Jurgen Tonneyck 03 oktober 2012, 11:00

Gebruik restwarmte bespaart Coca-Cola 30% energie

Een testopstelling bij Coca-Cola in Dongen om restwarmte te hergebruiken moet gaan leiden tot 30 procent energiebesparing. Demissionair staatsecretaris Atsma kwam ervoor uit Friesland.

3055120589 3039a8f090 o 1 e1349255464736

rvoor uit Friesland.

In Dongen produceert Coca-Cola 82 procent van haar frisdranken voor de Nederlandse markt. De alom bekende glazen flesjes worden in Noord-Brabant gemaakt door buurman Ardagh. Bij die partij is de energiewinst te halen.

Hoofd distributie en productie bij Coca-Cola, Rein de Jong, is enthousiast: “Normaal heeft onze fabriek stoomketels nodig, die verbruiken veel energie. We gaan nu testen of het mogelijk is om restwarmte die vrij komt bij de productie van de glazen flessen de ketels kunnen vervangen. In totaal kan dat een besparing van 30 procent opleveren. Ofwel, 15 megawatt. “

Staatssecretaris Atsma (Infrastructuur & Milieu) was lovend over het duurzame ondernemerschap van Coca-Cola.  “Coca-Cola is in zijn sector de koploper op het gebied van duurzaamheid.” Volgens hem is de manier waarop het Amerikaanse frisdrankmerk samenwerkt met zijn buurman Ardagh “een voorbeeld voor het hele bedrijfsleven”.

“Coca-Cola is in zijn sector de koploper op het gebied van duurzaamheid.”Joop Atsma, staatssecretaris Infrastructuur & Milieu

Geschiedenis van innovaties

Met de testopstelling is een investering gemoeid van €120.000. Coca-Cola neemt een derde voor zijn rekening, Ardagh nog een derde en de resterende €40.000 komt van de overheid.

Het is niet de eerste keer dat de vestiging in Dongen geld heeft vrijgemaakt voor duurzame oplossingen. Zo gaat Coca-Cola efficiënt om met druklucht en is ook het waterverbruik flink afgenomen. Dongen heeft nog slechts 1,41 liter water nodig per geproduceerde liter frisdrank. In 2005 was dat nog 2,75 liter.

Het is allemaal onderdeel van een wereldwijde competitie binnen het Amerikaanse concern. “Binnen Coca-Cola is er interne concurrentie om de beste te zijn op duurzaam gebied. Momenteel staan we op de zesde plek,” zegt De Jong. In 2020 wil vestiging Dongen een derde minder CO2 uitstoten en meer dan 100 procent recyclen. Dat kan volgens De Jong door hun vestiging 100 procent te laten recyclen en daarnaast de hele waardeketen door te lichten.

“Binnen Coca-Cola wereldwijd is er interne concurrentie om de beste te zijn.”Rein de Jong, hoofd productie en distributie Coca-Cola Dongen

Het bedrijfsleven regelt het wel

Het is opmerkelijk dat Coca-Cola vestiging 2020 als datum stelt. Dat is immers de datum waarop Nederland, net als alle EU-landen, heeft toegezegd de Europese 20-20-20-doelstelingen te hebben gerealiseerd. Met name het doel om 14 procent duurzame energie op te wekken lijkt Nederland niet te gaan halen. Dat wordt vergezeld van veel kritiek op het zwalkende beleid van de overheid. Atsma vindt echter dat de verduurzaming van Nederland niet in eerste instantie een taak is van de overheid. “Het bedrijfsleven is leidend, niet de overheid,” zegt Atsma. Kritiek van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) op gebrek aan visie bij de Nederlandse overheid als het op duurzaamheid aankomt wuift hij weg. “Zo’n planbureau is voor de visie, de Nederlandse overheid voor het handelen.”

Volgens Atsma zijn kleine, niet-structurele investeringen in bedrijven “de manier waarop topsectoren gestimuleerd moeten worden.” Dat het incidenteel op maat stimuleren van projecten in het bedrijfsleven met kleinschalige subsidies beter werkt dan een structureel subsidiebeleid wordt volgens hem aangetoond in Duitsland. “Daar gaat de overheid gebukt onder de zware druk van subsidies.”

“Het bedrijfsleven is leidend, niet de overheid.”Joop Atsma, staatssecretaris Infrastructuur & Milieu

Volgens de demissionaire staatssecretaris liggen er in Nederland andere kansen en dat vraag om ander beleid. “Wij zijn op zee en met water in het algemeen sterk, daar moeten we gebruik van maken.”

Foto: Geisha 

Extra windsjeiks gezocht

Afgelopen zondag werd de campagne ‘Deel mee in de wind’ gelanceerd, waarbij stichting Natuur & Milieu en energieleverancier Greenchoice samenwerken om nieuwe ‘windsjeiks’ te werven voor de Windcentrale. Kort gezegd verkoopt de Windcentrale twee windmolens in 20.000 kleine stukjes, of winddelen. Wanneer deze voor 7 december 2012 allemaal verkocht zijn, vormen de kopers een coöperatie en worden zij eigenaar van de windmolen. Deze windsjeiks zorgen daarmee van hun eigen energievoorziening. Sneeuwbaleffect “We hebben de eerste 10.000 winddelen verkocht”, vertelt Harm Reitsma, mede-eigenaar van de Windcentrale. “Het gaat hartstikke goed, elk kwartier komt er een klant bij. Het zijn er nu al 3.000 die gezamenlijk voor €3.5 mln aan winddelen hebben gekocht. De sneeuwbal is aan het rollen, maar we beseffen wel dat hij continu een zet nodig heeft.” Die zet is vooral de komende twee weken hard nodig: voor maandag 15 oktober moet de Windcentrale minstens 12.000 winddelen hebben verkocht. Alleen dan is de aanschaf van de windmolens Grote Geert en De Jonge Held in Delfzijl verzekerd. De sneeuwbal is aan het rollen, maar we beseffen wel dat hij continu een zet nodig heeft. Meer bekendheid Om voldoende windsjeiks te strikken heeft de Windcentrale nu alle pijlen gericht op het creëren van meer bekendheid. Alle huidige klanten ontvangen een e-mail met de oproep hun vrienden en familie te overtuigen. De recente campagne moet de laatste geïnteresseerden over de streep trekken. “Het wordt spannend, maar ik ben vanaf het begin af aan positief gestemd”, zegt Reitsma. “Dit moet gewoon kunnen lukken!”