijn voor de decentrale hernieuwbare stroom.Energie Nederland ziet mogelijk dat kernstroom goedkoper wordt als alle infrastructuur mee wordt gerekend in de kosten. Ook het rapport van ENCO kwam tot een dergelijke conclusie, hoewel het daarbij onrealistisch uitging van 100 procent draaitijd voor een kerncentrale.De hypocrisie van de VVDWat betekent dit nu voor kernenergie? Uiteindelijk is het volgens mij een keuze waar een overheid geld in wil stoppen. Maar om een onzekere, risicovolle technologie mogelijk te maken met een gigantische kapitaalinjectie van de overheid, lijkt onverantwoord. Vooral voor een partij als de VVD, die doorgaans wars is van subsidies, overheidsingrijpen en andere vormen van staatssteun.De hypocrisie is voelbaar; uitgaan van marktwerking voor hernieuwbare stroom, verduurzaming van woningen en andere duurzaamheidsvraagstukken, maar wel megasubsidies voor de fossiele sector en voor nucleaire centrales. Zoals de grootste partij van Nederland het ook geen probleem vindt om (grote) bedrijven belastingvoordelen te geven, maar de armlastige burger in de steek laat of actief tegenwerkt. Het zou de partij sieren om één lijn te trekken in hun visie op de markt voor duurzaamheid, in plaats van grootspraak en agendering van een gevaarlijk en uiterst kostbaar idee.Lees ook: Door te investeren in kernenergie gaat er minder geld naar zon en windMarc Seijlhouwer is redacteur bij Change Inc.