Hannah van der Korput
14 maart 2024, 15:00

Deze ondernemers maken keukens, kasten en hele gebouwen van landbouwafval

Plaatmateriaal zoals mdf en spaanplaat wordt veelal gemaakt van hout. EcoBoard uit Voorschoten doet het anders en gebruikt afvalstromen afkomstig uit de landbouw. Dat heeft meerdere voordelen.

1707227805973 1 EcoBoard-oprichter Waldo Chotkoe en zijn zakelijk partner Joost Karsten. | Credits: EcoBoard

Massief houten meubelen gaan een leven lang mee, maar daar zit wel een aardig prijskaartje aan. Een goedkopere optie is plaatmateriaal. Dit zijn samengeperste houtvezels met daaromheen een laag fineer. Het ziet eruit als massief hout, maar dat is het niet. Veel meubelgiganten maken gretig gebruik van plaatmateriaal. Nachtkastjes, tafels en kasten hoeven op die manier geen vermogen te kosten.

Landbouwafval

Het hout dat in plaatmateriaal verdwijnt, is idealiter houtafval of onbruikbaar hout. Door het te versnipperen en te verwerken, krijgt het alsnog een bestemming. Maar in de praktijk zit het vaak anders. Plaatmateriaal bestaat voor 30 tot 50 procent uit gerecycled hout. De rest wordt aangevuld met nieuw hout afkomstig recent gekapte bomen. Zo kan het dat hoogwaardig hout in de shredder terechtkomt.

Dat wil EcoBoard koste wat het kost voorkomen. Het plaatmateriaal dat het bedrijf produceert, bestaat maar voor een heel klein percentage uit hout. Veruit het merendeel is landbouwafval. “We gebruiken eigenlijk al het vezelmateriaal dat van het land afkomt”, verduidelijkt EcoBoard-oprichter Waldo Chotkoe. “We gebruiken de overblijfselen van rijst-, tarwe-, paprika-, en tomatenplanten. Denk aan de stam, de bladeren en de stengels. Het materiaal is allemaal afval. Soms doet het nog dienst als stro voor de dieren, maar vaak wordt het op het land verbrand. Wij kunnen het goed gebruiken, dus nemen het maar wat graag over. De boer is van het afval af en verdient er nog wat aan.”

Binnen een half jaar beschikbaar

De overblijfselen uit de landbouw zijn net zo bruikbaar, maar groeien veel sneller dan hout, zegt Joost Karsten. Hij werkt nauw samen met Ecoboard en maakt met zijn bedrijf Alohana meubels, vloeren, raamkozijnen en zelfs hele huizen van het alternatieve plaatmateriaal. “Een boom groeit twintig tot dertig jaar voordat deze wordt gekapt. Dan kun je er mooie, lange planken van maken. De landbouwvezels die wij gebruiken, hebben maar een half jaar, maximaal een jaar nodig om te groeien.”

Om materiaal zit Chotkoe nooit verlegen. “We gebruiken afvalstromen van de voedselindustrie, en gewassen worden het hele jaar door geteeld. Dat houdt de prijs stabiel, waardoor we goed kunnen concurreren met bestaand plaatmateriaal. Bovendien wordt er wereldwijd voedsel verbouwd. Dat vergemakkelijkt de lokale productie. We kunnen het landbouwafval daar afnemen waar het nodig hebben. Zware boomstammen de halve wereld over slepen, daar doen we niet aan.”

Het plaatmateriaal gemaakt van landbouwafval wordt verwerkt in meubels, vloeren, raamkozijnen en zelfs hele huizen. | Credit: Ecoboard

Transparante keten

Bovendien is de keten van landbouwvezels redelijk overzichtelijk en transparant. EcoBoards werkt samen met een handvol partijen waarvan het de grondstoffen afneemt. De contracten zijn voor meerdere jaren vastgelegd. De houtketen is minder transparant, meent Karsten. “Met houtvezels weet je niet zeker of het écht gebruikt hout is dat is fijngemalen. Het kan ook nieuw hout zijn. Inmiddels wordt houtkap steeds beter gereguleerd. Dat is hartstikke mooi, maar het blijft toch een lastige wereld. Er wordt nog altijd illegaal hout gekapt. Los daarvan hebben we bossen gewoon nodig. Ze nemen CO2 op en houden hele ecosystemen in stand. De hamvraag is dus wat logischer is: platen maken van verhakseld hout, of van stro, rijst en tarwe. Ik weet wel waar ik voor kies.”

Volgens Chotkoe is het eindresultaat bovendien vergelijkbaar. “Onze platen zijn kwalitatief zelfs beter. Ze zijn bijvoorbeeld watervast. Waar mdf een nat telefoonboek wordt en een spaanplaat uitzet wanneer het in contact komt met water, behoudt een ecoboard zijn natuurlijke eigenschappen. Een ecoboard gaat in vergelijking met ander plaatmateriaal veel langer mee. Bij de life cycle analysis is 75 jaar toegekend. Bij een spaanplaat is dat maar tien jaar.”

Recyclen

Aan regulier plaatmateriaal kleeft een nadeel: lijm. De houtvezels worden bij elkaar gehouden door een bindmiddel. Dat middel maakt het heel lastig om de houtvezels weer uit elkaar te trekken en opnieuw te gebruiken. De platen worden vaak niet gerecycled, maar eindigen in de verbrandingsoven.

Ecoboards zijn wel te recyclen. “Voor de volle honderd 100 procent”, verduidelijkt Chotkoe. “Aan het einde van hun levensduur kunnen ze volledig worden hergebruikt. We gebruiken een MDI-hars om de vezels bij elkaar te houden. Omdat het materiaal in de platen ook natuurlijke binders zijn, is het aandeel lijm maar 3 procent. In de toekomst verwachten we dat dit zelfs naar nul kan.”

Naar Europa

De productie van de ecoboards vindt nu grotendeels plaats in China, waar zestien fabrieken staan. Die produceren jaarlijks zo’n 5 miljoen kubieke meter aan ecoboards. Ruim 95 procent daarvan is bestemd voor de lokale markt en verlaat Azië dus niet. EcoBoard wil zijn plaatmateriaal ook in Europa aanbieden. Daarom bouwt het in samenwerking met Alohana een productiefaciliteit in Portugal voor de Europese markt. Waarom komt de nieuwe fabriek niet in Nederland te staan? “Nederland is een klein land, dus we hebben hier geen overvloed aan ruimte. De problemen rondom netcongestie spelen ook een rol. Bovendien is het in Nederland lastig om arbeidskrachten te krijgen en die zijn ook nog eens relatief duur. Er spelen dus verschillende factoren mee”, aldus Karsten.

Genoeg vraag

Het succesverhaal in China zorgt ervoor dat Chotkoe optimistisch is over de aanstaande distributie in Europa. “De vraag naar bouwmaterialen met een lage voetafdruk neemt toe. Aannemers en architecten kloppen bij ons aan omdat opdrachtgevers willen bouwen, maar wel op een duurzame manier. Het bewustzijn van mensen is de afgelopen jaren echt veranderd. Ik ben ervan overtuigd dat dit geen trend is, maar zo blijft.”

Lees ook:

Wereld zoekt financiering voor geothermie: Nederlandse start-up heeft wellicht het antwoord

De gepatenteerde techniek van Canopus kan namelijk iets wat die van anderen niet kan: horizontaal of met een bocht boren in elke gewenste richting. Of ultradiep tot 8.000 meter onder de grond. De techniek maakt het ook mogelijk om zogenaamde zijsporen met open gaten te boren, waardoor vertakte structuren kunnen worden geboord, vergelijkbaar met boomwortelstructuren. De nieuwe boormethode heet Directional Steel Shot Drilling (DSSD). Het maakt gebruik van hogedrukstralen die stalen deeltjes bevatten, die aan het oppervlak weer worden opgevangen. In rotsachtige bodems kan er ook nog eens sneller mee geboord worden. Door op een bepaald punt extra korreltjes uit de boorkop te schieten, ontstaat meer ruimte in de schacht. Zo kun je de boorkop sturen en dus bochten laten maken. Oplossing voor warmtecrisis en netcongestie Ongeveer 50 procent van de energie in de wereld wordt op dit moment gebruikt voor het verwarmen van huizen en gebouwen. Door de toename van wind- en zonne-energie gebeurt dat steeds vaker elektrisch, bijvoorbeeld via warmtepompen. Maar de toegenomen vraag en aanbod van stroom kan het elektriciteitsnet niet aan, wat leidt tot congestie. “Voor beide problemen is geothermie een mooie oplossing”, zegt directeur Diederik Wawoe van Canopus. “Het enige probleem is dat geothermie vaak te duur is. Dat komt met name door de boorkosten.” Ideale omstandigheden Geothermie of aardwarmte is een duurzaam alternatief voor kolen- of gascentrales. Het principe lijkt simpel. Je boort een put naar diepere aardlagen en op 2,5 kilometer kom je water van circa 85 graden Celsius tegen. Je pompt het op en verwarmt er warmtenetten voor huizen, kassen of andere gebouwen mee. Nadat de warmte is onttrokken, wordt het water via een andere put naar beneden gepompt, terug naar het reservoir waar het vandaan kwam. In theorie is er dus geen gevaar voor bodemverzakking. Dat is wat in en rondom Den Haag, in tuindersgebied Het Westland en elders in de provincie Zuid-Holland al volop gebeurt. Daar zijn de bodemomstandigheden ideaal en is boren relatief goedkoop. Horizontaal boren In andere Nederlandse gebieden en landen is dat niet zo. Daar zijn de omstandigheden minder gunstig, vloeit het water minder makkelijk naar boven of is er niet genoeg van. “Op sommige plekken is geothermie minder rendabel. Dan moet je lange, horizontale stukken door de hete waterhoudende gesteentelagen kunnen boren. Daar hebben wij de oplossing voor”, zegt Wawoe. Zwitserland heeft bijvoorbeeld dat probleem. Als je daar boort, komt er onvoldoende warm water naar boven voor een rendabel geothermieproject. Als je horizontaal boort, is al het water in die laag beschikbaar. Daarom zijn Zwitserse steden als Lausanne en Genève erg geïnteresseerd in de techniek van Canopus. “Zij willen graag meer met geothermie doen en willen kijken hoe het boren naar die aardwarmte met nieuwe technologieën relatief goedkoper wordt”, zegt Wawoe. “Op plekken waar geothermie nu nog minder rendabel of beschikbaar is kunnen we 2,5 keer zoveel productie uit een put halen tegen slechts 20 procent meerkosten.” Kijk hier hoe de DSDD-technologie van Canopus werkt:Stoom voor elektriciteit Boor je 4 tot 8 kilometer diep, dan stuit je op water van 130 tot minimaal 250 graden. Dat kun je naar boven halen om stoom te produceren, die turbines kan aandrijven om elektriciteit op te wekken. Op die grote diepte zijn traditionele boortechnologieën nog te duur. Daar wordt soms een ondergronds radiatorsysteem geïnstalleerd dat alleen de temperatuur van de grond gebruikt om water te verwarmen. Dat soort ultradiepe geothermie wordt nog weinig toegepast en is in de meeste gevallen nog niet rendabel. Ook hier vanwege het dure boren. De techniek van Canopus is daar prima geschikt voor. Wawoe: “Als je dit overal ter wereld zou kunnen doen met onze boortechniek, dan heb je een duurzame energiebron die 24 uur per dag beschikbaar is en die netcongestie door pieken en dalen in wind- of zonne-energie deels kan ondervangen. Het zou mooi dat geothermie dus naast bron van warmte ook een bron van elektriciteit zou kunnen worden.” Wereldwijde groei Wereldwijd groeit de productie van geothermische energie gestaag, zo toont het meest recente rapport van het internationaal agentschap voor hernieuwbare energie IRENA en internationale brancheorganisatie IGA aan. De opwekking van warmte groeide tussen 2015 en 2020 gemiddeld met 9 procent per jaar tot 107 gigawatt warmte. Elektriciteitsopwekking via stoom groeide minder hard met gemiddeld 3,5 procent per jaar tot 15,96 gigawatt elektriciteit. Om klimaatverandering tegen te gaan kan en moet geothermie een belangrijke rol spelen in de groene energietransitie, stellen beide organisaties. Zowel door het opwekken van duurzame warmte als elektriciteit. Geothermische projecten duren echter tientallen jaren, terwijl ze hoge investeringsuitgaven vooraf vereisen. Daarom is financiering vaak lastig.Den Haag als epicentrum De Haagse regio transformeert zich tot het mondiale epicentrum voor geothermische energie, waarbij energieonderzoeksinstellingen, industrie en financiering van wereldklasse worden gecombineerd. Het Rijswijk Centrum voor Duurzame Geo-energie (RCSG) van TNO bijvoorbeeld – een voormalig booronderzoek- en testcentrum van Shell – is een open innovatielab, waar bedrijven hun nieuwe boortechnieken, materialen en andere innovaties kunnen testen en demonstreren. De oprichting van de International Geothermal Association (IGA) in 2021 was een belangrijke mijlpaal. IGA vertegenwoordigt de wereldwijde geothermie industrie bij internationale organisaties zoals de Verenigde Naties, de Wereldbank, het Internationaal Agentschap voor hernieuwbare energie en het Internationaal Energieagentschap. Top over financiering geothermie Met industriële partners stelt de IGA normen vast, ontwikkelt de technologieagenda en ondersteunt ondernemers die zich bezighouden met schone technologie. De Haagse organisatie houdt geothermieconferenties over de hele wereld. De Global Geothermal Impact Summit 2024, op 23 en 24 april in de Fokker Terminal in Den Haag, gaat vooral over het financieren van geothermie. Dat aspect is net zo belangrijk als de technologische innovatie. De top brengt experts uit de geothermische sector, financiële instellingen, overheidsinstanties en impactinvesteerders bij elkaar om de weg vrij te maken voor deze vorm van duurzame energie.Deze tekening toont hoe horizontaal boren werktZoeken naar investeerders Canopus werd in 2019 opgericht door Jan Jette Blangé, een expert in boortechnologie die al meer dan dertig patenten heeft laten registreren. Wawoe, werktuigbouwkundig ingenieur van de TU Delft, zegde in 2018 zijn baan bij Shell Solar op en werd mededirecteur. De start-up kent de zoektocht naar investeerders als geen ander. Bij de start kreeg het bedrijf een lening van de overheid, de zogeheten vroegefasefinanciering. In 2022 ontving Canopus een kapitaalinjectie van ENERGIIQ, het Energie-innovatiefonds van Zuid-Holland, en duurzaam durfkapitaalfonds SHIFT Invest. Die was gekoppeld aan een subsidie uit het Geothermica-programma van de EU. In totaal ging het om 2,6 miljoen euro. In hetzelfde jaar begeleidde InnovationQuarter de ondernemers bij hun subsidieaanvraag voor Kansen in West, waarmee ze nog eens 400.000 euro ophaalden. “Onze ervaring hierin kan ook voor anderen relevant zijn”, zegt Wawoe. Canopus is opnieuw bezig een flinke investering op te halen. Hoeveel en van wie, zal de start-up bekendmaken tijdens de top in De Haag. Testprojecten Canopus werkt momenteel aan drie concrete testprojecten: Green Village in Delft, een project in het oosten van Nederland en bij het Rijswijk Centrum voor Geothermie van TNO. Vorig jaar werd er ook geboord in het Zwitserse testcentrum bij Hagerbach. Als die projecten klaar zijn, verwacht de start-up in 2025 de markt op te kunnen met de nieuwe DSSD-technologie. “Voor de langere termijn kijken we wereldwijd naar meerdere projecten. Als de technologie zich eenmaal heeft bewezen, willen veel partijen de technologie graag gebruiken”, zegt Wawoe. Lees ook: Opwek aardwarmte stagneert in 2023, maar potentie blijft grootHoe gaat HVC zijn warmtenetten verwarmen als het Nederland afvalvrij maakt?Volgens wetenschappers is aardwarmte met CO2-afvang een gouden combinatie‘Aardbatterij’ slaat overtollige hernieuwbare energie op in scheuren in de grond