Herwin Thole 03 juni 2024, 14:00

Krijn de Nood stopt als Meatable-CEO door strenge EU-regels rond kweekvlees: ‘De balans is zoek’

De Nederlandse topman van kweekvleesproducent Meatable Krijn de Nood vertrekt in juni als CEO. Over de reden is hij duidelijk tijdens het Upstream Festival in Rotterdam: regelgeving maakt het moeilijk voor het bedrijf om in Europa te groeien. Een Amerikaanse CEO moet Meatable in de VS neerzetten.

Schermafbeelding 2024 06 03 130339 Krijn de Nood draagt op 17 juni het stokje over aan Jeff Tripician, die de nieuwe ceo van Meatable wordt. | Credits: Meatable

“De regelgeving is de belangrijkste reden waarom ik nu terugtreed als CEO”, zegt De Nood woensdag tijdens het Upstream Festival. Daar werd hij op het podium geïnterviewd over zijn bedrijf Meatable.

De verkoop van kweekvlees is in de Europese Unie op dit moment verboden uit veiligheidsoverwegingen. En het kan nog jaren duren voor die toestemming er komt. Singapore, Israël en de Verenigde Staten hebben wel groen licht gegeven voor de verkoop van vlees gemaakt uit cellen van levende dieren.

Amerikaanse topman

Meatable wil later dit jaar de markt op in Singapore, daarna volgt de commerciële lancering in de VS. Om die stap naar de Amerikaanse markt te maken, stelt de kweekvleesproducent een nieuwe CEO aan.

Op 17 juni geeft De Nood het stokje door aan Jeff Tripician, een Amerikaanse topman met meer dan een kwart eeuw ervaring in de vleesindustrie. Hij stond eerder aan het hoofd van Grass Fed Foods, het grootste platform voor grasgevoerd rundvlees van de VS. Ook werkte hij voor de Perdue Premium Meat Company.

“Het voelt dubbel”, vertelt De Nood. “Aan de ene kant was ik dolgraag doorgegaan met het avontuur dat we zes jaar geleden zijn gestart. Aan de andere kant is het gaaf dat we nu op het punt zijn om zo’n stap naar de VS te maken.”

De start van kweekvlees

Meatable is in 2018 opgericht door De Nood en Daan Luining. Die laatste was betrokken bij de eerste hamburger uit het lab, die in 2013 werd gepresenteerd door de Nederlandse wetenschapper Mark Post. Dat leidde uiteindelijk tot Mosa Meat, een andere kweekvleesmaker uit Nederland.

Luining ontwikkelde ondertussen met professoren van Cambridge en Stanford een nieuw procedé voor de productie van kweekvlees: met één enkele cel, in plaats van voor elke partij bijvoorbeeld serum van een kalverfoetus te gebruiken. Samen met De Nood, die na bijna zeven jaar McKinsey toe was aan een nieuw avontuur, startte hij Meatable.

Sinds de oprichting haalde het duo zo’n 85 miljoen euro op bij investeerders, waarvan 30 miljoen euro afgelopen jaar. Daarmee werd de technologie verder ontwikkeld. Meatable kan nu in vier dagen een gecultiveerd varkensworstje produceren. Daar hangt alleen wel een prijskaartje aan van ongeveer 75 euro. Veel goedkoper dan de eerste kweekvleesburger ruim een decennium geleden van 250.000 euro, maar nog niet concurrerend met vlees uit de supermarkt.

Proeverij met kweekvlees

Vorige maand konden de eerste mensen het kweekvarkensworstje proeven. De Nederlandse overheid heeft vergunningen verleend zodat kweekvleesbedrijven een proeverij kunnen houden. Chef-kok Ron Blaauw had op het Leidse kantoor van Meatable een luxe hotdog met broodje klaargemaakt voor een select gezelschap.

Hoe het worstje smaakte? De Nood: “Het gekke is dat als je het proeft, het bijna een teleurstelling is. Omdat je iets heel speciaals verwacht. Maar dan stop je het in je mond en is het gewoon een worst. Het spannende is de manier waarop het geproduceerd is.”

De Nood bereidde de aanwezige journalisten daarom voor op de ervaring. “Ik begon mijn praatje met: vandaag is een heel normale dag waarop we iets heel normaals gaan doen: een heel normaal worstje eten.”

Voor De Nood was die dag een ‘mooi afscheidsmoment’ om zes jaar Meatable mee af te sluiten. Na 17 juni blijft hij wel betrokken bij het bedrijf, als lid van de board of directors.

Groeien buiten Europa

Voorlopig blijft het voor Meatable bij proeverijen. Massaproductie van kweekvlees is nog ver weg. Maar De Nood heeft geduld: hij heeft zijn blik gericht op de lange termijn. “Als we de komende dertig jaar de groei van de vleesmarkt kunnen remmen, dan doen we het denk ik goed.”

Dat moet voorlopig dan wel gebeuren buiten Nederland, en ook buiten Europa. De EU beoordeelt kweekvlees als zogeheten ‘novel food’, een nieuw voedingsmiddel. Om zo’n product op de markt te brengen moet er een aanvraag worden gedaan bij de European Food Safety Authority. Door de strenge procedure kan toestemming nog jaren duren.

“Met de board hebben we vastgesteld dat er geen toekomst voor ons is in Europa”, zegt De Nood. “We zijn een Europees bedrijf en zouden graag hier als eerste naar de markt zijn gegaan. Maar nu moeten we naar Singapore.”

Singapore schakelt snel

De Aziatische stadstaat loopt voorop in voedselinnovatie. Dat is een bewuste keuze. Zo’n 90 procent van al het voedsel wordt nu geïmporteerd, wat Singapore erg afhankelijk maakt van andere landen. Daarom wil het land in 2030 30 procent van zijn voedsel binnen de eigen grenzen produceren. Daarvoor kijkt Singapore naar nieuwe technologieën als kweekvlees.

Meatable is met open armen ontvangen. De overheid heeft de afdeling voedingsregulering flink uitgebreid, daardoor kan de kweekvleesproducent snel schakelen met de lokale autoriteiten. De Nood: “Als we ‘s avonds een e-mail sturen, dan hebben we de volgende ochtend antwoord. Ik overdrijf een beetje, maar niet veel.”

Vergeleken daarbij is het proces in Europa traag als stroop. Op de website van de European Food and Safety Authority kunnen bedrijven hun aanvraag indienen. “Binnen 18 maanden hoor je van ons, staat erbij”, zegt De Nood.

VS is meer business-minded

De VS zit een beetje tussen Europa en Singapore in, aldus de topman van Meatable. De Amerikaanse toezichthouder FDA “ziet het als hun taak om jou in staat te stellen daar zaken te doen”, zegt De Nood. “Zulke dingen hoor je niet van een Europese toezichthouder. De focus ligt hier veel meer op het beschermen van burgers. Dat is goed, maar waar is de balans?”

Volgens De Nood hebben bedrijven in de VS ‘enorme voordelen qua regelgeving’ vergeleken met Europese concurrenten. Daar is hij bezorgd over. “Je ziet het nu ook met AI, of met een technologie als crispr-cas. Hier wordt dat gezien als genetische modificatie, in de VS niet.”

De strenge regelgeving in de EU is de belangrijkste reden voor het kweekvleesbedrijf om de focus te verleggen naar de VS. “R&D blijven we doen in Nederland. Maar als Meatable een succes wordt in de VS, dan zal men daar voornamelijk de vruchten ervan plukken.”

Dit artikel verscheen oorspronkelijk bij MT/Sprout.

Lees ook:

Record aan zonne-energie in natste meimaand ooit

Dat blijkt uit de maandcijfers van Energieopwek.nl, een samenwerking van het Nationaal Klimaat Platform met EnTranCe/Hanzehogeschool Groningen, Tennet en Gasunie. Zon grootste energiebron Zonne-energie was in mei de grootste duurzame energiebron: 35 procent van alle stroom en 20 procent van alle energie kwam uit zonnepanelen. Dat terwijl het volgens het KNMI de natste meimaand was sinds het begin van de metingen. Er viel gemiddeld 127 millimeter regen, terwijl 55 millimeter normaal is. Het vorige record stamde uit mei 1983, toen er 115 millimeter regen viel. Ook de zon scheen minder dan gemiddeld. Het KNMI telde 199 zonuren, terwijl 218 het gemiddelde is. Dat er desondanks zoveel zonne-energie werd opgewekt, komt door de enorme toename van het aantal zonnepanelen. Sinds begin dit jaar is Nederland wereldkampioen, met een totaal vermogen van 24,4 gigawatt en gemiddeld 3,5 zonnepanelen per inwoner, het hoogste van de hele wereld. Biomassa produceert meer energie Windenergie, in april nog goed voor bijna 40 procent van alle groene stroom, had in mei slechts een aandeel van 20 procent. Gekeken naar alle energie – dus ook naar warmte – produceerde biomassa zelfs meer petajoules dan wind. Bij elkaar opgeteld produceerden ze wel weer de helft van alle hernieuwbare energie.Vaker negatieve prijzen Door alle wind- en zonnestroom is er vaak meer aanbod aan groene stroom dan vraag, zeker in winderige weekeinden met veel zon. Exporteren is dan niet altijd een optie omdat in omringende landen ook weinig vraag naar stroom is. Op zulke momenten wordt de elektriciteitsprijs negatief. Dat was tot en met 2 juni dit jaar in totaal al 176 uur het geval. Vorig jaar was dat in de eerste vijf maanden 100 uur het geval. 10 procent zon en wind niet gebruikt Op dat soort momenten kiezen producenten er noodgedwongen voor om windturbines stil te zetten en zonnepanelen af te schakelen. Anders moeten ze betalen voor hun geleverde stroom. Hoe vaak dat gebeurt, is nog onduidelijk. Daarvoor ontbreken de data. Alleen voor wind op zee kan Energieopwek.nl meetgegevens zien. Op basis van voorlopige modellen is de schatting dat in mei zo’n 10 procent van het productiepotentieel van wind en zon niet is gebruikt. Dat is ongeveer 400 gigawattuur. Ter vergelijking: het totale stroomverbruik van Nederland is ongeveer 300 gigawattuur per dag. Deze verloren stroom zou opgeslagen kunnen worden in batterijen, power-to-heat-systemen of met elektrolysers omgezet kunnen worden in groene waterstof. Investeringen hierin komen volgens het klimaatplatform maar mondjesmaat tot stand. Doel voor 2030 In het Klimaatakkoord is afgesproken dat in 2030 gemiddeld 70 procent van de stroom hernieuwbaar moet zijn. In april zat Nederland al boven dat percentage, vorige maand weer niet. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) gaat ervan uit dat 85 procent haalbaar is. Het klimaatplatform benadrukt op zijn beurt steeds dat stroomverbruik slechts 20 procent uitmaakt van de totale Nederlandse energieconsumptie. De meeste energie – 55 procent – gaat naar warmte voor gebouwen, woningen en industrie. Lees ook: ‘Perfect storm’ treft zonnepanelenbranche: vraaguitval, politiek gedoe en slechte persNederland nu ook wereldkampioen zonne-energieIn april was driekwart van alle opgewekte stroom in Nederland groenNederland exporteert overschot aan groene stroom steeds vaker naar het buitenland