Hannah van der Korput
02 januari 2024, 10:52

Plantaardig voedsel populairder wanneer het niet plantaardig heet

Een meer plantaardig voedingspatroon verlaagt de belasting op het milieu, maar de beweging van dierlijk naar plantaardig blijkt een lastige. Hoe verleid je mensen tot duurzamere voedselkeuzes?

Getty Images 1310438467 De geschenkmand werd minder snel gekozen met het label plantaardig en veganistisch. | Credits: Getty Images

De
benaming speelt een rol. Plantaardig eten is namelijk meer in trek wanneer het
niet zo wordt genoemd. Dat concluderen Amerikaanse onderzoekers aan de hand van
een representatieve steekproef. De deelnemers konden kiezen tussen twee
geschenkmanden: één zonder en één met vlees- en zuivelproducten. De
plantaardige mand kreeg vervolgens verschillende vermeldingen: veganistisch,
plantaardig, gezond, duurzaam en tot slot gezond en duurzaam. De onderzoekers
wilden achterhalen in hoeverre de benaming van de geschenkmand invloed had op
de populariteit.

De
naam doet ertoe

De
geschenkmand werd minder snel gekozen met het label plantaardig en
veganistisch. Van de deelnemers koos 27 procent voor de plantaardige mand. Het etiket
veganistisch scoorde met 20 procent slechter. De term gezond deed het al een
stuk beter: 42 procent van de deelnemers koos voor de plantaardige mand wanneer de term gezond eraan werd gehangen. Werden de boodschappen duurzaam genoemd,
was dat 43 procent. De combinatie gezond en duurzaam was goed voor 44 procent.
De naam doet er dus toe. Er werd vaker
voor plantaardig gekozen wanneer het niet plantaardig werd genoemd.

Dit
helpt ook

Een
ander succesverhaal komt van de Noorse supermarkt Oda. Producten kregen een label
voor een hoge, medium of lage CO2-voetafdruk. Dit leidde tot minder
vleesverkoop en zelfs een stijging in de verkoop van vegetarische producten. Louise
Fuchs, hoofd duurzaamheid van Oda, zei eerder: “Eén op de vijf burgers die we
verkopen is nu vegetarisch en vegetarische maaltijden zijn een stuk populairder
geworden. Het recept van linzensoep stond zelfs in de top 10. Dat was een jaar
geleden nog ondenkbaar.”

Nudging

Er
zijn dus verschillende nudgingtechnieken om mensen duurzamere keuzes te laten
maken. Dit onderzoek wijst uit dat ook de naam een rol speelt. Subtiele
veranderingen kunnen mensen naar duurzamere keuzes bewegen.

Lees
ook:

Van energie- tot vliegbelasting: dit verandert er in 2024

Dit artikel is bijgewerkt op 24 januari.Subsidie voor groen gas Vanaf 15 februari is het mogelijk om subsidie aan te vragen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) voor het vergassen van afval. Ondernemers die een demonstratie-installatie willen bouwen om bijvoorbeeld groen gas te maken uit organische reststromen, kunnen rekenen op geld uit het Klimaatfonds. Per project is er 30 miljoen euro beschikbaar, en de totale pot geld bedraagt krap 100 miljoen euro. De overheid heeft als doel gesteld om 2 miljard kubieke meter groen gas te produceren in 2030.CSRD van start Vanaf 1 januari 2024 is het dan zover: de langverwachte Corporate Sustainability Reporting Directive gaat van kracht. Dat is een Europese wetgeving die bedrijven verplicht om te rapporteren over de impact die ze hebben op mens en milieu. Het gaat daarbij om bijvoorbeeld de uitstoot van broeikasgassen, de invloed op biodiversiteit en eventuele mensenrechtenschendingen. De CSRD is een uitbreiding van de bestaande Non-Financial Reporting Directive (NFRD). Hij is vanaf 2024 van kracht voor grote, beursgenoteerde bedrijven die ook onder de NFRD vielen. Vanaf 2025 zal de wetgeving ook gelden voor grote bedrijven die niet voorheen onder de NFRD vielen, en vanaf 2026 voor het mkb. Prijsplafond voor energie De maximumprijs voor gas en elektriciteit die de overheid instelde naar aanleiding van de hoge energieprijzen, stopt per 1 januari 2024. Vanaf dan gelden weer de tarieven die individuele energieleveranciers hanteren. De overheid raadt dan ook aan om goed te onderzoeken of het huidige contract van huishoudens nog passend is. Veel huishoudens hebben namelijk variabele energiecontracten, en die kunnen overwegen om over te stappen naar een contract met een vast tarief. Geen energietoeslag, wel Noodfonds voor lage inkomens De energietoeslag voor huishoudens met een laag inkomen stopt per 2024. Wel kunnen deze huishoudens een beroep doen op het Tijdelijk Noodfonds Energie. Dat gaat vanaf januari 2024 weer open en biedt hulp aan huishoudens met een laag inkomen die 8 procent of meer van hun inkomen kwijt zijn aan energie. Voor personen met een laag middeninkomen ligt deze grens op 10 procent. Het Tijdelijk Noodfonds Energie neemt dan een gedeelte van de energierekening over. Lagere energiebelasting Om zuinig gebruik van energie te stimuleren, heft de overheid doorgaans een belasting op het gebruik van elektriciteit en aardgas. Vanaf 2024 wordt die belasting duurder voor aardgas en goedkoper voor elektriciteit. Hiermee wil de overheid huishoudens aansporen om duurzame opties zoals warmtepompen aan te schaffen. Daarnaast neemt de ‘vermindering energiebelasting’, een korting over de gehele energiebelasting, in 2024 toe van 603,04 euro naar 631,35 euro (een stijging van bijna 5 procent). Deze korting geldt voor woningen en kantoorgebouwen, en de hoogte van het energieverbruik maakt daarbij niet uit. Vliegbelasting neemt toe Milieuorganisaties roepen al lang op tot het verhogen van de vliegbelasting. Dit moet langzaamaan het prijsverschil tussen vliegen en duurzamere alternatieven zoals de trein dichten, en draagt bovendien bij aan het adagium ‘de vervuiler betaalt’. De overheid heeft dan ook besloten om de vliegbelasting vanaf 2024 te verhogen, van 26,43 euro naar 29,05 euro per vliegreis. Dat is een verhoging van ongeveer 10 procent. Gebouwen verduurzamen Om woningen te verduurzamen, treft de overheid vanaf 2024 twee grote maatregelen. Allereerst mogen huiseigenaren meer geld lenen om hun woning te verduurzamen, of een nieuwe energiezuinige woning te kopen. Hoeveel dit precies is, hangt af van het betreffende energielabel. Daarnaast biedt de overheid vanaf 2024 meer subsidies aan om woningen, monumenten en bedrijfspanden te verduurzamen. Eigenaren die hun gebouw willen isoleren met biobased materialen als hout en hennep, kunnen daar vanaf 2024 jaar meer geld voor krijgen dan voorheen. Ruimer budget voor energiebesparing bedrijven Energiebesparing staat hoger op de agenda, al helemaal sinds daar tijdens COP28 nieuwe afspraken over zijn gemaakt. Vanaf 2024 krijgen Nederlandse ondernemers meer mogelijkheden om met fiscaal voordeel te investeren in technieken die energie besparen. De zogeheten Energie-investeringsaftrek (EIA) gaat met 10 miljoen euro omhoog ten opzichte van 2023, en bedraagt dan in totaal 259 miljoen euro. Met de EIA kunnen bedrijven die investeren in energiebesparende technieken tot 40 procent van hun investeringskosten aftrekken van de fiscale winst. Het maximale meldingsbedrag per kalenderjaar per bedrijf is 149 miljoen euro.