Wouter Pustjens 11 februari 2014, 10:53

Frankrijk ambieert een derde minder kernenergie

De Franse overheid wil het aandeel kernenergie flink verminderen. Het kabinet zal diep in de buidel moeten tasten voor dit besluit.

Zahikel e1392112398451

Philippe Martin, minister van energie en milieu, bevestigde de wens om minder van kernenergie afhankelijk te zijn, zo meldt het Financieele Dagblad. Aan het eind van 2014 besluit het parlement over de overstap. Op dit moment is 75 procent van de Franse elektriciteit afkomstig van kerncentrales, in 2025 moet dit 50 procent zijn. Hierdoor zullen 20 van de 58 Franse reactoren moeten sluiten.

Vervroegd sluiten

François Lévêque, econoom aan de gerenommeerde onderwijsinstelling École des Mines de Paris, vreest voor hoge kosten door het vervroegd sluiten van kerncentrales. In zijn studie stelt hij dat de kosten van kernenergie in de toekomst zullen toenemen en dat de concurrentiepositie daardoor zal afnemen. Echter, alleen de geleidelijke afbouw van kernenergie is economisch verantwoord. Lévêque wil dat Frankrijk leert van de Duitse acties na de Fukushima-ramp in 2011. “De laatste centrale in Duitsland gaat nu in 2022 dicht in plaats van in 2036. Die versnelling kost ze ruim €?63 mrd omdat kolen- of gascentrales en windmolens duurder zijn.”

Overigens wordt er getwijfeld of kernenergie wel zo goedkoop is. Volgens de Amerikaanse Energy Information Agency kost een nieuwe kerncentrale 7,9 eurocent per kilowattuuur. Dat is door de bank genomen duurder dan kolen en gas.

Handelspositie

Daarnaast zal het Franse standpunt schade toebrengen aan de export, vreest Julien Aubert, lid van de centrumrechtse oppositiepartij UMP. EDF en Areva tekenden contracten voor de bouw van centrales in Groot-Brittannië en China, maar de handelspositie van die bedrijven zou wel eens ondermijnd kunnen worden als gevolg van deze politieke zet. “Je kunt niet iets in het buitenland verkopen waarvan je de indruk wekt dat je het voor jezelf niet meer wilt hebben.”

Foto: Zahikel via Flickr

Energielabelsysteem toe aan vernieuwing

De energie-efficientie van consumentenelektronica is zo sterk verbeterd dat apparaten bijna standaard een A-label of hoger krijgen. Bedrijven en consumenten verliezen interesse in nog efficiëntere producten. Adviesbureau Ecofys publiceerde onlangs een rapport waarin wordt gesteld dat de huidige codering verouderd is. Op het moment zijn energielabels gerangschikt van A tot G, kleurgecodeerd van groen tot rood, om de zuinigheid van het apparaat aan te geven. In productielijnen als wasmachines zijn door technologische verbeteringen zelfs nog hogere scores mogelijk. De meeste producten vallen tussen de labels A en de A+++. Hierdoor worden bedrijven weinig gestimuleerd om de prestaties te verbeteren. Ook consumenten raken minder gemotiveerd om nog zuinigere apparaten te kopen. “We hebben bewijs van consumentenorganisaties dat het toevoegen van plustekens verwarring creëert,” vertelt Stephane Arditi, senior beleidsmedewerker bij de ngo European Environment Bureau (EEB). “De stap van A+ naar A++ is minder aantrekkelijk voor consumenten dan een apparaat met B-label in te ruilen voor eentje met een A-label.” Herschalen Het Ecofys-rapport stelt dat de labelschaal van A tot G het meest eenvoudig en motiverend is voor beslissingen van consumenten. Daarom is het herschalen van de labels de meest voor de hand liggende optie. Het rapport geeft vier verschillende lay-outs voor het label die nu worden getest in marktonderzoeken. QR-codes Voor verschillende milieugerelateerde of consumentenorganisaties is dat niet genoeg. Ze eisen meer productinformatie. De toepassing Quick Response-codes (QR) kan hier een oplossing voor bieden. De codes kunnen gescand worden door smartphones die via het internet meer informatie verschaffen. Volgens Ecofys is een e-label ‘een interessante optie, maar waarschijnlijk nog te onvolwassen voor marktonderzoek’. Bron: EurActiv | Foto: Tom Raftery via Flickr