Redactie Change Inc. 10 september 2024, 11:00

‘Hoeveel gevallen van seksueel misbruik heeft u nodig voor uw rapport?’

De Europese CSRD-wet verplicht bedrijven straks verder te kijken dan hun eigen uitstoot. De nieuwe wetgeving dreigt echter een afvinklijstje te worden, schrijft Ankie van Wersch, directeur-bestuurder van MVO Nederland.

Schermafbeelding 2024 09 10 115408 Hoe pakken bedrijven de nieuwe CSRD-wetgeving op? | Credits: Getty Images

Steeds meer Nederlandse bedrijven brengen hun CO2-uitstoot in kaart en richten zich op het verminderen ervan. Maar met de komst van de Europese CSRD-wet moeten bedrijven binnenkort verder kijken dan hun eigen uitstoot en uitgebreid rapporteren over hun impact in de hele keten.

CSRD als afvinklijstje

Heel terecht: de grootste impact van internationale bedrijven vindt juist verderop in de keten plaats. Oftewel: een uitgelezen kans voor het bedrijfsleven om hun ketens inzichtelijk te maken, samen met toeleveranciers uitdagingen aan te pakken en écht verantwoord te gaan ondernemen. Maar gebeurt dat? Allesbehalve. CSRD dreigt een afvinklijstje te worden.

Uit angst om geen accountantsgoedkeuring te krijgen op de nieuwe duurzaamheidsrapportage tuigen veel grote bedrijven een volledige afdeling op. Hele duurzaamheidsbudgetten gaan op aan het verzamelen van data, inrichten van systemen, dure consultants, certificeringen en IT-diensten. Alles om maar compliant te zijn.

De datapunten worden netjes bij de toeleveranciers opgevraagd en ingevuld, maar bedrijven gaan de gelijkwaardige dialoog met leveranciers die nodig is om daadwerkelijk de aangetroffen problemen aan te pakken, niet aan. In de praktijk betekent dit dat alles het liefst gereduceerd wordt tot data en buitenlandse handelspartners krampachtig proberen te achterhalen welke gegevens Nederlandse bedrijven nodig hebben voor hun rapportage.

Te veel negatieve informatie kan leiden tot verlies van contracten, terwijl te weinig gegevens niet geloofwaardig is. Hierdoor ontstaan situaties waarin fabriekseigenaren letterlijk vragen stellen als: ‘hoeveel gevallen van seksueel misbruik heeft u nodig voor uw rapport?’

Maar is het doel van duurzaam ondernemen niet júist dat je de risico’s en uitdagingen opzoekt en deze vervolgens samen probeert op te lossen?

Probleemoplossend vermogen

Dat dat kan, laten genoeg bedrijven zien. Denk aan Arte Natuursteen, dat ontdekte dat er kinderen werkten rondom de steengroeves waar ze zaken mee deden. Door jarenlange inspanning lukt het nu om kinderen naar school te krijgen en ondertussen het gezinsinkomen te stabiliseren.

Of Johnny Cashew, dat erachter kwam dat cashewnoten uit Afrika eerst naar Azië reizen om vervolgens in de Nederlandse supermarkt te belanden. Een onnodige, vervuilende omweg van 12.000 kilometer. En dus laten ze de verwerking van hun cashewnoten lokaal in Afrika plaatsvinden, waarmee ze zorgen voor lokale werkgelegenheid, hogere inkomens en bijgevolg minder armoede.

Hebben deze bedrijven daar hele afdelingen voor nodig? Zeker niet. Wél nodig: lef, doorzettingsvermogen, langetermijndenken, creativiteit en probleemoplossend vermogen.

Oprechte dialoog

En laten dit nu net de eigenschappen van een ondernemer zijn. Natuurlijk kan de overheid de risicobereidheid en het probleemoplossend vermogen van bedrijven belonen door middel van subsidies, belastingvoordelen of andere vormen van ondersteuning. Maar het is aan de leiders van bedrijven om de nieuwe wetgeving niet als checklist te gebruiken waarin alle hokjes zijn aangevinkt.

En het is aan die leiders om zich niet te laten leiden door de angst om misstanden tegen te komen. Dat is niet erg: het gaat erom wat je met die aangetroffen misstanden doet.

Wil CSRD echt zijn werking vinden, dan moeten bedrijven hun keten in kaart brengen, een oprechte, gelijkwaardige dialoog met handelspartners aangaan en samen naar oplossingen zoeken. Dan worden die duurzaamheidsbudgetten een stuk nuttiger besteed. Alleen dan gaan we daadwerkelijk op een verantwoorde manier zakendoen.

Dit opiniestuk verscheen oorspronkelijk op MT/Sprout.

Lees ook:

Autobranche en natuurorganisatie waarschuwen: opbrengst CO2-heffing gaat niet naar verduurzaming mobiliteit

De verwachting is dat de nieuwe CO2-heffing door brandstofleveranciers wordt doorberekend aan de pomp, waardoor tanken 11 tot 13 cent per liter duurder wordt. Op die manier ontvangt de overheid alleen al via het wegvervoer jaarlijks een tot anderhalf miljard euro. De Europese gedachte van het ETS, is dat deze inkomsten gebruikt worden om de mobiliteit te verduurzamen. Maar op dit moment heeft de overheid nog geen plan, en staan er geen debatten over dit onderwerp gepland. Daardoor zouden de heffingsgelden stilzwijgend enkel gebruikt worden om gaten in de begroting te dichten. Daarvoor waarschuwen ANWB, BOVAG, Natuur & Milieu en RAI vereniging. Brandstofleveranciers ETS-2 is een uitbreiding van het voorgaande emissierechten handelssysteem. Waar eerder alleen de grote industrie en energiebedrijven aan het systeem verbonden waren, doen vanaf 2027 ook de kleine industrie, de gebouwde omgeving en het wegtransport mee. Dit betekent onder andere dat brandstofleveranciers jaarlijks over hun CO2-uitstoot moeten rapporteren en emissierechten moeten aanschaffen over de gerapporteerde uitstoot. Aanschafsubsidies De opbrengsten van dit handelssysteem kunnen gebruikt worden om deze sectoren te verduurzamen. Zo kan een overheid bijvoorbeeld aanschafsubsidies invoeren voor elektrische auto’s of investeren in een betere laadinfrastructuur. Op die manier kunnen meer mensen meedoen aan de energietransitie en neemt bovendien de CO2-uitstoot op de weg af. Oproep Tweede Kamer Maar bij gebrek aan een duidelijk plan, wordt tanken duurder, zonder dat mensen geholpen worden hun autogebruik te verduurzamen. De kans bestaat dat vooral lagere inkomens geraakt worden, die bijvoorbeeld rekenen op hun auto om naar werk te gaan. Daarom roepen de betrokken organisaties de nieuwe ministersploeg en Tweede Kamer op om het debat hierover te openen. ETS-2 zal in 2027 van start gaan, maar al in 2025 worden bedrijven verplicht om over hun uitstoot te rapporteren. Nog voor het einde van dit jaar moeten brandstofleveranciers de juiste vergunningen aanvragen om deel te kunnen nemen aan het handelssysteem. Lees ook: Peter Bijvelds bouwde Ebusco uit van startup tot beurslieveling, daarna ging het mis: ‘We staan nog altijd op pole position’Haagse vervoerder HTM wil overtollige stroom gaan afstaan aan openbare laadpalenDeze elektrische fietstrailer is welkom in zero-emissiezones