Hannah van der Korput
15 september 2023, 10:15

Circulaire afvalverwerker UBQ haalt 70 miljoen dollar op en komt naar Nederland

Het Israëlische UBQ heeft 70 miljoen dollar (65,5 miljoen euro) aan investeringen opgehaald. Het geld wordt gebruikt om de productie flink op te schalen. Later dit jaar opent de circulaire afvalverwerker onder andere een productiefaciliteit in West-Brabant.

UBQ Het gelijknamige bedrijf maakt UBQ: een duurzame grondstof die plastic kan vervangen. | Credits: UBQ

De berg afval die we produceren, groeit nog altijd. En de manier waarop we dit verzamelen en verwerken, zorgt voor uitstoot van broeikasgassen. Zo zijn stortplaatsen een bron van methaan, een broeikasgas die nog veel sterker is dan CO2. In de eerste twaalf jaar dat methaan in de lucht is, houdt het ongeveer 86 keer meer warmte vast dan CO2. In plaats van huisvuil op te slaan en te verbranden, maakt het bedrijf UBQ er een nieuwe grondstof van.

Alternatief voor plastic

UBQ Materials is het eerste bedrijf ter wereld dat van organisch en niet-recyclebaar huishoudelijk afval een zogeheten biobased thermoplast kan maken. Met een geavanceerd proces zet het bedrijf al het gemengde afval – van voedselresten en gemengde plastics tot karton, papier en zelfs vuile luiers – om in een duurzaam alternatief voor plastic. Uiteindelijk komen er uit de installatie in de fabriek korrels; UBQ. Van deze grondstof kunnen veel verschillende producten gemaakt worden. Het alternatief voor plastic wordt gebruikt in de auto’s van Mercedes tot de dienbladen van McDonald’s.

Gloednieuwe fabriek in Brabant

De afvalverwerker heeft de technologie getest in een pilotfabriek in Israël. Nu die is bewezen, komt er een hypermoderne productiefaciliteit in het Brabantse Bergen op Zoom te staan. In de nieuwe fabriek kan jaarlijks 104.600 ton afval verwerkt worden tot 80.000 ton van de nieuwe grondstof UBQ. De opening staat gepland voor later dit jaar.

Waarom het bedrijf voor Nederland koos? “In Nederland hebben circulaire economie en technologieën tegen klimaatverandering prioriteit. Voor ons is het land daar echt een toonbeeld van”, zei de vicepresident duurzaamheid van UBQ Materials in een eerder interview met Change Inc. Een ander voordeel is dat de regio centraal in Europa ligt en er diverse havens in de buurt zitten. “Hier is het afval en zitten onze partners. Dus dan is de keuze logisch.”

Lees ook:

Opmerkelijk: Nederlandse drijvende windmolen met één wiek

Om windenergie op de verre zee te winnen, wordt er de laatste jaren volop geëxperimenteerd met drijvende windmolens. En aan creativiteit geen gebrek. Zo zagen we eerder al windmolens in de vorm van piramides en gigantische verticale reuzen deinend op de golven. Het Nederlandse TouchWind voegt daar nu een nieuw ontwerp aan toe: de drijvende molen met slechts één wiek. Rotorblad als een helikopter De wiek is bevestigd aan een rotor die vastzit aan een schuin hangende mast. Net als met veel drijvende windmolens draait deze mast mee met de richting van de wind. Onder de rotor hangt een boei die voorkomt dat de wiek in het water zakt, bijvoorbeeld als er nauwelijks wind staat. Staat er veel wind, dan zorgt de draaiing van de wiek ervoor dat de mast meer rechtop gaat staan, vergelijkbaar met het effect van een rotorblad van een helikopter. Hoe harder de wind waait, hoe rechter de mast staat.Draaien bij storm TouchWind claimt dat hun ontwerp hogere windsnelheden aan kan dan concurrerende windmolens op zee. De meeste windmolens worden (automatisch) uitgezet bij windsnelheden boven de 89 kilometer per uur, zoals we eerder dit jaar bij storm Poly zagen. Volgens TouchWind kan hun windmolen snelheden tot 252 kilometer per uur aan. Dit betekent minder stilstand, en dus meer beschikbare uren om energie op te wekken. Verder zegt TouchWind dat de kostprijs van hun molen ongeveer een derde is van turbines met drie wieken. De turbine van TouchWind kan eenvoudig gemonteerd worden in de grotere havens waar nu al zeewaardige molens worden gebouwd. Met een sleepboot kan de liggende turbine naar zijn bestemming worden gebracht, waar deze aan de grond wordt bevestigd met een anker en via een stroomkabel in verbinding staat met de kust.Met een sleepboot kan de turbine naar zijn plek worden gebracht.Uitdagingen Hoewel drijvende windmolens op zee als een mooie oplossing klinken voor de opwek van windenergie zonder dat iemand er last van heeft, zijn er ook uitdagingen. De lengte van de stroomkabel is er slechts één van. Want hoe verder de windmolen op zee staat, hoe langer deze natuurlijk moet zijn. Daarnaast is er bij drijvende windmolens vaak sprake van energieverlies door het meedeinen van de mast. TouchWind wil in ieder geval uiteindelijk een turbine bouwen met een rotorblad van 200 meter lang. Zo’n systeem is goed voor een vermogen van 12,5 megawatt, grofweg de energie voor 15.000 huishoudens. Investering uit Japan Maar zover is het voorlopig nog niet. Na proeven op het land en op kleine schaal gaat TouchWind de volgende testfase in dankzij een investering van het Japanse scheepvaartbedrijf Mitsui O.S.K. Lines (MOL). “We werken nu een jaar samen aan de verdere ontwikkeling van onze drijvende windturbine”, zegt Rikus van de Klippe, CEO van TouchWind. “Veldtesten met een rotorblad met een diameter van 6 meter zijn in volle voorbereiding aan het Oostvoornse meer in Nederland. Met MOL als aandeelhouder en hun investering kunnen we ons testprogramma versnellen, onze technologie bewijzen en de time-to-market verkorten.”Lees ook:Opmerkelijk: papieren tasjes van herfstbladerenOpmerkelijk: een lampenkap die schadelijke stoffen in huis filtertOpmerkelijk: 200 nieuwe ‘duurzame’ gebaren voor Britse gebarentaal