Jaime Donata 05 juni 2020, 12:52

Melk maken zonder koeien: de nieuwe missie van De Vegetarische Slager

De oprichters van De Vegetarische Slager starten een nieuw project om duurzame kaas en melk te maken. Een uitdagende missie, want kaas blijkt nog ingewikkelder om te maken zonder dieren dan kip, gehakt of worst.

Adobestock 309010910

December 2018. Jaap Korteweg en Niko Koffeman doen De Vegetarische Slager over aan Unilever. Nu zijn ze terug met een nieuwe project: Vegan Cowboys, waarmee ze caseïne en andere dierlijke eiwitten die nodig zijn voor de bereiding van kaas en boter, willen laten produceren van gras.

Of ze met hun plannen voor veganistische zuivel niet wat aan de late kant zijn weten ze niet, maar Jaap Korteweg kijkt naar de kansen die er liggen: “Er zijn op dit moment wereldwijd vijf of zes spelers die serieus bezig zijn met veganistische zuivel. Je hebt in Amerika een partij die vegan ijs maakt, maar er zijn eigenlijk nog nauwelijks veganistische zuivelproducten op de markt. Uiteindelijk gaat het om een goed product. Wij waren ook niet de enige op de markt toen we begonnen met De Vegetarische Slagers – maar kijk eens waar dat is geëindigd.”

Lees ook: Ons profiel van Jaap Korteweg

Overname van een Belgisch eiwittenbedrijf

Korteweg gaf zichzelf 10% procent kans van slagen toen hij samen met Niko Koffeman begon aan het avontuur om goede en lekkere vegetarische vleesvervangers op de markt te brengen. De verkoop van De Vegetarische Slager aan Unilever in 2018 gaf de twee duurzame ondernemers ruimte en tijd om na te denken over het maken van veganistische zuivel. Korteweg: “Voor dit avontuur gaf ik mezelf aanvankelijk 1% kans op slagen, maar toen ik stuitte op het Belgische laboratorium Oxyrane waar men was geslaagd om een humaan eiwit te maken zonder eiwit, wist ik dat het de moeite zou kunnen lonen om te kijken of we ook dierlijke eiwitten kunnen nabootsen met planten.”

Melk van gras zonder koe

Begin 2019 is de kogel door de kerk en nemen Korteweg en Koffeman het complete laboratorium over, inclusief personeel. Korteweg: “We willen onze vega-zuivel echt van gras maken – net zoals in de natuur, doorfermentatie na te bootsen, een proces dat ook plaatsvindt in de koeienmaag. Daarin zijn we wel uniek. Gras is het meest duurzame gewas dat er is. Het heeft geen kunstmest en bestrijdingsmiddelen nodig, dus je kunt het echt 100% biologisch telen. Toen we vorig jaar begonnen, zeiden wetenschappers dat het onmogelijk was – melk maken van gras, zonder koe. Maar een half jaar later hoorden we: het kan wel, het kost alleen tijd en geld.”

Those Vegan Cowboys

Those Vegan Cowboys, zoals Korteweg en Koffeman zich nu noemen, denken ongeveer zeven jaar nodig te hebben om op serieuze schaal met producten op te markt te komen. ‘’Al hopen we wel al eerder op kleinere schaal iets lekkers te kunnen presenteren. Het is een complex onderzoek. Maar als het lukt, draagt dit project zeer positief bij aan dierenwelzijn en een eerlijkere voedselverdeling. Veeteelt neemt momenteel 70% van het huidige landbouwareaal in beslag. Als je dit areaal gebruikt voor plantaardig vlees en zuivel heb je maar de helft of minder nodig, wat de biodiversiteit sterk ten goede zou komen.’’

Lees ook: Waarom werd de Vegetarische Slager verkocht?

Bron: Those Vegan Cowboys | Beeld: Adobe Stock

Van corona-brandhaard naar fietsstad: Milaan richt de blik op de toekomst

Met het plan Strade Aperte, oftewel open straten, introduceert het economische hart van Italië een aantal ambitieuze maatregelen voor duurzame mobiliteit. De stad gaat 35 kilometer aan straten en wegen verbouwen om meer ruimte te maken voor voetgangers en lichte vervoersmiddelen als fietsers, elektrische scooters en steps. Op sommige plekken zijn auto’s straks niet langer welkom, andere wegen krijgen een snelheidslimiet van 30 kilometer per uur.Het zijn dappere besluiten, vindt Andrea Giaretta, general manager van de Italiaanse divisie van de startup Dott. Dit bedrijf biedt elektrische deelsteps aan in verschillende Europese steden, die bovendien rijden op 100 procent duurzame energie. Binnenkort breidt Dott uit naar Milaan. Waar verschillende steden nu tijdelijk fiets- en voetpaden verbreden, zijn de veranderingen in Milaan volgens Giaretta structureel. “Er komt een nieuwe infrastructuur. Dat is niet tijdelijk.”Mobiliteit voor burgersVoor het coronavirus om zich heen greep, groeide het aantal aanbieders van deelmobiliteit gestaag in steden. Een ontwikkeling die ongetwijfeld doorzet in het post-corona tijdperk. Voor toeristen zijn deelfietsen, -scooters en -steps de ideale manier om de stad te verkennen.Dott richt zich echter niet op toeristen, maar op de Milanese burger. “We wilden iets creëren dat betekenis heeft voor de locals. Milaan is een vervuilde stad, niet alleen wat betreft de luchtkwaliteit, maar ook qua ruimte en geluid. Met onze elektrische deelsteps dragen we bij aan een schonere stad en maken we het dagelijks leven van bewoners prettiger”, vertelt Giaretta. Zelf woont hij sinds 2014 in Milaan en mist hij de auto als kiespijn. “Voor mij staat een auto gelijk aan kosten en een frustrerende zoektocht naar een parkeerplaats. Als je dat afweegt tegen die paar ritten in de week, dan is het geen handige optie. Niet voor je portemonnee en niet voor je stresslevel.”Dott mikt overigens niet alleen op lokale gebruikers, maar wil ook lokale werkgelegenheid creëren. Dat was al belangrijk in Italië en wordt door de coronacrisis alleen maar belangrijker. Alle steps worden in-house gerepareerd door monteurs die Dott zelf opleidt. Voor het recyclen van beschadigde onderdelen werkt het bedrijf met lokale partners.Balans in het ecosysteemWie aan Italiaanse steden denkt, denkt aan auto’s. Normaal gesproken rijden er per dag 700.000 mensen met de auto door Milaan. Toch leent de stad zich goed voor andere vormen van vervoer. Qua oppervlak is Milaan een compacte stad, met een doorsnede van zo’n 15 kilometer. De gemiddelde afstand van het woon-werkverkeer is nog geen 4 kilometer. Ideale afstanden om af te leggen per fiets, scooter of step. “Zoals veel Italiaanse steden is Milaan gebouwd in de Middeleeuwen. De straten zijn ontworpen voor wandelaars en lichte voertuigen, niet voor auto’s”, zegt Giaretta.Alle auto’s de stad uit krijgen is echter niet Giaretta’s doel. Het gaat volgens hem om de balans in het ecosysteem. “Als er straks minder auto’s zijn, wordt het ook weer aantrekkelijker om de auto te pakken. Dan zijn er minder files en kun je weer makkelijker een parkeerplek vinden. Dat is prima, maar daarnaast moeten er andere betrouwbare opties zijn. Op die manier werkt mobiliteit voor iedereen.”MomentumDuurzame mobiliteit is geen nieuw onderwerp voor het Milanese stadsbestuur. Marco Granelli, de viceburgemeester en wethouder voor infrastructuur, zette zich er al jaren voor in. Met de beperkte mogelijkheden om afstand te houden in het openbaar vervoer, waar dagelijks 1.4 miljoen mensen gebruik van maakten, is het te verwachten dat het aantal auto’s straks alleen maar toeneemt. Met nog meer files en milieuvervuiling tot gevolg. Met Strade Aperte wil het stadsbestuur voorkomen dat het verkeer na de coronacrisis helemaal vastloopt. “Lichte voertuigen nemen veel minder ruimte in, terwijl ze vaak hetzelfde aantal mensen vervoeren, namelijk één persoon”, zegt Giaretta.Waarom lukt nu wel wat voorheen niet lukte? “Milanezen gebruiken de auto omdat er te weinig aantrekkelijke alternatieven zijn. Als je de infrastructuur aanpast terwijl die volop gebruikt wordt, dan blokkeer je iets waar mensen van afhankelijk zijn. Daar krijg je weinig mensen in mee. Maar nu is  er momentum, want iedereen is thuis. Dat biedt ruimte om de stad anders te organiseren.”Timing is daarom cruciaal. “In september gaan de scholen weer open en keert de mobiliteit in de stad terug naar het normale niveau. Dan moet de infrastructuur klaar zijn voor micro-mobiliteit, zodat mensen meerdere opties hebben die allemaal werken.” Communicatie is volgens Giaretta de laatste uitdaging die de gemeente moet overwinnen om te zorgen dat mensen straks niet alsnóg de auto in stappen.Lees ook: Mobiliteit na corona: hoe zorgen we dat mensen straks niet allemaal massaal de auto pakken?BetrouwbaarheidDe infrastructuur is er straks dus klaar voor, maar er is meer nodig om mensen uit de auto te krijgen en op de fiets, scooter of step. Betrouwbaarheid is volgens Giaretta de belangrijkste factor in elke mobiliteitsvorm en is extra belangrijk bij deelmobiliteit. “Een betrouwbaar vervoersmiddel is veilig, staat altijd tot je beschikking en is aangepast aan de behoeftes van de gebruiker.”Om deelmobiliteit succesvol te maken, moeten aanbieders begrijpen wat de gebruiker precies nodig heeft. Dott onderzoekt dat door middel van A/B tests. “Op die manier proberen we alle frictie die gebruikers ervaren weg te nemen. Wij moeten ons aanpassen aan hun gewoontes, in plaats van dat we gewoontes proberen te forceren. Dat is het verschil tussen een dienst voor toeristen en een dienst voor burgers.”Nieuwe kansenDe coronacrisis brengt de verduurzaming van mobiliteit in Milaan in een stroomversnelling, maar Giaretta wil niet spreken van de crisis als kans. “Een kans is iets positiefs en dit virus is een ramp voor de hele wereld. Maar de situatie dwingt mensen om anders te denken en uit hun comfortzone te stappen. Het is geen kans op zich, maar het zorgt ervoor dat we op zoek moeten gaan naar nieuwe kansen.”Dit artikel is onderdeel van de themamaand Metropool & Mobiliteit, waarin we belichten hoe steden wereldwijd op duurzame wijze uit de coronacrisis willen komen. Lees ook onze special over Amsterdam:Amsterdam wordt donut-stad: 'We weten nog niet precies hoe, want het is nooit eerder gedaan' In tekst beeld: Dott | Hoofdbeeld: AdobeStock