Lieuwe Jan Hettema 04 maart 2013, 14:56

Pakkans nihil, maar olielozingen in Noordzee nemen af

Jaarlijks lozen schepen een half miljoen liter olie in de Noordzee, vooral na zonsondergang. Dat vertegenwoordigt een afname, hoewel de pakkans nihil is.

4694242312 03114158cf b e1362405362725

Uit onderzoek van misdaadeconoom Ben Vollaard van Tilburg University blijkt dat het aantal olielozingen in het Nederlandse deel van de Noordzee in de periode 1992-2011 met ruim driekwart is afgenomen, maar desondanks nog steeds enorm is. Jaarlijks storten schepen een half miljoen liter olie in de Noordzee. Hij komt tot die conclusie op basis van gegevens van patrouillerende Kustwachtvliegtuigen.

Mogelijke verklaringen voor de afname zijn de bouw van milieuvriendelijke schepen en lagere productie van oliehoudende afvalstoffen, betere afgiftemogelijkheden en scherpe controles in havens. Het kan ook te maken hebben het toenemen van de milieubewustheid van de bemanning, suggereert Vollaard in het onderzoek dat in opdracht van de Politieacademie werd gedaan.

Lage pakkans

Een andere verklaring kan echter zijn dat de olielozingen zijn verplaatst naar andere delen van de Noordzee. Het illegaal lozen van afvalstoffen met olie erin verdubbelt namelijk na zonsondergang, wat aangeeft dat het nog steeds populair is. De pakkans is klein doordat luchtwaarnemers van de Kustwacht niet vanuit een vliegtuig in het donker kunnen zien of een vlek uit minerale olie of uit een andere substantie bestaat.

Uit het onderzoek blijkt dat de Kustwacht 85 procent van de tijd niet in de lucht is. Als ze rondvliegen en een vermoedelijke lozing zien, is er in 90 procent van de gevallen geen duidelijke waarneming mogelijk waardoor er geen bewijs is. En als er voldoende bewijs is om een schipper te pakken, is de boete relatief laag, aldus Vollaard.

Jaarlijks worden er tussen de 10 en 15 schepen verdacht van illegale lozingen. De laatste boete die is opgelegd vanwege illegale lozing in Nederlandse wateren is €45.000 – een relatief hoog bedrag volgens het rapport. In België werd onlangs nog een boete van €1,5 mln opgelegd voor een vergelijkbaar vergrijp en ook in Frankrijk zijn dit soort bedragen gebruikelijk.

Oplossing

De bevindingen zijn niet alleen relevant voor de Nederlandse autoriteiten, omdat olielozing een wereldwijd probleem is. Om de pakkans ’s nachts te vergroten, suggereert Vollaard om een speciale boei te gebruiken die monsters van de olie kan nemen en vanuit een vliegtuig in een vlek geworpen kan worden. Later kan die worden opgepikt door een helikopter of boot. Op die manier is er wél bewijsmateriaal.

De Kustwacht beschikt op dit moment ook over een uitwerpboei, maar deze is onpraktisch en wordt daarom niet gebruikt. Verschillende landen, waaronder Zweden, hebben uitgebreid ervaring opgedaan met een goedkopere en effectievere uitwerpboei. Deze ‘oil sampling buoy’ kan wel voorkomen dat ’s nachts lozen niet langer een mogelijkheid is.

Milieuproblemen

Alle schepen produceren oliehoudende reststoffen aan boord. Het gaat om een onbruikbaar restant van bunkerolie: vervuild water dat zich onderin het schip verzamelt, en het waswater van het schoonmaken van de ladingruimten van olietankers. Lozen op zee is goedkoper dan afgifte in de haven of verbranden in een installatie aan boord.

De illegale lozingen vormen een groot milieuprobleem. Tussen 2000 en 2010 was ruim 60 procent van alle gevonden dode vogels in de open zee met olie besmeurd.

Foto: USFWS via Flickr.com

Website biedt CO2-vriendelijke opties voor logistiek

‘Het is een uniek hulpmiddel voor de besparing van CO2 bij transport,’ volgens professor Rommert Dekker van de Erasmus Universiteit in Rotterdam de nieuw ontwikkelde tool. Zijn studenten Niels Hendrikse en Joran van Heyningen hebben in opdracht van transportbedrijf Van Uden een website gemaakt die bedrijven inzicht geeft in de besparing CO2-reductie van binnenscheepvaart ten opzichte van vervoer over de weg. De besparing kan flink oplopen. Dekker laat een rekenvoorbeeld zien van een verlader die jaarlijks 500 20-voets en 300 40-voetscontainers vanuit de Rotterdamse haven laat vervoeren naar een distributiecentrum in Gouda. De calculator toont de alternatieven over de weg en via de binnenvaart. Vervoer via de binnenvaart levert al gauw een CO2-besparing op van 41 procent. Korte afstanden Binnenvaart blijkt dan voornamelijk interessant voor korte afstanden. ‘Een boot is langzamer dan de weg of bijvoorbeeld een trein, als het gaat om een aantal uur verschil is dit vaak niet erg. Als het om dagen gaat, is de binnenvaart minder interessant,’ zegt Dekker. ‘In sommige gevallen, zoals bijvoorbeeld Den Haag, is de binnenvaart niet interessant. De boot zou dan een te lange omweg maken. Dit geeft de website ook aan.’ De twee studenten focusten zich op het Alpherium, een belangrijk distributiecentrum van Van Uden bij Alphen aan den Rijn, maar het systeem is in heel Nederland bruikbaar. De tool bepaalt op basis van het afleveradres de dichtstbijzijnde terminal en berekent hoeveel kilometers er over de weg zouden worden gereden. Er wordt direct aangegeven hoeveel dit aan CO2-besparing oplevert. Heineken ‘Wij kwamen op het idee om deze tool te laten ontwikkelen om de binnenvaart te stimuleren,’ zegt woordvoerder Ciska Koole van Van Uden. Met de website kreeg het transportbedrijf inzicht in de CO2-uitstoot die komt kijken bij transport. Een bijkomend voordeel voor Van Uden schuilt in de samenwerking met Heineken. Heineken is één van Van Uden’s grootste klanten. Momenteel varen zij met volle schepen van Alphen aan den Rijn naar de Maasvlakte en met lege schepen terug. De terugritten zouden gevuld kunnen worden door andere bedrijven. Foto: Zargoman via Flickr.com