Marc Seijlhouwer 20 juli 2021, 14:32

Frankrijk krijgt drijvende waterstoffabriek op zee

Bij de monding van de Loire, in de oksel waar de Atlantische Oceaan tegen het Franse vasteland aan klotst, ligt straks een waterstoffabriek. De installatie moet aantonen dat offshore waterstof een goede bron van groene energie is.

Kustlijn frankrijk atlantische oceaan adobe stock change inc Het project in Nantes moet aantonen dat waterstof op zee opwekken met duurzame stroom uit offshore wind, zon of getijdenenergie werkt | Beeld: AdobeStock

Het project heeft nog geen officiële naam of startdatum, maar de betrokkenen willen in 2022 operationeel zijn. Dan moeten de bedrijven Lhyfe en Centrale Nantes de waterstoffabriek af hebben en hem hebben geplaatst op een drijvend platform op zee. Centrale Nantes heeft daar een proeftuin voor offshore techniek. Hier ligt onder andere de allereerste offshore windmolen die Frankrijk ooit installeerde, in 2016. Er zijn ook andere projecten om innovatief groene stroom op te wekken. Deze stroom zal in de toekomst deels naar de offshore waterstoffabriek gaan.

Waterstof is op zee beter dan stroom

Het doel van het project is simpel: aantonen dat waterstof op zee opwekken met duurzame stroom uit offshore wind, zon of getijdenenergie werkt. Er zitten in theorie veel voordelen aan. Er gaat bijvoorbeeld veel energie verloren als je via kabels de stroom naar het vasteland voert. Die stroomkabels zijn bovendien erg duur. Als je op locatie waterstof produceert, kun je dat via pijpleidingen (veel goedkoper dan stroomkabels) of speciale waterstofschepen vervoeren naar het vaste land, zonder verliezen.

Daarnaast zorgt een waterstoffabriek bij een windmolen ervoor dat er altijd plek is voor de stroom. Nu kan het voorkomen dat er overproductie van windenergie is, waardoor de prijs van elektriciteit laag wordt en de windturbines soms afgeschakeld worden. Straks kun je er dan waterstof van maken, die je als energiebedrijf voor meer geld kunt verkopen.

Bestand tegen golven en zout water

Dan moet je natuurlijk wel een waterstofinstallatie hebben die groot genoeg is om alle windstroom te verwerken. Dit project zal dat nog niet kunnen; het gaat om een proof-of-concept. Laten zien dat je waterstof kunt opwekken op zee is voor de Fransen goed genoeg. Dat mag ook, want het is allemaal nog erg experimenteel. Zo is het maar de vraag of zeewater gebruikt kan worden als grondstof voor de waterstof. En of de elektrolyser die met stroom waterstof maakt van water bestand is tegen de wrede grillen van de Atlantische Oceaan. Want als er straks op grote schaal waterstof wordt gemaakt van offshore energie, dan is het niet handig als de elektrolysers telkens stuk gaan door hoge golven.

PosHYdon

Of de Fransen straks de eersten zijn die een waterstoffabriek op zee plaatsen, is de vraag. Ook in Nederland werken bedrijven uit de olie- en gaswereld aan een offshore waterstofproject: PosHYdon. Dit project moet in 2022 officieel van start gaan.

In Europa neemt het percentage duurzaam beheerd vermogen af, maar wereldwijd neemt het toe

Duurzame investeringen groeiden afgelopen twee jaar tot 35,3 biljoen dollar in de Verenigde Staten, Canada, Japan, Australië en Europa. Daarmee maken deze 36 procent uit van al het professioneel beheerd vermogen in de grootste financiële markten wereldwijd. Dat stelt Global Sustainable Investment Alliance (GSIA) in een nieuw rapport.Ten opzichte van twee jaar geleden namen de duurzame beleggingen wereldwijd met 15 procent toe, becijferde GSIA. Het samenwerkingsverband van duurzame beleggingsorganisaties (onder andere VBDO is lid) brengt om de zoveel tijd de staat van duurzaam en verantwoord beleggen van de belangrijkste financiële markten wereldwijd in kaart. In oktober 2020 scherpte GSIA haar definitie van duurzaam beleggen aan.Download het complete rapport hier.Wat is duurzaam beleggen?GSIA hanteert nu een brede definitie van duurzaam beleggen. Voor de organisatie betekent duurzaam beleggen dat beleggers rekening houden met ecologische, sociale en bestuurlijke factoren (ESG) bij de selectie en het beheer van de portefeuille. GSIA onderscheidt zeven verschillende methoden en merkt op dat vooral beleggers in Europa en ‘Australasia’ verschillende aanpakken combineren.In onderstaande grafiek valt op dat beleggers met name kiezen voor ESG-integratie en thematisch beleggen als het gaat om duurzame beleggingsstrategieën.Duurzame beleggingen in Europa nemen afHet valt op dat het aandeel duurzaam aangemerkt geld in Europa en ‘Australasia’ afgelopen jaren afneemt. GSIA verklaart dat door een definitieverandering.In Europa speelt de Europese Commissie een rol. Zo wil de Europese Unie onduidelijkheid over duurzaamheid tegengaan met regels die financiële instellingen verplichten om te bewijzen wat hun fondsen groen maakt (Sustainable Finance Disclosure Regulation). Ook is er een classificatiesysteem dat helpt om te bepalen wat groen is en wat niet.Ondanks de daling van het aantal duurzaam aangemerkte financieringen komt Europa nog steeds als tweede uit de bus wat betreft duurzaamheid. Canada scoort met 62 procent duurzaam beheerd vermogen het hoogst. Europa komt met 42 procent op de tweede plek en ‘Australasia’ is derde met 38 procent. Tegelijkertijd plaatst GSIA de kanttekening dat markten onderling moeilijk te vergelijken zijn vanwege definitieverschillen.Duurzaamheid wint aan terrein in de financiële sector, maar er is ook discussie over de vraag of duurzaam beleggen écht verschil maakt. Hoe kijkt CEO Guus van Puijenbroek van investeerdersfamilie VP Capital daarnaar en waarom kunnen juist familie-investeerders een rol spelen bij verduurzaming? Lees het nu.