Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 11 juli 2012, 08:00

Heineken vermindert CO2 door reisbeperking

Bierbrouwer Heineken heeft in één jaar tijd de CO2-uitstoot met 160 ton verminderd door het aantal reiskilometers van het personeel te beperken.

Heineken e1341933357461

De brouwerij kon de reiskilometers beperken door gebruik te maken van videosamenwerking. In meer dan vijftig verschillende landen heeft het bedrijf 160 videokamers geïnstalleerd, waardoor medewerkers uit de hele wereld eenvoudig deel kunnen nemen aan één van de achtduizend videoconferenties die er plaatsvinden binnen het Heineken-concern.

Virtuele campus

Daarnaast wordt er in Groot-Brittannië gebruik gemaakt van de ‘Polycom RealPresence’ software, waardoor de kantoren in Londen en Edinburgh veranderd zijn in een virtuele campus. Hierdoor hoeft het personeel niet meer tussen de twee steden te reizen, hetgeen afgelopen jaar al 1270 autoritten en 752 retourvluchten heeft gescheeld. Uiteindelijk bespaarde Heineken 315.000 Euro op reiskosten en werd er 160 ton minder CO2 uitgestoten.

Extra vergaderingen

“De HD-kwaliteit, het gebruiksgemak en de bijna levensechte beelden van het systeem hebben bij ons geleid tot meer gebruik van en vraag naar videosamenwerking. Medewerkers boeken veel vaker extra vergaderingen”, zegt Brendan Rafferty, IT-architect bij Heineken. “Het was niet eens nodig om dit systeem intern te lanceren. Alleen mond-tot-mondreclame was voldoende om deze oplossing onderdeel te maken van de dagelijkse bedrijfsvoering.”

Tablets en mobiele telefoons

Nu het gebruik van videosystemen is ingevoerd in de bedrijfsvoering, zoekt Heineken naar mogelijkheden voor het gebruik van de software op tablets en mobiele telefoons. “Heineken zal fors blijven investeren in mobiele en tablettechnologie,” zegt Jem Anderson, IT-manager bij Heineken. “Ons salesteam zal video inzetten om in contact te blijven met collega’s en klanten. Dit vermindert aanzienlijk de tijd die nodig is voor een-op-eengesprekken.”

Bron: Marqit
Foto: Ngo Quang Minh

Bedrijven zien toekomst in offshore windenergie

inmiddels van te profiteren. Sinds bondskanselier Angela Merkel vorig jaar besloot om de focus te leggen op duurzame energie, gaat het goed met Duitse bedrijven in deze sector. Een grote rol is weggelegd voor windmolens op zee: offshore windenergie. De hoeveelheid opgewekte energie moet van 200 megawatt in 2011 naar tienduizend megawatt in 2020 groeien. Voor een bedrijf als BLG Logistics, dat voor de logistiek van de windturbines zorgt, is de steeds grotere offshore-markt ideaal. Ze verwachten dit jaar €15 tot €20 mln inkomsten te genereren, terwijl ze nog maar net zijn begonnen. Het bedrijf gelooft dat de inkomsten in 2016 kunnen groeien naar €50 tot €100 mln. Windturbines op zee Offshore windparken zijn interessantere investeringen dan windmolens op land, aangezien het meer energie oplevert. Wel zijn de kosten hoger, omdat de bouw én mogelijke reparaties nu eenmaal gemakkelijker op land uitgevoerd kunnen worden. Het vervoer van de windmolens is ook lastig: de grootste turbines kunnen wel 65 meter lang zijn en 950 ton wegen. “Het zijn de grootste in zijn soort, daarom heb je uitgebreide mechanismen nodig om ze van A naar B te brengen,” zegt Wellbrock, logistiek leider bij BLG Logistics. Het bedrijf ontwikkelde een speciale drager waarmee de gigantische turbines op schepen geplaatst kunnen worden. Hierdoor kunnen ze sneller vervoeren dan concurrenten. Toekomst voor windenergie “We denken dat 2015/2016 de beste jaren zullen zijn voor windmolens, omdat dan het grootste gedeelte van de offshore windparken in gebruik wordt genomen,” aldus Colm O’Connor, fondsbeheerder bij het KBI Alternative Energy fonds. Colm O’Connor verwacht dat de offshore windmarkt tot 2020 sterk zal groeien. Geen wonder dat logistieke bedrijven als BLG Logistiscs de toekomst rooskleurig tegemoet zien. De economische crisis is hen vreemd. Europese windenergie Negentig procent van alle offshore energie komt uit Europa. Vooral uit Groot-Brittannië, Denemarken, Duitsland en Nederland. De Noordzee en Baltische zeeën zijn uitstekende locaties voor windenergie. Ook is de infrastructuur in deze landen goed én herbergt Denemarken grote turbinebouwers: Vestas, Gamesa en Siemens. Als het aan Duitsland ligt wordt de duurzame positie nog sterker. De grootste economie van Europa wil dat de energiebehoefte in 2020 voor 35 procent uit hernieuwbare energie bestaat. In 2050 moet dit percentage zijn opgelopen naar 80 procent. Bron: Reuters Foto: Sean Marshall