Kaz Schonebeek 16 juni 2023, 15:37

Generatie Groen: ‘Jongeren willen leren van perspectieven van buiten hun organisatie’

De jongere generatie stelt hoge eisen aan de duurzame ambities van werkgevers. Wat maakt een groene werkgever aantrekkelijk? Waar worden Millennials en Gen Z’ers enthousiast van? Waar haken ze op af? In Generatie Groen verkennen we de visie van duurzaam gedreven young professionals. Deze week: Thyrza Zoons (25), programmaontwikkelaar bij SDG Nederland.

Generatie Groen versie 2
Thyrza Zoons

Wat doe je precies voor werk?

“SDG Nederland is een netwerkorganisatie van initiatieven en organisaties die aan de slag willen met de Sustainable Development Goals (SDG’s) en ze aan elkaar verbindt. We zijn nu halverwege de periode waarin de SDG’s behaald moeten worden – die lopen tot 2030. Maar we zijn zeker niet halverwege met het halen van die doelstellingen. Daarom heeft SDG Nederland gezegd: onze taak gaat misschien wel verder dan alleen een netwerkorganisatie zijn. We willen ook inhoudelijk gaan bijdragen aan de verschillende duurzame transities.”

“Een jaar geleden ben ik aangenomen om te kijken hoe we als organisatie onze positie kunnen versterken in die transities, en om andere partijen actief te helpen. Dat kan zitten in agendering, in het formuleren van praktische oplossingen en het betrekken van doelgroepen die sectoren lastig vinden om te bereiken. Dat doe ik nu op twee thema’s: duurzaam inkopen en de voedseltransitie.”

Waarom heb je voor deze werkgever gekozen?

“De organisatie waar ik hiervoor voor werkte, deed fantastische dingen op het gebied van duurzaamheid. Maar omdat ik best jong was en aan de start van mijn carrière stond, waren er ook andere zaken die ik verwachtte van een duurzame werkgever. Bijvoorbeeld doorgroeimogelijkheden en ruimte om meer te leren en mezelf te blijven ontwikkelen. Bij de organisatie waar ik eerst voor werkte, was daar minder ruimte voor.”

“Wat ik heel erg waardeer aan werken bij SDG Nederland is dat wij een heel uitgebreid professioneel netwerk hebben. Op nationaal niveau, maar ook op lokaal niveau. Wij kunnen heel makkelijk onze weg vinden in Nederland omdat we met veel verschillende sectoren in contact staan. En dat is best wel bijzonder voor mijn gevoel. Ik denk dat de wereld de afgelopen decennia zo complex is geworden dat jonge mensen de behoefte hebben om te kunnen blijven leren van perspectieven en kennis van buiten hun eigen organisatie.”

Ben je altijd al met duurzaamheid bezig geweest?

“Ja, dat denk ik wel. Het is misschien een beetje cliché, maar als kind was ik lid van de tamtam-club van het WNF. Ik haalde plastic flessen bij de buren op om het statiegeld te doneren. Dat laat volgens mij zien dat ik me al op jonge leeftijd zorgen maakte over dat soort maatschappelijke uitdagingen.”

“En dat gaat tegenwoordig op voor vrijwel ieder jong persoon. Dat hoeft niet per se om verlies van biodiversiteit of klimaatverandering te gaan. Het kan ook gaan over polarisatie in de maatschappij, of over de wooncrisis, of over ongelijkheid. Ik denk dat dat is waar jonge mensen vandaag de dag in hun werk mee aan de slag willen. Zodat ze waarde creëren en handelingsperspectief krijgen om wat aan die zorgen te doen. Dat gaat echt veel verder dan financiële waardecreatie.”

Zou je ook kunnen werken in een niet-duurzame organisatie?

“Veel organisaties willen wel iets met duurzaamheid, maar staan nog op niveau nul. Die nemen dan contact op met SDG Nederland. Dat gebeurt vaak door welwillende mensen zoals een CSR-manager, of een duurzame ambassadeur binnen een organisatie die het anders wil doen. En dan denk ik: goh, zou ik dat ook kunnen? Maar ik zou dat lastig vinden, want dan ben je wel echt een lone wolf.”

“Ik wil in ieder geval geloofwaardigheid ervaren dat de missie van mijn werkgever klopt. En dat staat in contrast met een prestigecultuur of een heel sterke hiërarchie waar weinig ruimte is voor kritische reflectie. Want als die er niet is, hoe kan je dan dingen beter maken?”

Meer Generatie Groen:

Dit collectief maakt waterzuivering beter, goedkoper en energiezuiniger

De glastuinbouwsector heeft sinds 2018 een zuiveringsplicht. Dat betekent dat ondernemers het restwater van hun teelten moeten ontdoen van gewasbeschermingsmiddelen voordat zij het mogen lozen. Dit mag ook collectief gebeuren. Een groep van 300 aangesloten tuinders in het Westland heeft gevraagd of waterschap Delfland deze taak op zich wil nemen. Logisch De oproep is eigenlijk heel logisch, vertelt Jacco Vooijs van Glastuinbouw Nederland. “De glastuinbouw is er om groente en bloemen te kweken. Het waterschap is er om ons water te beheren. Ieder z’n vak. Waterschap Delfland is veel meer gespecialiseerd in waterzuivering. Laat het ze dan vooral doen.” Robert Tieman, kersvers Hoogheemraadlid namens de BoerBurgerBeweging (BBB), is het daarmee eens. “Het is onze core business. Door het als waterschap te doen, weten we zeker dat het goed gebeurt. Daarnaast is collectief zuiveren vele malen efficiënter dan wanneer 300 bedrijven dit allemaal individueel vormgeven. Een collectieve zuivering bespaart veel energie en is kosteneffectiever.” Nieuwe installatie Voor de collectieve waterzuivering wordt een gloednieuwe PACAS-installatie gebouwd. Hiermee wordt het water van de glastuinbouw gezuiverd, maar ook dat van huishoudens en andere bedrijven. Vooijs: “De installatie gaat al het water uit de omgeving zuiveren. De glastuinbouw is als enige sector in het gebied zuiveringsplichtig, maar vertegenwoordigt maar 20 tot 25 procent van het te zuiveren watervolume. De rest is afkomstig van andere bedrijven en huishoudens.” Zuiveringsplicht In 2024 moet de nieuwe installatie in werking zijn. De zuiveringsplicht is al sinds 2018 van kracht. Vooijs benadrukt dat tuinders die hun restwater nu nog niet zuiveren, niks illegaals doen. “Een collectieve waterzuivering is niet van de één op andere dag opgezet. Dat kost tijd. Omdat we dit aan het ontwikkelen zijn, hebben de tuinders die zich aansluiten bij het collectief vooralsnog vrijstelling gekregen.” Sommige tuinders hebben het heft in eigen handen genomen en al een eigen installatie aangeschaft. Ook deze groep kan zich nog aansluiten bij het collectief, zegt Tieman. “Hier maken we goede afspraken voor, zodat deze ondernemers hun gedane investering terug kunnen verdienen én in de toekomst worden ontlast.” Schoner water Naast de gewasbeschermingsmiddelen haalt de nieuwe installatie straks ook andere microverontreinigingen uit het water, zoals medicijnresten, cosmetica en chemicaliën. Dat levert schoner water op en is goed voor de waterkwaliteit. Al draagt de installatie niet bij aan de doelen voor de Kaderrichtlijn Water. Tieman: “Omdat wij het water van onze zuiveringen nu nog lozen op het buitenwater, draagt de installatie niet bij aan de doelen voor de Kaderrichtlijn Water in ons eigen gebied.“ De Europese richtlijn schrijft voor dat de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater verbeterd moet worden. Het moet de vervuiling van water verminderen en voorkomen, duurzaam watergebruik bevorderen en de effecten van overstromingen en droogte beperken. “In 2027 moet het oppervlaktewater in Nederland voldoen aan de doelen van deze richtlijn. Wij staan daarbij nog voor flinke uitdagingen. Dat betekent dat we aan de bak moeten.” Waarde van water Een van die uitdagingen is om het water optimaal te gebruiken. Want water is waardevol, ziet Tieman. “Dat heeft niet alleen te maken met de kwaliteit. Na het natte voorjaar hebben we nu te maken met een droogteperiode. In de toekomst gaan deze extremen zoals zware regenval en droogte steeds vaker voorkomen. Daarom is het belangrijk om te bedenken hoe we dat kostbare water vast gaan houden wanneer het naar beneden valt. Zo hebben we afspraken met de buurwaterschappen over het doorvoeren van water naar elkaar.” Daarnaast denkt Tieman aan extra bergingscapaciteiten om het regenwater op te slaan. Maar ruimte is een prangend iets. “Dat vraagt om dubbel ruimtegebruik. Bijvoorbeeld het ondergronds opslaan van water onder kassen en parkeerruimtes. Water verdampt ondergronds ook minder dan in de openlucht.” Ook Vooijs vindt dat we slimmer met water moeten omgaan. “Water is een schaars goed geworden. Toch laten we kansen liggen. We kunnen het water nog veel meer hergebruiken dan we nu doen. Het is zonde om maar een druppel zoet water weg te gooien.” De nieuwe installatie biedt kansen om de waterstroom circulair te maken. “Afvalwater wordt straks beter gezuiverd. In plaats van het te lozen, kan de industrie of de glastuinbouw dit water hergebruiken, bijvoorbeeld als het oppervlaktewater ermee wordt aangevuld. Of het drinkwaterbedrijf maakt er drinkwater van.” Dat laatste kan veilig, benadrukt Vooijs. “Nu halen we het uit de Maas. Dat is veel minder schoon.” Schouders eronder Volgens Tieman is één ding zeker: om de watervoorziening in de toekomst veilig te stellen, moeten alle partijen samenwerken. Tieman: “Overheid, waterschappen, bedrijfsleven, inwoners; ze zijn allemaal nodig. Iedereen kan z'n bijdragen leveren. We moeten samen in actie komen. Er zijn bijvoorbeeld subsidies beschikbaar waar nu nog onvoldoende aanspraak op wordt gemaakt. Dit zijn regelingen vanuit de EU, maar ook nationale en lokale potjes. Dit is geen 100 procent vergoeding, maar het kan ondernemers wel net dat zetje geven om te versnellen in hun verduurzamingsplannen.” Ook wet- en regelgeving, zoals de Kaderrichtlijn en de Richtlijn Stedelijk Afvalwater, versnellen de transitie. Al hoeven we in Nederland niet altijd te wachten op Brussel, vindt Vooijs. “We moeten ook nationale wetgeving maken die antwoorden geeft op de uitdagingen die we hier in Nederland hebben. Ik denk dat we dat kunnen, maar dan moeten we samen de schouders eronder zetten.” Lees ook: Wat doet droogte met Nederlandse akkers?Rechter verbiedt bestrijdingsmiddelen voor lelies, gezondheid van buren belangrijkerVan bouwbranche tot landbouw: bedrijven investeren flink in duurzame maatregelen