5 minuten lezen

De politieke rol in de wereldwijde energietransitie: “Bill Gates en Steve Jobs waren geen ambtenaren”

Als we uitgaan van een wereldwijde energietransitie op basis van economische motieven gaan we de klimaatdoelen niet halen. Dat stelt DNV GL op basis van de Energy Transition Outlook (ETO). Hoe kan de politiek hier verandering in brengen? Diederik Samsom, Laetitia Ouillet (TU Eindhoven) en energiewoordvoerder William Moorlag (PvdA) geven hun visie.

De politieke rol in de wereldwijde energietransitie: “Bill Gates en Steve Jobs waren geen ambtenaren”

In een zaaltje in het Haagse Nieuwspoort verzamelen journalisten en vertegenwoordigers van verschillende bedrijven, waaronder Shell, Enexis en Heerema zich voor een ontbijtbijeenkomst over de energietransitie. Jillis Raadschelders, directeur energietransitie bij DNV GL, trapt af met een toelichting op de Energy Transition Outlook (ETO). In dit rapport schetst het technisch adviesbureau een uitgebreid beeld van het wereldwijde energielandschap in 2050.

'Klimaatdoelen buiten bereik'

Een belangrijke conclusie: Als de energiemarkt zich ontwikkelt zoals DNV GL verwacht, halen we de klimaatdoelen niet. Hoe brengen we daar verandering in? Daar ziet het technisch adviesbureau een rol weggelegd voor de (internationale) politiek. Zo stelt Martijn Duvoort, directeur energiemarkten, dat een stabiel toekomstbeeld én subsidie cruciaal zijn. “De overheid moet niet bang zijn om subsidie te geven”, stelt hij.

Tegelijkertijd wijst hij erop dat niet in elke sector subsidie nodig is. Zo is subsidie voor elektrisch vervoer onnodig, maar kan het juist wel ingezet worden om Carbon Capture en Storage (CCS) innovaties in de industriesector te stimuleren. Op internationaal niveau ziet hij mogelijkheden in ontwikkelingshulp: “In Afrika moet alles wat we doen in het teken staan van verduurzaming: smart grids in plaats van aansluiting op de kolencentrale een paar kilometer verderop.”

Lees verder: DNV GL’s kijkje in de toekomst: zo ziet het energiesysteem van 2050 er uit

Nederland: groot (blijven) in offshore windenergie

Laetitia Ouillet, director of the strategic area energy aan de TU Eindhoven, stelt dat Nederland zich ontwikkelt als de grootste duurzame powerhub van Europa. “Wij hebben straks veel meer offshore wind dan landen om ons heen.” Zij vindt dat de Nederlandse overheid slim moeten kiezen hoe zij haar innovatiegelden inzet. Een mogelijkheid is bijvoorbeeld stimulering van innovatie in de offshore windsector, omdat een kostendaling voor ons als Nederland aantrekkelijk is.

'Floating wind kan een exportproduct worden'

Duvoort ziet kansen voor drijvende windparken die geschikt zijn voor plaatsing op plekken waar de zee dieper is: “Floating wind kan een exportproduct worden.” Om dat soort projecten nu succesvol van de grond te krijgen is subsidie nodig. Volgens Diederik Samsom zou het om 20 cent subsidie per kilowattuur (kWh) gaan die op Europees niveau moet worden ingezet.

Hij vertelt dat het eerste Nederlandse offshore windpark met 16 cent subsidie startte. In die zin kan de (Nederlandse) overheid dus zeker een rol spelen. Tegelijkertijd stelt hij dat de politiek maar een beperkte invloed heeft. “Het is een samenspel. Politiek kan een beslissend zetje geven, maar er zijn ook andere factoren nodig zoals disruptief ondernemerschap.”

Lees verder: 'Kosten drijvende windmolenparken kunnen omlaag'

De politieke taak: innovatie stimuleren

“Bill Gates en Steve Jobs waren geen ambtenaren: disruptieve technologieën zullen niet op het ministerie ontwikkeld gaan worden", onderstreept energiewoordvoerder William Moorlag (PvdA). "Maar we moeten dat wel als overheid goed gaan stimuleren.”

'Effectiviteit is kwaliteit maal acceptatie'

Daarnaast ziet hij als politicus niet technological of financial engineering als grootste uitdaging, maar juist social engineering. Hoe overtuigen we de maatschappij dat de energietransitie een verbetering oplevert? Dat vindt hij een belangrijke en lastige opgave.

“Effectiviteit is kwaliteit maal acceptatie. We kunnen straks fantastische kwalitatieve oplossingen hebben, maar als ze niet worden geaccepteerd door de samenleving dan gaat het niet vliegen. Ik heb jaren in de zorg gewerkt en daar hanteerden wij als stelregel dat je mensen niet tegen hun zin in gelukkig mag maken.”

Lees ook: Ed Nijpels: Einde oefening voor niet-duurzame bedrijven

Maatschappelijke acceptatie van de energietransitie

Volgens Samsom is energie voor 90 procent van Nederland zoiets als de stoep. “Hij ligt er; er is voor betaald door een ander; ik mag er gebruik van maken en als je hem openbreekt heb je ruzie met mij.” Volgens Samsom interesseert het veel mensen niet hoe hun huis verwarmd wordt, als het maar verwarmd wordt. “Daar hebben we nou een overheid, een collectieve sector en een paar techneuten voor bedacht, zodat straks ook jouw vloerverwarming helemaal niet meer op gas wordt verwarmd, maar op een andere manier.”

Toen hij langs ging bij duurzaam gerenoveerde woningen van woningcorporatie Woonwaard merkte hij dat niet de gedaalde energierekening, maar vooral de stijging van comfort werd gewaardeerd. “De energierekening kwam helemaal niet ter sprake. Wat er te sprake kwam was een spiegel in de badkamer die nooit meer besloeg.” Als een bewoner de badkamer inloopt, gaat met behulp van een sensor de muurverwarming aan en direct verdwijnt de damp op de spiegel. “Dat is een ongelooflijk gevoel van luxe en comfort.” Wellicht liggen daar kansen om de burger te enthousiasmeren.

Lees verder: Klimaatakkoord volgens Samsom: “Er dienen zich weinig grotere kansen aan dan deze”

Hoofdafbeelding: Adobe Stock | Foto: Mark Prins Fotografie v.l.n.r. Diederik Samsom, Martijn Duvoort en Willliam Moorlag  

Lees ook


join the changesluit je gratis aan

Bij een ecosysteem van 42.512 professionals, bedrijven en start-ups die samen aan oplossingen werken voor een betere toekomst. Met dagelijks kwaliteitsjournalistiek, inzichten en evenementen, want morgen wordt vandaag bedacht.

Join the change, word lid
Afbeeldingen van changemakers

Aansluitend artikel

Een politieke partij die 'Parijs’ serieus neemt, verbiedt fossiele reclame

Overal in Europa groeit de roep om een verbod op fossiele reclame. Wetenschappers noemen het een social tipping point-maatregel die het Parijs-doel sneller dichterbij kan brengen. Het is ook nog eens een van de weinige klimaatmaatregelen die nauwelijks geld kost. In Nederland pleiten leden van meerdere politieke partijen om een verbod op fossiele reclame op te nemen in het verkiezingsprogramma.  Tekst: Femke Sleegers  Er is een precedent: Reclame voor tabak mag niet meer. Het verbod op tabaksreclame nam de verleiding weg uit het straatbeeld. Het was een belangrijke boodschap van de politiek aan de samenleving: tabak is schadelijk en hoort er niet meer bij.  Verwarring De energietransitie heeft eenzelfde heldere boodschap nodig: fossiele brandstof is schadelijk en moet tot het verleden behoren. Tot nu toe ontbreekt deze duidelijkheid. We worden continu geconfronteerd met tegengestelde boodschappen. In de krant lezen we een artikel over het smelten van de ijskap, met daarnaast een advertentie met greenwashing van kolenproducent RWE. De overheid tipt ons in een voorlichtingscampagne over het klimaat om de bandenspanning te controleren maar vlak daarna volgt een reclame voor verre vliegreizen. We horen dat we van het gas af moeten, maar ondertussen leert Shell kinderen dat gas een oplossing is voor het klimaatprobleem (terwijl dat door het broeikasgas methaan net zo schadelijk is als steenkool). Vrijwel dagelijks zien we fossiele reclame op straat, in de krant, op sociale media, de sportclub, musea en zelfs op scholen. Het meest schadelijk zijn reclame en marketing van de fossiele industrie, zoals Shell en Exxon, en de twee sectoren die de vraag naar fossiele brandstof onder consumenten flink vergroten: vliegvakanties en auto’s met een fossiele brandstofmotor. Deze fossiele reclames scheppen verwarring over de urgentie van de klimaatcrisis. Verwarring maakt passief, het versterkt de neiging om op de bekende weg te blijven. Mensen voelen daardoor de noodzaak niet van een snelle energietransitie. Zo ondermijnt fossiele reclame het klimaatbeleid dat hard nodig is om de opwarming van de aarde te beperken tot maximaal 1,5 graad Celsius.  Groeiende vraag naar fossiel De CEO van Shell, Ben van Beurden, sprak vlak na het Klimaatakkoord van Parijs de beruchte woorden: “Wij pompen alles op wat we kunnen oppompen om aan de vraag te voldoen.” Hij bedoelde met de laatste toevoeging dat niet Shell verantwoordelijk is de groeiende olie- en gasproductie, maar de consument. Wat Van Beurden er niet bij zei is dat de fossiele industrie de vraag naar brandstof zelf opjaagt met dure marketingcampagnes. Denk bijvoorbeeld aan de marketingcampagne waarin klanten voor 1 cent hun CO2-schade kunnen afkopen. Autorijders die dat geloven, zullen wellicht zelfs méér gaan rijden. Daarnaast profiteren fossiele multinationals van de constante stroom van reclames die mensen verleiden om een vliegreis te boeken of een benzineslurpende SUV te kopen. Deze reclames vergroten de vraag naar fossiele brandstof en houden een fossiele levensstijl in stand. Voor de fossiele industrie betekent dit een stijging van de vraag naar kerosine, benzine en diesel. Voor de aarde betekent het meer opwarming. Misleidende reclame Fossiele bedrijven zijn vaak ook de rijkste bedrijven. En met dat vermogen kunnen ze overal en wanneer ze maar willen hun doelgroep bereiken. Dat zijn niet alleen consumenten, maar ook millennials, journalisten, opiniemakers, politici, ondernemers en zelfs kinderen. Kortom, iedereen die ze nodig hebben om hun marktpositie te behouden, nu en in de toekomst. Toen het klimaat op de politieke agenda kwam in de jaren 90 begon de fossiele industrie - in navolging van de tabaksindustrie - vrijwel direct met twijfel zaaien over klimaatwetenschap en de haalbaarheid van klimaatbeleid. Sinds de eeuwwisseling gooien ze het over een andere boeg. De grote oliemultinationals presenteren zich in hun advertenties als precies het tegenovergestelde van wat ze zijn. In hun reclames leggen ze het vergrootglas op hun 1% duurzame investeringen om de 99% vervuilende investeringen te verdoezelen; greenwashing.  In tegenstelling tot vroeger maakt de fossiele industrie nu nauwelijks nog reclame voor hun fossiele producten. Ze gebruiken hun publiekscampagnes tegenwoordig vooral om een idee in de markt te zetten. Bijvoorbeeld het idee dat ze leiders zijn in de energietransitie. Of dat aardgas en CO2-opslag klimaatoplossingen zijn. Zo leerde Shell aan kinderen dat de fossiele brandstof Gas-to-Liquid bijdraagt aan de VN-Sustainable Development Goals (SDG) voor schone energie. Daarvoor is Shell een jaar later door de Reclame Code Commissie op de vingers getikt. Maar de misleiding had toen al plaatsgevonden voor 30.000 jonge bezoekertjes van Shells kindermarketingfestival Generation Discover.  Noodzaak voor een verbod Dit jaar voeren we al 30 jaar klimaatbeleid, het Parijs-akkoord is bijna 5 jaar oud. Maar de kansen om de opwarming beneden de 1,5 graden te houden worden met de dag kleiner. Wetenschappers hebben onderhand een lamme arm van het luiden van de noodklok over klimaatontwrichting, maar nog steeds kunnen fossiele bedrijven ongehinderd reclame maken en twijfel zaaien om hun positie in de markt te behouden.  Een verbod op fossiele reclame is het duidelijke signaal dat de samenleving nodig heeft. Een verbod op reclame van de fossiele industrie en voor vliegreizen en fossiele auto’s is een logische, intuïtieve en relatief eenvoudige klimaatmaatregel die nauwelijks iets kost, direct emissies reduceert en het draagvlak voor effectief klimaatbeleid enorm vergroot. Ik weet het, Nederlanders houden niet van verboden. Maar marktpartijen hebben dertig jaar de kans gehad om te laten zien dat ze klimaatverandering serieus namen. Maar in plaats daarvan hebben ze hun fossiele positie alleen maar verder verstevigd. We hebben simpelweg geen tijd meer om te gokken dat we het tij kunnen keren met alleen nudgen (mensen zachtjes de gewenste kant op duwen) en met stimulerende maatregelen.  Een kantelpunt in de klimaattransitie Wetenschappers van het Potsdam Instituut noemen een reclameverbod voor de fossiele industrie een ‘social tipping point’-maatregel, een niet-technologische maatregel die de transitie een enorme versnelling kan geven omdat het sociale normen verschuift. Net als bij roken zal onnodig fossiel brandstofgebruik niet langer als ethisch worden gezien. Ook in de markt zal er een verschuiving optreden: er ontstaat een eerlijker speelveld voor duurzame nieuwkomers. Als vervuilende bedrijven niet langer kunnen pretenderen om groen te zijn, komen écht groene bedrijven en producten plotseling in de kijker te staan. Als de auto-industrie niet meer mag adverteren voor fossiele auto’s, zullen ze zich meer richten op elektrische auto’s waar ze wél reclame voor mogen maken.  Het goede nieuws is dat het social tipping point nu, anno 2020, voor de deur staat. Want hoewel het dertig jaar stil was rond een verbod op fossiele reclame, ontspruiten er dit jaar overal in Europa initiatieven om fossiele reclames te weren of te verbieden. Kranten weigeren fossiele advertenties, wetenschappers weigeren onderzoek dat door de fossiele industrie is betaald, reclamemakers weigeren werk voor de fossiele industrie. In Frankrijk, Engeland en België pleiten groepen voor een reclameverbod voor de fossiele industrie, vliegen en  SUV’s. Overigens niet alleen vanwege het klimaat, maar ook vanwege de gezondheid.  Tweede Kamerverkiezing  Een verbod op deze fossiele reclames opent de deur naar duurzame keuzes en ambitieus klimaatbeleid waardoor Nederland eindelijk z’n achterstand kan inlopen op de rest van Europa. Dat moet alle politieke partijen die zich committeren aan het Parijs-doel en zeker die met regeer-ambitie als muziek in de oren klinken. Maar in de concept-verkiezingsprogramma’s die de grote partijen deze maanden presenteren, ontbreekt nog een verbod op fossiele reclame. Dat is opvallend, omdat juist deze partijen veel baat hebben bij een verbod op fossiele reclame en marketing. Reclames die ons aanmoedigen om alles bij het oude te laten, zijn een rem op de transitie en ondermijnen het draagvlak voor klimaatbeleid. Daarom is een verbod op fossiele reclame een logische stap die niet mag ontbreken. Door het reclameverbod zal de vraag naar fossiele brandstof - en dus de broeikasgasuitstoot - dalen. Het verbod de-normaliseert fossiele brandstof, wat een voorwaarde is voor draagvlak voor ambitieus klimaatbeleid. Het is de komende maanden aan de leden om de verkiezingsprogramma’s van hun politieke partij aan te scherpen. Op de verkiezingscongressen van D66 en GroenLinks wordt een amendement voor een reclameverbod ter stemming gebracht. Hopelijk nemen ook groene leden van andere partijen het initiatief om te pleiten voor een verbod op fossiele reclame.  Hoe sneller hoe beter Een reclameverbod voor tabak was niet de enige maatregel en niet de laatste maatregel die nodig is om roken terug te dringen. Maar het is een noodzakelijke maatregel gebleken. We kunnen ons nu niet meer voorstellen dat de Marlboro Man ons toelacht in het bushokje. Eén ding is zeker: zo zal het ook gaan met fossiele reclame. Hoe sneller hoe beter. Femke Sleegers is zelfstandig ondernemer en klimaatcampaigner bij Reclame Fossielvrij. Eens met het pleidooi om fossiele reclames te verbieden? Steun dan hier het burgerinitiatief.   Het Betoog DuurzaamBedrijfsleven waardeert de betrokkenheid van lezers en toekomstmakers zeer. Ook een opinieartikel aanleveren voor de rubriek ‘Het betoog’? Stuur de bijdrage naar hoofdredacteur Roy op het Veld: opinie@duurzaambedrijfsleven.nl. Het artikel moet een wezenlijke bijdrage leveren aan het debat en iets toevoegen aan wat al eerder op DuurzaamBedrijfsleven verschenen is. De redactie beslist over plaatsing.

Een politieke partij die 'Parijs’ serieus neemt, verbiedt fossiele reclame

Nieuws & Verhalen

Changemakers

Bedrijven


Producten & Diensten


Lidmaatschap

Inloggen

Sluit je aan


Over Change Inc.

Over ons

Waarom Change Inc.

Team

Partnerships & Adverteren

Werken by Change Inc.

Pers & media

Onze partners

Contact

Start

Artikelen

Changemakers

Bedrijven

Menu