Nederland is niet goed voorbereid op de gevolgen van klimaatverandering. Dat is de harde conclusie van het nieuwe rapport van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). ‘100 procent bescherming tegen hitte, droogte en wateroverlast is niet mogelijk’, schrijft het PBL. En dus moet Nederland snel keuzes maken.
Effecten van klimaatverandering in Nederland
Europa warmt het snelst op van alle continenten. Extreem zal daardoor niet alleen vaker voorkomen, maar ook meer impact hebben.
De effecten daarvan zullen steeds meer merkbaar worden. Op de menselijke gezondheid, maar ook op de economie. Hitte leidt bijvoorbeeld tot lagere productiviteit. Koeien geven minder melk door hittestress, landbouwopbrengsten komen onder druk te staan. Door hevige waterlast worden wegen onbegaanbaar en kan de stroom uitvallen.
Dat alles kost veel geld. Eten wordt duurder, drinkwater en energie ook. En door de gezondheidsrisico’s en kans op schade kunnen verzekeringspremies omhoog gaan.
Drie richtingen voor klimaatadaptatie
Hoe graag we dat ook zouden willen voorkomen: dat kan niet. Zelfs als we nu stoppen met broeikasgassen uitstoten, blijft de aarde nog wel een tijdje opwarmen. ‘De vraag is niet óf Nederland verandert, maar of wij in staat zijn een land te bouwen dat ook in een warmer, droger en natter klimaat leefbaar, rechtvaardig en veerkrachtig blijft’, schrijft het PBL.
En dus moeten er scherpe keuzes gemaakt worden. Vindt de samenleving het acceptabel dat er meer mensen ziek worden en doodgaan door hogere temperaturen? En hoe veel mensen dan? Hoeveel schade mag extreem weer aanrichten, en wie verdient de meeste bescherming?
Uit die overwegingen komen maatregelen voort. Het PBL schetst drie richtingen: huidig beleid voortzetten, beleid intensiveren met technische maatregelen, of kiezen voor ingrijpende aanpassingen zoals herinrichting van de leefomgeving.
Huidig beleid voortzetten
Met het huidige beleid ziet de toekomst er weinig rooskleurig uit, concludeert het PBL. Tegen 2050 kunnen duizenden mensen per jaar vroegtijdig overlijden door extreme hitte, het aantal natuurbranden zal verdubbelen. En honderdduizenden woningen lopen door droogte een groter risico op funderingsschade.

Klimaatrisico’s nu vs. in 2050. | Credits: PBL
We zullen daarom één van de andere richtingen op moeten bewegen. Of liever gezegd: een combinatie daarvan.
Intensiveren: technische oplossingen met airco’s, zonneschermen en zuinig omgaan met water
De eerste optie die het PBL presenteert is het intensiveren van de huidige maatregelen. Het gaat daarbij vooral om technische oplossingen: airco’s en zonneschermen tegen de hitte, druppelirrigatie om waterverbruik in de landbouw te verminderen. Voor elk probleem een eigen oplossing. Hierdoor kunnen we onze manier van leven zo goed als ongewijzigd voortzetten.
Zulke technische oplossingen zijn snel in te zetten, en zijn op korte termijn effectief. Maar het PBL ziet ook nadelen. Zo zijn er steeds nieuwe aanpassingen nodig. Bovendien legt het een grote verantwoordelijkheid bij burgers en ondernemers, die zichzelf moeten zien te beschermen. Daar heeft niet iedereen geld voor.
Transformeren: meer groen in de gebouwde omgeving, ruimte voor water
De tweede optie is het transformeren van de samenleving. Het gaat dan om rigoureuzere aanpassingen. Denk aan (veel) meer groen in de gebouwde omgeving, en meer ruimte voor water. In dit geval is één oplossing vaak goed voor meerdere problemen. Meer bomen in de stad gaan hitte tegen, maar zijn bijvoorbeeld ook goed voor de biodiversiteit en helpen tegen wateroverlast. Bovendien profiteert iedereen van deze maatregelen, niet slechts een deel van de samenleving.
Deze maatregelen maken Nederland weerbaarder op de lange termijn, maar tegelijkertijd duurt het toepassen ervan langer. Het zijn immers grote opgaven waarbij veel partijen moeten worden betrokken. Ze zijn ook niet altijd meteen effectief: een boom moet eerst groeien voor die genoeg schaduw geeft, schrijft het PBL exemplarisch.

De klimaatrisico’s in 2050 bij verschillende soorten beleid. | Credits: PBL
Nieuwe projecten sowieso klimaatadaptief
Nederlanders hebben een voorkeur voor transformatie, schrijft het PBL, omdat dat op lange termijn effectiever is. In de praktijk moeten beide richtingen worden gecombineerd om op korte én lange termijn bestand te zijn tegen de gevolgen van klimaatverandering. Bovendien verschilt de situatie per plaats of regio. De stad heeft iets heel anders nodig dan het platteland.
Welke keuzes Nederland ook maakt voor de bestaande omgeving, het PBL weet één ding zeker: bij nieuwe projecten moet er sowieso naar de gevolgen van klimaatverandering worden gekeken. Denk aan de honderdduizenden huizen die nog gebouwd moeten worden. In het ontwerp en de locatiekeuze kan er dan al rekening worden gehouden met toekomstige hitte, droogte en wateroverlast. Datzelfde geldt voor de transitie van het landelijk gebied. Dat bespaart in de toekomst ook een heleboel kosten.



