Eva Segaar 20 oktober 2021, 11:08

Farm to Fork strategie aangenomen door het Europees Parlement. Wat betekent dit?

Dinsdagnacht werd in het Europees Parlement gestemd over de Farm to Fork strategie van Frans Timmermans. De strategie moet ervoor zorgen dat we meer duurzaam en gezond eten gaan produceren. Met 452 stemmen voor, 170 tegen en 76 onthoudingen is de strategie aangenomen. Maar wat houdt deze strategie precies in?

Frans timmermans timmerfrans baard De Farm to Fork strategie werd samengesteld door onder meer Frans Timmermans, voorzitter van de Europese Commissie

De Farm to Fork strategie stelt een boel nieuwe regels voor op het gebied van landbouw, onder meer om de biodiversiteit te beschermen. Zo komen er reductiedoelstellingen voor het gebruik van pesticiden, moet het aandeel biologische landbouw groeien, worden de normen voor dierenwelzijn herzien, moet de emissie van de landbouw omlaag en moeten boeren voortaan een eerlijk deel van de winst voor duurzaam geproduceerd voedsel krijgen.

Op naar milieuvriendelijke landbouw

Een van de plannen is dus om biologische landbouw te laten groeien. Dat kan door de vraag naar biologische producten (veel) groter te laten worden. Nu is slechts 8,5 procent van de landbouwgrond in Europa in gebruik voor biologische landbouw en veeteelt, en dat moet 25 procent worden. De vraag naar bio-producten vergroten is het begin van meer biologische landbouw. Maar hoe dat precies moet gebeuren, en of dat percentage voor elk land gelijk is, dat is nog niet duidelijk.

Lees ook: Europese Commissie trekt miljarden uit voor biologisch eten uit de EU

Wat betekent dit voor onze landbouw?

De Nederlandse Europarlementariër Anja Hazekamp van de Partij voor de Dieren is blij met de uitkomst van de stemming. “De huidige EU-politiek drijft landbouwmodellen die slecht zijn voor het milieu, en maken het makkelijk om producten die niet duurzaam zijn te importeren. Met deze strategie kunnen we ons voedselsysteem weer terugbrengen binnen de grenzen van de planeet. Door lokale voedselproductie te stimuleren en af te stappen van intensieve veehouderij en monoculturen van gewassen met hoog gebruik van pesticiden. Een duurzaam voedselsysteem is cruciaal voor de toekomst van onze boeren.”

Dat een meerderheid van het Europees Parlement voor heeft gestemd, betekent dat de strategie is aangenomen. De volgende stap is dat de Europese Commissie een aantal wetgevingsvoorstellen in het kader van de Farm to Fork strategie gaat plannen.

Bedrijven stoppen steeds meer geld in duurzaamheid: 77 procent meer dan vorig jaar

Het bedrijfsleven zet steeds meer in op duurzaamheid, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In 2020 investeerden bedrijven voor 2,1 miljard euro in milieuvoorzieningen. Dat is 77 procent meer dan een jaar eerder, in 2019. Het meeste geld (94 procent) ging afgelopen jaar naar betere luchtkwaliteit en schonere energie, zoals luchtfilters, katalysators, windmolens en zonneparken. Andere investeringen werden gedaan in het verbeteren van waterkwaliteit (85 miljoen), het tegengaan van bodemverontreiniging (32 miljoen), het beperken van geluidshinder en het voorkomen van aantasting van de natuur (9 miljoen). Zo'n 4 miljoen ging naar het verwerken van afval. Duurzame uitgaven van bedrijven maakten in 2020 14,4 procent uit van de totale investeringen van bedrijven. Het jaar daarvoor was dat aandeel 6,9 procent. Meeste investeringen in energie Ook in 2015 en 2016 piekten de duurzame investeringen bij bedrijven. In beide jaren werd toen ongeveer 2 miljard geïnvesteerd in het milieu. Volgens het CBS komt dat door de afronding van grote projecten. "Milieu-investeringen kunnen van jaar tot jaar behoorlijk fluctueren. Dat komt bijvoorbeeld doordat grote projecten, zoals het bouwen van een windmolenpark op zee, in de cijfers meegenomen worden op het moment dat de windmolens in gebruik worden genomen", schrijft het CBS. De duurzame investeringen verschillen per bedrijfstak. Van 2020 is de verdeling nog niet bekend, maar in 2019 zijn de meeste duurzame investeringen gedaan door energiebedrijven. Andere grote investeerders zijn de chemie, de aardolie- en voedingsmiddelenindustrie. Samen waren deze vier bedrijfstakken goed voor 85 procent van de totale milieu-uitgaven.