Hannah van der Korput
12 mei 2023, 16:00

Hoe zelfrijdende trekkers de boer én de bodem kunnen ontlasten

Rienk Landstra en Joris Hiddema zijn niet nieuw in de wereld van landbouwvoertuigen. Hun zelfrijdende trekkers zijn dat wel. Hiermee willen ze de boer én de bodem ontlasten.

DJI 0211 cropped Doordat de trekkers zelfstandig op het land rijden, kan de boer veel tijd besparen. | Credits: AgXeed

De twee heren werkten eerder bij een fabrikant van landbouwvoertuigen. “Het voelde een beetje alsof ik onderdeel was van de verkeerde trend”, vertelt Landstra. “Omdat er steeds minder arbeidskrachten beschikbaar zijn om met landbouwmachines op het land te rijden, worden de voertuigen alsmaar groter en zwaarder. Dat is niet per se de juiste manier om de bodem te ontlasten. Ik wilde het anders doen, en met mij nog een paar collega’s.”

Autonome trekkers

In 2018 werd AgXeed gestart. Het bedrijf ontwikkelt zelfrijdende trekkers. “We zijn gewoon begonnen”, zegt Hiddema. “Onze trekkers hebben we zelf ontworpen, van het tekenen tot het programmeren.” Dat is een hele klus, geeft hij toe. Toch reed het eerste prototype al na anderhalf jaar zelfstandig het eerste rondje. “Vervolgens hebben we veel getest en de nodige aanpassingen gedaan. In 2022 konden we de robots gaan verkopen”, vult Landstra aan.

Bodem

De zelfrijdende trekkers van AgXeed zijn licht van gewicht, waardoor de grond minder wordt belast. Door de hoge druk van het huidige materieel wordt de bodem samengedrukt, waardoor bodemverdichting kan ontstaan. De grond krijgt minder zuurstof, het bodemleven neemt af, gewassen nemen minder voedingsstoffen op en regenwater wordt slecht afgevoerd. “De bodem kan zich op zekere hoogte nog wel herstellen”, meent Landstra. “Maar hoe vaker en hoe intensiever het landgebruik, hoe lastiger dat wordt.”

Door bodemverdichting nemen de opbrengst en de kwaliteit van gewassen af. “Een ongezonde bodem heeft bijvoorbeeld meer chemicaliën en kunstmest nodig om te presteren. Zo kom je in een neerwaartse spiraal terecht”, aldus Landstra.

Boer

Doordat de trekkers zelfstandig op het land rijden, kan de boer veel tijd besparen. Volgens Hiddema gaat het aantal arbeidsuren op de trekker met zo’n 50 tot 90 procent naar beneden. “Voordat de robot aan het werk kan, meten we eenmalig de grenzen van het perceel in”, zegt Hiddema. “Bomen en andere objecten op het land worden ook opgemeten, zodat de trekker daaromheen kan werken.” Natuurlijk kunnen er ook onbekende obstakels op het land verschijnen: denk aan vogels en mensen. Deze spot de trekker met geluidssensoren en laserlichten. Eerst mindert de robot vaart, indien nodig komt ‘ie tot stilstand.

De landbouwvoertuigen kunnen dag en nacht worden ingezet. In de praktijk is dat soms nog wennen, ziet Landstra. Hij vertelt over een boer die de machine laat in de avond aanzet, zodat er ’s nachts kan worden doorgewerkt. “Hij programmeerde de robot op dezelfde snelheid waarmee hij zelf met de trekker over het veld ging. De robot was binnen twee uur klaar en stond vervolgens uren stil. Later kwam het inzicht dat het beter is om de snelheid veel lager te zetten. Het werk wordt dan netter gedaan en tegen een veel lager brandstofverbruik. Het werkproces met een robot gaat dus net even anders.”

Software

Naast autonome trekkers heeft AgXeed ook software ontwikkeld. Hiermee kunnen boeren onder andere veldplanningen maken. Hiddema: “Dit gebeurt online. De boer maakt een routeplan, dit wordt opgeslagen en met een druk op de knop naar de robot gestuurd. Die gaat dan aan de slag.”

Terwijl ze hun taak uitvoeren, registreren de zelfrijdende robots van alles op het land. “Zo is het mogelijk om meer en vaker te meten. Als het nodig is, kan er tijdig worden ingegrepen op basis van alle beschikbare data. Ook kunnen boeren hun arbeidsprocessen inzien. Dat maakt het makkelijker om na te gaan welke omstandigheden voordelig of juist nadelig zijn in het teeltproces”, aldus Hiddema.

Omschakelen

Landstra en Hiddema zijn ervan overtuigd dat hun robots een bijdrage kunnen leveren in de omschakeling van traditionele naar meer natuurlijke landbouw. Hiddema: “Sommige boeren willen wel biologisch telen, maar dat is nog een hele uitdaging. Biologische middelen zijn beter voor de grond, maar ook minder krachtig. Dat betekent dat men ze vaker moet gebruiken en dus vaker het veld in moet. De mankracht om steeds de akker op te gaan en een klein stuk grond te behandelen, is er simpelweg niet. Wanneer je een trekker alleen op pad kan sturen, is het ineens wél mogelijk.”

Doorgroeien

Inmiddels rijden er drie type trekkers van AgXeed rond in Nederland, Frankrijk, Australië en Canada. Om door te kunnen groeien, deed AgXeed mee met het Fastlane programma van Invest-NL. Jonge bedrijven krijgen begeleiding en coaching van experts om op te schalen. De ondernemers willen uitbreiden om nog meer boerenbedrijven te helpen. “Klanten zijn heel enthousiast over onze robots. En naast de boer ontlasten we ook de grond. Zo willen we op meerdere manieren positieve impact maken”, aldus Landstra.

Meer duurzame ontwikkelingen in de landbouw:

Transitie op alle fronten, maar hoe zit het met de politiek en de media?

Heel veel start-ups ontwikkelen plannen en ideeën die het enthousiasme voor de klimaat- en energietransitie aanwakkeren. Media besteden er willekeurig en mondjesmaat aandacht aan, want problemen en schandalen nemen sinds jaar en dag veel meer ruimte in. Het leidt hoe dan ook niet tot meer vertrouwen in de journalistiek, wel tot meer lezers, luisteraars en kijkers die nieuws-moe of nieuws-mijdend worden. Want van alleen maar verhalen over dreigende droogtes, nooit eindigende oorlogen en migratie-impasses waar veel landen onder lijden word je ook niet vrolijker en je komt er geen stap verder mee. En nieuwe inzichten worden te weinig aangedragen. Nu helpt de politiek ook niet mee de zinnen te verzetten. Volgens het jaarlijkse vertrouwensonderzoek van het CBS heeft nog maar 25 procent vertrouwen in de Tweede Kamer, vooral vanwege een aaneenschakeling van crises: corona, stikstof, gaswinning en toeslagenaffaire. Er lijkt weinig kans op verbetering voor volgend jaar, want op de dag dat het CBS deze cijfers publiceerde, kwam er een stortvloed aan kritiek voorbij over de ‘migratie-impasse die ons land beschadigt’, zoals De Telegraaf schreef. Het politieke spel dat gespeeld wordt, maakt het cynisme jegens de politiek alleen maar groter, schreef de krant: ‘In kabinetskringen wordt de houdbaarheidsdatum van Rutte IV wel eens gekoppeld aan de besluitvorming over het migratiebeleid. Maar gezien de belabberde staat van de coalitie in de peilingen zal het waarschijnlijk bij het uiten van de welbekende stoere taal blijven, zonder écht ingrijpen. Een kabinetsval nu betekent immers het einde van veel coalitie-carrières.’ Uitgerekend een paar mastodonten van een deerniswekkende generatie die ooit de Fine Fleur vertegenwoordigden, proberen de politiek een ander aanzicht te geven door met constructieve voorstellen te komen. Johan Remkes wilde het slepende stikstofverhaal uit de impasse halen en een aanzet voor perspectief bieden met zijn rapport ‘Wat wel kan.’ Ed Nijpels, kwartiermaker van de klimaattafel, wil nu Bonaire vooruit helpen door klimaatbeleid gelijk op te laten gaan met bestrijding van armoede. In NRC zegt hij: ‘Het ontbreekt de bijzondere gemeenten in Caribisch Nederland aan personeel, financiële middelen én de kennis om klimaatbeleid goed op te zetten. Het Rijk moet zijn verantwoordelijkheid nemen om Bonaire, Sint Eustatius en Saba klimaatbestendig te maken.’ Zijn advies heeft een al even opbeurende naam als Remkes voor de stikstofaanpak bedacht: ‘Het is nooit te laat.’ De Klimaattafel moet nú met een concreet klimaatakkoord voor Bonaire komen, bepleit hij, met een onafhankelijke voorzitter. In NRC: ‘Als je dat niet volledig onafhankelijk van alle politieke belangen én het bestuursapparaat in Nederland organiseert, krijg je het niet voor elkaar. Want als je onderdeel wordt van het politieke spel, gebeurt wat met alle plannen gebeurt: ze worden niet uitgevoerd.’ Het wachten is op de nieuwe generatie politici die dit soort inzichten nu al in de praktijk gaat brengen en bereid is een stap verder te gaan. Die een echte transitie wil inzetten en het politieke spel zoveel mogelijk wil breken, op weg naar een nieuwe orde. Daarin zal ook de journalistiek, een zeer conservatieve beroepsgroep, grote sprongen moeten maken. Aanzetten daartoe zullen in deze columns een plaats krijgen.