Eva Segaar 15 juli 2022, 11:35

Nederland gaat bonenteelt aantrekkelijker maken

Bonen zitten vol eiwit en het zijn natuurlijke stikstofbinders. Boeren staan dan ook te popelen om ze te telen, maar het is nu nog lastig om er aan te verdienen. Daarom hebben 56 organisaties zich verenigd om de Nederlandse teelt, verwerking en consumptie van bonen op te schalen. Zodat de teelt ook financieel aantrekkelijk wordt.

20220714 Amarant Captures Foodvalley 10005 Bonen zitten vol eiwitten, maar ze brengen nu te weinig op voor de boer. | Credits: AmarantCaptures

Bonen zitten vol eiwitten waardoor ze het goed doen als basis voor vleesvervangers, het zijn natuurlijke stikstofbinders en ze zijn goed voor de bodem. Toch telen boeren ze in Nederland maar weinig, omdat de opbrengst ervan niet zo lucratief is als bij andere gewassen.

Lees ook: Deze kaasmakers maken klimaatvriendelijke kaas van bonen

Bean Deal

Daar moet de ‘Bean Deal’ verandering in brengen. 56 organisaties hebben donderdagochtend het plan ondertekend dat ervoor moet zorgen dat het telen van bonen in Nederland meer opbrengt. Onder andere aardappelproducent Avebe, landbouwminister Henk Staghouwer, bonenproducent Hak, de Wageningen Universiteit en de HAS hogeschool ondertekende het plan dat de teelt van bonen aantrekkelijker moet maken voor boeren.

“Met dit plan zetten we onze woorden om in daden”, zegt minister Staghouwer. “Samen met deze partijen kunnen we van de risicovolle bonenteelt omzetten in een gezond verdienmodel, en een nuttig gewas voor bodem en biodiversiteit.”

Nationale eiwitstrategie

Het plan is onderdeel van de nationale eiwitstrategie die in 2020 is gelanceerd. Doel daarvan is om het aantrekkelijker te maken om in Nederland meer eiwitten te verbouwen. Zodat we minder afhankelijk zijn van bijvoorbeeld soja uit Brazilië. Er wordt gefocust op de teelt van veldbonen, lupine, soja en kikkererwten. Deze kunnen als boon worden verkocht, maar ook worden verwerkt, waardoor het weer een basis kan worden van bijvoorbeeld een vleesloze burger.

Ook wordt er onderzoek gedaan naar nieuwe rassen die het goed doen op de Nederlandse bodem. En er wordt gekeken naar het produceren van producten waar vraag naar is. De deal loopt in ieder geval de komende tien jaar. Deelnemende partijen als Rabobank, Ekoplaza en het WNF zetten in op acties om bonen meer onder de aandacht van de consument te brengen.

Lees ook: Koffieboon weerstaat klimaatverandering, zodat we in de toekomst ook nog koffie kunnen drinken

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Fukuyama’s pleidooi voor saaie leiders

Een jaar na ‘Liberalism and its Discontents’, kwam onlangs de vertaling van het nieuwe boek van Fukuyama uit: ‘Het liberalisme en zijn schaduwzijden - verdediging van een klassiek ideaal.’ Fukuyama, schreef de Financial Times eerder in een recensie, heeft het niet over links-liberaal, zoals Amerikanen er naar kijken, of over libertarisme of neoliberalisme. ‘Fukuyama invokes, without undue detail, a mixed canon of Hobbes, Locke, Rousseau, Jefferson en Kant.’ De denkwijze die vrijheid, rechten en beteugeling van de staat omvat. Interessant is dat hij twee soorten intellectuele ondermijning van dit gedachtegoed onderscheidt: ‘free-market economists on the right and sociocultural critics on the left.’ De belangrijkste reden: ‘Both overvalue the sovereign self.’ In een interview met de Volkskrant zegt Fukuyama waar dit toe leidt: ‘Liberalisme is zeer goed in het bieden van vrede en voorspoed. Mettertijd gaan mensen deze dingen echter voor lief nemen, in de veronderstelling dat de wereld altijd vredig en welvarend zal zijn, en dat ze hun vizier dus hoger kunnen richten. Ze hunkeren naar gemeenschap, naar solidariteit met mensen zoals zijzelf. Dat is denk ik voor een deel wat de verschuiving naar populisme en identiteitspolitiek bezielt.’ In het Volkskrant-interview betoogt Fukuyama dat mensen ook strijden tegen goede zaken die eerdere generaties bevochten hebben, omdat ze strijden om de strijd, wat voor een deel ook voortvloeit uit verveling. ‘Ze kunnen zich niet voorstellen te leven in een wereld zonder strijd. En als het grootste deel van de wereld waarin ze leven wordt gekenmerkt door een vredige en welvarende liberale democratie, zullen ze strijden tegen die vrede en welvaart, en tegen democratie.’ Hij vindt dat er ontegenzeggelijk sprake is van modernisering en materiële vooruitgang. ‘Honderd jaar geleden leefden men in Oost-Azië grotendeels in armoede. Nu kennen Japan, Korea en meer en meer ook China een zeer hoge levensstandaard, lage kindersterfte en lange levensduren.’ En hij ziet ook morele vooruitgang. ‘Honderd jaar geleden geloofden de meeste Europeanen dat ze het recht hadden over niet-Europeanen te heersen. Bijna elke staat, Nederland incluis, had een overzees rijk zonder democratisch bestuur. Nu gelooft buiten Rusland niemand meer in een inherent recht op het veroveren en tiranniseren van andere samenlevingen.’ Wie iets heel anders wil omdat het niet goed gaat, zoekt naar leiders met idealen als Martin Luther King of Nelson Mandela. Wie op zoek gaat uit verveling, of gewoon vanwege de reuring van ophef en vertier, komt uit bij Donald Trump en Boris Johnson, of vermaakt zich met de strapatsen van Elon Musk. In een bespiegeling over het boek van Fukuyama lees ik een pleidooi voor ‘saai leiderschap’, want Fukuyama vindt ‘dat de overheid een rol moet spelen in het beschermen van de zwakkeren, het vertrouwen in de wetenschap moet terugkeren, vrijheid van meningsuiting te belangrijk is om aan de grote tech-bedrijven toe te vertrouwen en de behoefte aan transparantie niet het einde moet betekenen van ons recht op een privéleven.’ Daar heb je andere eigenschappen voor nodig, dan veel van de huidige daadkrachtige en clowneske leiders ten toon spreiden. Welke dan? Fukuyama doet twee suggesties: zelfbeheersing en gelijkmatigheid. Zowel voor leiders als voor burgers wel te verstaan.