Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 19 maart 2017, 10:01

Amerikaanse start-up claimt primeur met duurzame lab-kipreepjes

De Amerikaanse start-up Memphis Meats claimt ’s werelds eerste kipreepjes te hebben ‘gekweekt’. Daarmee wil de onderneming een duurzaam alternatief bieden voor conventioneel vlees.

Shutterstock 147492935

Dat meldt de start-up op zijn website. De kipreepjes zijn gemaakt op basis van dierlijke cellen, die in een lab worden ‘opgekweekt’ tot grotere stukken vlees. Er hoeft echter geen dier voor te worden geslacht. Eerder wist Memphis Meats op deze manier ook al een gehaktbal uit het lab te maken.

Duurzaam vlees

Met het kweekvlees wil de start-up naar eigen zeggen een alternatief bieden voor vlees afkomstig uit de veehouderij, waarbij volgens Memphis Meats sprake is van milieudegradatie, dierenwelzijnsproblemen en gezondheidsrisico’s.

Het kweken van vlees in het lab heeft dan ook grote milieuvoordelen ten opzichte van de veehouderij, stelt de start-up. Zo gaat de productie van ‘lab-vlees’ gepaard met tot 90 procent minder land- en watergebruik en broeikasgasemissies dan conventionele vleesproductie. 

Het duurt waarschijnlijk nog wel even voordat de kweek-kip op ieders bord ligt. Het ‘vlees’ kost nu nog zo’n $ 18.000 per kilo, schrijft MIT Technology Review.

Hamburger uit het lab

Ook de Nederlandse wetenschapper Mark Post werkt aan de ontwikkeling van kweekvlees. Met zijn bedrijf MosaMeat hoopt hij in 2020 een betaalbare hamburger uit het lab op de markt te brengen. Twee jaar geleden kostte de productie van Posts kweekburger nog zo’n € 250.000.

Bron: Memphis Meats, MIT Technology Review | Foto: Shutterstock.com

Project van € 30 mln: Internet of Things voor duurzame landbouw

Eind februari gaven bedrijven, wetenschappers en kennis- en onderzoeksinstellingen in Amsterdam het startschot voor het project The Internet of Food & Farm 2020 (IoF2020). Tijdens een tweedaagse bijeenkomst presenteerden zij hun activiteiten gericht op de inzet van Internet of Things (IoT) in de landbouwsector. Tot het consortium behoren meer dan zeventig partners, waaronder Wageningen University & Research, Schuttelaar & Partners, KPN, Arhus University, LTO en Bayer.Doel van het Horizon 2020-project van de Europese Commissie is de komende vier jaar grootschalige implementatie van IoT in de Europese voeding- en landbouwsector te onderzoeken en innovaties op dit gebied te ontwikkelen. Het project, met een budget van € 30 mln, is een van de vijf Large Scale Pilots (LSP’s) van de Europese Commissie. Behalve op slimme landbouw en voeding richten deze pilots zich onder meer op slimme leefgebieden en zelfrijdende en verbonden auto’s.Meer lezen over de duurzame kansen van digitalisering? Klik hier om te lezen over succesvolle businesscases en de laatste ontwikkelingen binnen dit thema.Volgens Edwin Hecker, managing partner van Schuttelaar & Partners, en verantwoordelijk voor de communicatie en public affairs van IoF2020, zijn er een aantal grote sociale uitdagingen die moeten worden aangepakt als het gaat om de milieu-impact van landbouw en voedselproductie. “Precisielandbouw is daar een van de strategieën in, omdat je daarmee een veel milieuvriendelijkere en arbeids- en productievriendelijkere landbouw kunt realiseren”, legt Hecker uit. “Dat varieert van het veel nauwkeuriger toedienen van bijvoorbeeld water of spuitmiddel, waardoor er minder verlies optreedt, tot en met een veel diervriendelijkere landbouw.”"Verschillende use cases moeten leiden tot hogere opbrengsten, minder uitstoot en minder verlies van spuitmiddel en bemesting"Duurzame landbouwDe projectpartners werken de komende vier jaar dan ook aan de ontwikkeling van uiteenlopende innovaties. Zo zijn er vijf trials, gericht op akkerbouw, zuivel, fruit, groente of vlees. De trials zijn onderverdeeld in negentien use cases, waarin IoT-applicaties worden getest. Deze use cases worden uitgevoerd in heel Europa, onder meer op proefvelden bij boeren.“Een van de use cases is de ontwikkeling van een sensorband die koeien kunnen dragen. Met behulp van de sensoren weet de veehouder bijvoorbeeld waar zijn koeien grazen en hoe het met hun gezondheid is gesteld”, aldus Hecker. “Daarnaast wordt er ingezet op precisielandbouw. In verschillende use cases wordt er gewerkt aan innovaties die boeren kunnen helpen om gericht zaden te zaaien of nauwkeurig gewasbescherming en bemesting spuiten. Dat moet leiden tot een hogere opbrengsten, minder uitstoot en minder verlies van spuitmiddel en bemesting.”Technologie afstemmenVolgens Hecker worden er wereldwijd al verschillende innovaties op dit gebied ontwikkeld en gebruikt, maar die zijn vaak niet op elkaar afgestemd, waardoor ze niet met elkaar kunnen samenwerken. “Een van de grootste uitdagingen is de interoperabiliteit. Je kunt het vergelijken met je smartphone; daar passen ook geen laders van andere merken op. In de landbouwsector is dat een groot issue, omdat er veel gemengde bedrijven zijn, die zowel akkers als vee hebben”, legt Hecker uit.“Als de technologie tussen akkerbouw en zuivel niet op elkaar is afgestemd, wordt het voor een boer erg lastig om met twee verschillende systemen te werken. In IoF2020 betrekken we de eindgebruikers dan ook actief, zodat we kunnen testen wat werkt en wat niet. Zo worden technologieproviders gedwongen om rekening te houden met de eindgebruiker, ofwel de boer."“Niet alleen in de landbouw, maar ook wat betreft smart city’s, gezondheid en transport, wordt IoT een revolutie"Ecosysteem voor innovatieNaast het ontwikkelen en opschalen van innovatieve IoT-oplossingen voor de landbouwsector, is het doel van het project volgens Hecker ook om een ecosysteem te bouwen. Daarin moeten alle community’s, ook die van de andere projecten aan elkaar worden verbonden. “Dit ecosysteem moet ervoor zorgen dat we elkaar kunnen vinden, zodat de activiteiten ook na het project doorgaan”, aldus Hecker.Dat is volgens hem belangrijk, omdat andere projecten en sectoren van elkaars bevindingen kunnen profiteren. “Niet alleen in de landbouw, maar ook wat betreft smart city’s, gezondheid en transport, wordt IoT een revolutie. Dit gaat heel veel betekenen voor de maatschappij. Je koelkast weet straks wat je in de winkel moet bestellen of van welke producten in de koelkast de houdbaarheid bijna verloopt. Dat heeft met de agrifood-keten te maken. Maar ook als het gaat om mobiliteit en transport, met bijvoorbeeld zelfrijdende auto’s: het gaat allemaal veranderen.”RevolutieEr gebeurt al veel, stelt Hecker, maar toch staan we volgens hem nog aan de vooravond van de revolutie. “Er gebeurt vooral veel in die heel specifieke deelgebieden. We kunnen pas van een geslaagde revolutie spreken als de innovaties overal plaatsvinden en als het lukt om die innovaties en oplossingen met elkaar te verbinden. Er zit zoveel kennis in het consortium van IoF2020, daar moeten mooie dingen uitkomen.”Header-foto: Shutterstock.com, In tekst-foto: Edwin Hecker