Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 22 november 2011, 10:53

'Duurzaamheid heeft een John F. Kennedy nodig' (Rens Knegt, Eneco)

“Duurzaamheid heeft op politiek niveau iemand nodig van het kaliber John F. Kennedy,” stelt Rens Knegt. Als Director Corporate Projects is hij verantwoordelijk voor duurzaamheid bij Eneco. Het derde energiebedrijf van Nederland levert sinds dit jaar al zijn retailklanten honderd procent groene stroom. “Het begint met visie, met iemand die zijn nek durft uit te steken.”

Windpark Q7inaanbouw4 e1321908210377

Rens Knegt werkt, op een tweejarig Arubaans avontuur na, sinds 2000 voor het energiebedrijf. “In 2007 hebben we onze strategie bepaald. Toen we gingen rekenen bleek dat duurzaamheid een concurrerende en gezonde business case bood.”

“Op lange termijn is verduurzaming een must, het is de enige oplossing. Als de inwoners van China en India zelfs maar de helft van onze westerse welvaart zouden bereiken, gaat het al mis. Daarvoor zijn nooit genoeg grondstoffen,” beweert Knegt. “Als wij het niet doen, hoe kunnen we dan verwachten dat zij het wél doen?”

Eneco heeft de duurzame ambitie in daden omgezet. “Als enige van de drie grote energieleveranciers leveren wij nu aan al onze 2,1 miljoen particuliere- en MKB-klanten groene energie,” vertelt Knegt.

Over de grenzen

De ambities van Eneco stoppen niet bij de grens. Begin november werd bekend dat het bedrijf het laatste deel van de SDE-subsidie 2011 voor windenergie op zee krijgt, een bedrag dat de komende 15 jaar, afhankelijk van de elektriciteitsproductie, oploopt naar bijna een miljard euro. Voor dit geld bouwt Eneco een nieuw offshore windmolenpark van 129 megawatt. Het park kan 135 duizend huishoudens van elektriciteit voorzien.

Van de ‘grote drie’ energieleveranciers heeft Eneco met voorsprong het meeste vermogen om duurzame elektriciteit op te wekken. Dit terwijl Eneco met een omzet van €4,9 miljard in 2010 de kleinste is van de drie. Ruim 86 procent van de omzet komt uit windenergie.

De duurzame strategie heeft succes. “We doen steeds meer met duurzame projecten en onze klanten waarderen dat,” aldus de directeur. “Onze marktpositie is niet op prijs gericht, maar op service en duurzaamheid. We gaan niet flirten met kolen en kernenergie; we focussen ons puur op duurzame bronnen.”

Nu lonkt het buitenland. In België wekt Eneco momenteel 100 megawatt windenergie op, wat in de nabije toekomst naar 555 megawatt oploopt. Na de zakelijke markt vanaf 2004, levert Eneco nu ook groene stroom aan de Belgische consument.

In Schotland draait al een windpark van 17 megawatt en er is een park van 51 megawatt in aanbouw. Het offshore project Navitus Bay moet met 900 megawatt de echte klapper gaan worden. Over enkele jaren start de bouw voor de Engelse kust. Met deze productiecapaciteit bezint het bedrijf zich ook op een entree op de Engelse markt. “Een eigen klantenbestand in Engeland is aantrekkelijk,” filosofeert Knegt.

Nieuwe verdienmodellen

De stap naar duurzaam betekent ook een verandering in de bedrijfsvoering. “Zon heeft geen locatieprobleem, kijk hier uit het raam en je ziet overal daken,” denkt Knegt hardop. “Eneco wil niet alleen een centrale speler zijn, we willen ook lokaal voor oplossingen zorgen.”

Dit uit zich in het motto ‘Duurzaam, decentraal, samen.’ Het verdienmodel van centraal opgewekte energie verschuift naar een decentraal model van totaaloplossingen.

“We lichten bijvoorbeeld een huis of een gebouw door en geven advies over de beste duurzame oplossingen. Modernisering van de warmte- en koudevoorziening is daarbij een belangrijk onderwerp,” vertelt Knegt. Dit kan bijvoorbeeld via warmte-koudeopslag, een techniek waarbij energie uit de bodem wordt gewonnen. “We werken daarbij samen met woningcorporaties, beleggers en gebruikers van utiliteitsgebouwen.”

Geen subsidies voor duurzame energie

In oktober presenteerde minister Verhagen de Green Deal, een integraal plan om duurzaamheid in Nederland te stimuleren. Knegt ziet ruimte voor verbetering. “De overheid moet zich meer bewust worden van zijn positie als marktspeler. Nu moeten rijksgebouwen minimaal een C-label hebben. Wanneer ze hier minimaal A van maken zal de markt aardig worden opgeschud.”

De overheid moet daarnaast helpen een gelijk speelveld te creëren. “Ik ben expliciet niet voor méér subsidies voor hernieuwbare energie. Maar er zouden minder subsidies voor fossiele brandstoffen moeten zijn,” vindt Knegt. “Neem de degressie in de energiebelasting: als een onderneming meer energie verbruikt, betalen ze minder belasting. De vervuiler wordt dus eigenlijk beloond, terwijl het zo moet zijn dat de vervuiler betaalt.”

Man on the moon

“In het bedrijfsleven is de drive voor verduurzaming aanwezig. Kijk maar naar DSM en Unilever bijvoorbeeld,” zegt Knegt. “Iemand als Paul Polman durft zijn nek uit te steken. Dat geldt ook voor onze CEO Jeroen de Haas.”

“John F. Kennedy zei in 1961 dat de VS binnen een decennium een man op de maan zouden zetten. Iedereen lachte hem uit. Acht jaar later sprak Neil Armstrong zijn legendarische woorden.” Rens Knegt glimlacht. “Het heeft allemaal met visie, moed en ambitie te maken. Binnen twee decennia verwacht Eneco haar ‘Man on the moon’-ambitie te hebben gerealiseerd: duurzame energie voor iedereen. Betrouwbaar, betaalbaar en schoon.”

Foto: Eneco

 

'Tijd van duurzaamheid als nice-to-have voorbij' (Frank van Ooijen, FrieslandCampina)

“Begin jaren 90 hield voor bedrijven de maatschappelijke verantwoordelijkheid nog op bij de fabriekspoort,” begint Van Ooijen. “Toen kwamen de incidenten. Shell had Brent Spar, Nike maakte gebruik van kinderarbeid. Bedrijven werden opeens aangesproken op hun impact op maatschappij en milieu.”Van Ooijen werkte in die tijd bij Unilever, zelf negatief in het nieuws vanwege het gebruik van genetisch gemodificeerd voedsel. De multinational zocht de dialoog en kwam als één van de eerste bedrijven in 1998 met een duurzaamheidsrapportage.De liefde voor maatschappelijk verantwoord ondernemen werd in die tijd geboren bij politicoloog Van Ooijen. Naast Director Corporate Communication is hij nu ook verantwoordelijk voor duurzaamheid bij FrieslandCampina, de coöperatieve zuivelonderneming die bekend is van merken als Appelsientje, Dutch Lady en Chocomel (de enige echte).In het DNADe onderneming ontstond in 2008 uit een fusie tussen zuivelcoöperaties Koninklijke Friesland Foods en Campina. “Een fusie met grote consequenties,” aldus Van Ooijen. “De coöperatie telt nu bijna 20.000 leden.”De overkoepelende N.V. die melk verwerkt tot merkproducten als Vifit en Fristi, is actief in 25 landen en heeft meer dan 20.000 werknemers. Het bedrijf had in 2010 een omzet van bijna €9 mrd.De fusie vroeg om een nieuwe bedrijfsstrategie, wat in juni 2010 uitmondde in de introductie van de ‘route2020’. Duurzaamheid werd een van de hoekstenen van deze groeistrategie. Een gevoel voor effect op milieu en maatschappij, maar ook voor het optimaliseren van de productieketens en het borgen van de energievoorziening gaven de doorslag.“Er is geen trade-off tussen creatie van financiële waarde en duurzaamheid,” analyseert Van Ooijen.“Ze gaan hand in hand.”Bij de presentatie van route2020 kondigde FrieslandCampina aan haar groei tussen 2010 en 2020 klimaatneutraal te willen realiseren. “Het vereist langetermijndenken. Maar dat zit in het DNA van melkveehouders die generaties lang gebonden zijn aan hun land.”De besparing ligt op het boerenerfFrieslandCampina heeft haar duurzame ambities vertaald naar vier speerpunten voor de coöperatie en de N.V. Aan elk speerpunt zijn concrete KPI’s verbonden, waarvoor werknemers verantwoordelijk zijn gemaakt. Dit varieert van het terugdringen van dierziektes tot natuurlijke niveaus tot een volledig duurzame energievoorziening in 2020.FrieslandCampina schiet met scherp. “Als je de volledige CO2-voetafdruk van onze producten bekijkt, dan ligt de grootste potentiële besparing op het boerenerf,” zegt Van Ooijen.De methaanuitstoot van de 1,3 miljoen koeien van de leden zorgt voor 72 procent van de uitstoot van het bedrijf. Methaan is daarbij een veel sterker broeikasgas dan CO2. Het doel is om de uitstoot met 30 procent te verminderen.“In plaats van te moeten betalen voor de afvoer van mest, zien steeds meer leden in dat ze er geld mee kunnen verdienen door er biogas van te maken en mineralen eruit te halen.”“Als het economisch kan, zorgen we ervoor dat onze zuivelfabrieken op energie draaien die we zelf opwekken. Nu doen we dat nog indirect door groencertificaten, waarmee we zo’n 20 procent van onze elektriciteitsbehoefte in Nederland afdekken.”De leden van de coöperatie kunnen punten verdienen door duurzame verbeteringen door te voeren. Bijvoorbeeld door koeien in de wei te laten lopen en minder antibiotica te gebruiken. “Dat is straks niet meer vrijblijvend. De kwaliteit van de melk moet aan allerlei eisen voldoen, daar komen duurzaamheidscriteria bij.”Ook de productieketen wordt volledig verduurzaamd, van veevoer tot koe tot consument. Cacao, palmolie en soja worden inmiddels duurzaam ingekocht. Eind 2011 zullen alle kartonnen drankverpakkingen in de Benelux gemaakt worden van duurzaam geproduceerd karton.Niet top-of-mind“Cruciaal is het creëren van draagvlak in het bedrijf,” vervolgt Van Ooijen. “In het eerste jaar van de route2020 was niet zomaar iedereen om. Diep in Oost-Europa is duurzaamheid niet top-of-mind.”De sleutel is concreet en tastbaar maken wat je ambieert. “Duurzaamheid is een enorm containerbegrip. Vaagheid enthousiasmeert niet. Maak expliciet waar je voor wilt gaan op basis van een gedegen analyse. Lardeer je verhaal met praktische voorbeelden uit andere sectoren en gebieden.”FrieslandCampina is nu langzaam klaar om ook de buitenwereld over haar acties en ambities te vertellen. Van 6-8 december presenteert het bedrijf zich daarom op het congres Green Today. Van Ooijen: “Green Today is een uniek platform dat ook de commerciële kansen van duurzaam ondernemen – de business case van duurzaamheid – bepaald niet onderbelicht.”“Onze CEO Cees ’t Hart zal op Green Today deelnemen aan het CEO Panel. De boodschap zal zijn dat de tijd van duurzaamheid als nice-to-have definitief voorbij is. Duurzaamheid is eindelijk een volwaardige business opportunity geworden.”Foto: Flickr.com, Stuart Chalmers