Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 11 juni 2013, 15:57

De locatie telt bij verduurzamen datacenters

Datacenters dicht bij huis voeden met lokale groene stroom werkt het beste om de CO2-uitstoot laag te houden.

Tom Raftery via flickr e1370957926786

Uit de resultaten van het onderzoek ‘Transporting Bits or Transporting Energy: Does it Matter?’ blijkt dat datacenters die gebruikmaken van groene stroom die lokaal is opgewekt het duurzaamst zijn. Het onderzoek werd uitgevoerd door de Universiteit van Amsterdam en TNO, in opdracht van SURF en Agentschap NL.

Het onderzoek maakt een vergelijking tussen ‘bits-to-energy’ en ‘energy-to-bits’ om hiermee het energieverbruik en de CO2-uitstoot van datatransport in kaart te brengen. Bij ‘bits-to-energy’ is onderzocht wat de CO2-uitstoot is wanneer data wordt getransporteerd naar groenere, verder weg gelegen datacenters. Bij ‘energy-to-bits’ is de duurzaamheid onderzocht van lokale datacenters waar groene stroom heen getransporteerd wordt.

Resultaten

Wanneer er gebruikt wordt gemaakt van datacenters in het buitenland die voorzien zijn van groene energie, blijkt dat het datatransport nog steeds voor een significante CO2-uitstoot kan zorgen. Dit gebeurt voornamelijk wanneer de data over het internet verstuurd wordt, vanwege de relatief hoge energieconsumptie van routers.

Als er met grote hoeveelheden data gewerkt wordt en alles via het internet is verbonden is het beter om gebruikt te maken van lokale datacenters. Wanneer er beschikking is over een directe verbinding met een datacenter, bijvoorbeeld via glasvezel, is de afstand tussen computer en datacenter minder van belang.

Voor een lokaal datacenter kan het importeren van groene energie vanuit het buitenland voor een grote reductie in CO2-uitstoot zorgen. Echter zou de aanvoer van groene energie van een meer lokale bron nog duurzamer zijn, want bij het transport van energie treden verliezen op die gecompenseerd dienen te worden. Dat zorgt voor extra CO2-uitstoot.

Situatie afhankelijk

Er kan dus niet zomaar een eenduidige lijn getrokken worden in wat de groenste methode is. De hoeveelheid data die getransporteerd wordt, de verbinding, de opslag en de verwerkingstijd bij berekeningen dragen allemaal bij aan de CO2-uitstoot. De conclusie van het rapport is voorlopig dan ook: “dat datatransport over het algemeen een niet te verwaarlozen CO2-uitstoot heeft, maar dat de afweging per geval en toepassing bekeken moet worden.” Er worden in het onderzoek dan ook enkele aanbevelingen gedaan voor verschillende scenario’s.

Foto:  Tom Raftery via flickr

Meer mensen maken bewustere keuze over voedsel

Uit de monitor duurzaam voedsel 2012, die staatssecretaris Dijksma naar de tweede kamer heeft gestuurd, blijkt dat er een omzet is geboekt van ruim €2,2 miljard op de verkoop van duurzaam voedsel. Met de term duurzaam voedsel worden producten verstaan waarbij tijdens de productie en verwerking meer rekening is gehouden met milieu, dierenwelzijn, en sociale aspecten dan wettelijk verplicht is. In de monitor worden de consumentbestedingen in supermarkten, buitenhuishoudelijke markten en de biologische speciaalzaken gemeten. Met de buitenhuishoudelijke markten worden verkooppunten van consumpties voor buiten de deur bedoeld, zoals restaurants of benzinestations. Naar schatting wordt hiermee in het rapport 87 procent van alle aankopen bestreken. Uitgaven verdubbeld "De samenleving laat hiermee zien dat duurzaam voedsel steeds belangrijker wordt", vertelt Dijksma, die reageert op het feit dat in minder dan drie jaar tijd de uitgaven van consumenten aan duurzaam voedsel zijn verdubbeld. "Dat sterkt mij in de weg die wij zijn ingeslagen," aldus de staatsecretaris. 5,5 procent van alle verkochte voeding in 2012 was duurzaam. Dat is een stijging van 1,1 procentpunt ten opzichten van 2011. Bij zowel supermarkten, speciaalzaken, bedrijfsrestaurants, benzinestations en zorginstellingen, alsook de andere onderzochte takken, werd groei genoteerd. Warenhuizen, drogisterijen, delicatessenwinkels en andere kleinere verkoopkanalen zijn hierin niet meegerekend. Ook onder alle gemeten keurmerken werden hogere omzetten genoteerd. Zo steeg de omzet van ‘Beter Leven’, het keurmerk van de dierenbescherming, met 47 procent naar een marktaandeel van 21 procent. Het keurmerk voor duurzame landbouw, UTZ Certified, heeft een marktaandeel van 19 procent en realiseerde een omzetstijging van bijna 26 procent ten opzichten van 2011. ‘Biologisch/EKO’ heeft met afstand nog steeds het grootste marktaandeel en was goed voor 42 procent van de totale omzet van duurzaam voedsel in 2012. Foto: bredgur via flickr