Martijn van der Donk 13 juli 2018, 15:30

CBS: opnieuw meer koeien in de wei

De weidegang van melkkoeien is in in 2017 licht gestegen. Vorig jaar liepen 1,16 miljoen melkkoeien buiten, ongeveer 2 procent meer dan het jaar daarvoor. Dat blijkt uit de voorlopige cijfers van de Landbouwtelling 2018 van het CBS.

Shutterstock 596515157

Vooral bij grotere bedrijven met meer dan 100 melkkoeien is het aandeel waar koeien grazen toegenomen.  

Volgens de Landbouwtelling 2018, waarin gevraagd werd naar de weidegang van 2017, liep 68 procent van de 1,7 miljoen melkkoeien in Nederland buiten. In 2015 en 2016 was dat nog 65 procent. In 2010 kreeg nog circa 75 procent van de melkkoeien weidegang. Het ging toen om 1,10 miljoen dieren.

Opnieuw een stijging

Het aandeel melkveebedrijven dat weidegang toepast is in 2017 voor het tweede jaar op rij gestegen. Daarvoor hielden boeren hun vee steeds vaker op stal. Op 75 procent van de melkveebedrijven mochten alle melkkoeien vorig jaar de stal uit, op 3 procent van de bedrijven mocht een deel van de koeien naar buiten. Het aandeel bedrijven dat weidegang toepast ligt nog wel ruim onder het niveau van 2010 toen meer dan 80 procent van de melkveebedrijven de koeien in de wei liet lopen.

Deelweidegang

Wat opvalt is dat grotere bedrijven laten weer vaker melkkoeien in de wei lopen. Het aandeel bedrijven met 160 of meer melkkoeien dat de dieren laat weiden is in 2017 gestegen met 7 procent. Bij grotere bedrijven is ook vaker sprake van deelweidegang, waarbij niet alle koeien naar buiten gaan.

Lees ook:

Bron: CBS

Olie- en gasplatforms bieden ook ecologische kansen

Om en nabij olie- en gasplatforms maar ook windmolenparken leeft de zee vaak op, met ruimte voor bedreigde en exotische soorten. Zo worden de platforms vaak kunstmatige riffen met veel biodiversiteit.Biodiversiteit in kunstmatige riffenUit een enquête onder internationale milieu-experts van universiteiten, overheden en industrieën, mede-opgesteld door onderzoekers van Wageningen University & Research (WUR), blijkt dat 95 procent vindt dat per platform moet worden bekeken of het verwijderd wordt.“Het beleid is nu nog erg rigide,” stelt Joop Coolen, onderzoeker bij Wageningen Marine Research. “Dat heeft ook te maken met oude inzichten waarop die regels ooit zijn gebaseerd. We weten inmiddels veel meer over de positieve effecten van zo’n platform op de omgeving. Die moet je ook meenemen in een beslissing.”Ecologisch kan het beter zijn om een olie- of gasplatform slechts gedeeltelijk af te breken. “Op die manier kunnen we het leven behouden dat daar nu een plek heeft,” zegt Coolen. Overbeviste vissoorten kunnen zich bijvoorbeeld veilig voortplanten in de nieuwe ecosystemen. “Kabeljauw, kreeften of Noordzeekrabben vind je niet op kale zandbodems”, aldus Tinka Murk, hoogleraar Mariene Dierecologie aan WUR.Olie- en gasplatforms behouden voor ecosysteemMurk vindt dat een kunstmatig rif niet zomaar weggehaald mag worden, alleen maar omdat het er door mensen is neergezet. “Natuur is wat volgt op kansen, ook mensgemaakte,” legt Murk uit. Zij hoopt dat de resultaten van de enquête het beeld nuanceren dat de olie- en gasindustrie profiteert van het gedeeltelijk afbreken van olieplatforms.Ook Nederland staat voor keuzes over meer dan honderd kleine olie- en gasplatforms, en windmolenparken. “Het geplande nieuwe windmolenpark Borssele zal natuur-inclusief worden,” vertelt Coolen, “maar ook dat wordt onder huidige regels na dertig jaar gewoon weer verwijderd.” Dat is volgens Coolen een tegenstelling in het beleid dat op deze manier maar gedeeltelijk rekening houdt met de effecten op de omgeving.Murk hoopt dat er in Nederland meer geëxperimenteerd wordt met nieuw soort structuren in zee zoals bij de fundering van windparken. “Kunnen we geen slimme ontwerpen maken, waarmee we natuur terugbrengen die je nu alleen rond wrakken kunt vinden? Op die manier kunnen we de Noordzee juist verrijken met menselijk handelen”, aldus Murk. Bron: WUR | Foto: Adobe Stock