André Oerlemans
01 april 2025, 12:00

70 procent meer zonnestroom opgewekt, maar jaarverbruik 140.000 huishoudens weggegooid

Bijna de helft van alle opgewekte elektriciteit in Nederland was in het eerste kwartaal van 2025 afkomstig uit groene bronnen als zon en wind. Er werd minder wind- en meer zonne-energie opgewekt. Als er tijdens piekmomenten geen hernieuwbare stroom was weggegooid, was de helft groen geweest.

Zonnepark Almere Foto Willem Jan de Bruin Fotografie DJI 0001 HR Zonnepark Almere. | Credits: Willem Jan de Bruin Fotografie

Dat blijkt uit de kwartaalcijfers van Energieopwek.nl, een samenwerking van het Nationaal Klimaat Platform met Entrance/Hanzehogeschool Groningen, Tennet en Gasunie. De totale productie van groene energie – dus stroom, brandstoffen en warmte – groeide de afgelopen drie maanden met 9 procent ten opzichte van vorig jaar en bedraagt nu iets meer dan een vijfde van het totaal. Behalve door de groei van zonnestroom kwam dat door de grotere bijdrage van warmtepompen, biomassa en bio-olie.

Minder wind, meer zon

Het waaide het afgelopen kwartaal aanmerkelijk minder dan vorig jaar. Dat is terug te zien in de cijfers. Windturbines wekten 25 procent minder stroom op. De lichte groei van het aantal windparken op zee kon die daling niet compenseren. De opbrengst van zonnepanelen groeide daarentegen met 70 procent, vooral vanwege de vele zonneschijn in maart. Het vermogen van alle zonnepanelen in Nederland groeide vorig jaar met 3,4 gigawattpiek, ook al werden er 30 procent minder zonnepanelen verkocht dan in 2023. Dat groeiende vermogen zorgde dus voor fors meer productie.

Bijna de helft groen

Het aandeel van groene stroom kwam in de eerste drie maanden uit op 48,5 procent. Dat is bijna gelijk aan het aandeel in 2024: 48,2 procent. Zonnepanelen wekten 15,8 procent van alle stroom op, windturbines op land 12,7 procent, windparken op zee 11,5 procent en biomassa die werd bijgestookt in elektriciteitscentrales 8,3 procent.

Stroom weggegooid

De groeiende hoeveelheid zonnestroom zorgde opnieuw voor pieken in het aanbod van groene stroom. Tijdens werkdagen was er met name rond de middag zoveel aanbod dat de stroomprijzen negatief werden en wind- en zonneparken werden afgeschakeld (curtailment). Daardoor werd het afgelopen kwartaal voor 1,5 petajoule aan energie of – anders gerekend – voor 0,4 terawatt aan elektriciteit minder opgewekt dan had gekund. Eigenlijk dus gewoon weggegooid. Dat is net zoveel stroom als 140.000 huishoudens in een jaar verbruiken. Als wind- en zonneparken niet waren afgeschakeld, dan was het aandeel van groene stroom in het eerste kwartwaal op 50 procent uitgekomen.

Groene waterstof goedkoper

Entrance laat op die momenten een virtuele elektrolyser draaien om goedkoop groene waterstof te maken van dit denkbeeldige overschot, in elk geval goedkoper dan grijze of blauwe waterstof uit aardgas. Die elektrolyser kon het afgelopen kwartaal al 222 uur waterstof produceren. Dat is meer dan in de eerste drie maanden van 2023 en 2024.

Meer warmtepompen

Qua warmte leverden waterpompen het afgelopen kwartaal fors meer energie: 20 procent meer dan vorig jaar. Enerzijds groeide het aantal warmtepompen in Nederland het afgelopen jaar met 40 procent tot 376.000. Anderzijds waren de eerste drie maanden kouder dan vorig jaar, waardoor ze vaker nodig waren. In absolute cijfers leverden warmtepompen 2 petajoule aan energie, vergelijkbaar met 60 miljoen kubieke meter aardgas.

Amercentrale op biomassa

Het aandeel van biomassa groeide met 20 procent. Dat had diverse redenen. Door het tekort aan windenergie, moesten kolencentrales vaker bijspringen. Daar werd meer biomassa bijgestookt. Die centrales moesten ook meer stroom leveren voor de export. Een andere reden is dat de Amercentrale
in het Brabantse Geertruidenberg sinds begin dit jaar niet meer op steenkool, maar op biomassa in de vorm van houtpellets draait. Die centrale produceert elektriciteit voor 800.000 huishoudens. Extinction Rebellion voerde in maart nog actie tegen de centrale en zijn eigenaar RWE, omdat biomassa volgens de actiegroep minstens zo schadelijk voor milieu en klimaat is als steenkool.

Bio-olie voor het eerste meegerekend

Voor het eerst neemt Energieopwek.nl dit jaar ook bio-olie mee in de berekeningen van groene energie. Die biobrandstof wordt gebruikt in de internationale scheepvaart. Omdat Nederland veel scheepvaart heeft, kwam in het eerste kwartaal 6 petajoule aan energie uit deze hernieuwbare bio-olie. Het Planbureau van de Leefomgeving verwacht op jaarbasis een ruime verdubbeling.

Een vijfde is stroom

Energieopwek.nl benadrukt steeds dat slechts 20 procent van alle gebruikte energie in Nederland uit elektriciteit bestaat. Warmte (55 procent) en brandstoffen voor transport (25 procent) slokken het grootste deel op. Volgens het PBL zal in 2030 ongeveer 24 procent van al het energiegebruik uit elektriciteit bestaan.

Lees ook:

De koffiewereld veranderen vanuit Utrecht: zo doet Wonder Beans dat

Ferry Poppegaai werkte jarenlang bij grote koffiebedrijven. Tot het ging wringen. “Koffie is een prachtig product, maar voor de consumptie hier worden mensen elders uitgebuit. Daar had ik het over met een vriend. We dachten: dat moet toch anders kunnen? We hebben ervaring in deze industrie, een netwerk, een goed stel hersenen, geld: laten we een bedrijf starten dat meer geeft dan neemt.” Dat werd We Wonder Company. Daar vallen de merken Wonder Beans en Wonder Leaves onder, die zich richten op eerlijke koffie en thee. “We verkopen producten waar iedereen van kan genieten. Wij verdienen er wat aan, de boeren verdienen er wat aan, terwijl de prijs een stuk lager ligt dan de grote A-merken.” Tussenhandelaren de keten uit Om dat voor elkaar te krijgen, haalt Wonder Beans de vele tussenhandelaren uit de keten. “Gemiddeld wordt koffie zo’n twintig keer verhandeld. Iedere schakel wil er wat aan verdienen en dat drijft de prijs enorm op. Wij kopen onze koffie direct in bij boerencoöperaties. Daardoor kunnen we een goede inkoopprijs betalen aan de telers en de verkoopprijs voor onze klanten laag houden”, aldus Poppegaai. Die kortere keten leidt tot minder reisbewegingen. “Omdat koffie vaak van eigenaar verandert, gaat het van hot naar her. Tussendoor staat het vaak stil in warehouses. De koffiebonen die wij inkopen, komen per boot uit Peru en Oeganda en zijn er binnen vier weken. Na aankomst worden ze in Nederland fossielvrij gebrand. We streven naar een zo kort mogelijke tijd tussen het branden en het afleveren bij de klant, zodat de koffie vers is. Na het branden verouderd koffie namelijk snel.” Leefbaar loon De koffieprijzen zijn de afgelopen tijd flink gestegen, maar lokale boeren worden zeker niet rijk van hun handel. “Zo’n 46 procent van de kleine koffieboeren, die het merendeel van de productie voor hun rekening neemt, leeft onder de armoedegrens. Dat zijn 5,5 miljoen boerengezinnen. Dat is bizar, want leefbaar loon is een mensenrecht. Nu koffie steeds kostbaarder wordt, is het cruciaal dat de mensen die het verbouwen hier ook van profiteren.” Daarom betaalt de ondernemer een leefbaar loon aan de boeren met wie hij samenwerkt. “Ik ken boeren die eerder nog niet de helft verdienden van wat wij ze geven. Zo’n laag salaris heeft grote gevolgen. Want wanneer boeren te weinig verdienen, moeten zij nog goedkoper en meer produceren om rond te komen. Ze grijpen naar kunstmest en goedkope pesticiden. Dat is schadelijk voor de mensen die op het land werken en waarschijnlijk ook voor de eindconsument. Door het grootschalige gebruik van pesticiden en het telen in monocultuur degraderen koffieplantages snel. De opbrengst en de kwaliteit van de koffie nemen af. Vervolgens zeggen de inkopers: de kwaliteit is lager, dus je krijgt ook minder geld. In die vicieuze cirkel bevinden veel koffieboeren zich.” Biologische koffie Door de boeren een goed loon te geven, krijgen ze de kans om duurzamer te telen. Zo zijn alle koffiebonen van Wonder Beans biologisch. “Dat betekent meer geld voor onze boeren, want biologisch gecertificeerde bonen leveren een meerprijs op. Ook hebben we gezien dat de oogst zo’n anderhalf keer hoger ligt. Ze bespuiten de producten en de grond niet meer, waardoor de opbrengst toeneemt. In mijn ogen zou biologisch de standaard moeten zijn. Toch is maar zo’n 7 procent van alle koffie biologisch.” Oeganda De biologische teelt is onderdeel van een regeneratieve koffieplantage die Wonder Beans in Oeganda realiseert. Daar moet de koffie die nu veelal in monocultuur wordt geteeld, plaatsmaken voor meerdere gewassen. “Naast koffie verbouwen de boeren ook bananen, maïs en honing. Dat is beter voor de grond, maar ook voor de koffie. De koffieplant is in feite een schaduwplant. Door bomen te laten staan creëren we die schaduw. Diverse plantages hebben meerdere voordelen: ze slaan bijvoorbeeld meer CO2 op en zijn beter bestand tegen klimaatverandering. Deze aanpak maakt boeren ook minder afhankelijk van één gewas. Op het moment dat de koffieoogst tegenvalt, hebben zij ook nog andere producten om te verkopen. Dat maakt het inkomen stabieler.” Het project, waar ook de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) in investeert, richt zich daarnaast op de economische zelfstandigheid van vrouwen. “Veel van hen zijn financieel niet zelfstandig. In Oeganda willen we vrouwen in staat stellen om zelf een onderneming te starten en geld te verdienen. Dat doen we door hen financieel op weg te helpen en barrières weg te nemen. Zo regelen we kinderopvang en voor de oudere kinderen vervoer van en naar school.” Een gemixte plantage in Oeganda.Ander model De thee en koffie van We Wonder Company wordt verkocht aan zakelijke en particuliere klanten. “We leveren aan groothandels en direct aan kantoren en bedrijven. Consumenten kunnen onze producten via de website bestellen. De groei zit er goed in. Gelukkig worden mensen en bedrijven steeds bewuster. Die bewuste keuze hoeft niet eens duurder te zijn. We moeten naar een ander model toe met elkaar. De keten kan veel efficiënter. Een CEO heeft geen tientallen miljoenen aan bonussen nodig. We laten zien dat het gewoon mogelijk is om kwaliteitskoffie op de markt te brengen waarvoor iedereen fatsoenlijk wordt betaald. En dat tegen een scherpe prijs.” Kennis delen Poppegaai: “De manier waarop we koffieplantages ombouwen, is wetenschappelijk onderbouwd. Die kennis willen we met ander merken delen. Hetzelfde geldt voor onze inkoopstandaard: die hebben we ontwikkeld met experts, voldoet aan de Europese convenanten en is openbaar. We delen graag wat we weten zodat bedrijven die mee willen, mee kunnen. Er is 15 miljoen hectare aan koffie- en theeplantages in de wereld. Daar willen we allemaal regeneratieve boerderijen van maken. Dat kunnen we niet alleen.” Lees ook: Nederlandse start-up helpt boeren wereldwijd aan hogere opbrengst en gezondere bodem De Ommezwaai: Boermarke werd groot met zuivel en is nu compleet plantaardigChangemaker Boele de Jonge (Vivera): ‘Kies de weinig-moeite-veel-impact-optie’