Emma Rotman 16 december 2019, 07:00

Alles wat je nog niet wist over ledverlichting

Dat ledlampen duurzamer zijn dan gloeilampen en halogeenlampen is bekend. Maar wist je dat licht ook een grote invloed heeft op de gezondheid van je medewerkers? Op de vakbeurs LED + Elektro ontdekte DuurzaamBedrijfsleven de laatste trends op het gebied van ledverlichting en waarom ondernemers vandaag nog moeten overstappen.

Vakbeurs led electro

“Gemiddeld besparen ondernemers zo’n 60 tot 70 procent aan verbruik door over te stappen op ledverlichting.” Aan het woord is Richard van de Vrie, lichtexpert en directeur van ledleverancier LuxImprove. We ontmoeten elkaar op de beurs bij het Energiek Café van Essent Zakelijk, waar ondernemers terecht kunnen met al hun vragen over ledverlichting: van subsidiemogelijkheden tot productkeuze en installatie.

Ondernemers zijn volgens Van de Vrie nog onvoldoende bezig met de kansen van ledverlichting, terwijl het direct een enorme besparing oplevert. “Een verstandige ondernemer moet nu toch wel inzien dat het tijd is om over te stappen. Niet alleen voor je portemonnee, maar ook voor het comfort van de mensen die voor je werken.” 

Licht en gezondheid

Licht heeft namelijk een grote invloed op de gezondheid. Onze biologische klok wordt erdoor bepaald. Wanneer de zon in de ochtend opkomt maakt het lichaam cortisol aan, een hormoon dat alertheid en activiteit stimuleert. Het koele ochtendlicht onderdrukt de productie van melatonine, de stof die voor slaperigheid zorgt. Aan het einde van de dag draait het proces zich om; het daglicht wordt minder sterk en warmer van kleur, waardoor de productie van cortisol afneemt en het lichaam weer meer melatonine aanmaakt.

Nederlanders spenderen een groot deel van hun dag echter binnen, waardoor hun biologische ritme verstoord raakt. Daar hebben ontwikkelaars iets op gevonden: biodynamisch licht. “Door de dag- en nachtcyclus na te bootsen met kleur en intensiteit, haal je natuurlijk licht van buiten naar binnen”, legt Van de Vrie uit. Zorginstellingen passen biodynamisch licht al regelmatig toe, maar de oplossing is voor elke werkomgeving interessant. “Aan het einde van de dag ben je veel energieker en ‘s avonds val je gemakkelijker in slaap. Ook draagt het bij aan de veiligheid, want als je met machines werkt of in een control-room, dan is het belangrijk dat je gedurende de dag veel energie hebt.”

Van de Vrie ziet biodynamisch licht als de toekomst, maar benadrukt dat ook ‘gewone’ ledverlichting verschil maakt. Een gemiddelde TL-lamp of spaarlamp flikkert 60 tot 100 keer per seconde, waardoor je ogen continu moeten scherpstellen. “Je ziet het niet met je ogen, maar aan het einde van de dag ben je vermoeid. Een led-paneel zonder flikkering heeft dat effect niet.”

Smart lighting

Naast biodynamisch licht richt LuxImprove zich op smart lighting. Hierbij wordt elk lampje geprogrammeerd en gekoppeld aan sensoren en digitale sturing. Wanneer er bijvoorbeeld enige tijd niemand door een gang loopt, dimt het licht automatisch tot 15 procent. Een voordeel van led ten opzichte van TL of gasontladingslampen, die niet digitaal gestuurd kunnen worden. “Smart lighting bespaart veel energie én verlengt de levensduur van het product. We moeten zuinig omgaan met onze grondstoffen. Dit soort slimmigheden helpen daarbij”, zegt Van de Vrie.

Ook biedt smart lighting de mogelijkheid om de verlichting per ruimte aan te passen. Dat past LuxImprove bijvoorbeeld toe in hotel De Kamperduinen in Zeeland, dat momenteel een duurzame make-over ondergaat. “De beleving in een hotel is erg belangrijk. Voor een zakelijk diner in de lobby kies je voor andere verlichting dan voor een romantisch diner voor twee. En schoonmakers hebben natuurlijk vol licht nodig. Die opties kun je allemaal toevoegen in een app.”

Het einde van TL-licht?

Een vakbeurs voor ledverlichting staat natuurlijk bol van de led-armaturen. Waar wordt een lichtexpert écht enthousiast van? Van de Vrie legt een flexibele led-armatuur in de vorm van een strip op tafel. “30 centimeter hiervan produceert al 900 lumen. Als je deze bovenaan een wand monteert, kun je er die hele wand mee verlichten, zonder dat je de lamp ziet. Architecten kunnen hier compleet nieuwe dingen mee doen. Dit zou wel eens het einde kunnen betekenen van de klassieke TL-verlichting.”

‘Led-cowboys’

De voordelen zijn dus groot en de mogelijkheden eindeloos. Toch zijn veel ondernemers nog niet overgestapt. Volgens Van de Vrie komt dat mede door het groeiende aantal aanbieders en merken van ledverlichting, waardoor ondernemers door de bomen het bos niet zien. “We zien steeds meer ‘led-cowboys’, die zich vooral willen onderscheiden op prijs. Ze bieden producten van slechte kwaliteit en garanties vervallen vaak, omdat veel van die bedrijven en merken na een paar jaar al niet meer bestaan.”

Ook ziet Van de Vrie dat er veel overnames zijn door met name Chinese bedrijven. Hun concurrentiestrijd om bovenin het schap te liggen bij de traditionele technische groothandel komt de kwaliteit van producten niet ten goede. “Dat geldt ook voor A-merken. Mensen denken met een betrouwbare partij in zee te gaan, maar als je het product boven onze testapparatuur houdt, dan schrik je van de kwaliteit.”

Onafhankelijk advies

LuxImprove en Essent slaan daarom de handen ineen om ondernemers te helpen met onafhankelijk advies. Essent ondersteunt ondernemers met het doorvoeren van energiebesparende maatregelen op allerlei gebieden, van isolatie en licht tot zelf energie opwekken. Vervolgens koppelt het bedrijf hen aan verschillende servicepartners. Op het gebied van verlichting is dat LuxImprove.

“Wat wij vooral belangrijk vinden, is dat wij onze klanten kunnen doorsturen naar een expert op het gebied van verlichting, die ook merkonafhankelijk is. Zo krijgt de klant altijd de beste oplossing en hoeft die niet zelf uit te zoeken hoe en bij wie ze maatregelen kunnen afnemen”, zegt Joep Hilbink, energieadviseur van Essent.

Eerst inzicht, dan pas investeren

Inzicht geven is de eerste stap in dat proces. Met een besparingsberekening ziet de ondernemer vóórdat hij of zij investeert hoeveel kilowatturen een product bespaart, wat de terugverdientijd is en zelfs hoeveel hij of zij kan terugvragen aan Energie-investeringsaftrek (EIA). “Wij vinden het belangrijk dat ondernemers hun investering terug kunnen verdienen en dat zij het doel waarmee zij investeren behalen. Een investering in hoogwaardige slimme armaturen met een langere levensduur pakt vaak beter uit dan een investering in goedkope led-producten. En als zelf investeren niet kan, dan kunnen zij ook leasen”, vertelt Van de Vrie.

Wat de led-expert ondernemers vooral wil meegeven, is dat het zonde is om nu nog te wachten met ledverlichting. “Je bespaart direct, de kwaliteit is beter dan ooit tevoren en de prijzen en terugverdientijden zijn goed. En wie weet wat er nog aankomt aan regelgeving. Je kunt er beter nú rustig naartoe werken, dan dat je straks overhaast beslissingen moet nemen.”

Lees ook:

Hoofdbeeld: Vakbeurs LED + Electro | Portretfoto: Emma Rotman

Voedselverspilling tegengaan met kunstmatige intelligentie én gezond verstand

Het bereik van het foodservicebedrijf is groot: in 2017 verzorgde Albron het eten & drinken op 125 zorglocaties, 600 bedrijfsrestaurants, 138 toeristische spots en een veelvoud aan evenementen. Met die schaal kan het bedrijf een verschil maken op het gebied van voedselverspilling. Dat is dan ook een belangrijk speerpunt. “Een derde van het voedsel dat wereldwijd geproduceerd wordt, wordt verspild. Daar willen wij iets aan doen”, zegt Kwafo Acquaah Arhin, adviseur duurzaamheid bij Albron. Voedselverspilling en CO2-uitstootVoedselverspilling is om twee redenen een belangrijk thema. De wereldbevolking blijft groeien; de Verenigde Naties verwachten dat er in 2050 9,7 miljard mensen op aarde zijn. Om te zorgen dat we alle mensen ook straks kunnen voeden, is het belangrijk dat we het eten dat we produceren ook ten volste benutten. Daarnaast zorgt voedselverspilling voor loze CO2-uitstoot. “Als we het voedsel dat we weggooien niet hoeven te produceren, dan verlagen we onze milieu-impact met een derde”, legt Acquaah Arhin uit.Lees ook: IPCC bepleit beter landgebruik voor klimaatverandering en voedselzekerheidVoedselverspilling aanpakken begint volgens Acquaah Arhin bij onderzoeken waar de verspilling plaatsvindt en hoeveel. Een van de manieren waarop Albron dat doet is door samen te werken met Zero Food Waste. “Als foodservicebedrijf zijn we altijd al bezig met verspilling tegengaan, dus het laaghangend fruit was eigenlijk al geplukt.” Toen werd Acquaah Arhin getipt over Zero Food Waste, een startup die voedselverspilling tegengaat met behulp van kunstmatige intelligentie. “De enige manier om erachter te komen wat dat zou opleveren, was een pilot.”Volgende week begint onze themamaand Food & Health. Daarin belichten we verduurzaming in alle stappen van de keten: van boer tot bord. Houd onze website en nieuwsbrief in de gaten voor nieuws, achtergrondartikelen en podcasts over dit thema. Zelflerend computerprogrammaMet een beeldherkenningsalgoritme brengt Zero Food Waste in kaart wat er in de prullenbak verdwijnt, wanneer dat gebeurt en waarom. Het systeem bestaat uit een computer en een weegschaal. Voordat medewerkers restjes weggooien, houden ze het plateau eerst onder het apparaat voor een foto. De computer zoekt vervolgens in de database naar vergelijkbare afbeeldingen en de bijbehorende term. Zo weet het systeem wat voor producten er in de prullenbak verdwijnen. In onderstaande video is te zien hoe dit werkt.Natuurlijk kent het systeem nog niet alle producten. Daarom controleert Zero Food Waste alle foto’s en past waar nodig de productnaam aan. Zo leert de computer welke kenmerken bij een bepaald product horen en welke niet. “Door steeds meer foto’s te zien moet het algoritme dusdanig slim worden dat de computer straks alles herkent”, vertelt Acquaah Arhin.De afvalbak waar de resten vervolgens in terechtkomen staat op de weegschaal, die gekoppeld is aan de computer. Wanneer een medewerker meerdere producten tegelijk in de bak gooit, bijvoorbeeld een appel en een sinaasappel, dan registreert de computer het gewicht en het type product. Vervolgens bepaalt de computer op basis van productgegevens uit de database hoeveel procent van het gewicht toe te wijzen is aan de appel en hoeveel aan de sinaasappel. “We weten dan precies hoeveel er weggegooid is en van wat.”Leren en uitproberenHet is niet voor niets een pilot; zowel Albron als Zero Food Waste grijpen deze periode aan om te leren en uit te proberen. Een voorbeeld: aan het einde van de lunch ruimen de medewerkers alle restanten op van de tafels en de uitgiftebalie. Het apparaat staat op een centrale plek, dus ze verzamelen alles op karren. Maar alles ligt dan op elkaar en de foto’s worden van boven gemaakt, waardoor het systeem alleen de bovenste producten registreert.“Alles los aanbieden zou beter zijn, maar dat is dan weer een extra belasting voor de medewerkers, terwijl het systeem het voor hen juist makkelijker moet maken”, vertelt Acquaah Arhin. Zero Food Waste bekijkt nu de mogelijkheden om het systeem mobiel te maken, zodat medewerkers het kunnen meenemen naar de tafels. “Uitproberen is de enige manier om te ontdekken wat werkt en wat beter kan.”'Brood weggooien is zonde, maar nog veel interessanter is wat er op dat brood zat'Van euro’s naar kilo’sHet nieuwe meetsysteem houdt de hoeveelheid verspilling bij in kilo’s, waar Albron dit voorheen deed in euro’s. Een ontwikkeling waar Acquaah Arhin tevreden over is. “Als je meet in euro’s en je koopt heel goedkoop in, dan lijkt het alsof je minder verspilling hebt. We willen weten hoeveel het precies is, dan kun je ook oplossingen bedenken.”Het beeld is echter pas compleet, nu ook zichtbaar is om welk soort producten het gaat. Dat is belangrijk, want de milieu-impact is niet voor elk product gelijk. “Brood weggooien is natuurlijk zonde, maar veel interessanter nog is wat er op dat brood zat. Dat heeft vaak over het algemeen een veel grotere impact, vooral als het gaat om vlees of zuivel”, legt Acquaah Arhin uit.Makkelijker en effectieverDe aandacht voor voedselverspilling is bij Albron niet nieuw, maar dankzij de technologie van Zero Food Waste kan het bedrijf zijn aanpak nu automatiseren. “Voorheen konden we onze verspilling alleen handmatig in kaart brengen. Medewerkers gingen alle resten wegen en opschrijven. Dit systeem maakt het bijhouden voor iedereen makkelijker”, stelt Acquaah Arhin.Bovendien wordt het meten er nauwkeuriger door. De computer registreert namelijk niet alleen hoeveel van welk product wordt weggegooid, maar ook wanneer dit gebeurt. “We zien bijvoorbeeld dat op vrijdag relatief veel wordt weggegooid, maar op maandag ook. Waarschijnlijk doordat sommige producten op vrijdag nog goed zijn, maar drie dagen later niet meer.” Als dat structureel gebeurt, dan kan dat een aanleiding zijn om de bestellingen nog eens onder de loep te nemen.'Producten die op zijn, vullen we niet standaard meer aan. Dat lost al veel op.'Albron  wil al die informatie graag gebruiken om van bovenaf veranderingen door te voeren. “Nu pakken locaties dit vooral zelf op en dat is ook goed, maar het is niet reëel om op elke locatie zo’n apparaat neer te zetten. En we willen natuurlijk wel de oplossingen opschalen.”Op is opKunstmatige intelligentie helpt om te achterhalen hoeveel, wat en wanneer verspilling plaatsvindt. Voor de oplossingen zijn echter vooral gezond verstand en een goede organisatie belangrijk. Nu Albron meer inzicht heeft in waar de meeste verspilling plaatsvindt, kan het bedrijf gericht aan de slag. Acquaah Arhin: “De vergaderlunches en de uitgifte (buffet, red.) zijn de twee gebieden waar bij ons de meeste winst te behalen valt.”Een maatregel die bijvoorbeeld is geïntroduceerd bij de uitgifte, is op tijd afbouwen. “Als iets op is, dan is het op; we vullen het niet standaard meer aan. Dat lost al veel op. Gasten kunnen natuurlijk wel altijd vragen of we iets bij kunnen maken.” Soms is dat lastig, bijvoorbeeld wanneer opdrachtgevers eisen dat alles tot sluitingstijd op voorraad moet zijn. “Gelukkig zit daar nu wel verandering in.”LunchpleinenDe vergaderlunches zijn een grotere uitdaging. “Het gaat daarbij vaak om gasten of externen en natuurlijk wil je dan niets tekort komen. Het komt nog te vaak voor dat afmeldingen ons niet bereiken. Ook al checken we vaak enkele uren van tevoren of de vergadering doorgaat en hoeveel personen we kunnen verwachten.”Lunchpleinen lossen dat probleem op. Daarbij wordt de lunch niet in de vergaderzaal gebracht, maar de groep eet in het bedrijfsrestaurant of neemt de lunch mee terug naar de zaal. “Dat is nog niet voor alle lagen in de organisatie acceptabel, maar voor veel vergaderlunches is het een goede oplossing.”Bewust over voedselverspillingDe pilotfase is nog niet voorbij en het is dan ook te vroeg om concrete resultaten te delen. De pilot zorgt er in elk geval voor dat medewerkers op de locaties bewuster met voedselverspilling en reststromen omgaan. Het enthousiasme van de medewerkers is dan ook essentieel om de ambities op het gebied van voedselverspilling waar te maken, stelt Acquaah Arhin.“Medewerkers vinden het fijn dat ze zelf iets kunnen bijdragen. Ze komen ook met concrete voorstellen. Nog niet op al onze locaties wordt afval gescheiden en dat willen we wel. De opdrachtgever zit echter vaak vast aan langere contracten. Door het contact aan te gaan met opdrachtgever en afvalverwerker kunnen we stappen zetten."Nieuwe toepassingen voor reststromenHoe efficiënt een bedrijfsrestaurant ook werkt, er zal aan het einde van de dag altijd wel wat weggegooid worden. Daarom denkt Albron ook na over wat er nog van die reststromen gemaakt kan worden. Zo worden al langer sinaasappelschillen van de sapautomaat apart ingezameld om zeep van te maken.'We kunnen steeds meer doen met wat eerder afvalstoffen waren'Het bedrijf onderzoekt hoe het nog meer uit de reststromen kan halen. Acquaah Arhin: “De bouw van onze Kipsterstal is nu in volle gang. Dat is de meest duurzame én diervriendelijke kippenboerderij. De kippen worden gevoerd met reststromen, dus onze reststromen zouden daarheen kunnen. Maar het blijkt nog wel een uitdaging om dit goed te organiseren.” Zo moeten droge en natte reststromen apart ingezameld worden. Zodra die elkaar raken, is composteren of vergisten de enige optie. Het moet ook niet zo zijn dat er continu aparte vrachtwagens moeten rijden om al die verschillende reststromen op te halen. “Dan los je één ding op, maar creëer je een nieuw probleem.”Ook daar zijn oplossingen voor te bedenken. Zo neemt de groothandel de koffiedrab van Albron mee terug bij het leveren van een nieuwe bestelling. Dat is namelijk een perfecte bodem voor het kweken van oesterzwammen. “We kunnen gelukkig steeds meer doen met wat eerder afvalstoffen waren. Dat is nog niet helemaal circulair, maar we komen steeds een stap verder.”Lees verder:Ruud Zanders van Kipster wacht niet tot de perfecte oplossing zich aandient Lamb Weston / Meijer en McDonald's over voedselverspilling: 'Een circulaire economie vergt vooral ondernemerschap' Too Good To Go komt met database tegen voedselverspilling Hoofdbeeld: AdobeStock | Portretfoto: Albron