Chris Thijssen 09 februari 2016, 18:06

RSPO biedt leden extra opties voor duurzame palmolie

De Roundtable on Sustainable Palm Oil (RSPO) introduceert extra beleidsmaatregelen als aanvulling op zijn bestaande criteria voor duurzaam geproduceerde palmolie.

7000449436 c8707cfd8d o

RSPO Next, zoals de toevoeging heet, definieert geavanceerde criteria voor de productie van palmolie om ontbossing en de uitstoot van broeikasgassen tegen te gaan. RSPO-leden kunnen zelf beslissen of zij de extra maatregelen willen toepassen om het RSPO Next-certificaat te behalen.

Hiermee speelt de RSPO naar eigen zeggen in op de vraag van leden die verder willen gaan met hun duurzame beloften.

Producenten die voor het RSPO Next-certificaat in aanmerking willen komen, moeten demonstreren dat minimaal 60 procent van hun plantages al aan de huidige RSPO-eisen voldoen. De huidige eisen stellen dat natuurlijke hulpbronnen en biodiversiteit behouden blijven en dat lokale gemeenschappen worden ondersteund.

Onbossing en uitstoot

De extra criteria die RSPO Next met zich meebrengt, verplichten producenten onder meer ontbossing te elimineren. Bedrijven mogen nieuwe plantages alleen ontwikkelen in gebieden waar de vegetatie en de bodem lage CO2-voorraden bevatten. Dit moet de CO2-uitstoot beperken. Verder mogen bedrijven geen veengronden gebruiken om palmolie op te verbouwen.

De producenten moeten daarnaast in al hun operaties, waaronder in fabrieken, de uitstoot van broeikasgassen terugdringen en regelmatig verslag doen van de status en vooruitgang. Verder is het gebruik van Paraquat, een pesticide die in de Europese Unie al enige tijd verboden is, onder RSPO Next niet toegestaan.

De nieuwe criteria stellen daarnaast dat de palmolie van RSPO Next-producenten transparant en traceerbaar moet zijn.

Kansen palmolie-industrie

In 2015 voorspelde Rabobank dat de wereldwijde vraag naar duurzaam gecertificeerde palmolie naar ongeveer 11 miljoen ton in 2020 stijgt. Dit leidt volgens de bank tot nieuwe kansen en uitdagingen voor de palmolie-industrie.

Bron: Roundtable on Sustainable Palm Oil | Foto: Aul Rah, via Flickr Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

Leiders betonsector geven startsein voor duurzame betonketen

In het Nationaal Betonakkoord zijn zestig beslissers van de politiek en bedrijven als Strukton, Heijmans, en VolkerWessels betrokken bij de ontwikkeling van een duurzame betonketen. Voor de overeenstemming van het nationale betonakkoord zijn de deelnemers bijeengebracht door MVO Nederland.De deelnemende bedrijven zijn met het ketenakkoord tot een overeenstemming gekomen om een duurzame betonketen te realiseren via CO2-reductie, biodiversiteit, kennisdeling en circulair beton door het bouwmateriaal zoveel mogelijk te hergebruiken. Zo wil de Nederlandse betonsector jaarlijks een half tot 1 miljoen ton CO2-uitstoot verminderen.OnderhandelingsprocesNa de unanieme overeenstemming van de zestig bedrijven voor de totstandkoming van het betonakkoord, vindt een onderhandelingsproces plaats. Hierin zeggen de deelnemende partijen concrete projecten uit te voeren die de doelstellingen van het akkoord moeten waarmaken.Volgens Harry Hofman, MVO-manager bij Strukton en voorzitter van de Green Deal Verduurzaming Betonketen, is het nationale betonakkoord uniek in Nederland. “Beton is na water het meest gebruikte materiaal in de wereld”, zegt de MVO-manager. “Ook draagt de productie van beton bij aan 1,6 procent van het landelijke CO2-uitstoot. Wereldwijd is dit percentage zelfs 5 procent.”Daarnaast spreekt Hofman over de tegengestelde belangen in de betonketen, die bijvoorbeeld hergebruik van het bouwmateriaal en verduurzaming van de keten in de weg kunnen staan. “Door deze samenwerking aan te gaan, kunnen wij een economisch rendabel sector waarmaken en de betonketen daadwerkelijk verduurzamen.”Geen sjoemelschandaalOver de gekozen doelstellingen van het betonakkoord zegt Hofman dat de deelnemende partijen goed hebben gekeken naar de haalbaarheid. “Als het gaat om het inzichtelijk maken van de CO2-uitstoot in beton en het behalen van de doelen in het akkoord, willen wij in alle gevallen voorkomen dat er wordt gesjoemeld”, zegt Hofman. “Daarom hebben wij realistische afspraken gemaakt, waarna het onderhandelingsproces kan plaatsvinden.”Tot het najaar komen er regelmatig updates, waaronder een overzicht van de kosten van implementatie en welke partijen welke taak op zich nemen. Daarnaast spreken de deelnemers over de mogelijkheid om een fonds op te richten om de overgang naar groen beton zo soepel mogelijk te laten verlopen.Nationaal GrondstoffenakkoordIn een interview met P-plus spreekt Tjerk Wagenaar, directeur van Natuur en Milieu over het betonakkoord als opmaat voor een Nationaal Grondstoffenakkoord. Volgens de directeur is de betonsector niet de enige sector die grote winst kan boeken door verduurzaming.Door samen te werken met het bedrijfsleven, de Rijksoverheid en maatschappelijke organisaties moet het volgens Wagenaar mogelijk zijn om een Nationaal Grondstoffenakkoord in 2018 te realiseren. Bron: P-plus, Strukton, MVO Nederland | Foto: seier+seier, Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)