Anna Roos van Wijngaarden 06 april 2023, 12:00

Ontdekking RIVM: kleding recyclen is niet gevaarlijk

Een mooi voornemen van de overheid: dat al het nieuwe textiel in Nederland tegen 2030 voor 30 procent uit gerecycled materiaal moet bestaan. Maar dat kan alleen als het ook veilig is. Het RIVM deed daar (meta)onderzoek naar.

Adobe Stock 574360985 De groeiende berg textielafval in Nederland vraagt om duidelijke regels voor recycling. | Credits: Adobe Stock

Toenemende veiligheidseisen voor chemicaliën in textiel zetten druk op de ketel bij kledingmerken. Zij willen inzetten op gerecyclede stoffen, maar weten vaak niet precies waar dat materiaal vandaan komt. Dat maakt het lastig om in te schatten of er gevaarlijke chemische stoffen in hun nieuwe producten zitten. De kans is reëel dat oud textiel stofjes bevat die inmiddels verboden zijn.

Om de milieu- en gezondheidsrisico’s van gerecycled textiel in te schatten, dook het RIVM in de chemische samenstelling van gebruikte kleding, die zich al dan niet leent voor recycling. De opdracht komt van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA).

Chemisch gevaar

Gerecycled textiel mag niet zomaar de schappen in. Of het nou om lakens, gordijnen of bloezen gaat, producten moeten voldoen aan de Europese wetgeving voor chemische stoffen. Steeds meer van dat soort stofjes worden verboden omdat ze negatieve effecten hebben op het milieu en de gezondheid van mensen. Nederland is bijvoorbeeld betrokken bij het proces om de PFAS-groep van ruim 10 duizend stofjes op die lijst te krijgen.

Gerecyclede kleding is veilig

Het rapport bevat een samenvatting van twaalf onderzoeken naar de chemische stoffen in weggegooide kleding. De conclusie van dit metaonderzoek is dat (deels) gerecyclede kleding hoogstwaarschijnlijk voldoet aan de veiligheidseisen van nieuw geproduceerd textiel.

De waardevolste studie was een groot project geleid door H&M en Ikea, die specifiek ging over kledingafval dat al apart was gelegd voor recycling – lang niet al het afval is daarvoor geschikt. Als richtlijn voor veiligheid werd de wereldwijd bekende AFIRM Restricted Substances List gebruikt. Die lijst bevat gevaarlijke stoffen zoals lood, nikkel, en zogenoemde ‘AZO dyes’ waar strenge regels voor gelden in de productie van kleding en textiel.

Gevaarlijke (soms verboden) stoffen kwamen maar in heel kleine mate voor (1 tot 2 procent). Uitzonderingen zijn de stoffen DEHP (kankerverwekkend) en cadmium (veroorzaakt nierschade), die in 25 en 17 procent van de steekproeven voorkwamen. Maar omdat gerecycled materiaal bijna altijd gemengd wordt met zo’n 50 tot 75 procent nieuw materiaal, is de concentratie van zo’n stof in een nieuw kledingstuk toch verwaarloosbaar.

De levensloop van oude kleding in Nederland. | Credit: RIVM

Stofjes opsporen

In de productie van textiel worden duizenden chemische stofjes gebruikt en sommige blijven – opzettelijk of onopzettelijk – in het eindproduct zitten. De gebruiker van een kledingstuk komt in nauw contact met die soms gevaarlijke stoffen en dat kan gevolgen hebben voor de gezondheid. Daarom is het belangrijk dat al het textiel dat de recycling in gaat, hierop wordt gecontroleerd. En dat is nogal een uitdaging.

Recyclekaart

Het RIVM heeft meteen het recyclingproces van oude kleding in Nederland in kaart gebracht, weliswaar met data uit 2018. In dat jaar gooiden Nederlanders 305 kiloton textielafval (kleding, schoenen, bedlinnen) weg, waarvan meer dan de helft in de verbrandingsoven belandde. Er kwam ook nog een stuk import binnen van 98 kiloton en toch werd slechts 39 kiloton, dus minder dan 10 procent van al dat textielafval, in eigen land gerecycled – meestal laagwaardig, bijvoorbeeld tot isolatiemateriaal of vilt. In de circulaire economie die Nederland nastreeft, past alleen hoogwaardige vezel-tot-vezel-recycling, dus in een gesloten kringloop. Wereldwijd bedraagt die categorie nu slechts 1 procent.

Lang niet alle oude kleding komt in het recyclingcircuit terecht. Van de 40 items die elke Nederlander jaarlijks weggooit, komen 25 stuks bij het huishoudelijk afval terecht in plaats van in de textielcontainer.

Beleidsmakers moeten tools bouwen

Om de veiligheid van gerecycled textiel te garanderen, moeten beleidsmakers tools gaan bouwen voor de industrie, adviseert het RIVM. Dan weten merken en hun leveranciers hoe ze de chemische samenstelling van hun (deels) gerecyclede producten kunnen achterhalen en kunnen consumenten zorgeloos meegaan in de transitie naar circulaire kleding.

Het RIVM signaleert ook een behoefte aan meer onderzoek, bijvoorbeeld naar het sorteerproces. Producten die veel chemicaliën bevatten, zoals functionele jassen, kunnen bijvoorbeeld bewust uit de recycle-loop worden gehouden. De data over de chemicaliën in kleding en de samenstelling van textiel kan ook een boost gebruiken.

De groeiende berg textielafval in Nederland vraagt om een kleine revolutie in de afvalverwerking met inzet van inzamelaars, sorteerders en producenten. Veilig recyclen is de eerste haalbare stap.

Lees meer:

Duitse diepzeehaven wordt omgetoverd tot groene waterstof- en ammoniakhub

De Duitse economie heeft zwaar te lijden onder de energiecrisis. Vorig jaar liep het land bijna 60 miljard euro aan economische schade op door de hoge energieprijzen. Dit jaar kan dat zomaar eens oplopen tot 100 miljard euro, stelde Robert Habeck (Duitse minister van Economische Zaken). De import van LNG via een drijvende terminal kon de pijn enigszins verzachten, maar voor de toekomst zijn meer oplossingen nodig om het gebruik van fossiele energie te drukken. Groene waterstof produceren en importeren Het havengebied van de stad Wilhelmshaven (in het noorden van Duitsland) moet uitkomst bieden, meldt Reuters vandaag. Verschillende energiebedrijven investeren daar in groene waterstofproductie, faciliteiten voor CO2-opslag en de benodigde infrastructuur om groene waterstof en ammoniak op grote schaal te importeren. In totaal wordt er tot en met 2030 meer dan 5 miljard euro gestoken in de transformatie van het gebied. Het consortium dat de plannen uitvoert, heet Energy Hub Port Wilhelmshaven. Het samenwerkingsverband bestaat uit meer dan dertig bedrijven, waaronder de energiereuzen E.ON, RWE en Orsted. 1 gigawatt aan elektrolysers Enkele details over de investeringen zijn er ook al. In Wilhelmshaven is de eerste drijvende LNG-terminal van Duitsland bijvoorbeeld al te vinden, maar voor het einde van dit jaar moet er nog een bijkomen. Daarnaast moet er ten minste 1 gigawatt aan productiecapaciteit voor groene waterstof in Wilhelmshaven gebouwd worden. De restwarmte van de beoogde elektrolyse-installaties kan wellicht weer gebruikt worden door papiermaker PKV, dat wordt momenteel onderzocht. De Duitse oliemaatschappij Wintershall Dea steekt ongeveer 1 miljard euro in twee projecten in het havengebied: BlueHyNow and CO2nnectNow. BlueHyNow is een project waarmee waterstof met behulp van aardgas geproduceerd wordt. De CO2 die daarbij vrijkomt, wordt afgevangen en in vloeibare vorm verscheept naar Noorwegen en Denemarken, waar het opgeslagen wordt. CO2nnectNow moet voor de transport van de afgevangen CO2 gaan zorgen. Als alles volgens plan verloopt, kan het havengebied een kwart van de Duitse waterstofvraag voor zijn rekening nemen. Daarnaast moet er jaarlijks 2,6 miljoen ton aan groene ammoniak de haven binnenkomen. Groene ammoniak Eerder werd al bekend dat de Amerikaanse start-up First Ammonia op grote schaal groene waterstof wil produceren in Wilhelmshaven. Door het vervolgens te combineren met stikstof, kan de start-up er groene ammoniak produceren. Lees ook: Hoe duurzaam is Duitsland?Waterstofpijpleiding gaat Duitsland en Noorwegen verbinden