Sanne Bode 16 december 2019, 12:11

Klimaatpositief opereren met de natuur als gids

Minder negatieve impact op het milieu realiseren is al sinds 1994 de grote missie van tapijttegelfabrikant Interface. Dit jaar is daar een nieuwe ambitie bijgekomen: In 2040 wil het bedrijf volledig klimaatpositief opereren.

201908 interface cbre ams 1

DuurzaamBedrijfsleven sprak hierover met Ton van Keken. Als directielid bij Interface is Van Keken verantwoordelijk voor de supply chain in Europa, oftewel alles dat te maken heeft met de inkoop, productie en distributie van de tapijtproducten.

In 2020 wil Interface helemaal geen negatieve impact meer hebben op de planeet met de productie van tapijttegels. Is dat mogelijk?

“Het is zeker mogelijk, maar deze stelling is ook een definitiekwestie. Je kunt de impact enorm reduceren, maar nooit volledig voorkomen. Alhoewel, op onze Europese productielocatie in Scherpenzeel hebben we onze CO2-voetafdruk met 99 procent gereduceerd ten opzichte van 1996. Wereldwijd is het waterverbruik bijvoorbeeld verminderd met 89 procent en de CO2-voetafdruk met 69 procent. We hebben daarin al veel bereikt, maar het is niet zo dat er in elk deelproces een absolute 0 is bereikt. Om de eigen impact nog verder omlaag te krijgen, zijn we nu bijvoorbeeld bezig met de ontwikkeling van CO2-negatieve producten.

Daarmee kunnen we de CO2-balans wel naar 0 brengen. Daarnaast wordt nu al alle CO2-uitstoot die nog resteert, ook van de grondstoffen en onderhoud, gecompenseerd door gecertificeerde offsets, investeringen in sociale projecten en natuurlijk het aanplanten van bos, binnen het Carbon Neutral Flooring programma. Op deze manier leveren we onze klanten een klimaatneutrale vloer. Het is dus een combinatie van zaken.

Daarbij kun je je afvragen: hoe kijk je naar Interface en de invloed die wij als bedrijf uitoefenen? Wat hebben we zelf bereikt en wat is onze impact op andere bedrijven in de keten? De afgelopen jaren hebben we onze klanten en de supply chain beïnvloed door grote stappen te maken op duurzaamheidsgebied. Ook dat kun je in beschouwing nemen. Als je naar het grotere geheel kijkt, alles bij elkaar, dan kun je zeggen dat onze impact nu al positief is.”

Hoe is jullie manier van zakendoen in duurzame zin veranderd?

“We willen zowel duurzaam als zakelijk succesvol zijn, dat is een voorwaarde om onze duurzaamheidsstrategie te vervullen. Door mensen mee te nemen op onze duurzaamheidsreis, onze ervaringen te delen en uit te leggen dat het goed is voor milieu en omgeving, bereiken we klanten. Die moeten ons nieuwe opdrachten gunnen, wat in toenemende mate lukt. Over de hele wereld hebben we inspirerende en duurzame omgevingen gecreëerd, die noemen we Positive Spaces. Door dit tot een gespreksonderwerp te maken, vinden we aansluiting bij klanten.

Een groot deel van ons klantenbestand waardeert ons vanwege onze duurzame missie. Dat was 25 jaar geleden veel moeilijker dan nu. Er zijn nog altijd partijen die niets geven om duurzaamheid, maar steeds meer klanten zijn er bewust mee bezig, zeker met het thema circulaire economie, waarbij de natuur onze mentor is.

Mijn ervaring is dat wanneer je als onderneming succesvol wil zijn, datgene wat je aan klanten levert primair goed moet zijn. Interface levert vloeroplossingen: als de klant dat besteld, dan gaat het over design, functionaliteit, kleur, akoestische eigenschappen en reinigbaarheid. Duurzaamheid en circulariteit zijn de kers op de taart, dat daarbij de doorslag kan geven, maar gelukkig ook steeds vaker de basis is.”

Hoe blijven jullie innovatief in de markt?

“Door continu te blijven innoveren. Een mooi voorbeeld is dat het grootste gedeelte van ons garensysteem nu wordt gemaakt van 100 procent gerecycled materiaal. Daarnaast brengen we volgend jaar twee nieuwe innovaties op de markt.

"Duurzaamheid en circulariteit zijn de kers op de taart"

De rug is een belangrijk deel van de tapijttegel. We hebben nu een tapijtrug ontwikkeld die gemaakt is van biobased materialen en plantaardige olie. Hierdoor gebruiken we nagenoeg geen virgin fossiele materialen meer in de tapijtrug. Dit is nu nog een optie voor klanten, maar de verwachting is dat het eind volgend jaar de standaard wordt op een belangrijk deel van ons productieportfolio. Persoonlijk vind ik dat een grote mijlpaal omdat we daarin echt uniek zijn.

Een ander product dat ook volgend jaar wordt gelanceerd, is een tapijtproduct die CO2-negatief is. Daarbij zijn virgin fossiele materialen vervangen door biobased materialen, zodat de impact van het gehele product negatief wordt. Het toepassen van CO2 in onze processen gaat in de toekomst steeds vaker voorkomen.”

Hoe ontwikkel je een duurzame mindset bij alle medewerkers?

“Het aan boord krijgen van je eigen mensen was de eerste grote uitdaging. Toen we 25 jaar geleden begonnen, was er veel meer scepsis over duurzaamheid. Het zou vooral geld kosten en niets opleveren. Het veranderen van die mindset heeft alles te maken met leiderschap, het ontwikkelen van een heldere visie en daaraan vast blijven houden. Als ik naar ons succes kijk, dan hebben wij dat goed aangepakt. Het thema duurzaamheid levend houden binnen de organisatie is een kwestie van consistent communiceren en innoveren, veel ingewikkelder dan dat is het niet.

De oorsprong van onze visie gaat terug naar Ray Anderson, de oprichter van Interface. Het is een geluk dat hij een visie op duurzaamheid ontwikkelde en zijn bedrijf als de natuur wilde laten functioneren. Omdat hij zowel CEO als aandeelhouder was, had hij de positie om dat door te zetten. Hij ontwikkelde een strategie waarmee hij uitdagingen in kleine brokken splitste en ze behapbaar maakte.

Anderson bedacht geen ingewikkelde zaken, maar maakte duurzaamheid vooral meetbaar en hij wist doelen te stellen. Zo kreeg elke afdeling eigen duurzaamheidsdoelstellingen. Op het moment dat daar successen uitkomen, krijgt het thema vanzelf vleugels. Eén van de successen is bijvoorbeeld dat er veel aan productontwikkeling is gedaan, waardoor de duurzame insteek ook daadwerkelijk tot kostenvermindering heeft geleid.”

Welke tips heeft u voor andere bedrijven?

“Er is een quote van oprichter Ray Anderson die ik treffend vind: ‘we’re doing well by doing good.’ Verduurzaming is iets onvermijdelijks, dat gaat en moet gebeuren. We lopen tegen de grenzen van ons systeem aan. Als je je dat realiseert, dan kun je beter proactief zijn en vooroplopen. Dan is het ook een kans.

Duurzaamheid is al veel meer mainstream dan tien jaar geleden en is ook als thema verbreed. Het gaat nu ook om circulariteit, inclusiviteit en welzijn. Ik geloof er heilig in dat je niet moet afwachten, maar zelf het initiatief moet nemen. Anders gebeurt er niets. Het moet vanuit het bedrijfsleven komen, maar als bedrijf alleen krijg je het niet voor elkaar.”

Bedoelt u daarmee dat bedrijven moeten samenwerken in plaats van concurreren?

“Het is een combinatie van beiden. Aan de ene kant leveren we strijd in de markt om de klant en de order. Als je naar duurzaamheid kijkt, dan zitten daar ook concurrentiële aspecten aan. Wij hebben bijvoorbeeld geïnvesteerd in duurzame ontwikkelingen, die we ook in de markt toepassen.

"Wij zijn een tapijttegelfabrikant die radicaal innoveert"

Aan de andere kant zit een stuk duurzaamheid dat pre-concurrentieel is. Neem bijvoorbeeld retourlogistiek en recycling; om dat goed werkend te krijgen, moet je samenwerken en een gemeenschappelijk proces door. Dat is de mening van veel partijen, maar nog niet van allemaal. Voorzichtig begint dat nu ook vorm te krijgen. We praten er met elkaar over in samenwerkingsverbanden.”

Vooruitkijkend, wat zijn jullie nieuwe doelstellingen?

“Sinds 1995 was Mission Zero onze duurzaamheidsvisie waarbij we de voetafdruk naar 0 wilden reduceren. Dat was een ambitieuze missie: het was toen ondenkbaar om alles in te zetten op duurzaamheid. Dat heeft veel out of the box denken en innovaties bevorderd en inhoud gegeven aan het worden van een onderscheidend bedrijf.

We zijn op zoek gegaan naar weer zo’n ambitieus doel. In die setting hebben we de nieuwe Climate Take Back-missie ontwikkeld, de vervolgstap op Mission Zero. Daarmee willen we  verder gaan dan alleen de negatieve impact elimineren. Een belangrijke vraag daarin is: kunnen we de CO2, die op de verkeerde plek in de atmosfeer zit, als grondstof inzetten en daardoor nog meer klimaatpositieve vloeroplossingen ontwikkelen?

Onze historie bewijst dat wij een tapijttegelfabrikant zijn die radicaal innoveert. Of het nu gaat om de rug van een tapijttegel, producten met een laag garengewicht dat tot weinig impact leidt, recyclingtechnieken of designconcepten waardoor je de tapijttegels eenvoudig kunt installeren: op veel vlakken lopen wij voorop. Dat is ook één van de redenen waarom we zowel commercieel als zakelijk succesvol zijn.”

Deze maand bracht Interface het duurzaamheidsrapport 'Lessen voor de Toekomst' uit. Lees hierin wat het bedrijf in 25 jaar op duurzaamheidsvlak heeft bereikt en alles over hun nieuwe Climate Take Back-missie.  

Beeld: Interface 

Alles wat je nog niet wist over ledverlichting

“Gemiddeld besparen ondernemers zo’n 60 tot 70 procent aan verbruik door over te stappen op ledverlichting.” Aan het woord is Richard van de Vrie, lichtexpert en directeur van ledleverancier LuxImprove. We ontmoeten elkaar op de beurs bij het Energiek Café van Essent Zakelijk, waar ondernemers terecht kunnen met al hun vragen over ledverlichting: van subsidiemogelijkheden tot productkeuze en installatie.Ondernemers zijn volgens Van de Vrie nog onvoldoende bezig met de kansen van ledverlichting, terwijl het direct een enorme besparing oplevert. “Een verstandige ondernemer moet nu toch wel inzien dat het tijd is om over te stappen. Niet alleen voor je portemonnee, maar ook voor het comfort van de mensen die voor je werken.” Licht en gezondheidLicht heeft namelijk een grote invloed op de gezondheid. Onze biologische klok wordt erdoor bepaald. Wanneer de zon in de ochtend opkomt maakt het lichaam cortisol aan, een hormoon dat alertheid en activiteit stimuleert. Het koele ochtendlicht onderdrukt de productie van melatonine, de stof die voor slaperigheid zorgt. Aan het einde van de dag draait het proces zich om; het daglicht wordt minder sterk en warmer van kleur, waardoor de productie van cortisol afneemt en het lichaam weer meer melatonine aanmaakt.Nederlanders spenderen een groot deel van hun dag echter binnen, waardoor hun biologische ritme verstoord raakt. Daar hebben ontwikkelaars iets op gevonden: biodynamisch licht. “Door de dag- en nachtcyclus na te bootsen met kleur en intensiteit, haal je natuurlijk licht van buiten naar binnen”, legt Van de Vrie uit. Zorginstellingen passen biodynamisch licht al regelmatig toe, maar de oplossing is voor elke werkomgeving interessant. “Aan het einde van de dag ben je veel energieker en ‘s avonds val je gemakkelijker in slaap. Ook draagt het bij aan de veiligheid, want als je met machines werkt of in een control-room, dan is het belangrijk dat je gedurende de dag veel energie hebt.”Van de Vrie ziet biodynamisch licht als de toekomst, maar benadrukt dat ook ‘gewone’ ledverlichting verschil maakt. Een gemiddelde TL-lamp of spaarlamp flikkert 60 tot 100 keer per seconde, waardoor je ogen continu moeten scherpstellen. “Je ziet het niet met je ogen, maar aan het einde van de dag ben je vermoeid. Een led-paneel zonder flikkering heeft dat effect niet.”Smart lightingNaast biodynamisch licht richt LuxImprove zich op smart lighting. Hierbij wordt elk lampje geprogrammeerd en gekoppeld aan sensoren en digitale sturing. Wanneer er bijvoorbeeld enige tijd niemand door een gang loopt, dimt het licht automatisch tot 15 procent. Een voordeel van led ten opzichte van TL of gasontladingslampen, die niet digitaal gestuurd kunnen worden. “Smart lighting bespaart veel energie én verlengt de levensduur van het product. We moeten zuinig omgaan met onze grondstoffen. Dit soort slimmigheden helpen daarbij”, zegt Van de Vrie.Ook biedt smart lighting de mogelijkheid om de verlichting per ruimte aan te passen. Dat past LuxImprove bijvoorbeeld toe in hotel De Kamperduinen in Zeeland, dat momenteel een duurzame make-over ondergaat. “De beleving in een hotel is erg belangrijk. Voor een zakelijk diner in de lobby kies je voor andere verlichting dan voor een romantisch diner voor twee. En schoonmakers hebben natuurlijk vol licht nodig. Die opties kun je allemaal toevoegen in een app.”Het einde van TL-licht?Een vakbeurs voor ledverlichting staat natuurlijk bol van de led-armaturen. Waar wordt een lichtexpert écht enthousiast van? Van de Vrie legt een flexibele led-armatuur in de vorm van een strip op tafel. “30 centimeter hiervan produceert al 900 lumen. Als je deze bovenaan een wand monteert, kun je er die hele wand mee verlichten, zonder dat je de lamp ziet. Architecten kunnen hier compleet nieuwe dingen mee doen. Dit zou wel eens het einde kunnen betekenen van de klassieke TL-verlichting.”‘Led-cowboys’De voordelen zijn dus groot en de mogelijkheden eindeloos. Toch zijn veel ondernemers nog niet overgestapt. Volgens Van de Vrie komt dat mede door het groeiende aantal aanbieders en merken van ledverlichting, waardoor ondernemers door de bomen het bos niet zien. “We zien steeds meer ‘led-cowboys’, die zich vooral willen onderscheiden op prijs. Ze bieden producten van slechte kwaliteit en garanties vervallen vaak, omdat veel van die bedrijven en merken na een paar jaar al niet meer bestaan.”Ook ziet Van de Vrie dat er veel overnames zijn door met name Chinese bedrijven. Hun concurrentiestrijd om bovenin het schap te liggen bij de traditionele technische groothandel komt de kwaliteit van producten niet ten goede. “Dat geldt ook voor A-merken. Mensen denken met een betrouwbare partij in zee te gaan, maar als je het product boven onze testapparatuur houdt, dan schrik je van de kwaliteit.”Onafhankelijk adviesLuxImprove en Essent slaan daarom de handen ineen om ondernemers te helpen met onafhankelijk advies. Essent ondersteunt ondernemers met het doorvoeren van energiebesparende maatregelen op allerlei gebieden, van isolatie en licht tot zelf energie opwekken. Vervolgens koppelt het bedrijf hen aan verschillende servicepartners. Op het gebied van verlichting is dat LuxImprove.“Wat wij vooral belangrijk vinden, is dat wij onze klanten kunnen doorsturen naar een expert op het gebied van verlichting, die ook merkonafhankelijk is. Zo krijgt de klant altijd de beste oplossing en hoeft die niet zelf uit te zoeken hoe en bij wie ze maatregelen kunnen afnemen”, zegt Joep Hilbink, energieadviseur van Essent.Eerst inzicht, dan pas investerenInzicht geven is de eerste stap in dat proces. Met een besparingsberekening ziet de ondernemer vóórdat hij of zij investeert hoeveel kilowatturen een product bespaart, wat de terugverdientijd is en zelfs hoeveel hij of zij kan terugvragen aan Energie-investeringsaftrek (EIA). “Wij vinden het belangrijk dat ondernemers hun investering terug kunnen verdienen en dat zij het doel waarmee zij investeren behalen. Een investering in hoogwaardige slimme armaturen met een langere levensduur pakt vaak beter uit dan een investering in goedkope led-producten. En als zelf investeren niet kan, dan kunnen zij ook leasen”, vertelt Van de Vrie.Wat de led-expert ondernemers vooral wil meegeven, is dat het zonde is om nu nog te wachten met ledverlichting. “Je bespaart direct, de kwaliteit is beter dan ooit tevoren en de prijzen en terugverdientijden zijn goed. En wie weet wat er nog aankomt aan regelgeving. Je kunt er beter nú rustig naartoe werken, dan dat je straks overhaast beslissingen moet nemen.”Lees ook:Na led komt lichtmanagement: duurzame revolutie in de verlichtingsbranche Energiebesparing in het mkb: wat is verplicht en hoeveel levert het op? Digitalisering: energiebesparing was nog nooit zo makkelijk Hoofdbeeld: Vakbeurs LED + Electro | Portretfoto: Emma Rotman