Erika van Zinderen Bakker 24 februari 2023, 10:00

Stoomcursus om bedrijven klaar te maken voor nieuwe Europese regelgeving

Op 1 januari 2024 treedt de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) in werking. Vanaf dan moeten bedrijven en hun leveranciers volgens de wet hun impact op mens en natuur in kaart brengen. Voor alle bedrijven die hier nu nog niet klaar voor zijn, is er de CSRD Academy.

Adobe Stock 408776304 | Credits: Adobe Stock

Vanaf 2024 wordt het in heel Europa voor grote bedrijven verplicht om te rapporteren over zaken als CO2-uitstoot, het sociaal kapitaal en de impact die ze hebben op biodiversiteit en mensenrechten in de keten. De richtlijn wordt gefaseerd ingevoerd. Sommige bedrijven zullen al in 2025 moeten rapporteren over het afgelopen boekjaar. Voor andere bedrijven geldt de verplichting pas een of twee jaar later. Toch moeten organisaties er nu al mee aan de slag, juist omdat zij over het voorgaande jaar rapporteren.

Impact-analfabetisme

Omdat nog lang niet alle bedrijven hier klaar voor zijn, introduceert het Amsterdamse Impact Institute de CSRD Academy. Volgens Michel Scholte, medeoprichter van het Impact Institute, werken externe partijen, zoals accountantskantoren zich al snel in op deze nieuwe richtlijn. Maar binnen bedrijven is er nog maar weinig kennis. ‘Impact-analfabetisme’ noemt hij dat. “Wij willen dat verantwoord ondernemen collectief alfabetisme wordt. Dat iedereen de basis in de vingers heeft. Want juist binnen bedrijven zijn massa’s mensen nodig die het snappen en kunnen toepassen.”

CSRD in één dag

Vanaf maart kun je daarom bij het Impact Institute de workshop CSRD in één dag doen. Deze onderwijsdag is bedoeld voor onder andere bestuurders, controllers, financieel analisten, mensen die zich bezighouden met financiële rapportages en duurzaamheidsmedewerkers.

Tijdens deze dag leren de deelnemers wat alle vereisten zijn die er gelden op het gebied van milieu, mens, maatschappij en bestuur. En ze leren hoe ze een concreet plan moeten maken. “Wij gaan daarvoor aan de slag met de onderwerpen biodiversiteit en werkomstandigheden in de waardeketen”, zegt Scholte. “Dat zijn vrij nieuwe onderwerpen waar de meeste partijen nog weinig vanaf weten.”

Onafhankelijk van derden

Scholte: “Ook gaan we een materialiteitsanalyse maken. Daarbij gaan we vaststellen wat de materiële aspecten van een bedrijf voor invloed hebben op sociaal, natuurlijk, menselijk en financieel vlak. Ten slotte maken we een gap analyse. Daarbij kijken de cursisten naar wat hun bedrijf nu al doet en wat er nog nodig is: hoe groot is de kloof daartussen en hoe kun je die invullen?” Na de onderwijsdag zullen de cursisten goed geïnformeerd en met een duidelijk plan naar huis gaan. “Het is belangrijk dat mensen leren deze dingen zelf te doen, zodat ze niet afhankelijk zijn van derden”, vindt Scholte.

Gamechanger

Hij is blij met de nieuwe richtlijn. “Dit gaat echt een gamechanger zijn in de trend naar een duurzamer bedrijfsleven.” De impact is dan ook enorm. Alle grote bedrijven moeten rapporteren, maar om dat te kunnen doen hebben zij ook de informatie nodig van hun kleinere leveranciers. “In Nederland zullen er 2.000 tot 7.000 bedrijven moeten gaan rapporteren. Dit werkt totaal door, want al hun leveranciers moeten ook aan de bak. Die moeten dus ook weten hoe dit werkt. Ik kan me niet voorstellen dat er nog één bedrijf overblijft, dat hier niet mee te maken krijgt.”

Bedrijven moeten de informatie ook digitaal beschikbaar maken. Dat betekent dat consumenten, consumentenorganisaties en maatschappelijke organisaties eenvoudig inzicht kunnen krijgen. “Daardoor zullen zij een beter gevoel krijgen hoe het werkelijk is gesteld met zaken als mensenrechten en klimaat.”

De eerste CSRD in een dag vindt plaats op 29 maart, op het Haarlemmerplein 2 in Amsterdam.

Meer lezen:

Verbrijzelen en opvijzelen: Renewi gaat circulaire emmers maken

Renewi heeft de afgelopen periode de recyclingketen voor kunststof emmers getest. De eerste pilot met sausemmers was een succes. Daarom maakt het bedrijf nu concrete plannen om nog veel meer emmers uit heel Nederland in te zamelen en te recyclen tot nieuwe emmers. Redden van de verbrandingsoven "Potentieel gaan we uit van 6.000 ton plastic, wat nu naar verbranding gaat", zegt Michel Maas, material development manager bij Renewi. Dat scheelt niet alleen CO2-uitstoot, het leidt ook tot minder van het giftige restmateriaal bodemas. Nieuwe wetgeving vanuit de Europese Unie stelt bovendien dat minimaal 55 procent van het plastic verpakkingsafval moet worden gerecycled tegen 2030. Bedrijven moeten dus snel op zoek naar oplossingen voor hun plastic afval. Van emmer tot emmer De recyclingketen begint met de inzameling door Renewi van oude emmers bij voedselproducenten. Zij brengen de emmers naar HSR Groep in Ede, waar ze worden ze gewassen en versnipperd. De Paauw Sustainable Resources maakt daar plastic korrels die vijftien minuten verderop door Dijkstra Plastics worden gebruikt om nieuwe emmers te produceren. Die zijn dus gemaakt van 100 procent gerecycled kunststof (PCR). De komende periode kijken de betrokken partijen nog naar de optimale inzamelroutes. Als deze gegevens op papier staan, kan het proces opgeschaald worden.De focus ligt nu op de foodsector, maar binnenkort kunnen verfemmers ook worden gerecyceld.Complexe logistiek Het bedenken van die retourlogistiek is nogal een breinbreker. Bij de afgeronde pilot richtte Renewi zich direct tot sausproducenten, maar hoe zit het met de emmers die horecaondernemingen inkopen bij de groothandel? Om dat vraagstuk op te lossen bedacht Renewi een andere strategie. Maas: "Stel dat een groothandel mayonaise levert aan een organisatie. Voorheen gingen de schraaplege emmers vervolgens bij het restafval en werden ze verbrand. Nu neemt de groothandel de (gebruikte) emmers mee retour naar een centraal magazijn, waar Renewi afzetcontainers staan." Daar kan de recycler de emmers vervolgens weer oppikken. Na sauzen ook verf De focus van de projectgroep ligt nu op het recyclen van emmers van sausfabrikanten en de bijbehorende ondernemingen, zoals catering en de horeca. Maar volgens Maas heeft de non-foodsector ook potentie: "Er loopt nu een pilot om verfemmers in te zamelen en te recyclen, met ondersteuning van MVO Nederland en de Rijkswaterstaat." De pilot moet uitwijzen of ook hier mogelijkheden tot opschaling zijn. Meer lezen? Betere accu’s met silicium uit gebruikte zonnepanelenHoe is het nu met de Nederlandse schoenen-recyclemachine van FastFeetGrinded?Het is hoog tijd voor circulair speelgoed, vindt ook de branche