Romy de Weert 03 augustus 2022, 14:00

Wetgeving moet afvalstroom van windmolenwieken in goede banen leiden

We wekken steeds meer windenergie op. Maar windturbines hebben niet het eeuwige leven. Onderzoekers van de universiteit van Zuid-Australië verwachten dat tienduizenden windturbinebladen tegen het eind van 2030 op stortplaatsen zullen belanden. Kan dat ook anders?

Adobe Stock 163006124 Recyclen van windmolenwieken is nog een grote uitdaging, maar wel hard nodig. Dat blijkt uit onderzoek. | Credits: Adobe Stock

Windmolens zijn gebouwd om zo veel mogelijk wind vangen. Daar is robuust materiaal voor nodig. De wieken van windturbines bestaan dan ook uit verschillende materialen, zoals kunststof, glasvezels en hars. Daardoor zijn ze sterk, maar het maakt het recycleproces niet makkelijk.

Recyclen is duur

Na een jaar of twintig is een windturbine vaak afgeschreven. “Omdat het zo duur is om de wieken te recyclen en de teruggewonnen materialen zo weinig waard zijn, is het niet realistisch om te verwachten dat er recyclingsoplossingen vanuit de markt komen”, zegt professor Peter Majewski tegen Insurance Journal. Hij leidde het onderzoek dat deze maand is gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Renewable and Sustainable Energy Reviews.

In veel delen van de wereld worden windturbinebladen op stortplaatsen gedumpt, maar sommige Europese landen verbieden deze praktijken. De schatting is dat er in 2050 wereldwijd meer dan 40 miljoen ton windmolenwiekenafval zal zijn.

Fabriek in Groningse Eemshaven

Hoewel een consortium van bedrijven in de Groningse Eemshaven een fabriek wil bouwen voor de recycling van windmolenwieken, zijn er nog geen concrete plannen voor de bouw van de fabriek. Over een aantal jaar verwacht het samenwerkingsverband honderden windmolens op de Noordzee onderdeel te maken van het recyclingsysteem.

Ook andere bedrijven bedenken manieren om de wieken een tweede leven te geven: als stoeptegels of speeltoestellen in de speeltuin. Maar van een windmolenwiek een nieuwe windmolenwiek maken is nog altijd de beste oplossing.

Afvalberg moet nog komen

Volgens onderzoeker Majewski moeten beleidsmakers ingrijpen om te voorkomen dat de afvalberg met windmolenwieken in de verbrandingsoven belandt. Daarom wijst het onderzoek naar een uitgebreide producentenverantwoordelijkheid, net zoals dat geldt voor elektronica en binnenkort voor kleding.

Producenten verantwoordelijk maken

Dat betekent dat de fabrikant de verantwoordelijkheid moet nemen voor wat er aan het einde van de levensduur met de wieken moet gebeuren. Hoewel zelfregulering een oplossing kan bieden, is Majewski van mening dat er officiële kaders nodig zijn. “Als fabrikanten verdwijnen of windparken failliet gaan, moeten we ervoor zorgen dat de processen nog steeds aanwezig zijn om de turbinebladen op de juiste manier op te ruimen.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

Nieuw-Zeeland lanceert nationaal plan voor bescherming tegen klimaatrampen

“Ernstige weersomstandigheden die voorheen ondenkbaar leken, zelfs maar een paar jaar geleden, vinden nu plaats in een tempo en intensiteit die we nog nooit eerder hebben meegemaakt”, zei Klimaatminister James Shaw volgens The Guardian. Hoewel Nieuw-Zeeland blijft inzetten op het terugdringen van CO2-uitstoot om klimaatverandering te voorkomen, bereid het zich gelijktijdig voor op toenemende rampen veroorzaakt door klimaatverandering. Zoals overstromingen, bosbranden en een stijgende zeespiegel. Nationaal klimaatadaptatieplan Het nationale klimaatadaptatieplan is een uitgebreid document dat een routekaart biedt voor het beschermen van infrastructuur, woningen, steden en culturele schatten. Een groot deel van het plan richt zich op het voorbereiden van mensen, bedrijven, lokale overheden en vastgoedontwikkelaars. De overheid wil hen informeren over de klimaatrisico’s en ervoor zorgen dat zij hier rekening mee houden in hun planning. Zo staat in het plan dat gemeenten potentiële huizenkopers verplicht informatie moeten verschaffen over de klimaatrisico’s van die locaties. Daarnaast komen er nationale kaarten en website waarop mensen actuele informatie kunnen vinden over de invloed van klimaatrampen op hun omgeving. Eén van de belangrijkste vragen wordt niet behandeld, schrijft The Guardian. Als huizen, straten of hele gebieden door klimaatverandering onbewoonbaar worden, wie betaalt dan om ze te verplaatsen? Dat is een relevante vraag, omdat de regering heeft toegezegd om tegen het einde van 2023 wetgeving op te stellen over deze georganiseerde volksverhuizing. Georganiseerde volksverhuizing In het plaatsje Matatā hebben mensen slechte ervaringen met de verplaatsing naar veiligere gebieden. Na meer dan een decennium van juridische en politieke gevechten zijn de overgebleven bewoners krakers geworden op land dat oorspronkelijk van hen was. Ze zijn woedend over "de onvrijwillige ontruiming", schrijft The Guardian. Op een hek hangt een bord met de opmerking: Pas op Nieuw-Zeelanders, jullie zijn de volgende. Een op de zeven Nieuw-Zeelanders (675.000 mensen) woont in gebieden die gevoelig zijn voor overstromingen. En in 2050 zijn minstens 10.000 woningen in Nieuw-Zeelands grootste steden onverzekerbaar. Dat concludeerde wetenschapscollectief Deep South Challenge in 2020. In Nederland waarschuwen verzekeraars hier ook voor. Bijvoorbeeld voor de verzekerbaarheid van huizen in uiterwaarden. Zij denken nu onder andere na over een noodplan om de kosten van schade te dekken als de zeedijken doorbreken. Ondertussen in Nederland In Nederland wordt er ook nagedacht over een toekomst waarbij weersextremen en een hogere zeespiegel de norm zijn. Zo verzamelende Deltares in 2019 al strategieën om ons aan te passen aan een hoge en versnelde zeespiegelstijging. In onze huidige bescherming-scenario's gaan we uit van een zeespiegelstijging tussen 0,35 en 1 meter in 2100 (ten opzichte van 1995). Inmiddels weten we dat 2 meter in 2100 niet uitgesloten is. “Is het houdbaar om in de Randstad te blijven wonen of moeten we dan toch wat meer naar het Oosten?”, vroeg Sabrina Helmyr van Arcadis zich eerder af. “Er zijn plekken op de wereld waar dat soort beslissingen nu al worden genomen”, aldus Anouk Donkervoort van vastgoedbeleggersadviseur Cushman & Wakefield. Deltacommissaris Peter Glas maakt zich nog niet al te veel zorgen. “Het wordt pas een gevaar als je er niets aan doet.” Lees het interview met Deltacommissaris Peter Glas: Aan het einde van dit decennium besluiten we of de kustlijn op zijn plek blijft.Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.