Teun Schröder
06 december 2024, 14:30

Opmerkelijk: oude tissues verwerken tot bouwmaterialen

Soms stuit je als redactie op nieuws waarbij een wenkbrauw omhoog schiet. Die ene vreemde innovatie, een onverwacht effect van klimaatverandering of een staaltje menselijke onhandigheid. Opmerkelijk dus. Deze week: tissues van studenten als bouwmateriaal.

Getty Images 129377772 Een gebruikte tissue kan met de juiste verwerking heel goed worden gebruikt als bouwmateriaal. | Credits: Getty Images

De Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam wil van afgedankte papieren handdoekjes, bijvoorbeeld die je gebruikt na het wassen van je handen, gipsvezelplaten maken die gebruikt kunnen worden als brandwerende wanden en vloeren. De universiteit startte een pilot om tissues in te zamelen in de toiletruimtes van leraren en studenten. De aparte inzamelbakken bleken bijzonder goed te werken: 99 procent van het ingezamelde afval bestond daadwerkelijk uit tissues.

Na gebruik recyclen

De tissues werden naar een bouwbedrijf gebracht waar ze worden gemengd met oud papier en gips. Op die manier kan het bedrijf er weer gipsvezelplaten van maken die het kan gebruiken bij de afwerking van gebouwen. Aan het einde van hun levensduur, na zo’n 30 jaar, kunnen de platen weer ingezameld worden en zijn ze volledig recyclebaar. Daarnaast kunnen van de oude tissues ook weer nieuwe tissues gemaakt worden.

Zero waste

De tissuepilot is een onderdeel van de duurzaamheidsstrategie van de universiteit om in 2030 geen afval meer te produceren. Eerder concludeerde de VU al dat 82 procent van al het geproduceerde afval op de universiteit recyclebaar is. Door betere inzameling en scheiding van afval hoopt de VU voor nog veel meer afvalstromen een tweede leven te vinden.

Eisen aan leveranciers

Inmiddels scheidt de VU meer dan twintig soorten afval, zoals glas, papier, elektronisch afval en gft. Meubilair en boeken worden al gerecycled en telefoons en laptops worden gerefurbished aangeboden aan medewerkers. Ook wil de VU afval verminderen door bij het inkopen van spullen eisen te stellen aan verpakkingen en terugname van verpakkingen door leveranciers.

Lees ook:

Wat wereldleiders van ‘gewone’ mensen kunnen leren

Drie grote mondiale klimaattoppen waar vele landen en organisaties samenkwamen zijn inmiddels achter de rug. Intussen neemt de wereldwijde biodiversiteit verder af, stijgt de CO2-uitstoot en barst de plasticproductie uit haar voegen. Hoeveel potentie de toppen op papier ook hebben, ze brengen niets wezenlijks. De wrange waarheid is dat alle drie de toppen zijn mislukt. Een folder van Kruidvat De biodiversiteitstop in Cali, Colombia beloofde een nieuw begin; met toezeggingen om ecosystemen te herstellen en het verlies aan soorten te stoppen. Zonder Nederland. Want wij lieten de top links, of moet ik zeggen rechts, liggen. Maar nog erger is dat de beloften achter de schermen al direct werden afgezwakt: “De economie mag niet lijden,” riepen wereldleiders in koor. Economische belangen gaan voor, de aarde die ons leven geeft en voedt, hobbelt erachteraan. Terwijl insecten, koraalriffen en oerwouden in een alarmerend tempo verdwijnen, gaf de top geen enkele afdwingbare maatregel. Het werd een deal met de diepgang van de reclamefolder van Kruidvat. Zwemmen in olie De klimaattop, COP29 in Baku, Azerbeidzjan, bood eveneens een schrijnend beeld. Deze top is bedoeld als belangrijke piketpaal om de mondiale uitstoot tegen 2030 te halveren, en de aarde niet meer dan 1,5 graden te laten opwarmen. Speciaal onderwerp was de financiering, en dan vooral de verdeling van de kosten, voor klimaatbeleid en de gevolgen van klimaatverandering. De rijke landen stoten CO2 uit, de arme landen plukken de wrange vruchten. En dit alles vond plaats in wederom een gastland dat zelf zwemt in de olie. Zelfs letterlijk met oliebaden als wellness-beleving. Simon Stiell, de klimaatsecretaris van de VN, benadrukte dat "klimaatfinanciering geen liefdadigheid is", maar noodzakelijke zelfbescherming. Toch bleven de gesprekken vooral steken in technische details en vage vooruitzichten. Nieuwe toezeggingen werden mondjesmaat gedaan, en we zijn ver verwijderd van het halveren van de mondiale uitstoot tegen 2030. Nóg meer plastic De Plastictop in Busan, Zuid-Korea dan? Helaas. De onderhandelingen over het terugdringen van de enorme plasticvervuiling lieten een vergelijkbare impasse zien. Terwijl microplastics opduiken in de poolgebieden, in de lijfjes van pasgeboren baby’s en in ons bloed, blijft de industrie weerstand bieden. Het resultaat: vrijblijvende afspraken zonder concrete deadlines. Recycling wordt gepresenteerd als oplossing, terwijl de productie van plastic intussen gewoon blijft stijgen. Ik noem dat de innovatie-illusie: de hoop dat je je weg uit een crisis kunt innoveren. Populair, maar bewezen onzin. Helaas komt deze innovatie-illusie inmiddels in Nederland ook steeds vaker uit de kast als partijen geen overeenstemming vinden en niemand een knoop durft door te hakken. Hoopvolle burgerinitiatieven Maar is dan alles verloren? Nee, gelukkig niet. Terwijl de mannen en paar vrouwen in maatpakken blijven praten, vindt de echte verandering elders plaats. In gemeenschappen, steden en dorpen ontstaan al jaren bewegingen en ondernemingen die wél het verschil maken. Boeren die regeneratieve landbouw bedrijven, jongeren die overheden aanklagen omdat economie altijd boven hun gezondheid gaat en burgerinitiatieven die een plasticvrij leven promoten. Verandering komt van onderop! Gewone mensen die begrijpen dat we geen tijd meer hebben voor uitstel. Terwijl wereldleiders vooral bezig zijn met het verdedigen van een status quo, brengen ‘gewone’ mensen de veranderingen die we als wereld hard nodig hebben. Geen bakens, maar zandbakken Eerlijk? De grote toppen zouden bakens moeten zijn in de strijd tegen de klimaat- en biodiversiteitscrisis. Maar in plaats daarvan zijn het zandbanken, waar ideeën op stranden. Wereldleiders zijn de koers allang verloren, en misschien is dat maar goed ook. Want de toekomst zal niet door hen worden geschreven. Die wordt geschreven door mensen die weigeren te wachten. Mensen die kleine, maar wel concrete en dappere stappen zetten. Zij helpen ons echt vooruit. De toppen zijn mislukt, maar de gemeenschappen staan juist op. En raad eens? De groep welwillenden is met meer. Dat geeft hoop voor de toekomst. Nancy Kabalt heeft ruim twintig jaar ervaring in de energiesector en was onder andere algemeen directeur van netbeheerder Stedin. Inmiddels is ze als toezichthouder betrokken bij diverse energiebedrijven, zoals FastNed en Sympower. Ze is ook oprichter van consultancy- en interimbedrijf Windkracht5.Lees ook: ‘Vrouw, wat zit je nou te zeuren met zo’n prima salaris?’To Tesla or not to to Tesla?China slaapt niet, dus wij moeten wakker worden