Maaike Kooijman
07 september 2026, 15:08

Nieuwe Europese richtlijn moet greenwashing voorkomen, maar levert veel onduidelijkheid op

Met nieuwe wetgeving wil Europa voorkomen dat bedrijven hun producten als duurzamer aanbieden dan ze daadwerkelijk zijn. Nuttig om greenwashing te voorkomen, maar de risico’s zijn nog niet voor iedereen duidelijk.

richtlijn eu greenwashing reclame marketing Wie iets 'eco' of 'recyclebaar' noemt, moet dat straks goed kunnen onderbouwen. | Credits: Alex Shuper via Unsplash

Calvé-pindakaas met ‘duurzaam geteelde pinda’s’ en Knorr-maaltijden in een ‘duurzame verpakking’ leverden Unilever de dubieuze titel ‘koning greenwashing’ op.

‘De meest sluwe truc van Unilever is een zelfgemaakt logo. Aangevuld met een online document met duurzaamheidsstandaarden krijgt zo’n logo zelfs de uitstraling van een officieel keurmerk. Maar het is geen keurmerk’, schreef de Consumentenbond vorig jaar kritisch. De bond stapte naar de Autoriteit Consument & Markt (ACM). Met effect: Unilever stopte binnen een halfjaar met onduidelijke duurzaamheidsclaims op zijn verpakkingen.

Zie het als een voorproefje van wat bedrijven de komende maanden te wachten staat. Vanaf 27 september gaat namelijk de Europese richtlijn ‘Empowering Consumers for the Green Transition‘ (kortweg ‘EmpCo’) in. En die heeft grote gevolgen voor merken die (willen) claimen duurzaam te opereren. Dit is wat je moet weten.

Wat verandert er precies?

De EmpCo-richtlijn is geen op zichzelf staande wet, maar een aanpassing van de al bestaande wetgeving rondom oneerlijke handelspraktijken. Dat is ook meteen wat het zo ingewikkeld maakt, zegt Jellien Roelofs van Lasting Legal. Als jurist is ze gespecialiseerd in (het voorkomen van) greenwashing. En dat specialisme is hard nodig, ziet ze. ‘Als je geen jurist bent en de nieuwe richtlijn “wel even gaat interpreteren met AI”, mis je al snel nuance. Dat komt doordat er een heel groot raamwerk van consumentenrecht achter zit.’

Consumenten misleiden mocht hiervoor ook al niet. Met de EmpCo-richtlijn wil de EU vooral duidelijker maken wanneer er een groter risico is op misleiding rondom duurzaamheid, zegt Roelofs.

Jurist Jellien Roelofs

Jurist Jellien Roelofs: ‘Mensen denken vaak dat iets alleen als misleiding telt als ze het bewust doen, maar dat is niet zo.’

Kort gezegd mogen bedrijven alleen duurzaamheidsclaims maken als ze die goed kunnen onderbouwen én er duidelijke en toegankelijke informatie over verschaffen. Het is dus niet zo dat je helemaal niet (meer) mag zeggen dat iets duurzaam is. Maar als je het doet, moet je het goed uitleggen. Niet op een moeilijk vindbare pagina op je website, maar in de buurt van waar het staat.

Daarnaast is er een aantal dingen dat met invoering van de richtlijn niet meer mag, zoals een eigen duurzaamheidskeurmerk gebruiken (zoals Unilever deed) of een product ‘klimaatneutraal’ noemen als je de CO2-uitstoot ervan compenseert.

Wat telt als ‘duurzaamheidsclaim’?

Onder een duurzaamheidsclaim valt elke uiting die de consument het idee geeft dat een product een milieu- of klimaatvoordeel heeft. Dat kan een tekst zijn − op een verpakking, website of in een reclame − maar ook een plaatje, legt Roelofs uit.

Volgens de jurist is de wet in veel meer situaties van toepassing dan veel bedrijven denken. ‘Mensen denken vaak dat iets alleen als misleiding telt als ze het bewust doen. Maar het gaat erom dat de consument iets als duurzamer ziet dan het daadwerkelijk is, of dat nou expres is of niet.’

Ik heb een duurzaam product. Hoe kan ik dat bewijzen?

Er is geen concrete lijst van eisen waar een bewijs aan moet voldoen, zegt Roelofs. ‘Maar over het algemeen geldt: hoe externer, hoe betrouwbaarder.’ Een onafhankelijke life cycle analysis is bijvoorbeeld betrouwbaarder dan een eigen onderzoek. Maar de kosten daarvan lopen snel op.

Toezichthouder ACM heeft ook een speciaal document met vuistregels voor duurzaamheidsclaims.

Op welke bedrijven heeft dit de meeste impact?

Uiteindelijk moet de EmpCo-richtlijn een positief effect hebben op écht duurzame ondernemers: zij kunnen zich hiermee immers onderscheiden van alle bedrijven die lege duurzaamheidsclaims verkopen. ‘Het kaf van het koren scheiden’, noemt Roelofs dat. Maar ze erkent ook dat juist kleine duurzame ondernemingen in eerste instantie met veel werk en kosten worden opgezadeld. Duurzame ondernemers zijn immers degenen die hun hele unique selling point − en soms zelfs hun merknaam − hebben gebaseerd op duurzaamheidsclaims. Die moeten zij nu allemaal controleren en bewijzen.

Met een extra richtlijn wilde de EU financiële en operationele hulp bieden aan mkb’ers voor wie dat geldt. Maar die zogenoemde Green Claims-richtlijn is op een ‘juridisch discutabele manier’ gesneuveld in de laatste onderhandelingsfase, zegt Roelofs. ‘Wat overblijft, is eigenlijk een incompleet voorstel. Dat is één van de redenen dat er vrij veel verwarring over is.’

Waarom is er zo veel verwarring?

Onduidelijkheden rondom de nieuwe wetgeving ontstaan vooral doordat er veel ruimte is in interpretatie. De wet schrijft voor dat van geval tot geval bepaald moet worden wat als misleiding geldt, omdat veel afhankelijk is van de context. Dat is logisch, maar maakt het ook ingewikkeld.

Dat ‘eco’, ‘duurzaam’ en ‘biologisch afbreekbaar’ over het milieu gaan, staat buiten kijf. Bij veel andere woorden valt dat te betwisten. Roelofs: ‘Als KLM het over schonere brandstof heeft, is dat sowieso een duurzaamheidsclaim. Maar gebruik je het woord “schoon” op een schoonmaakmiddel, dan is het al een heel ander verhaal.’ Voorbeelden van woorden of formuleringen die hoe dan ook goed of fout zijn, worden dan ook niet gegeven. Er wordt ook geen definitie gegeven van wat als een keurmerk telt.

Krijg ik meteen een boete als ik van misleiding word beticht?

Elk EU-land heeft een eigen toezichthouder die verantwoordelijk is voor handhaving van de EmpCo-richtlijn. Hoe zij ermee omgaan, kan iets verschillen. De Nederlandse ACM is ‘proactief en pragmatisch’, zegt Roelofs. Eventuele boetes zijn niet het doel, maar een middel om misleiding te voorkomen.

Vorige maand nog sprak de toezichthouder cruiseaanbieder Captain Cruise aan op niet-onderbouwde duurzaamheidsclaims, waarna de misleidende claims werden verwijderd. Gebeurt dat niet, dan kan de ACM wel boetes opleggen.

Lees ook:

Waarom duurzaamheidsdoelen vragen om samenwerking en waarom die zo vaak stroef loopt

De druk op organisaties om te verduurzamen neemt toe. Wet- en regelgeving stelt strengere eisen, klanten en investeerders verwachten meer, en de uitdagingen worden groter en complexer. Wie daaraan wil werken, ontkomt niet aan partnerschappen. En wat je daarbij vaak ziet is dat het aanvankelijke enthousiasme in zulke samenwerkingen omslaat in frustratie.Leona Henry onderzoekt aan de Radboud Universiteit hoe zogeheten multi-stakeholderpartnerschappen functioneren bij duurzaamheidsvraagstukken. Ze kijkt bijvoorbeeld naar de mode-industrie, waar merken, leveranciers en ngo's samen werken aan duurzamere productie. Daarbij gaat het niet alleen om klimaatdoelen, maar ook om eerlijke lonen, veilige werkomstandigheden en het tegengaan van kinderarbeid.‘Duurzaamheidsuitdagingen zijn complexe systeemvraagstukken’, zegt Henry. ‘Als je aan één onderdeel trekt, merk je al snel dat alles met elkaar samenhangt: regelgeving, veiligheid, investeringen, technologie en maatschappelijke verwachtingen. Juist daarom heb je partners nodig die kennis, expertise of netwerken inbrengen die je als organisatie zelf niet hebt.’ Zelfde woorden, andere betekenis Een gedeelde ambitie is volgens Henry echter geen garantie voor succes. ‘Managers onderschatten vaak hoe verschillend organisaties denken en werken. Commerciële bedrijven zijn gewend snel beslissingen te nemen en te experimenteren. Overheden en ngo's nemen vaak meer tijd om besluiten zorgvuldig af te wegen. Dat heeft te maken met hun verantwoordelijkheden, financiering en achterban. Die verschillen zijn niet goed of fout, maar je moet ze wel herkennen en bespreekbaar maken.’Bovendien blijken partners regelmatig iets anders te bedoelen met dezelfde begrippen. Bij een circulaire economie denken bedrijven vaak vooral aan milieu en materiaalgebruik, terwijl andere partijen de nadruk leggen op sociale aspecten als arbeidsomstandigheden of werkgelegenheid. Ook de verwachtingen over ieders inbreng lopen uiteen. ‘Bedrijven investeren vaak financiële middelen, terwijl andere partijen vooral tijd, kennis of netwerken inbrengen. Als je daar vooraf geen duidelijke afspraken over maakt, ontstaan gemakkelijk misverstanden.’ Voorkomen: spreek verwachtingen uit De belangrijkste les uit Henry's onderzoek: maak verwachtingen vanaf het begin expliciet. ‘Veel frustratie is te voorkomen door vanaf het begin duidelijk te bespreken wat iedere partij bijdraagt, welke doelen er zijn en hoe besluiten worden genomen.’ Dat gaat niet alleen om geld, maar ook om tijd, expertise, contacten en verantwoordelijkheden.‘Vaak leeft impliciet de verwachting dat iedereen dezelfde inzet levert, op hetzelfde moment en op dezelfde manier. Dat is in de praktijk zelden realistisch’, aldus Henry. Heldere afspraken over rollen, verantwoordelijkheden en besluitvorming vormen daarom de basis voor een samenwerking die ook op de langere termijn standhoudt. Genezen: frictie als kans En als het toch wringt? Dan is de samenwerking niet mislukt, benadrukt Henry – integendeel. ‘Vrijwel ieder partnerschap bereikt een moment waarop duidelijk wordt dat niet alle verwachtingen zijn uitgesproken of dat belangen uiteenlopen. Dat hoeft geen eindpunt te zijn, maar kan juist een kans bieden om de samenwerking te verdiepen.’ Samenwerken aan duurzame impact vraagt nieuw leiderschap. De Radboud Universiteit ondersteunt organisaties via onderwijs voor professionals: van het ontwerpen van effectieve governance en waardengedreven AI tot het begeleiden van multi-stakeholderpartnerschappen en het ontwikkelen van toekomstbestendig leiderschap. Bekijk wat de Radboud Universiteit voor jou kan betekenen. Radboud Universiteit organiseert een gratis inspiratiewebinar “Van ESG-rapportage naar vertrouwen: geloofwaardigheid in corporate sustainability”. Meer informatie informatie en inschrijven. Opnieuw met elkaar om tafel gaan is dan essentieel. ‘Pas tijdens de samenwerking ontdek je vaak verschillen in werkwijzen, tempo of prioriteiten. De één wil wekelijks overleggen, de ander vindt één keer per maand voldoende. Of er blijken belangen te spelen die eerder niet expliciet zijn gemaakt, simpelweg omdat mensen hun eigen aannames vanzelfsprekend vinden.’Frictie hoort dus bij samenwerken. ‘Het gaat er niet om conflicten te vermijden, maar om ze constructief te bespreken.’ Een onafhankelijke procesbegeleider of mediator kan daarbij helpen. Daarnaast zijn goede governance-structuren cruciaal: duidelijke afspraken over besluitvorming, verantwoordelijkheden en inspraak zorgen ervoor dat alle partners zich gehoord voelen en betrokken blijven. AI maakt goede afspraken nóg belangrijker Naast deze organisatorische uitdagingen ziet Henry een ontwikkeling die partnerschappen alleen maar belangrijker maakt: de opkomst van AI en andere digitale technologieën. ‘In duurzame waardeketens wordt bijvoorbeeld steeds vaker gekeken naar blockchain om producten en grondstoffen beter traceerbaar te maken. AI kan organisaties helpen om emissies te voorspellen, materiaalstromen inzichtelijk te maken of duurzamere keuzes te ondersteunen.’Maar die technologieën roepen ook nieuwe vragen op. Wie bezit de data? Wie mag die gebruiken? Hoe waarborg je privacy, transparantie en eerlijkheid – en hoe verdeel je de voordelen én verantwoordelijkheden eerlijk over de partners?‘Juist omdat zulke technologieën verschillende organisaties met elkaar verbinden, worden goede samenwerkingsafspraken steeds belangrijker’, zegt Henry. ‘Digitale innovatie is daarmee niet alleen een technologische, maar vooral ook een bestuurlijke en maatschappelijke uitdaging.’ Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner Radboud Universiteit. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.