Teun Schröder
01 december 2021, 08:00

Met welke circulaire materialen bouwen we straks onze huizen?

Het doel: Nederland volledig circulair in 2050. Het tussendoel: een halvering van het gebruik van grondstoffen in 2030. Dit betekent meer maken met minder materialen, bijvoorbeeld door hergebruik en recycling. Wat zijn de kansen voor bouwmaterialen?

Massimiliano morosinotto YMPU Jexv Na8 unsplash Beton is overal. Maar kunnen we het ook recyclen? | Credits: Unsplash

1. Beton

Beton is wereldwijd het meest gebruikte bouwmateriaal. Groot nadeel is helaas dat bij de productie van beton veel CO2 vrijkomt. En hoewel gesloopt beton vaak hergebruikt wordt, is hier meestal sprake van downcycling: hergebruik met een lagere waarden. Zo eindigt het als gruis in de fundatie van wegen. Maar er is hoop voor het mengsel van zand, grind en cement. Met thermische verwarming of elektrische pulsen is het mogelijk beton te verhitten. Hierdoor scheiden cement en grind en kun je deze grondstoffen opnieuw gebruiken. Beide technieken zijn helaas wel zeer energie-intensief en staan nog in de kinderschoenen.

Een hoopvolle techniek is het slim breken van beton. Het bedrijf New Horizon Urban Mining dat zich specialiseert in het winnen van grondstoffen uit de bebouwde omgeving ontwikkelde de machine Smart Liberator. Dit apparaat maakt gebruik van druk, maar kan het dusdanig reguleren dat alleen het uitgeharde cement verkruimelt. Zo kan het gescheiden worden van andere grondstoffen, zoals zand en grind.

Er moeten 1 miljoen woningen komen. Maar hoe bouwen we die?

2. Hout

Biobased materialen zoals hout, hennep en vlas hebben de toekomst. Een voordeel is natuurlijk dat deze na verloop van tijd weer aangroeien en bovendien CO2 opnemen. Vooral bouwen met hout is aan een opmars bezig. Houtbouw leent zich bovendien goed voor een circulaire economie. Naast (her)gebruik van massief hout, zorgen nieuwe technieken ervoor dat we steeds beter in staat zijn houtvezels opnieuw te gebruiken, bijvoorbeeld voor spaanplaten. En lignine, een tot voor kort nutteloze reststroom uit de productie van papier, leent zich uitstekend als alternatief voor kunsthars uit aardolie. Dit kun je weer gebruiken als isolatiemateriaal.

Circulaire economie in de praktijk: vijf soorten afval recyclen tot tientallen nieuwe producten

3. Plastic

Ondanks dat velen erkennen dat plastic het meest veelzijdige stukje materiaal is, ligt ermee bouwen misschien niet voor de hand. Toch gebeurt dit, al is het op kleine schaal. Het bedrijf Save Plastics maakt van een mix van laagwaardig plasticafval weer nieuwe producten. Niet alleen bouwen ze steigers, bruggen en banken, het is ze zelfs gelukt een volledig huis van plasticafval te maken. Volgens de bewoners, tevens de oprichters van Save Plastic, is het huis goed geïsoleerd en is het er ook in de zomer goed toeven.

4. Natuurlijke bouwstenen

Maar de lijst van duurzame en hernieuwbare bouwmaterialen is nog veel langer. Schapenwol wordt al gebruikt als milieuvriendelijk isolatiemateriaal, het snelgroeiende bamboe is geschikt voor panelen en wanden en natuursteen zien we terug in gevels, schoorstenen en deurposten.

Pallets kun je wel jaren hergebruiken. Maar hoe zet je zo’n systeem op?

Topsector Energie: Centrale regie, of toch liever autonomie?

Het zal niemand zijn ontgaan dat de energietransitie nu echt op gang komt. De verduurzaming van onze energievoorziening wordt meer en meer zichtbaar. Elke dag wordt het duidelijker dat we te maken hebben met een transformatie met een ongekende impact en dat de bestaande wijze waarop wij onze energievoorziening regelen niet meer werkt. Dit is bijvoorbeeld direct zichtbaar bij het elektriciteitssysteem dat in grote delen van het land vol zit en overbelast raakt. Wie even verder kijkt naar alle plannen die nu worden ontwikkeld (dat zijn er duizenden) kan niet anders dan concluderen dat dit pas het topje van een ijsberg is en dat er, als we niets doen, een catastrofe dreigt; een onbetrouwbare, onveilige en zeer kostbare energievoorziening. Het is dan ook begrijpelijk dat de roep naar centrale regie door het Rijk aanzwelt. Zie hiervoor de vele publicaties in kranten, niet alleen in de wetenschappelijke bijlages maar in hoofdredactionele commentaren. Daar staat echter een diametraal andere trend tegenover. Steeds meer burgers, wijken, bedrijven, bedrijventerreinen en regio’s willen meer vrijheid en meer autonomie om de energietransitie en de energievoorziening op eigen wijze op te pakken. Op zich zelf is dit een positief proces. Het vergroot de noodzakelijke betrokkenheid van burgers, bedrijven en lagere overheden en het vergroot de productiecapaciteit van duurzame energie (gedistribueerde bronnen) die we hard nodig hebben. Bovendien bieden deze initiatieven en ambities mogelijkheden om lokaal opgewekte energie lokaal te gebruiken, waardoor kostbare investeringen in infrastructuur beperkt kunnen worden en dreigende ‘verstoppingen’ van het energiesysteem kunnen worden voorkomen. Tenslotte zorgt dit alles voor nieuwe bedrijvigheid en ‘groene’ banen. Kortom we hebben hier te maken met een ingewikkelde paradox, want eigenlijk willen we centrale regie én autonomie. Hoe moeten we deze schijnbaar onoverbrugbare paradox managen? Mart van Bracht: "We moeten snel het ordenings- en besturingsmodel van de energiesector veranderen."Blogserie; experts van Topsector Energie aan het woord 1: Energietransitie – kijken we de ander weg, of openen we ons hart?2: Centrale regie, of toch liever autonomie? (dit blog)3: Fabeltjes over waterstof ontkracht 4: Door de transitie kunnen huishouden geld verdienen met energie5: Om een duurzame toekomst te bouwen, moeten we investeren in mensen6: Een nieuwe generatie duurzame investeerders staat opWie zich verdiept in de wetenschap van systeemtheorie ontdekt dat voor deze situaties een zogenoemd ‘holarchisch’ model bestaat. Dit idee is in 1967 door een Hongaarse wetenschapper, Arthur Koestler, bedacht. Wie dit onderwerp ‘googlet’ ziet dat het populair is bij managementvraagstukken, denk hierbij bijvoorbeeld aan zelfsturende teams. Zij past echter ook bij een energiesysteem waar we centrale regie en autonomie willen verenigen. Een holarchie bestaat uit een hiërarchie van zogenoemde ‘holonen’. Holonen zijn zelfstandige eenheden die een zekere mate van autonomie hebben, maar tegelijkertijd onderhevig zijn aan controle en sturing van holonen op hogere niveaus. Je zou een energiesysteem op deze wijze kunnen ordenen. We beleggen hierbij getrapt, dus op verschillende schaalniveaus, verantwoordelijkheden en autonomie. Bijvoorbeeld op nationaal niveau, op regionaal niveau, lokaal niveau tot op het niveau van een gebouw. Elk niveau krijgt duidelijke kaders voor wat wel en niet mag of kan. Een indeling in holons is afgestemd op logische combinaties van vraag en aanbod van energie, op verschillende schaalniveaus. Uiteraard ligt het voor de hand hierbij waar mogelijk aan te sluiten bij reeds bestaande administratieve grenzen. Het kan echter zijn dat bij ontwerp van dit systeem nieuwe eenheden nuttig lijken, of reeds bestaande, denk hierbij aan het geven van nieuwe bevoegdheden en handelingsperspectieven aan RES’en (Regionale Energie Strategieën). Deze aanpak belegd verantwoordelijkheden op het juiste niveau en geeft iedereen duidelijkheid over wat wel en niet kan. Dit zorgt voor een versnelling van de energietransitie en een versterkt het maatschappelijk draagvlak. Ik ben me bewust van het feit dat deze aanpak een grote breuk is met het huidige besturingsmodel, met een infrastructuur in publieke handen, waarbij de markt vraag en aanbod reguleert en dat taken en bevoegdheden van organisaties, overheden en bedrijven fors kunnen veranderen, inclusief regel- en wetgeving. Dit is echter onontkoombaar. We hebben een grote stap gezet door ons energiesysteem revolutionair te veranderen. Het wordt nu tijd om dit ook te doen met ons ordenings- en besturingsmodel. Graag snel, de energietransitie is niet te stoppen en gaat sneller als we denken. Mart van Bracht is Director Programma System Integration bij Topsector Energie.Het Betoog Change Inc. waardeert de betrokkenheid van lezers en toekomstmakers zeer. Ook een opinieartikel aanleveren voor de rubriek ‘Het betoog’? Stuur de bijdrage naar hoofdredacteur Roy op het Veld: roy@change.inc. Het artikel moet een wezenlijke bijdrage leveren aan het debat en iets toevoegen aan wat al eerder op Change Inc. verschenen is. De redactie beslist over plaatsing.