Ruim anderhalve eeuw was de bever in Nederland uitgestorven, maar sinds ze decennia geleden zijn uitgezet, blijft de populatie groeien. Hun geknaag is goed voor een dynamisch landschap, maar dat is niet het enige. Ze kunnen ook een handje helpen bij het tegengaan van klimaatverandering en het voorkomen van ernstige gevolgen daarvan.
Meer koolstofopslag in gebieden met bevers
Er verschijnen steeds meer onderzoeken én praktijkvoorbeelden die de belangrijke rol van de bever belichten. Denk aan het internationale onderzoek naar de rol van bevers in wetlands (een verzamelnaam voor allerlei natte natuurgebieden). Wetenschappers zagen hoe de bever daar zorgt voor meer koolstofopslag in de bodem.
Dat heeft alles te maken met de manier waarop bevers het landschap vormgeven, zegt onderzoeker Annegret Larsen van de Wageningen Universiteit in een persverklaring. ‘In kleine bronbeekjes zorgen beverdammen ervoor dat de omliggende gebieden overstromen. Daarmee creëren ze wetlands en veranderen ze de grondwaterstromen.’
Tijdens dat proces worden ook grote hoeveelheden koolstof vastgelegd in de bodem, legt Larsen uit. ‘Zo voorkomen bevers dat de CO2 die planten hebben opgeslagen opnieuw in de atmosfeer terechtkomt.’ Uit het onderzoek blijkt dat wetlands waar bevers actief zijn tot tien keer zo veel koolstof opslaan als wetlands waar geen bevers voorkomen. Ook stoten ze minder methaan uit.
Opmerkelijk
Soms stuit je als redactie op nieuws waarbij een wenkbrauw omhoog schiet. Die ene vreemde innovatie, een onverwacht effect van klimaatverandering of een staaltje menselijke onhandigheid. Opmerkelijk dus. In deze rubriek deelt Change Inc. bijzondere vondsten en ontwikkelingen.
Bevers tegen overstromingen in Londen
Bevers kunnen dus een rol spelen in het tegengaan van klimaatverandering. Maar ze kunnen ook de gevolgen ervan temperen, zoals de verslechterende biodiversiteit en wateroverlast door extreme regenval.
In Londen worden de knaagdieren bijvoorbeeld ingezet om overstromingen na hevige regenval te voorkomen. Beverdammen blijken daarvoor hartstikke nuttig. ‘Bevers willen dat water minimaal 60 centimeter hoog is, zodat ze weg kunnen zwemmen bij gevaar’, legt beverkenner Willy de Koning-Bovenhoff uit op BNR. ‘Is het water niet diep genoeg, dan bouwen bevers een dam. Die is soms wel één tot twee meter hoog. Zo houdt hij veel water tegen.’
De dam zorgt voor buffers waarin water wordt opgeslagen bij hevige regenval. Dat voorkomt dat rioleringen verstopt raken of Londenaren natte voeten krijgen. Andersom kunnen de dammen ook helpen om droogte tegen te gaan.
De ondiepe waterbuffers die bevers creëren zijn bovendien aantrekkelijk voor onder meer kikkers en libellen, zegt De Koning-Bovenhoff. ‘En die trekken weer andere dieren aan.’ Bevers kunnen op die manier de biodiversiteit versterken.
Vriend en vijand
Toch is niet iedereen positief over de knaagdieren, weet de beverkenner. De bever mag dan een fantastische vriend zijn, maar wordt soms ook als vijand gezien. ‘Niet iedereen is blij met natte gebieden. Boeren klagen regelmatig dat ze met hun zware materieel wegzakken in de grond.’ Daarnaast kunnen bevers met hun gegraaf ook schade aanrichten, bijvoorbeeld aan dijken.
Lees ook:
- Met 500 miljoen nieuwe bomen wil Sven Kallen Europa klimaatbestendig maken
- Bacteriën, schimmels en gisten kunnen de grote problemen in de landbouw oplossen (én voor nieuwe verdienmodellen zorgen)
- Rol van dieren in klimaatoplossingen onderschat: ‘Dieren zijn de ontbrekende schakel tussen biodiversiteit en klimaat’



