Teun Schröder
11 februari 2022, 10:00

Podcast: wat kan de textielindustrie leren van het recyclen van verpakkingen?

Nederland recyclet jaarlijks een derde van de 136 miljoen kilo die het aan textielafval inzamelt. Slechts 1 procent hiervan wordt gebruikt voor de kledingindustrie. Hester Klein Lankhorst (Afvalfonds Verpakkingen) en Kim Poldner (De Haagse Hogeschool) zien genoeg ruimte voor verbetering. Waar liggen de kansen?

DSC2305 Links Hester Klein Lankhorst van het Afvalfonds Verpakkingen en rechts Kim Poldner van De Haagse Hogeschool

De komende weken nemen Change Inc. en Kennis- en Innovatie Agenda Circulaire Economie (KIA CE) je mee in de wondere wereld van de circulaire economie. We doen dit met een podcastreeks waarbij we in elke aflevering een ketenstap van een product onder de loep nemen. Van ontwerp en grondstofkeuze tot aan gebruik en verwerking aan het eind van de levensduur. Iedere aflevering verwelkomen we een pionier uit het bedrijfsleven en een expert uit de wetenschapswereld en gaan we op zoek naar de uitdagingen, kansen en succesverhalen van de circulaire economie.

Recyclen van textiel

In de zesde aflevering van Change for Circular Economy ontvangt presentator Anic van Damme Hester Klein Lankhorst, algemeen directeur van het Afvalfonds Verpakkingen en Kim Poldner, lector circular business aan De Haagse Hogeschool. Dankzij een aantal efficiënte beleidsmaatregelen en financiële prikkels is Nederland goed in het recyclen van verpakkingsafval. Het recyclen van textiel loopt achter, terwijl de doelstellingen strenger worden. Wat kan de textielindustrie leren van de manier waarop Nederland verpakkingen recyclet?

Dit is aflevering 5 in de podcastserie Change for Circular Economy. Maar er verschenen er meer:

Luister hier aflevering 1: circulair ontwerp

Luister hier aflevering 2: bouwmaterialen van de toekomst

Luister hier aflevering 3: circulair bouwen en de logistiek

Luister hier aflevering 4: reparatie en levensduurverlenging

Luister hier aflevering 5: circulaire voedselsystemen

Waarom duurzame kleding duurder is - en welke kledingmerken je wél kunt kiezen

Kleding begon als een essentieel middel om onszelf warm te houden en te beschermen. Maar al snel gebruikten we het om te laten zien wat we uitstralen en wie we zijn. Daar spelen modebedrijven slim op in door steeds vaker nieuwe collecties uit te brengen waardoor je steeds weer nieuwe kleding koopt. Daardoor wordt kleding steeds vaker gezien als een wegwerpproduct. Lees ook: H&M erkende laatst dat kleding jarenlang als wegwerpproduct hebben behandeld. Met haar eerste circulaire collectie wil ze het tij keren. De uitstoot van kledingproductie En dat heeft gevolgen. Cijfers over de impact van kleding op het milieu lopen sterk uiteen. Het ene onderzoek spreekt over 4 procent van de wereldwijde broeikasgasuitstoot, terwijl een ander het over 10 procent heeft. Feit is wel dat dit percentage zal blijven toenemen als we op dezelfde voet doorgaan. Gemiddeld kopen we per persoon zo’n vijftig kledingstukken per jaar. Slechts een heel klein deel daarvan wordt aan het einde van de levensduur gerecycled. De rest belandt op de brandstapel. De uitstoot van broeikasgassen is één probleem. Maar het maken van kleding heeft meer negatieve gevolgen voor het milieu. Zo is er voor de groei van gewassen veel water, kunstmest en bestrijdingsmiddelen nodig. Kies je voor een synthetische stof, dan is de kans groot dat het gemaakt is uit aardolie, dat bij het wassen weer microplastics loslaat. Lees ook: hoe duurzaam is vegan leer? Bovendien is er een enorme hoeveelheid water nodig voor het verven van stoffen. Verf bestaat uit schadelijke chemicaliën die slecht zijn voor het milieu. Doordat het vaak ontbreekt aan goede waterzuiveringsinstallaties, wordt het vuile water regelmatig geloosd in rivieren. Het zijn allemaal gevolgen van het productieproces om een kledingstuk te maken. Maar al deze vervuiling is niet nodig. Waarom is duurzame kleding duurder? We kunnen met z’n allen het roer omgooien, want er komen steeds meer duurzame kledingmerken op de markt. Maar als je op zoek bent naar duurzame kledingmerken, kom je al snel tot de conclusie dat duurzame kleding een stuk duurder is dan normale kleding. Of misschien is het beter om te zeggen dat normale kleding té goedkoop is. Voor duurzame kleding wordt vaak een eerlijke prijs betaalt, die dus vaak wat duurder is. Dat heeft te maken met de grondstoffen, arbeidsomstandigheden en productiegrootte.Duurzame (grond)stoffen Katoen en polyester zijn de meest gebruikte grondstoffen voor kleding. Maar ze zijn allesbehalve duurzaam. Voor de productie van katoen worden veel pesticiden en water gebruikt. “Zo’n 75 procent van al het katoen op de wereld wordt ‘vuil’ geproduceerd: er worden veel chemicaliën en kunstmest gebruikt en slechte salarissen betaald”, zei Rob van den Dool in een eerder interview. Zo’n 24 procent is katoen met het Better Cotton Initiative (BCI) certificaat en vergelijkbare initiatieven, waar boeren minder gif mogen gebruiken dan normaal. Slechts 1 procent is biologisch katoen met een GOTS-keurmerk en alleen dát is duurzaam. Hier worden geen chemicaliën en bestrijdingsmiddelen gebruikt en boeren krijgen de echte prijs voor hun oogst. Van den Dool: “De verwachting is dat het percentage biologisch katoen over tien jaar op 2 procent ligt.” Lees ook: New York lanceert unieke Fashion Act om mode-industrie te verduurzamen Veel katoen en polyester wordt vanuit landen als China, India en Pakistan naar Nederland verscheept. Maar er zijn duurzame alternatieven in opkomst. Zo zijn hennep en brandnetel bijvoorbeeld bruikbare grondstoffen voor kleding die ook nog eens lokaal geproduceerd kunnen worden. Bovendien zijn er voor die duurzame materialen geen pesticiden nodig. Maar hennep en brandnetel kunnen wel twee tot vijf keer duurder zijn als katoen. Voor polyester geldt hetzelfde probleem. Polyester is een product gemaakt uit aardolie, wat voor veel CO2-uitstoot zorgt. Bovendien komt er bij het wassen ervan iedere keer weer microplastics vrij. Productie ervan is goedkoop en daarom neemt polyester 52 procent van de wereldwijde vezelmarkt voor zijn rekening. En omdat het goedkoper is om nieuw polyester in te kopen dan te recyclen, wordt meer dan 91 procent van het polyesterafval weggegooid of verbrand. Eerlijk loon en goede arbeidsomstandigheden De lonen en arbeidsomstandigheden zijn in de kledingindustrie niet altijd even eerlijk en veilig. De ramp in 2013 in Rana Plaza bevestigde dat. Het gebouw van tien verdiepingen in Dhaka, de hoofdstad van Bangladesh, stortte in. Er kwamen 1.134 arbeiders om het leven en duizenden anderen raakten gewond. Het Bangladesh Akkoord dat het jaar erop volgde, moest zorgen voor veiligere werkomstandigheden in kledingfabrieken voor arbeiders. De fabrieken waar kleding wordt gemaakt staan vaak in lagelonenlanden, zoals Bangladesh, India en Pakistan. Mensen worden niet altijd eerlijk behandeld. Er vindt gedwongen overwerk en discriminatie plaats, en arbeiders werken vaak in onveilige omstandigheden. Soms is er zelfs een verbod op vakbonden. Volgens Milieu Centraal komen dit soort oneerlijke situaties met regelmaat voor in de kledingindustrie. “Slechts een klein deel van het bedrag dat je betaalt in de winkel gaat naar de loonkosten voor het naaien van een kledingstuk. De kosten voor reclame en de winst voor de (tussen)handel vormen de grootste kostencomponenten van kleding”, schrijft Milieu Centraal. Lees ook: Producenten verantwoordelijk voor afgedankte kleding: gaat deze maatregel de kledingsector dan eindelijk verduurzamen? Die maatschappelijke en milieukosten zijn vaak niet verwerkt in de winkelprijzen. Als we dat geen schade meer willen toebrengen aan de mens en natuur, zou een ‘eerlijke’ prijs dus helpen. Zo laat het bedrijf True Price de ware prijs van producten zien, inclusief de sociale en ecologische kosten op de lange termijn. Eerder onderzochten ze samen met ABN AMRO de werkelijke prijs voor een spijkerbroek. Die ligt zo’n 33 euro boven de prijs die je in de winkel betaalt. Met dat extraatje is iedereen die jouw spijkerbroek heeft gemaakt beter af. Massaproductie in de kledingindustrie Bovendien speelt massaproductie een rol bij de prijs van het product. Het produceren van massa is goedkoper dan het produceren van kleinere batches. Een grote en deels geautomatiseerde fabriek produceert veel efficiënter en goedkoper dan een kleinere fabriek. Een duurzaam verantwoord ondernemer die kleine batches laat produceren is daarom meer geld kwijt, wat de prijs van het kledingstuk laat stijgen. Wat zijn duurzame kledingmerken? Steeds meer bedrijven werken aan duurzame kledingproductie. Er zijn tal van verzamelwebsites te vinden die een overzicht hebben gemaakt van duurzame merken. Project CeCe zet ze op een rij, net als Good On You, Goedewaar, Fairwear, Stricters en Shoplikeyougiveadamn. Deze websites geven een overzicht van kledingmerken die hard aan de weg timmeren om duurzaam te zijn in hun producten én sociale omstandigheden. Deze Nederlandse kledingmerken hebben duurzaamheid hoog in het vaandel staan: MUD JeansKings of IndigoKuyichi Loop a Life Goat Organic Apparel MercerIron Roots. Wil je meer lezen over duurzame kleding? Bekijk dit dossier.Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.