Bas Joosse 16 november 2018, 10:30

Engie werkt mee aan onderzoek ultradiepe geothermie

Zes consortia uit heel Nederland werken mee aan een grootschalig onderzoek naar ultradiepe geothermie. De techniek kan mogelijk als duurzame energiebron functioneren, maar daarvoor is nog wel onderzoek nodig. In de regio Utrecht doet onder andere Engie Services mee.

Geothermie

Engie werkt mee aan het onderzoek met de Universiteit Utrecht, het Universitair Medisch Centrum Utrecht, de Hogeschool Utrecht en de Stichting Kantorenpark Rijnsweerd. Samen vormen zij project GOUD. Voor de regio Utrecht kan ongeveer 60.000 ton CO2 bespaard worden.

Bodemonderzoek

Het onderzoek is opgezet door de overheid en brengt de gelaagdheid van de Nederlandse bodem op verschillende locaties in kaart. Met seismisch onderzoek wordt door Energie Beheer Nederland (EBN) gekeken of aardwarmte in een bepaald gebied gewonnen kan worden, hoe diep de aardwarmte zit en wat er zich nog meer in de bodem bevindt waar bij eventuele winning van aardwarmte rekening gehouden moet worden.

“Voordat we de grond ingaan, willen we weten dat dit de beste, maar zeker ook of het een veilige manier van energiewinning is. Daarnaast is het winnen van aardwarmte een kostbare investering”, zegt Rob Mathlener, projectdirecteur van GOUD.

Lees ook: TNO: nieuwe technologieën impuls voor geothermie.

Op basis van de data die uit het onderzoek van EBN komt, neemt het Utrechtse project een besluit om door te gaan of niet. “Want alleen als het veilig, betaalbaar en verantwoord mogelijk is, gaan we verder met voorbereidingen”, stelt Mathlener.

Ultradiepe geothermie

Geothermie biedt goede mogelijkheden om de lagetemperatuurwarmtevraag duurzaam in te vullen. Voor de verduurzaming van de hogetemperatuurwarmtevraag in bijvoorbeeld de procesindustrie is het noodzakelijk om geothermie op grotere diepten toe te passen dan tot nu toe gebruikelijk is. UDG is gericht op het benutten van warmte op een diepte van meer dan 4.000 meter. 

Onderzoeken

Onderzoeken naar de kansen  voor geothermie vinden op meerdere plekken plaats. Zo wordt in de omgeving van Alkmaar onderzocht of geothermie kansrijk is om een warmtenet te voeden. In het Westland wordt na een succesvolle proefboring een warmtenet aangelegd waar de warmte van drie kilometer diepte gehaald wordt. De Technische Universiteit Delft legt een eigen geothermie-put aan om beter onderzoek te kunnen doen.

Bron: Engie | Afbeelding: TNO

10 miljoen m2 Nederlandse utiliteitsbouw draagt duurzaamheidscertificaat BREEAM

Het duurzaamheidscertificaat BREEAM-NL toont de duurzaamheid van een gebouw aan. Bekende of opvallende gebouwen die op deze manier gecertificeerd zijn, zijn onder andere het hoofdkantoor van ABN AMRO, de Hogeschool Rotterdam, het Van Gogh Museum, het Stedelijk Museum en het duurzame distributiecentrum The Tube in Tilburg.Dutch Green Building Council (DGBC) introduceerde BREEAM in Nederland. Het behalen van de 10 miljoenste vierkante meter met BREAAM duurzaam-gecertificeerde utiliteitsbouw, komt op een bijzonder moment voor de organisatie, omdat DGBC in 2018 tien jaar bestaat.Verschillende duurzaamheidscertificatenBREEAM is een beoordelingsmethode om de duurzaamheidsprestatie van gebouwen te bepalen. De beoordelingsrichtlijn wordt ingezet om de duurzaamheid van zowel nieuwe als bestaande gebouwen integraal te meten.“Die certificaten brengen enorm de keten in beweging” Bij een BREEAM-NL In-Use-duurzaamheidscertificaat staan drie onderdelen centraal: het gebouw, het beheer en het gebruik. Deze drie onderdelen worden vervolgens onderverdeeld in negen verschillende duurzaamheidscategorieën: management, gezondheid, energie, transport, water, materialen, afval, landgebruik & ecologie en vervuiling waarop het gebouw wordt beoordeeld.BREEAM is niet het enige duurzaamheidscertificaat dat op de markt is. Zo worden in Nederland bijvoorbeeld ook de certificeringen LEED en Well Building Standard gebruikt. Deze onderscheiden zich van BREEAM vanwege de aandacht voor het welzijn en de gezondheid van de gebruikers van het gebouw.Lees ook: Certificaat ‘gezonde gebouwen’ maakt intrede in NederlandDe impact van een duurzaamheidscertificaatVolgens architect Paul de Ruiter versnellen duurzaamheidscertificaten de verduurzaming van de bouw. “Die certificaten brengen enorm de keten in beweging.” Dat merkte hij bijvoorbeeld bij de bouw van het hotel QO. Zijn architectenbureau was medeverantwoordelijk voor het ontwerp van dat Amsterdamse hotel.“Het gebouw moet niet alleen goed zijn tijdens het gebruik, maar ook tijdens het bouwen dus de aannemers moesten heel erg schoon bouwen. Dat betekent dat ze niet te veel mogen zagen en niet te veel afval produceren. Normaal wordt op de bouw per vierkante meter 60 kilo afval weggegooid, met LEED-platinum mag je maar 12 kilo weggooien.”Lees verder: Architect Paul de Ruiter: ‘Je moet duurzaamheid financieel uitleggen’Nog een weg te gaanOndanks dat certificaten bijdragen aan de verduurzaming van de gebouwde omgeving is er nog wel een weg te gaan. Zo stelt manager Edwin van Noort bij Dutch Green Building Council, de organisatie achter BREEAM-NL: “10 miljoen is nog maar een druppel op de gloeiende plaat.”“Het is een goede start, maar het gaat veel te langzaam. We moeten naar de verduurzaming van 600 miljoen vierkante meter, waarvan de helft industrie. Het gaat niet hard genoeg, er is in de markt nog niet genoeg besef van urgentie.”De 600 miljoen vierkante meter waar hij op doelt gaat alleen om utiliteitsbouw. Naast die gebouwen moeten ook de Nederlandse woningen verduurzaamd worden om aan de klimaatdoelstellingen te voldoen die in Parijs zijn afgesproken.Lees ook: Washington eerste stad met platinum duurzaamheidskeurmerkBron: DGBC | Afbeelding: Adobe Stock